Selectieve verontwaardiging: hoe armoede, hypocrisie en onrecht samen een onveilige samenleving hebben gemaakt

Wij zagen een video waarin de politie een verdachte hardhandig in de bak van een politieauto gooide. De samenleving reageerde verdeeld. Een deel was verontwaardigd en sprak over mensenrechten, proportionaliteit en politiegeweld. Een ander deel juichte het optreden toe en vond dat de man niet moest klagen: hij had immers beroofd en mensen met een mes verwond.

Beide reacties zijn begrijpelijk. En toch gaan ze allebei voorbij aan de kern van het probleem.

In Suriname voeren wij dit soort discussies steeds alsof het incidenten zijn. Alsof geweld, criminaliteit en ontspoorde woede losstaande gebeurtenissen zijn. Dat zijn ze niet. Ze zijn het gevolg van een samenleving die moreel is uitgehold.

Mensenrechten met voorwaarden

Het is juist dat ook een verdachte rechten heeft. De politie moet zich aan de wet houden, altijd. Niet omdat criminelen dat verdienen, maar omdat de rechtsstaat dat vereist. Zodra wij beginnen te zeggen dat regels alleen gelden voor “goede mensen”, is de rechtsstaat al verloren.

Tegelijkertijd is het moreel leeg om alleen verontwaardigd te zijn over mogelijk politiegeweld, terwijl slachtoffers vaak aan hun lot worden overgelaten. Wie betaalt hun medische kosten? Wie herstelt hun trauma’s? Wie neemt verantwoordelijkheid voor het blijvende gevoel van onveiligheid?

Wat wij hier zien is selectieve verontwaardiging. Wij roepen om mensenrechten wanneer het ons moreel goed uitkomt, maar zwijgen wanneer slachtoffers jarenlang de gevolgen dragen. Dat is geen rechtvaardigheid. Dat is emotiepolitiek.

De gevaarlijke roep om hard optreden

De groeiende steun voor hard politieoptreden is geen teken van kracht, maar van wanhoop. Mensen zijn boos, bang en moe. Dat is begrijpelijk. Maar wie vandaag juicht wanneer de politie grenzen overschrijdt bij een verdachte, moet beseffen dat dezelfde staat morgen die grenzen ook kan overschrijden bij onschuldigen.

Een samenleving die geweld legitimeert omdat zij het zat is, zaagt aan de poten van haar eigen rechtsbescherming.

Hoe zijn wij hier terechtgekomen?

De belangrijkste vraag wordt zelden gesteld: hoe is Suriname zo onveilig geworden?

In landen waar armoede structureel wordt, neemt criminaliteit vrijwel altijd toe. Normen vervagen. Kansen verdwijnen. Grenzen verschuiven. Dat is geen excuus, maar een vast patroon. Vijftig jaar wanbeleid heeft Suriname economisch en moreel beschadigd. Velen zijn vertrokken. Wie bleef, bleef vaak zonder perspectief.

Daarbij moet onderscheid worden gemaakt. Niet iedereen die arm is, wordt crimineel. En niet elke crimineel handelt uit nood. Er zijn mensen die proberen te overleven, en er zijn mensen die bewust kiezen voor geweld en snelle verrijking. Dat verschil moet benoemd blijven.

Maar het grotere plaatje mogen wij niet ontlopen.

De link met onze eigen verantwoordelijkheid

In een eerder opinistuk schreef ik dat armoede niet alleen in stand wordt gehouden door politici, maar ook door het volk zelf. Door keer op keer leiders te kiezen die zichzelf, hun familie en hun vrienden verrijken, terwijl het land verarmt.

Diezelfde morele armoede zien wij nu terug in hoe wij reageren op criminaliteit en politieoptreden.

Een samenleving die jarenlang onrecht aan de top accepteert, verliest het morele gezag om rechtvaardigheid te eisen aan de onderkant. Wij zijn streng voor de kleine crimineel op straat, maar opvallend mild voor de grote criminelen in pakken. Wij eisen discipline van jongeren, maar tolereren wetteloosheid in bestuurskamers.

Dat dubbele morele kompas heeft ons hier gebracht.

Boosheid is begrijpelijk, hypocrisie niet

Ja, wij mogen boos zijn. Ja, wij mogen ons onveilig voelen. Maar onze boosheid mag zich niet alleen richten op criminelen en agenten. Zij moet zich ook richten op onszelf.

Wij hebben jarenlang:

• weggekeken van corruptie zolang het “onze” mensen betrof

• normen en waarden selectief toegepast

• onrecht goedgepraat omdat het ons persoonlijk niet raakte

En nu doen wij alsof de onveiligheid uit de lucht is komen vallen.

Social media als vergrootglas

In een kleine samenleving als Suriname werken social media als een vergrootglas. Elk incident explodeert. Emoties worden aangewakkerd, nuance verdwijnt. Toch ontbreekt elk serieus sociaal-mediabeleid van de overheid. Dat is geen detail, maar nalatigheid. In een fragiele samenleving heeft dat grote gevolgen.

De ongemakkelijke waarheid

Mijn intentie is niet om het volk te beschuldigen, maar om de waarheid te benoemen. Want zonder waarheid verandert er niets.

Een samenleving die zichzelf blijft bedriegen, kan niet veilig worden.

Een volk dat selectief rechtvaardig is, kan geen rechtstaat eisen.

En een land dat morele verantwoordelijkheid blijft afschuiven, zal blijven leven met angst en geweld.

Wie echte verandering wil, moet stoppen met wijzen, stoppen met vergoelijken en stoppen met selectieve verontwaardiging. Verandering begint niet bij de politieauto of bij de crimineel in de bak, maar bij de spiegel.

Preani Koendjbiharie

error: Kopiëren mag niet!