De beslissing van de Hoge Raad van dinsdag 10 februari om het beslag op de 19,5 miljoen euro uit Suriname definitief in stand te laten, markeert het einde van een langdurige beslagprocedure, maar niet het einde van de juridische en reputatie rechtelijke gevolgen voor de betrokken partijen.
Voor de drie handelsbanken ā De Surinaamsche Bank, Hakrinbank en Finabank ā betekent dit dat zij hun geld voorlopig kwijt blijven, zonder dat de strafrechter al inhoudelijk over schuld of onschuld heeft geoordeeld. Voor de Centrale Bank van Suriname is de uitspraak extra pijnlijk, omdat expliciet is vastgesteld dat zij geen immuniteit geniet en slechts een faciliterende rol had.
Het strafproces dat volgt, zal zich richten op de kernvraag of het geld uit misdrijf afkomstig is en of verbeurdverklaring gerechtvaardigd is. In zoān proces staan niet de banken als instellingen automatisch terecht, maar natuurlijke personen die verantwoordelijk waren voor besluitvorming, compliance en toezicht rondom de geldzending. Denk aan bestuurders, leidinggevenden en mogelijk compliance officers, afhankelijk van wat het opsporingsonderzoek van de Fiscale Inlichtingen- en Opsporingsdienst aan concrete feiten oplevert. De strafrechter zal toetsen of sprake was van opzet, schuld of ernstige nalatigheid en of interne controles tekortschoten.
Los van de strafrechtelijke uitkomst is de reputatieschade reƫel. Internationaal toezicht op banken is sterk risicogebaseerd. Het langdurig in verband worden gebracht met een witwasonderzoek en een definitief beslag vergroot de kans op verscherpte due diligence door correspondentbanken.
In het slechtste scenario kan dit leiden tot de facto blacklisting, bijvoorbeeld door het verlies van buitenlandse bankrelaties, hogere transactiekosten of weigering van dollar- en euroclearings. Formeel is er geen automatische plaatsing op zwarte lijsten, maar materieel kan de impact vergelijkbaar zijn.
Deze zaak laat zien dat langdurig beslag, ook zonder eindvonnis, al diep ingrijpt in vertrouwen, bedrijfsvoering en internationale positie. Juridische afronding betekent hier niet automatisch herstel van schade.
