De uitspraak van president Jennifer Simons dat zij “niemand dingen heeft beloofd” tijdens de verkiezingscampagne vraagt om politieke precisie. Formeel kan zij stellen dat zij persoonlijk geen concrete toezeggingen heeft gedaan.
Politiek gezien is die redenering echter onvolledig. Simons is niet alleen president, maar ook voorzitter van de NDP. De verkiezingswinst van de partij is gebaseerd op een collectieve campagne, met een programma, publieke verklaringen en impliciete verwachtingen richting de samenleving.
Zetels zijn niet verworven op basis van individuele terughoudendheid, maar op basis van gezamenlijke beloftes en beleidsvoornemens. Uit die zetelwinst vloeide haar presidentschap voort. Zonder die collectieve beloftes was de machtsbasis mogelijk anders geweest. Dat schept verantwoordelijkheid. Politiek leiderschap betekent niet enkel persoonlijke integriteit, maar ook het dragen van het totaalpakket aan toezeggingen dat namens de partij is gepresenteerd.

Wanneer de president zich beroept op het argument dat zij zelf niets heeft beloofd, ontstaat een spanningsveld tussen individuele en collectieve verantwoordelijkheid. In een partijstructuur is het onmogelijk om het ene los te koppelen van het andere. Zij heeft die beloftes nooit publiekelijk gecorrigeerd of afgewezen. Stilzwijgende instemming impliceert mede-eigenaarschap.
Het voortdurende spel van “a no mi” ondermijnt politieke geloofwaardigheid. Besturen vergt erkenning van zowel persoonlijke als collectieve verantwoordelijkheid. De samenleving stemt niet enkel op een persoon, maar op een partijvisie en op leiderschap dat bereid is rekenschap af te leggen.
Een president kan zich niet beperken tot individuele uitspraken wanneer haar mandaat voortkomt uit collectieve beloftes. Dat is de kern van politieke legitimiteit.
