CARICOM kiest eieren voor haar geld

De ontvoering door de VS van de Venezolaanse president Nicolas Maduro in Caracas heeft de CARICOM-landen ruw wakker geschud. Staten die eerder een uitgesproken pro-Maduro houding aannamen, slikken nu hun woorden in. Het meest zichtbaar is de draai van Mia Amor Mottley, premier van Barbados.

Nog niet zo lang geleden positioneerde Mottley zich nadrukkelijk als verdedigster van soevereiniteit en dialoog, met begrip voor Venezuela tegen wat zij zag als unilaterale druk. Die lijn paste in een bredere CARICOM-traditie: terughoudendheid tegenover grootmachtpolitiek en nadruk op non-interventie.

Nu klinkt een ander geluid. Mottley stelt dat Barbados “geen positie” inneemt en dat kleine staten alleen kunnen overleven binnen een internationale, regels-gebaseerde orde. Die formulering is geen neutraliteit, maar schadebeperking. 

Barbados is economisch en financieel kwetsbaar: afhankelijk van toerisme, internationale kredietlijnen, handelsroutes en veiligheidsgaranties die uiteindelijk onder invloed staan van de Verenigde Staten.

De realiteit is hard: morele standpunten wegen licht wanneer druk toeneemt. Voor fragiele eilandstaten is overleven belangrijker dan gelijk hebben. CARICOM kiest daarom niet voor principes, maar voor prudentie. In het huidige wereldsysteem is dat geen lafheid, maar noodzaak.

error: Kopiëren mag niet!