De grote overbrugging-SRD 500

Tijdens een lange persconferentie vertelde de president vrijdag 6 maart dat de regering een plan had bedacht om leerkrachten te helpen. Volgens de president was het een “belangrijke stap om de koopkracht te verbeteren”. De maatregel klonk indrukwekkend: een overbruggingstoelage van SRD 500, later oplopend tot SRD 1000.

In de zaal werd even stil gekeken. Sommigen dachten dat de president misschien nog een nul zou toevoegen. Maar nee. Het bleef SRD 500.

Een leerkracht stak zijn hand op en zei: “Dank u, president. Dat betekent dat ik nu misschien drie flessen cola kan kopen in plaats van twee.”

Een andere leerkracht rekende snel op zijn telefoon. “Als ik geluk heb”, zei hij, “kan ik misschien een klein plastic zakje boodschappen kopen. Maar dan moet ik wel de rijst laten liggen.”

Een derde leerkracht zei: “Misschien moeten we het geld sparen. Over tien jaar kunnen we misschien samen een brood kopen.”

Op social media ging het nieuws snel rond. Sommige mensen lachten. Anderen dachten dat het een grap was. Een gebruiker schreef: “Is dit een 1-aprilgrap die per ongeluk in maart is begonnen?”

Een andere reactie was nog korter: “Geef het geld maar aan iemand die echt rijk wil worden van SRD 500.”

Toch probeerden enkele optimisten het positief te bekijken. “Misschien”, zei een jonge docente, “kan ik er een buskaart mee betalen. Dan kan ik tenminste nog naar school gaan om les te geven.”

Ondertussen bleef de president uitleggen dat het een belangrijke maatregel was voor de economie. De leerkrachten luisterden aandachtig.

Maar één van hen fluisterde zacht tegen een collega:
“Wij leren de kinderen rekenen. Misschien moeten we de regering ook een paar lessen geven.”

error: Kopiëren mag niet!