Voor taxichauffeurs is de nacht een avontuur zonder draaiboek. Vooral in de binnenstad op vrijdagavond weet je nooit wie er instapt. Zo kreeg een chauffeur een groep luidruchtige feestvierders binnen die de taxi prompt omtoverden tot een mobiele karaokebar.
Terwijl de bas van de club nog in hun oren dreunde, zongen ze uit volle borst hits van de jaren negentig. Selfies werden genomen met de chauffeur half in beeld, en één passagier dacht dat het een goed idee was om even aan het stuur te willen voelen.
Voor de chauffeur was het balanceren tussen geduld en veiligheid. Hij moest hen met humor in toom houden. “Vrienden, ik heb al een rijbewijs, jullie mogen straks zingen bij de bushalte”, grapte hij terwijl hij zijn ogen strak op de weg hield.
Niet elke rit loopt zo chaotisch. Soms zijn passagiers dronken maar stil, slapend tegen het raam. Andere keren delen ze onverwachte verhalen: een student die zijn eerste diploma viert, of een vrouw die net een relatiebreuk achter de rug heeft. Elke nacht brengt nieuwe gezichten en emoties. Zoals de chauffeur zelf zegt: “In mijn taxi rijdt het leven mee – soms luid en chaotisch, soms stil en breekbaar. Maar altijd menselijk.”
