Deze conceptwet wil regels moderniseren voor nieuwe voertuigen zoals elektrische auto’s. Het doel is meer verkeersveiligheid en duidelijkheid, maar de vraag is of de wet praktisch uitvoerbaar is.
De voorgestelde wijziging richt zich vooral op het uitbreiden van de definitie van “motorrijtuigen”. Elektrische voertuigen worden gelijkgesteld aan gewone voertuigen, waardoor dezelfde verkeersregels gelden. Dit is logisch, omdat het verkeer één systeem moet blijven. Ook wordt de koppeling met de aansprakelijkheidsverzekering aangepast, zodat schade en verantwoordelijkheid beter geregeld zijn .
Een DBS-expert (Dagblad Suriname) zou stellen dat de wet inhoudelijk noodzakelijk is. Elektrische voertuigen nemen toe en zonder duidelijke regels ontstaat juridische chaos. De wet zorgt dus voor basisuniformiteit en voorkomt dat nieuwe voertuigen buiten het systeem vallen.
Toch zijn er duidelijke tekortkomingen. De wet focust vooral op definities, maar minder op uitvoering. Er wordt bijvoorbeeld geen concreet plan gegeven voor controle, handhaving of technische keuring van deze voertuigen. Zonder sterke controle blijft de wet op papier bestaan.
Daarnaast ontbreekt infrastructuurbeleid. In de toelichting op de concept wet wordt erkend dat elektrische voertuigen groeien, maar er is geen verplicht kader voor laadpunten of technische ondersteuning. Dit maakt de wet incompleet, omdat regelgeving zonder faciliteiten moeilijk werkt.
Een ander zwak punt is dat uitzonderingen, zoals elektrische fietsen, slechts beperkt worden behandeld. Dit kan leiden tot verwarring in de praktijk, vooral bij ongelukken of aansprakelijkheid.
Conclusie vanuit DBS-perspectief: de wet is inhoudelijk correct en noodzakelijk, maar onvoldoende uitgewerkt. De grootste tekortkoming ligt niet in de bedoeling, maar in de uitvoering en handhaving. Zonder praktische invulling blijft het effect beperkt.
