LVV scoort maar fabrikanten blijven ruimschoots achter

Tijdens de laatste cassavetraining is het heel goed geklikt tussen LVV en zijn trainers aan de ene kant en de potentiële producenten. Wat echter nog gemist wordt, is een vergelijkbare inzet vanuit de fabrikanten. Die hebben het vertrouwen van de aanstaande cassaveproducenten niet kunnen winnen. De oorzaak daarvan is hun geheimzinnigheid.  Het is het ministerie van LVV gelukt om de man en de vrouw die daadwerkelijk op het veld bezig zijn om de agrarische productie in Suriname ter hand te nemen, in de ‘schoolbanken’ te krijgen. Dit was het geval bij de driedaagse ‘hands-on’-training die ging over de cassaveteelt. In het traject heeft LVV een aantal kostbare leden van zijn middenkader geüpgraded, zodat deze functionarissen de kennis konden overdragen. Het ministerie moet dit kader zwaar koesteren en goed waarderen. Bij de driedaagse training van ruim 400 personen is het nut van dit kader gebleken. De plannen die het ministerie presenteert voor de bevordering van de productie en de productiviteit in de agrarische sector, hangen af van de effectiviteit van dit kader. En dat ze in staat zijn om hun rol te vervullen in het agrarisch beleid, is bij de uitvoering van de training gebleken vanwege hun goede inzet als trainers. De kennis die bijgebracht is bij deze trainers moet gekoesterd worden. Voor de overdracht van de kennis als volwaardige trainers moet het ministerie sterk in overweging nemen hoe het kader speciaal hiervoor beloond kan worden. Het middenkader zal in elk geval door hun inzet en wellicht extra waardering meer zelfvertrouwen en zelfwaardering krijgen en daarvan kan het ministerie profiteren bij het uitvoeren van andere projecten, zoals het bevorderen van de massale teelt van andere gewassen. Bekend is dat onder het NF door politiek gelieerde personen (DNA-leden) het ministerie ook werd geprikkeld om bijvoorbeeld markoesa, uien of soja te planten, maar het lukte toen niet om een heuse fabriek op te zetten om geld te maken. Het ministerie van LVV heeft de voorgenomen productie van de cassaveteelt serieus aangepakt. Er wordt niet alleen gesproken, er gebeuren ook dingen. Eerder plaatsten wij kritische kanttekeningen met betrekking tot de betrokkenheid van politiek gelieerde personen (een ambassadeur en een partner van een NDP-minister) in de fabriek die de productie van de agrarische ondernemers zal verwerken tot cassavemeel, in principe dus nog steeds een grondstof. We suggereerden toen dat de zaak van de cassaveteelt een serieuze vlucht kennelijk zal nemen, omdat een aantal personen dichtbij de politiek daar mede profijt van zullen hebben. Waarom geen echte agrarische ondernemers stimuleren voor de productie en management van een fabriek? Waarom inzet van middelen uit een kredietlijn geregeld door de Staat in een fabriek die uiteindelijk van politieke particulieren is? Wij vermoedden toen dat de zaak een vaart neemt door het profijt hiermee van een aantal mensen. De cassaveteelt heeft tenminste twee politieke partijen, die niet alle twee in de regering zitten, dichter bij elkaar gebracht. Er zijn coördinatoren in de districten die betrokken zijn in het project. Als de fabriek draait, hebben deze coördinatoren wellicht een commerciële functie. Verzet tegen de inzet van middelen uit de kredietlijn hier is er niet geweest in het parlement. Guyana is al enkele jaren op ons voorbij het stimuleren van cassaveteelt. Uit middelen van leningen en grants is de cassaveteelt in Guyana omhoog gegaan. Het is goed om te merken dat het contact tussen LVV en de daadwerkelijke producenten op gang komt in het leslokaal. Dat zal het verlies van vertrouwen van de producenten in LVV herstellen. LVV moet voor zowel de klein landbouwers als de veetelers van runderen en kleine herkauwers vaker incentives regelen. Ook moet LVV deze agrariërs vaker bijeen brengen in de klas. Dit zal alleen bijdragen aan de productiviteit in de sector. Het zal helpen de sector te versterken, waardoor het bedelen naar subsidies tot het verleden zal gaan behoren. Het gaat om teelttechnieken van economisch interessante producten voor de export en begeleiden bij het omzetten van de landbouwbezigheid tot een kleine efficiënte onderneming. LVV moet meer investeren in de mind shift van de kleine producenten, zodat de personen zich zien als kleine ondernemers met zelfvertrouwen. De cassaveteelttraining kent een soortgenoot niet in de afgelopen 10-15 jaar, mede omdat er aan het einde van het proces een fabriek staat. De cassaveteelt kan een deel worden van de droom van de voedselschuur van de Caricom. De regering en in het bijzonder LVV moet met meerdere gewassen hetzelfde traject opzetten, met een fabriek aan het einde van het proces. Er zijn agrarische producenten die willing zijn om zich serieus te richten op de productie.
Wat nu in het cassaveteeltproject moet gebeuren, is meer transparantie en contact tussen de producenten en de fabriek. De producenten blijken behoorlijk tevreden te zijn met de trainingsinhoud en de presentaties, maar er is nog een hele behoefte naar informatie over de fabriek. De dames en heren van de fabriek moeten niet denken dat ze van een ivoren toren de zaak zullen managen in deze fase. Het is geklikt tussen LVV en de producenten, maar nog helemaal niet tussen de producenten en de fabrikanten. Veel boeren zullen hun productiestructuur omgooien, omdat het cassaveverhaal zo interessant is. Velen gaan extra investeren. Maar hoeveel hoop geeft de fabriek? Zal er continuïteit zijn in de zaak en wat is de exacte reden dat een man en een vrouw die niets te maken hebben met de landbouw, opeens een cassavefabriek willen runnen? Gaat het om een snelle njang om daarna de plaat te poetsen na een failliete boel achter te laten of zal de fabriek lange tijd stand houden? Is de afname van de productie gegarandeerd? Wat als de fabrikanten besluiten er de brui aan te geven, zullen er dan gegarandeerde compensaties zijn? Zijn de fabrikanten te vertrouwen of zijn het politieke personen die beschermd zullen worden en ongrijpbaar zullen zijn door politieke dekking? Opmerkelijk is dat één der leidinggevende van de fabriek dus concreet de partner is van de Buza-minister en daarnaast naar verluidt ook ambtenaar en deel is van de Deviezencommisie. De betrokkenheid van de Buza-minister bij dit project is tegen deze achtergrond te plaatsen. De rest van het landbouwgebeuren kan hem niks schelen. Een vraag is ook aan wie de grond toebehoort waar de fabriek staat. Die zou namelijk geplaatst zijn op het Jan Starke-complex. Voor de continuïteit is van belang waar de investeringen vandaan komen, een vraag die in DNA niet is beantwoord.
De excellente job van de trainers heeft veel kennis bijgebracht, maar het business-gedeelte moet niet achterblijven. Er is nu werk aan de winkel voor de fabrikanten om te communiceren met de producenten en hun vertrouwen te winnen. Wat de training betreft, was er veel lof voor LVV en zijn trainers. Wat de fabrikanten betreft, is er een dat er geheimzinnigheid is uit die kant. De producenten moeten niet te grazen worden genomen door een paar avonturiers die een cassavefabriek eventjes willen draaien. Ze moeten serieus zijn en de producenten nu tegemoet treden. Als de fabrikanten verraad plegen, zal het uiteindelijk voor LVV moeilijk worden om in andere meer oprechte gevallen de producenten in een bepaalde richting te sturen.

error: Kopiëren mag niet!
%d bloggers liken dit: