Corruptie als structurele kostenpost in Suriname  

De Corruption Perceptions Index 2025 bevestigt opnieuw dat Suriname structureel achterblijft op het gebied van integriteit, terwijl transparantie internationaal steeds meer als economische randvoorwaarde wordt gezien.

De Transparency International Corruption Perceptions Index 2025 plaatst Suriname op 38 van 100, goed voor rang 96 van 182 landen. Dat betekent een positie onder het mondiale gemiddelde en een verdere verslechtering ten opzichte van 2024 met twee punten. In CPI-termen staat dit niet voor incidentele misstappen, maar voor een hardnekkig patroon van zwakke instituties, beperkte handhaving en een bestuurscultuur waarin verantwoordingsmechanismen onvoldoende functioneren.

In vergelijking met landen in de top tien is het contrast scherp. Denemarken, Finland en Singapore scoren structureel boven de tachtig. Dat zijn landen waar corruptiebestrijding geen moreel project is, maar een rationele investering in economische voorspelbaarheid. Transparantie verlaagt transactiekosten, beperkt kapitaalvlucht en vergroot vertrouwen van investeerders. 

Suriname doet het omgekeerde: het accepteert corruptie impliciet als frictie in het systeem en betaalt daar jaarlijks een onzichtbare maar hoge prijs voor.

Volgens financieel analist R. Mensah, gespecialiseerd in governance en publieke financiën, is de CPI-score geen abstract cijfer maar een directe indicator van economische inefficiëntie. Hij stelt dat een score van 38 betekent dat publieke middelen structureel weglekken voordat zij productieve waarde creëren. Elke hervorming die niet begint bij handhaving en transparantie is volgens hem cosmetisch. In die zin is corruptie geen randverschijnsel, maar een parallelle begroting zonder parlementaire controle.

De satire zit niet in de cijfers, maar in de reactie erop. Terwijl burgers protesteren tegen falend bestuur, wordt corruptie vaak herverpakt als incident, cultuur of overmacht. Intussen stijgen landen als Nederland en Duitsland niet door morele superioriteit, maar door consequente institutionele discipline. 

Suriname blijft hangen in het middenveld, waar corruptie niet extreem genoeg is om te schokken, maar wel structureel genoeg om ontwikkeling te blokkeren.

error: Kopiëren mag niet!