In 2012 werd het leven van Miriam Rodríguez voorgoed veranderd toen haar 20-jarige dochter Karen werd ontvoerd in de Mexicaanse deelstaat Tamaulipas. Er werd losgeld betaald, maar Karen keerde nooit terug. Politieonderzoeken liepen vast en arrestaties bleven uit. Rodríguez besloot daarop zelf op zoek te gaan naar de daders.
Zij veranderde haar uiterlijk, gebruikte valse namen en deed zich voor als kiezer, gezondheidswerker of familielid. Zo wist zij adressen te achterhalen, verdachten te fotograferen en netwerken van het kartel in kaart te brengen. Haar informatie leidde er in de jaren daarna toe dat tien betrokkenen werden gearresteerd, vervolgd of tijdens confrontaties met de autoriteiten om het leven kwamen. Het verzamelde bewijsmateriaal dwong justitie om zaken te heropenen die eerder waren genegeerd.
Rodríguez werd medeoprichter van een organisatie voor nabestaanden en sprak zich openlijk uit tegen corruptie en straffeloosheid. Ondanks doodsbedreigingen en beperkte politiebescherming werd zij in 2017 voor haar woning vermoord, vermoedelijk als vergelding. Voor haar dood hielp zij bij het opsporen van tientallen clandestiene massagraven, wat vele families eindelijk duidelijkheid gaf.
