NAS houdt tentoonstelling herdenking Javaanse immigratie

Advertisement

Als Surinamer trots zijn op je Javaanse herkomst.2
Als Surinamer trots zijn op je Javaanse herkomst.1Het Nationaal Archief Suriname (NAS) heeft op vrijdag 7 augustus in het kader van 125 jaar Javaanse Immigratie een tentoonstelling gehouden. Rita Tjien Fooh – Hardjomohamad, archivaris van het NAS, gaf in haar openingsspeech aan dat het NAS als taak heeft het om het gebruik van archiefbescheiden te bevorderen door middel van publicaties, tentoonstellingen en andere middelen. Deze taak is de afgelopen jaren serieus opgevat en er is ook daadwerkelijk invulling aan gegeven, gelet op de diverse tentoonstellingen en activiteiten die zijn georganiseerd. Het gebruik en raadpleging van archiefbescheiden moet gestimuleerd worden en door educatieve activiteiten te ontplooien, hoopt de NAS dit te realiseren. ‘Alleen dan kunnen wij onze geschiedenis veel beter begrijpen en interpreteren. Als jonge natie is het noodzakelijk om kennis en inzicht in onze geschiedenis te verwerven, waardoor we zelf de analyses kunnen maken. Bij de herdenking van 125 Jaar Javaanse Immigratie in Suriname hebben we een tentoonstelling voorbereid. Dit archief is belangrijk voor de wordingsgeschiedenis van ons volk en natuurlijk voor het bewustwordingsproces voor ons als natie.’
Het NAS heeft ook een fotocollectie van de heer Mangal ontvangen als schenking. Deze collectie bevat beeldmateriaal van schepen, waarmee de immigranten naar Suriname zijn vervoerd. De sectie Onderzoek heeft een presentatie gehouden, waarin zei een beeld hebben verschaft van hun ervaringen. ‘Ons cultuur erfgoed, tradities en gewoonten moeten wij als volk omarmen, omdat het een toevoeging geeft van ons bestaan. Het levert ook een bijdrage aan de ontwikkeling van ons land’, aldus Tjien Fooh – Hardjomohamad. Vandaar dat zij als Surinaamse vrouw ook trots is op haar Javaanse afkomst.
Minister Edmund Leilis van Binnenlandse Zaken stelt dat het als een belangrijke gebeurtenis aangemerkt mag worden toen de Javaanse immigranten voor het eerst voet aan wal zetten op Surinaams grondgebied. In de periode van 1890-1939 kwamen er in totaal 32.956 immigranten, waarvan 19.088 mannen, 11.608 vrouwen en 2.260 kinderen vanuit Java, Indonesië naar Suriname om als contractarbeiders te werken op de plantages. De komst van de Javaanse immigranten is een gebeurtenis om te memoreren, zegt de minister. ‘Meer gelet op het feit dat de nazaten een wezenlijk deel vormen van onze bevolking voor zo’n 14,6 % . De passage uit ons volkslied ‘hoe wij hier ook samen kwamen, aan zij grond zijn wij verpand’, drukt ons steeds weer met de neus op het feit dat onze bevolking een samensmelting is van mensen uit verschillende herkomstlanden. Wij moeten als volk meer eensgezindheid en verbondenheid voor elkaar tonen’, aldus minister Leilis.
De dag werd vervolgd met een presentatie, waarna aanwezigen onder het genot van een hapje en drankje konden genieten van de tentoonstelling.

error: Kopiëren mag niet!