In een buitengewoon gewichtige televisietoespraak kondigde president John F. Kennedy op 22 oktober 1962 aan dat Amerikaanse spionagevliegtuigen Sovjetraketbases op Cuba hebben ontdekt.
Deze raketbases – in aanbouw maar bijna voltooid – bevatten middellange afstandsraketten die een aantal grote steden in de VS, waaronder Washington D.C., konden treffen.
Kennedy kondigde aan dat hij een marine-“quarantaine” van Cuba zou bevelen om te voorkomen dat Sovjetschepen nog meer offensieve wapens naar het eiland zouden vervoeren en legde uit dat de VS het bestaan van de huidige raketbases niet zou tolereren.
De president maakte duidelijk dat Amerika niet zou aarzelen om militair in te grijpen om een einde te maken aan wat hij een “geheime, roekeloze en provocerende bedreiging voor de wereldvrede” noemde.
De Cubacrisis begon in werkelijkheid op 14 oktober 1962 – de dag dat Amerikaanse inlichtingendiensten ontdekten dat de Sovjets op Cuba locaties voor middellange afstandsraketten aan het bouwen waren.
