Dinsdag 21 mei 2019

Op 27 april 2019 heeft Tjaitram Ganga, meer bekend als Tjait Ganga, afscheid genomen van het aardse leven. Hoewel hij al geruime tijd met gezondheidsproblemen, kampte kwam het bericht toch bij velen als een grote schok over. Zijn populariteit blijkt onder andere uit het feit dat zijn uitvaartplechtigheid zeer druk bezocht was zonder dat er enige bekendmaking in de kranten was verschenen. Zijn wens was namelijk om binnen vierentwintig uur gecremeerd te worden.

Ik heb het genoegen gehad Tjait Ganga, die ik ‘oom Tjait’ noemde, van nabij gekend te mogen hebben en wel in diverse hoedanigheden. In dit artikel zal ik het voornamelijk hebben over de muzikale zijde van deze veelzijdige persoonlijkheid.

Tijdens zijn Kweekschoolperiode en wel in het jaar 1957 heeft hij de destijds populaire hindoestaanse muziekformatie ‘Veena Orchestra’ opgericht, waarbij hij violist was. Tevens was hij oprichter van de ‘Madhur Sangeet Samadj’. Met deze groep heeft hij vele live optredens verzorgd onder andere via Rapar.
Na zijn detachering als onderwijzer in het district Nickerie, in de jaren zeventig, heeft hij een muziekformatie gevormd onder de naam ‘Tjait and Friends’. Zelf bespeelde hij verschillende instrumenten onder andere viool en mandoline. Tallozen hebben kennis mogen maken met zijn kwaliteiten onder andere op verjaardagen en huwelijken, maar ook andere manifestaties waarbij muzikale begeleiding nodig was.
Het opvallende was dat oom Tjait steeds bezield was door het verlangen om zijn kennis op muzikaal gebied over te dragen, vooral aan jongeren. Het is jammer dat hij tijdens zijn vioolles in 2006 aan enkele jeugdige leerlingen getroffen werd door een gedeeltelijke paralyse. Ik was daar zelf getuige van omdat de betreffende les gegeven werd in mijn woonhuis aan de Anton Dragtenweg. Eén van mijn dochters was één van zijn leerlingen. Ondanks het feit dat er gelukkig direct medisch kon worden ingegrepen, was het gevolg van de ziekte die hem getroffen had dat hij niet meer in staat was zelf viool te spelen. Dit weerhield hem er echter niet van door te gaan met zijn (muzikale) activiteiten. Hij was een gedreven persoonlijkheid die onder alle omstandigheden zijn passie voor de muziek heeft behouden. Hij was wars van het klakkeloos naspelen van composities van anderen en streefde steeds originaliteit na. Dit heeft ertoe geleid dat hij ook na zijn ziekte doorging met componeren en schrijven van muziekstukken.

Van 1993 tot 2003 had hij zich reeds toegelegd op het schrijven en componeren van kinderliedjes. Daarna heeft hij jaren geëxperimenteerd met het verfijnen van zijn melodieën. Daarbij heeft hij veel steun ondervonden van de bekende toetsenist en arrangeur Riaz Ahmadali bij het vervaardigen van zijn cd en dvd waarop zijn creaties zijn vastgelegd. Op 24 april 2010 presenteerde hij in de Congreshal in aanwezigheid van verscheidene hoogwaardigheidsbekleders en muziekkenners en liefhebbers zijn muzikale levenswerk aan de Surinaamse gemeenschap onder de naam ‘Mi Swit’ Sranan Singi’. Met de twaalf kinderliedjes op de cd en dvd heeft oom Tjait een blijvende bijdrage geleverd aan het genre: Surinaamse kinderliedjes. Opvallend is dat hij in zijn composities elementen heeft verwerkt van de muziekuitingen van de verschillende bevolkingsgroepen van ons land. In ‘Alla Sranan pikin’ is de kasekomuziek dominant, terwijl de Sarnami/Indiase invloed in het nummer ‘Surinam’ duidelijk hoorbaar is. Uit dit nummer spreekt ook de nationalistische inslag van Tjait Ganga (schoner en liefelijker/dan alle andere/is dit machtige/land van ons/Suriname, Suriname, Suriname). Dit prachtige lied wordt op de cd/dvd gebracht door de bekende zangeres Shardha Doekhi die met haar welluidende stem en begeleiding van een koor zorgt voor een oorstrelende presentatie. Dit lied dat een ode is aan Suriname is in 1993 gezongen door het Nationaal Surinaamse jeugdkoor onder leiding van Leo Tjon Akon en Herman Pontjopawiro.

Vermeldenswaard is dat oom Tjait zijn creativiteit niet beperkt heeft tot de muziek. Tot verrassing van velen maakte hij op tachtig jarige leeftijd zijn debuut als proza schrijver met het werk ‘Souvenir van een verleden’. Daarna heeft hij het manuscript geschreven voor een historische roman getiteld: ‘Melisa, de Inheemse Cleopatra van plantage La Recontre’. Naar ik begrepen heb was het de bedoeling dat dit boek het vorig jaar reeds zou uitkomen. Helaas heeft de auteur dit niet meer mogen meemaken. De organisaties Kala Ki Pooja en Sociëteit Republiek Suriname (Sores) hebben de taak op zich genomen dit boek op korte termijn uit te geven. Uit een interview met Dagblad Suriname (3 juni 2018) blijkt dat hij ook een liefdesroman ‘Poonam’ in voorbereiding had. En voorts dat hij vijftig fabels had geschreven over de dierenwereld in Suriname.

Uit eigen wetenschap is het mij bekend dat oom Tjait onafscheidelijk verbonden was aan zijn wederhelft Wilhelmina Kandhoesingh ook bekend als ‘tante Willy’. Laatstgenoemde is in maart 2019 overleden. Het is voor velen dan ook niet verwonderlijk dat oom Tjait in een andere dimensie zich met zijn wederhelft wilde verenigen.

Suriname heeft met zijn heengaan een verdienstelijke musicus en componist verloren. Gelukkig heeft hij een muzikale nalatenschap achtergelaten die blijvend is.
Oom Tjait ik denk dat ik namens de hele gemeenschap u hartelijk dank mag zeggen voor uw onuitwisbare bijdrage aan ons land dat u zeer dierbaar was!

Carlo Jadnanansing