Vrijdag 23 februari 2018

Er zijn een aantal eisen die een Surinaamse kiezer best wel zou kunnen stellen als de verkiezingen van 2020 dichterbij komen. Allereerst deze: ik wil een leider met tien schone vingers en een geloofwaardig bezuinigings- en investeringsplan. Dan deze: ik wil een leider die zegt dat het gedrag van de Surinamers die betrokken waren bij de 8 decembermoorden en de Moiwana slachting barbaars was evenals het gedrag van de Surinamers die verantwoordelijk zijn voor de huidige mislukte financiële staat. Deze is ook goed: ik stem op een partij die belooft dat ze een competente vrouw, die de rechtsstaat een warm hart toedraagt, tot president zal benoemen.

Op de universiteit zijn de vrouwen al in de meerderheid. Het zal niet lang meer duren voordat het aantal vrouwelijke artsen, advocaten, juristen en economen het aantal mannelijke collega’s zal benaderen of overtreffen. Dat is het succes van het feminisme in de afgelopen 50 jaar. De dappere vrouwen zijn uit de dwangbuis ontsnapt waarin ze door mannen waren gedwongen. Mannelijke leiders hebben Suriname telkens naar de rand van de afgrond gebracht. Geef een vrouw een kans om chief van het dorp te worden om te zien ‘efu deng mang seti kondre boeng’.

De relatie met Nederland moet weer normaal worden. Kolonisatie is onderdeel van de Surinaamse geschiedenis. Met de kennis van nu – maar achterafkennis is te simpel – waren kolonisatie en slavenhandel misdadig, maar daaruit is Suriname geboren. De Hollanders hebben ook elementen van beschaving en vooruitgang gebracht (hospitaal, gerechtshof, school, gevangenis, doopsel, jas, das, klok, werktuig, arbeid, en ook pistool en kanon). Surinamers bestaan (en zijn merendeel beschaafd) dankzij de kolonisatie en de Hollanders. Het is een tegenstrijdigheid die onder ogen moet worden gezien. In plaats van te wachten op excuses kan Suriname de Hollanders vergeven en uitnodigen om hun kennis te komen delen. Een Surinaamse president moet zich thuis kunnen voelen in Amsterdam, Den Haag of Rotterdam, waar honderdduizenden personen van Surinaamse afkomst wonen, personen met voldoende geld en skills, die de particuliere sector in Suriname nieuw leven kunnen inblazen. Een president met tien schone vingers hoeft niet bang te zijn om te reizen en in het buitenland te worden opgepakt en opgesloten. Er zijn gewetenloze politici die zichzelf verrijken door de nationalistische kaart te spelen. Ze wijzen met hun ene hand naar Holland als oorzaak van de mislukte staat, terwijl ze met de andere hand gluiperig graaien in de kas en het land laten kaal plukken.

Suriname is niet op eigen houtje ontstaan. Er zijn etnische groepen geplant. Maar die vormen nog geen eenheid. Spanningen ontstaan vooral als een groep wil overheersen. Om de eenheid te bevorderen zouden Surinamers niet ingedeeld moeten worden naar etniciteit of religie maar naar werkzaamheid. Er blijven dan twee soorten over: Surinamers die het land rijker maken door hun arbeid, productieve daden, ondernemerschap, bestuur, kennis of liefdadigheid en Surinamers die niets anders zijn dan nietsnutten, luilakken, ‘waka mangs’, bedriegers en boeven. Evenzo kan alle godsdienstbeleving worden teruggebracht tot de kern: eer je vader en je moeder en heb je naaste lief. Etniciteit en godsdienst komen zo op de achtergrond en niet op de voorgrond te staan.

De meeste kiezers zijn bang om te stemmen op een kandidaat die niet op ze lijkt. Er wordt emotioneel gestemd. Suriname is verdeeld in etnische blokken. Het land is geen vloeiend geheel van netwerken waarbij educatie en resultaten meer tellen dan etniciteit. Etniciteit overheerst. De ware ‘Surinamer’ zal eens verschijnen. Misschien in de fantastische gedaante van de supergemengde, hoogopgeleide Prettylall-Chin A Mooi, dochter van Chin A Mooi-Akoni, schoondochter van Prettylall-Wongsopinter, kleinkind van oma Sabitana en oma Olijftak en achterkleinkind van opa van Schommeldijck, waarbij de etnische blokkades zijn overstegen en de grenzen vervaagd. Maar als we kijken naar Amerika, dan is er van de smeltkroes niet veel terechtgekomen. Je kan mensen niet dwingen om te gaan mengen.

Suriname telt tien etnische groepen. Om succesvol te zijn moet een politieke partij aansluiten op deze multi-etnische praktijk. Er moet rekening worden gehouden met de ophopingsgebieden van Marrons, Javanen, Hindoestanen, Creolen, etc. Een politieke partij moet een juiste etnische mix hebben en in de etnische blokken kandidaten plaatsen die geworteld zijn in het gebied. Taal is een belangrijk onderdeel van de etnische identiteit. Niet voor niets wordt de eerste taal die het kind leert de ‘moedertaal’ genoemd. Voor sommigen is de eerste taal Sarnami, Javaans, Chinees of een Marrontaal. Kandidaten moeten de kiezers ook in hun ‘moedertaal’ kunnen toespreken. Zo win je de harten.

Een brede politieke partij is een partij waarin mensen die lijken op een Marron, een Hindoestaan, een Creool, een Chinees, een Javaan, een Boeroe, een Gemengde of een Andere horizontaal en verticaal te zien zijn. Wat dit betreft is de NDP de meest multi-etnische partij. Een multi-etnische partij is krachtiger, levendiger en straalt meer zelfvertrouwen uit, maar ze is niet per se beter voor het land.

Verbreding is nog geen verdieping. Suriname maakt onder leiding van deze multi-etnische partij de diepste financiële crisis ooit mee. Vanwege de verspillingen en corruptieschandalen is het beeld ontstaan van een nationale dieven partij, met geldbeluste grabbelaars en vrolijke feestneuzen, die scheepsladingen staatsgelden laten verdampen, en dat in een mate die bij de traditionele mono-etnische partijen niet te zien was. De NDP heeft opportunisten aangetrokken, die van de partij een multi-etnische ‘nyan patu’ hebben gemaakt. Als een sprinkhanenplaag zijn ze neergestreken, hebben alles kaalgevreten en het land berooid achtergelaten. Maar het kind moet niet met het badwater worden weggegooid. Het idee van etnische verbinding is goed, maar de partij moet van boven naar beneden worden schoongeveegd.

De NDP is een assertievere en agressievere versie van de beschaafde en beter ontwikkelde NPS. Maar deze partij is electoraal leeggezogen door de NDP. De NPS wekt de indruk van een patiënt met bloedarmoede die te zwak is om naar buiten te komen om te vechten. De VHP is een betrouwbare en stabiele partij (niet in absolute maar in relatieve termen, dat wil zeggen in vergelijking met andere partijen in de afgelopen 60 jaar). Ze is bezig met de overstap van een mono-etnische naar een multi-etnische partij (het goede van de NDP moet je overnemen). Maar ze moet ook oppassen voor de opportunisten en de sprinkhanen. Overigens is een andere kracht van de NDP om de jeugd aan te trekken, maar dit kan ook een kwestie zijn van ‘wijd is de poort en de weg die tot het verderf leidt’.

Het nadeel van te veel (etnische) partijen is, dat rond verkiezingen het rassenbewustzijn wordt verscherpt. In een twee-partijen stelsel zouden politieke verschillen minder langs etnische lijnen kunnen worden opgelost. Etniciteit zou dan niet zo een grote rol meer spelen en beide partijen zouden door noodzaak gedwongen worden om alle etnische achtergronden te vertegenwoordigen. Kennis en kunde moeten het verschil maken, niet etniciteit, geslacht of religie.

De benoeming van de voorzitter van het Onafhankelijk Kiesbureau (OKB) heeft dikke stof doen opwaaien. Wie ogen en oren heeft weet wie zij dient. Het is geen teken van behoorlijk bestuur. Maar de baas – ’t is bekend – trekt zich niet veel aan van deugdzaamheid en is bereid ‘indien nodig het kwade te doen’, om de macht te behouden. En de bazuin van de baas (NII), die met belastinggeld wordt betaald, is er om altijd de indruk van oprechtheid te wekken.

Tot slot. Hoe kan iemand ‘op zijn sloffen’ de verkiezingen winnen? Door al het kas- en spaargeld van het volk te gebruiken voor een groot volksfeest! En de volgende verkiezingen? Door veel geld te lenen en weer een groot feest te geven! Maar geld lenen kost toch geld? Jawel, maar de rente hoeft niet uit eigen zak betaald te worden. En je hoeft ook niet je huissleutel te geven als onderpand, maar de sleutel van het land. Makkelijker en goedkoper kan je niet aan de macht blijven. Dit model zorgt ook voor economische gelijkheid: het maakt iedereen even arm, op z’n Cubaans, zodat iedereen op krediet moet leven en afhankelijk wordt van p’pa lanti. Alleen de kleine heerserskliek kan nog contant betalen. Wat is dit – een mop?

D. Balraadjsing