Woensdag 22 augustus 2018

De geologe en docente aan de Anton de Kom Universiteit, Dewany Monsels is op 24 januari j.l. gepromoveerd tot doctor in natuurwetenschappen aan de Universiteit van Utrecht, Nederland. Haar proefschrift heeft als titel: “Bauxietvorming in Suriname”. Het promotieonderwerp betrof een aantal van de bauxiet afzettingen in Suriname, die hier voorkomen in zowel hoog gelegen gebieden van meer dan honderd meters boven zeeniveau in het Bakhuysgebergte, tot tientallen meters onder zeeniveau, nabij Moengo en Lelydorp. Haar belangstelling voor geologie komt niet uit de lucht vallen. Als vader en als gewezen geoloog van de Geologisch Mijnbouwkundige Dienst en van het Bureau voor Waterkrachtwerken, BWKW, ging ik in vakantieperioden van de tachtiger en negentiger jaren van de vorige eeuw vaker met het hele gezin van 5 personen met een mini bus naar het verre binnenland, en de jonge Dewany moest natuurlijk mee. Dat gebeurde in een tijd toen het binnenland nog redelijk veilig was. Ook haar moeder moest eerst als staflid en later als directeur van het Planbureau vaak voor het op tijd opstellen van de Landsbegroting en het nationaal Jaarplan naar het binnenland. De promovendus is met haar ouders o.a. meegegaan bij veldtrips op de drie grote noord-zuid wegen destijds van Suriname. Dat waren de weg van Moengo via Patamacca naar Langatabbetje (80 km), ten tweede de weg van Paramaribo via Berg en Dal naar Afobakka en Pokigron(190 km ) en ten derde de weg van Apoera via Avanavero, zuidwaarts naar Amotopo, een weg van bijna 250 km, die tegenwoordig over ruim 150 km volledig is dicht gegroeid. Die weg eindigde dichter bij de Braziliaanse grens in het zuiden, dan bij de zee in het noorden. Ze heeft daarbij het binnenland en de werkomstandigheden ter plaatse goed leren kennen. Er werd bij die veldtrips meermalen overnacht in kampen van technische bedrijven die in die regio’s actief waren. Ze leerde bij die trips al vroeg de geologie kennen, en had steeds het geluk om bij mijn zoektochten naar demonstratie mineralen de grootse en mooiste mineraal-monsters bij de zoeklocaties te vinden. Ze kent het binnenland dus niet slechts van Google, van foto’s en van kaarten. Ze hield en houdt ook nog van dieren en nam vaak zwerfhondjes van de straat mee voor verzorging thuis. Toen ik eens rechtsreeks van een veldtrip komend uit het binnenland een jonge luiaard naar huis bracht ,waarschuwde ik haar om niet te dicht bij het volgens mijn ouders “gevaarlijke dier” in de kooi te gaan staan in het uurtje dat ik nodig had, om mijn arbeiders naar hun huis te vervoeren. Bij terugkeer thuis opende zij zelf de poort voor mijn auto, maar alleen met haar rechterhand, omdat ze op haar linkerarm, linkerhand en aan haar hals de “super gevaarlijke” luiaard als een verwende huiskat had meegenomen. Ze heeft vanuit haar eigen collecties en die van haar ouderlijk gezin veel andere dan bauxiet monsters ter beschikking gehad, en heeft ze nog steeds, zeker de mijne, die ik in meer dan veertig jaren heb verzameld. Laten we hopen dat zij met die gegevens nog meer zal kunnen bijdragen aan de verheffing van de geologie als wetenschap, en aan de inzet van deze geologie voor de verbetering van de leefsituatie in Suriname, en dat ze een voorbeeld mag zijn voor vrouwelijke studenten van alle studierichtingen in Suriname om door te gaan met hun studie, en om, als dat kan, ook te gaan promoveren. Doctor Dewany Monsels is nog in Nederland, maar de Adek zal na haar terugkeer op zeer korte termijn haar promotie alsnog formeel, volledig en academisch-traditioneel belichten.

Drs. Eddy Monsels