Politiek voeren met water

Het zo ons niet veel meer verbazen als er ooit in Suriname paars, groen, oranje of rood gekleurd water wordt gedistribueerd voor burgers die tijdelijk in watersnood zitten. Dat komt omdat het nu al aannemelijk is gemaakt dat een aantal dienstverleners ongestoord en ongestraft ertoe over is gegaan om water te brengen aan gebieden in Suriname die te maken hebben met een watergebrek en deze verstrekken op basis van ‘names and faces’. De bezwaren van DNA-leden en een oproep van de DNA-voorzitter om de zaak serieus aan te pakken, spreken boekdelen. Om concreter te zijn wordt in Commewijne naar verluidt alleen water gedistribueerd voor personen die tot de coalitiepartijen behoren. Voor personen, waarvan het vermoeden bestaat dat ze van de oppositie zijn en voor personen van wie de politieke kleur niet bekend is, is er geen water vanuit de overheid. De NH-minister die belast is met de waterdistributie bij een watersnood, is nu al rijp voor een behoorlijke reprimande. Hij heeft zijn leidinggevende en sturende taak grovelijk geschonden en wanneer het gaat om het allerbelangrijkste tastbare goed, water, dan weegt het erg zwaar. De bezwaren dateren niet van gisteren. Zeker een maand lang zijn de klachten consistent eensluidend geweest. De NH-minister heeft zich niets aangetrokken van de uitspattingen van waterdistributeurs. De klachten zijn niet achter de coulissen gegeven, maar heel luid en duidelijk in de DNA. Kennelijk waren deze klachten het niet waard om serieus te nemen, omdat het afkomstig was van de oppositie. De situatie is niet zo ernstig, maar doet wel denken aan een strategie die in de jaren van Haile Mengistu Meriam in Somalië werd toegepast. Om politieke opposanten in een gebied, waarvan de neutrale bevolking te maken had met voedseltekorten, uit te hongeren, werd elke humanitaire hulp naar het gebied afgesloten. Het gevolg was duizenden doden door honger onder de onschuldige bevolking. De politiek die de Somalische krijgsheer had met voedsel en honger werd uiteindelijk afgekeurd door de internationale gemeenschap. In Suriname moeten wij voorkomen dat, weliswaar in lichtere vorm en in vredestijd, overgegaan wordt tot soortgelijke tactieken. Dat de discriminatie ca. twee maanden lang kan aanhouden, geeft aan de politieke hoogst verantwoordelijken de situatie hebben gedoogd en uit onderzoek moet blijken of het onderdrukken van een deel van de bevolking van Commewijne niet te maken heeft met een directe opdracht van de hoogst verantwoordelijke, de minister van NH. De laksheid die aan de dag is gelegd, duidt wel in die richting. De boodschap kan dan zijn dat de VHP en misschien de PL maar dan water moeten gaan geven aan de lastige mensen en propagandisten uit hun eigen partij. De VHP en de PL kunnen straks common ground vinden om de regering behoorlijk te gaan tackelen in DNA. Voor de VHP als oppositie zou dat niet vreemd zijn, voor de PL wel, maar daarmee zou dan verder inhoud kunnen worden gegeven aan de reactie die volgt na de beledigingen vanuit de NDP/president naar het adres van de coalitiepartners en hun leiders.
Wat de zaak ernstig maakt, is het feit dat Suriname een land is dat relatief per capita nog gezegend is met voldoende zoetwater. Het water wordt ook nog bedrijfsmatig gewonnen en de Staat heeft op gegeven moment voor zichzelf een verplichting geaccepteerd om tijdelijk voor gebieden in nood via de Dienst Watervoorziening een watersnood te verlichten. De NH-minister en het diensthoofd zelf hadden enige tijd terug aangegeven dat het benadelen van burgers op basis van politieke oriëntatie van de hulpbehoevende burger niet zou worden getolereerd. Dat gaf wel hoop. De vraag die in dit geval rijst, is hoe moeilijk het is om te achterhalen welke functionarissen van de overheidsafdeling hun werk niet goed doen. Ongetwijfeld zijn er in dit geval overheidsmedewerkers die hun taken hebben veronachtzaamd. De vraag die ook gesteld moet worden is, hoe moeilijk het is om de private personen die het werk voor de Staat uitvoeren te identificeren en aan te spreken op wanprestatie. Het vermoeden ontstaat hier, mede op grond van het feit dat de wanprestatie al voorzien was en toch gebeurt en hardnekkig aanhoudt, dat het moet gaan om personen die zich het een en ander kunnen permitteren. Doorgaans gaat het dan om personen die het werk gekregen hebben via politieke regelarij. Het zou dan volgens die beredenering moeten gaan om private personen gelieerd aan de/een coalitiepartij. Men zou al gauw willen denken in de richting van de NDP of de Palu. De minister van NH heeft nog ruimte om drastisch de zaak aan te pakken en in de dienstverlening elke burger te betrekken. Het gevoel bekruipt ons wel dat het verhaal van het waterdistributieprobleem in Commewijne niet compleet is. Aan de ene kant is er het hardnekkige bezwaar dat politieke tegenstanders worden uitgesloten. Aan de andere kant wordt aangegeven door de bezwaarmakers dat de vrachtwagens, waarmee het water wordt gedistribueerd, te groot zouden zijn om alle wegen aan te doen. Dat komt dus erop neer dat al zou men iedereen willen bedienen, dat zou technisch onmogelijk zijn. Daar is er toch enige contradictie waarneembaar, tenzij de dienstverleners een aantal burgers toelaat om zelf hun water bij de watertrucks af te halen en een aantal burgers (uit de nauwe/slechte straten) die kans niet wordt geboden.
De DNA-voorzitter heeft erop aangedrongen dat er een serieuze aanpak komt van het waterprobleem te Commewijne. Dat komt kennelijk omdat DNA-leden melden over een explosieve situatie. De bevolking van dit district is niet bekend als te zijn heetgebakerd, integendeel. De NH-minister heeft niet veel tijd te verliezen.

error: Kopiëren mag niet!
%d bloggers liken dit: