Zondag 23 september 2018

“Er is geen toerisme mogelijk zonder goed transport. Dat is van eminent belang. Als je een apart ministerie hebt dat al de ingrediënten dat toerisme moet ontwikkelen bij elkaar heeft, kan er beter een integraal beleid worden ontwikkeld en uitgevoerd. Zodoende kan er beter zaken gedaan worden met grote airlines.” Dit stelt toerismedeskundige Rabin Boeddha tegenover Dagblad Suriname. De Surinaamse Luchtvaartmaatschappij (SLM) is vorig jaar een samenwerkingsovereenkomst aangegaan met Touroperator TUI. Ook uit deze samenwerking heeft Suriname veel te leren. Het succes van TUI ligt niet alleen in het aanbieden van toeristische bestemmingen. TUI biedt pakketten aan. De touroperator begrijpt dat transport een belangrijke factor is bij het aantrekken van toeristen. Vandaar zij ook transport in haar businessmodel heeft meegenomen. De airlift naar Suriname kan beter. Daarnaast kan de lokale transport ook vele malen aantrekkelijker en goedkoper worden als de markt zich beter organiseert.

Atjoni
Er is al enkele jaren terug een businessmodel voorgesteld rond bijvoorbeeld de locatie Atjoni. Om het gebied in en rond deze locatie tot ontwikkeling te brengen, moest het Afobakastuwmeer ook in politiek/administratieve zin – primair op haar toeristische merites worden benaderd (Bron: Daniel Lachman 2015, AdeKUS). De jungle is de meest essentiële attractie die Suriname het internationaal toerisme te bieden heeft, terwijl het stuwmeer voor wat de toegankelijkheid van de Surinaamse jungle betreft, als meest veelzijdige ontsluiting moet worden aangemerkt (het stuwmeer is immers goed bereikbaar over de weg en bevindt zich te midden van de jungle, onze primaire attractie voor het internationaal toerisme). De economische activering van dit potentieel vereist echter dat er voldoende faciliteiten, zoals hotelkamers, nabij de kernattractie aanwezig zijn, alsmede overige horecavoorzieningen (bars, cafés en restaurants) en andere voorzieningen, zoals winkels, watersport en -verhuurbedrijven, fietsverhuurbedrijven en dergelijke. Voor wat toeristenverblijf betreft, moet er uitgegaan worden van dagaccomodatie voor tenminste vier ‘planeloads’ (vliegtuigladingen) toeristen, met een verblijf van tenminste 5 dagen per planeload, van vliegtuigen die door een landingsbaan van 2.400 meter kunnen worden geaccommodeerd.

Investering
Uitgaande van een gemiddelde planeload van 150 passagiers zullen er hiervoor 1.200 á 1.500 hotelkamers nodig zijn, te realiseren in de vorm van een dozijn of meer hotels, elk met accommodatie variërend tussen de 40 en de 200 kamers, die exclusief middels particuliere investeringen gerealiseerd kunnen worden. Ook de investeringen in andere infrastructuur kunnen zoveel mogelijk met private middelen gerealiseerd worden (bv luchthaven en startbaan, stuwmeer-veerdiensten, en ander watertransport voor toeristen). Voor wat het wegennetwerk en lokale vluchten betreft, is er hier dan wat werk voor de overheid weggelegd. Met een zorgvuldig uitgedacht (in samenwerking met buitenlandse tourorganisaties) concept voor een toeristenkern bij het stuwmeer, zijn buitenlandse touroperators bereid om kamers in bulk in te kopen, alsook vliegtuigstoelen bij chartercarriers, zoals Arke Fly, en complete reisarrangementen daaruit samen te stellen en te marketen.

Voorbeeld Curaçao
Door de inkoop in bulk en het karakter van de chartercarriers kunnen dan ook nog eens de vliegtickets naar Suriname goedkoper worden. Ditzelfde concept heeft Curaçao sinds 2005 succesvol toegepast, en ticketprijzen vanuit Nederland daalden van ongeveer Euro 1100 (ongeveer hetzelfde als een ticket naar Suriname) tot Euro 600 (inclusief hotelkamer). Het stuwmeer-project is uitgewerkt in een pre-haalbaarheidsrapport, welke heeft uitgewezen dat het wel degelijk haalbaar is, en dat Suriname in staat is om op jaarbasis 500.000 toeristen met zo’n product te genereren (een flinke toename ten opzichte van het huidig aantal van 35.000), waarvan elk gemiddeld zo’n US $ 1.000 zal besteden (een omzet dus van grofweg een half miljard U$-dollar op jaarbasis). Implementatie van een soortgelijk idee werd door TUI gestart. De dynamiek van de lokale private sector en de durf om kansen te nemen, laat echter nog te wensen over. Daarnaast komt er maar geen sterke ondersteuning vanuit beleidmakers.

Kavish Ganesh