De meetbare armoede

Armoede bestaat pas echt zodra zij meetbaar is. Niet wanneer mensen maaltijden overslaan, maar wanneer een commissie het bevestigt. Eerst komt de enquête, dan de werkgroep, daarna het rapport. Tot die tijd heet armoede “tijdelijke druk op huishoudens”.

De meetbare armoede wordt zorgvuldig afgebakend. Wie honger heeft maar nog een telefoon bezit, telt niet mee. Wie schulden heeft maar glimlacht, valt buiten de definitie. En wie klaagt zonder grafiek, wordt vriendelijk verzocht te wachten op de volgende meetronde.

Beleidsmakers spreken met zachte stemmen over harde cijfers. “De armoede is gestegen”, zeggen ze bezorgd, terwijl ze precies uitleggen waarom er vandaag niets kan gebeuren. Eerst moeten de cijfers worden gevalideerd. Daarna besproken. Daarna doorgeschoven.

De burger vraagt om hulp, maar krijgt een statistiek. Hij wil brood, maar ontvangt een percentage. Want in dit land is armoede geen menselijk probleem, maar een getal dat netjes moet kloppen voordat het pijn mag doen.

error: Kopiëren mag niet!