Opschonen VHP met de bezem in de hand en de spiegel op afstand

Vrijdagavond klonk het vastberaden in Even na 9. De VHP wordt opgeschoond. De bezem gaat erdoor, fouten worden gecorrigeerd, de partij keert terug. Groter zelfs. Alleen bleef één detail opvallend vaag: waar begint die schoonmaak precies. Bij wie wordt er echt afgestoft en wie blijft buiten schot.

Volgens politiek analist R. Debipersad zit daar de kern van het probleem. De VHP functioneerde de afgelopen jaren als een strak gecentraliseerd systeem waarin vrijwel alles via één knooppunt liep. Besluitvorming, strategie, benoemingen en communicatie kwamen neer op één adres. Als er fouten zijn gemaakt, dan zijn die niet toevallig ontstaan aan de randen van de partij, maar in het centrum waar de macht geconcentreerd was.

Het woord ‘opschonen’ klinkt daadkrachtig, maar zonder zelfreflectie wordt het al snel cosmetica. Personen een stap terug laten doen is eenvoudig zolang het altijd anderen zijn. Moeilijker wordt het wanneer de logica van de opschoning ook geldt voor de voorzitter zelf. Juist daar wringt het. Wie jarenlang de partij leidde met een uitgesproken centralistische stijl, kan niet geloofwaardig hervormen zonder ruimte te maken.

Binnen politieke kringen wordt inmiddels openlijk gezegd dat de VHP inderdaad zal terugkomen, maar niet meer met Santokhi in een leidende positie. Niet uit wrok, maar uit noodzaak. Zijn bestuursstijl heeft volgens critici meer kwaad dan goed gedaan, vooral door afstand tot de samenleving. Het imago van verhevenheid, versterkt door het publieke optreden van hem en zijn echtgenote, wekte het beeld van een politieke adel die ver boven de dagelijkse realiteit stond.

Een partij moderniseren betekent ook machtsstructuren doorbreken. Nieuwe leiders opleiden is zinloos zolang de oude structuur intact blijft. Opschonen zonder zelf plaats te maken is geen hervorming, maar uitstel. En uitstel is precies wat kiezers inmiddels feilloos doorzien. 

error: Kopiëren mag niet!