Noodkreet uit de rijstvelden: padieboeren in de knel

De laatste dagen van 2025 brachten voor Surinaamse padieboeren weinig reden tot feest. Terwijl de stad zich voorbereidde op oudjaar, klonk vanuit de rijstvelden een noodsignaal. Boeren en exporteurs waarschuwden dat de exportpositie van Suriname ernstig onder druk staat.

De problemen zijn veelzijdig. Ten eerste kampen boeren met stijgende productiekosten: kunstmest, brandstof en transport zijn heel erg gestegen in prijs. Tegelijkertijd dalen de internationale prijzen voor padie, waardoor de winstmarges steeds kleiner worden of zelfs verdwijnen. 

De boeren werken met hart en ziel aan de productie van padie, maar het lijkt alsof ze een race rennen die ze niet kunnen winnen. Daarbij speelt ook de noodzakelijke infrastructuur een grote rol. Slecht onderhouden irrigatiekanalen en gebrekkige opslagfaciliteiten maken het moeilijk om de kwaliteit en kwantiteit van de padie te garanderen. Exporteurs geven aan dat Suriname hierdoor haar marktaandeel in de regio verliest. Waar buurlanden hun rijstproductie moderniseren, blijft Suriname achter.

Wat deze noodkreet bijzonder maakt, is de stilte eromheen. Terwijl de rijstsector duizenden gezinnen voedt en werkgelegenheid biedt, lijkt de urgentie in de publieke discussie te ontbreken. De vraag die hierbij moet worden gesteld is: wie neemt de verantwoordelijkheid om deze levensader van de economie te beschermen? 

De padieboeren hopen op duurzame en structurele steun van de overheid en meer samenwerking met de particuliere sector. Zonder ingrijpen dreigt een scenario waarin Suriname niet langer kan concurreren en boeren massaal afhaken. Het is een stille crisis die, als ze niet wordt gehoord, grote gevolgen kan hebben voor de voedselzekerheid en de sociale stabiliteit.

error: Kopiëren mag niet!