Straatnieuws om de hoek

De straat ligt er nog precies hetzelfde bij. De stoep, de lantaarnpaal, de winkel op de hoek. Alleen voelt alles anders sinds die ene ochtend. De beroving duurde minuten, maar kreeg een abonnement. Iedereen herinnert zich exact waar hij stond toen hij het hoorde, alsof het een nationale gebeurtenis was. Niet omdat het groot was, maar omdat het dichtbij kwam.

Bij de winkel gaat het gesprek niet over sensatie, maar over routekeuze. “Welke kant liep hij?” In de bus wordt zachter gepraat, bij het hek harder gefluisterd. Mensen wisselen geen roddels uit, maar strategieën. Wie vroeger groette, knikt nu. Dat heet aanpassing.

De angst is praktisch, typisch Surinaams nuchter. Ramen gaan eerder dicht, poorten sneller op slot. Niet uit paniek, maar uit ervaring. Er zijn geen statistieken nodig om te weten dat veiligheid kwetsbaar is. Men voelt het in het lichaam. De sleutel wordt steviger vastgehouden, de avond wordt korter gepland.

De satire zit in de normalisering. Na een week zegt iemand: “Het is weer rustig.” Alsof onrust een weersvoorspelling is. Alsof stilte gelijkstaat aan veiligheid. De straat leert opnieuw wat nabijheid betekent: iedereen dichtbij, maar niemand gerust. Men leeft samen, maar loopt alleen.

Er komt geen officiële verklaring, hoogstens een advies om alert te blijven. Alertheid wordt zo een burgerplicht. De buurt bewaakt zichzelf, want wachten voelt als een risico. En zo verandert één incident in straatnieuws met lange adem. De straat is hetzelfde. Alleen het vertrouwen is verhuisd.

error: Kopiëren mag niet!