De overheid zegt: rustig. Slechts 0,2% erbij deze maand volgens het Algemeen Bureau voor de Statistiek, ABS,. Klinkt als een kruimel. Ondertussen: 10,8% duurder dan vorig jaar. Dat is geen kruimel. Dat is een hele bakkerij die verdwijnt.
De burger staat in de rij. Met geld dat gisteren nog iets waard was. Vandaag minder. Morgen nostalgie. De statistiek zegt: “gemiddeld”. De burger zegt: “mijn portemonnee is geen gemiddelde”.
316 producten in het CPI-pakket (Consumenten Prijs Index) . Mooie lijst. Alles netjes gemeten. Behalve wanhoop. Die zit niet in de index. Geen gewicht. Geen grafiek. Geen tabel.
Vlees stijgt in prijs. Groenten dansen. Huur klimt. Gezondheidszorg? Explodeert. Maar de boodschap blijft kalm. Alsof inflatie een hobby is. Alsof prijzen vrijwillig omhoog wandelen.
En dan het mooiste detail. Beleidsmakers krijgen de cijfers eerder. Voorsprong van 1 à 2 uur. Genoeg tijd om te knikken. Te glimlachen. Misschien koffie. De burger krijgt de rekening. Zonder voorsprong.
Dit betekent concreet: minder eten. Minder keuzes. Meer rekenen. Meer schrappen. Luxe wordt basis. Basis wordt probleem.
De economie groeit op papier. De stress groeit in de keuken.
Welkom in het land waar cijfers stabiel lijken. En levens steeds instabieler worden.
