Als een job het doen waard is, dan is het ook waard goed gedaan te worden

Henry R. Ori

Een van de zaken die als een blok aan het been, een last bij het voortgaan, onze ontwikkeling hindert, is in het algemeen de arbeidsprestatie in Suriname.
We moeten een gerichte gedachtewisseling op gang brengen over de conceptie van het begrip arbeidsproductiviteit: de verhouding tussen de waarde van de productie en het aantal uren arbeid dat gebruikt is om die productie tot stand te brengen. Daar moeten we bewust campagne voor gaan voeren, zowel bij het bedrijfsleven als bij de overheid. De president en de ministers lijken het voortouw te hebben genomen om met een nieuwe houding ten opzichte van hun werk de nationale economie weer vlot te krijgen. Dat gaat dit niet zo eenvoudig, want de factor arbeid is een sta-in-de-weg, met andere woorden het meekomen van het personeel, de medewerkers, in de verschillende instituten. Medewerkers die klagen over lage salarissen en slechte arbeidsvoorwaarden en -omstandigheden. Overigens, de overheid zou veel meer moeten doen aan betere arbeidsvoorwaarden en arbeidsomstandigheden, bij gebreke waarvan een vicieuze cirkel ontstaat: een opeenvolging van oorzaak en gevolg waarin het gevolg steeds een nieuwe oorzaak wordt totdat er een cirkel
ontstaat, waardoor gevolgen elkaar aanjagen en daardoor in ernst toenemen.


De vicieuze cirkel van lage salarissen en lage arbeidsproductiviteit is niet gemakkelijk te doorbreken. Werkgevers zullen zeggen dat ze pas hogere salarissen kunnen betalen als de arbeidsproductiviteit toeneemt. Werknemers daarentegen zullen betogen dat ze pas harder gaan werken als de salarissen omhooggaan. Deze patstelling tussen werkgevers en werknemers vereist vooral onderling vertrouwen. En onderling vertrouwen is op zijn beurt gefundeerd in een coherent collectief bewustzijn. In onze maatschappij worden vele waarden aan arbeid toegeschreven. Arbeid wordt verbonden aan, onder andere, inkomen en bestaanszekerheid, waardevolle sociale contacten, vermindering van onmacht en participatie in de samenleving, persoonlijke ontplooiing en identiteitsbesef.


Verbeter de wereld, begin bij jezelf.
Het probleem zit in ons (intrinsieke factoren) als we het hebben over de heersende arbeidsethos. Het obstakel is dat wij totaal niet nieuwsgierig zijn, sterker nog, dat we geen hoge kwaliteitseisen stellen. Nadenken vinden we veel te vermoeiend. We zijn veel te gemakzuchtig. We geven de schuld van ons falen liever aan een ander, dan de hand in eigen boezem te steken. We willen dezelfde levensstandaard als in Europa en/of de VS, maar we staan er niet of onvoldoende bij stil wat je allemaal moet doen om die te bereiken. Ja, je moet ervoor werken. Als de economie in het slop zit is Nederland de zondebok. Willen we niet in de spiegel kijken? Geen eenvoudige opgaaf om van deze houding van met de pet ernaar gooien af te stappen. Die attitude moeten we plaatsen in een historische en culturele contextanalyse. Een complex van aan elkaar geschakelde factoren – zoals geografische gesteldheid, kolonisering en zending, mate van penetratie van de geldeconomie en etnisch culturele factoren – bepaalt aldus wat voor soort arbeidsethos zich ontwikkelt. Het lijkt onmogelijk deze knoop zodanig te ontwarren dat de meest doorslaggevende factor bepaald kan worden.


Hoe bevorderen we arbeidsethos?
Ondanks een toenemende individualisering, vooral bij de middenklasse, hebben burgers in Suriname in vrijwel alle gevallen meer te verwachten aan sociale en economische zekerheid van  de sociale groep waartoe ze behoren (familie, stam, geheim genootschap, politieke partij en dergelijke), dan van de overheid. Zolang dat het geval is, zullen vele Surinamers ertoe geneigd zijn in hun handelen de sociale groep waartoe zij behoren te bevoordelen, ook als dat tegen het
belang van de staat is. Wat zien we dus? Generositeit op publieke kosten wordt door de meerderheid beschouwd als normaal en moreel verantwoord sociaal gedrag. Gecombineerd met de afwezigheid van goed functionerende macro-
economische instituties en een markt, vormt de toewijzing van hulpbronnen via dergelijke affectieve criteria volgens gangbare (westerse) opvattingen het grootste obstakel voor verdere ontwikkeling in Suriname.

Het arbeidsethos is meer dan een mentaliteit. Een productief arbeidsethos resulteert in economisch kapitaal. Uiteindelijk komen het economisch, sociaal, cultureel en politiek kapitaal in ‘menselijk kapitaal’ samen. Dit menselijk kapitaal is de motor van niet alleen bedrijven maar van elke organisatievorm en dus de gehele samenleving. Zowel het bedrijfsleven en de overheid als de intermediaire civil society draaien op en om individuele mensen. De kwaliteit van deze individuele actoren en hun onderlinge samenwerking staan centraal. De waarde van het menselijk kapitaal wordt bepaald door opleiding, on-the-job training, werkervaring, kennis, vaardigheden, betrokkenheid en arbeidsethos, maar vooral ook door het niveau van het onderliggende individuele bewustzijn. Deze laatste factor zou men het spiritueel kapitaal kunnen noemen. Disciplinering tot arbeid wordt beïnvloed door een groot aantal factoren. Een arbeidsethos is een sociaal geconstrueerde, individuele en collectieve werkelijkheid waaraan talrijke actoren en structuren een bijdrage leveren. Daadwerkelijke uitvoering van deze aanbevelingen vereist echter bewustzijnsontwikkeling.

Maar mijn denken over de mogelijkheid van duurzame ontwikkeling in Suriname op de korte of middellange termijn wordt gekenmerkt door een combinatie van pessimisme en optimisme. Het pessimisme is gegrondvest in mijn alledaagse woon- en werkervaringen in Suriname. Het optimisme is gebaseerd op de beschikbaarheid van praktische en effectieve technieken voor bewustzijnsontwikkeling, op een toenemende belangstelling voor zulke technieken en op meer en meer wetenschappelijk onderzoek dat de effectiviteit van deze technieken aantoont. Men dient echter wel tijd vrij te maken voor het ‘arbeiden’ aan bewustzijnsontwikkeling. Slechts weinig ontwikkelingsdeskundigen, beleidsambtenaren, politici en burgers nemen de tijd voor een reflectie op hun werkervaringen en nog minder personen besteden tijd aan bewustzijnsontwikkeling. Veranderingen in individuele levenswijzen zijn moeilijk te realiseren vanwege de grote maatschappelijke druk.
We vinden dat alles zoet moet zijn; te veel mensen werken om te leven en leven om gelukkig te zijn. Daar is niets mis mee; het leidt alleen niet tot grote productiviteit. Wil je hoge productiviteit? Dan moet je leven om te werken en geluk als bijproduct zien te krijgen. Nee, zeg ik, wat telt in een samenleving is werk, spaarzaamheid, dienstbaar leiderschap, eerlijkheid, geduld, vasthoudendheid. Dit zijn de normen en waarden die onze politici moeten leren uitdragen in Suriname.

error: Kopiëren mag niet!
%d bloggers liken dit: