Voormalig minister van Volksgezondheid, Amar N. Ramadhin, stelt dat parlementariër Silvana Afonsoewa tussen juni 2020 en maart 2023 salaris ontving zonder arbeid te verrichten bij het ministerie van Volksgezondheid.
In een ingezonden stuk voert hij aan dat Afonsoewa na de verkiezingen van 2020 werd benoemd in een functie die volgens hem niet formeel bestond en dat zij nadien niet op het werk verscheen. Begin 2023 werd haar salaris stopgezet en werd zij voorgedragen voor ontslag.
Afonsoewa spande daarop een Kort Geding aan tegen de Staat Suriname en eiste doorbetaling van loon en vergoeding van kosten. De Kantonrechter oordeelde dat zij onvoldoende had aangetoond dat zij actief bereid was de overeengekomen arbeid te verrichten. Haar loonvordering werd afgewezen en zij werd veroordeeld in de proceskosten.
Ramadhin concludeert dat sprake is van plichtsverzuim en spreekt van een dubbele moraal, omdat Afonsoewa zich in het parlement kritisch uitlaat over functioneren en aanwezigheid van anderen.
Commentaar: De kern van deze zaak ligt in de vraag of een ambtenaar recht heeft op loon zonder aantoonbare arbeid en zonder duidelijke schriftelijke afspraken. De rechterlijke uitspraak legt de bewijslast nadrukkelijk bij de werknemer. Politiek gezien raakt de kwestie aan integriteit en bestuurlijke transparantie binnen de overheid.