400% voor de president en de Straat 0%

Een nieuwe wet bepaalt dat de president een bezoldiging ontvangt van vierhonderd procent van een departementsdirecteur. Op papier klinkt dat als een nette rekensom. In de praktijk lijkt het meer op hogere wiskunde voor burgers die elke maand hun eindjes aan elkaar moeten knopen.

Terwijl de president vermenigvuldigt, deelt de gemiddelde werknemer. Het gemiddelde loon in Suriname ligt vele malen lager dan het salaris dat uit deze formule rolt. Voor veel huishoudens gaat een groot deel van het inkomen op aan voedsel, huur en transport. Sparen is geen vanzelfsprekendheid maar een luxe. 

De koopkracht staat onder druk, terwijl de top van het bestuur verzekerd is van toelagen, beveiliging, chauffeurs en een overbruggingsregeling tot aan de pensioenleeftijd.

Satirisch gezien lijkt het land op een klaslokaal waar de leraar zegt dat iedereen gelijk is, maar één leerling standaard een tien krijgt nog vóór de toets begint. De rest moet hopen op een voldoende. 

De vergelijking met het bruto binnenlands product maakt het beeld scherper. Het bbp meet de totale waarde van wat het land produceert. Als de economie groeit, groeit de koek. Maar de vraag blijft hoe die koek wordt verdeeld. Wanneer het gemiddelde inkomen laag blijft en de inflatie hoog is, voelt economische groei voor velen als een statistiek op afstand.

De wet spreekt over transparantie en rechtszekerheid. Satire fluistert dat transparantie vooral duidelijk maakt wie veilig zit. In verhouding tot het gemiddelde loon ontstaat een zichtbaar verschil tussen beleid en beleving. 

De rekensom klopt juridisch. De vraag is of zij maatschappelijk ook klopt.

error: Kopiëren mag niet!