De grootste prestatie van de machtselites in Suriname is niet een brug, geen weg en zeker geen betaalbaar leven. Nee, hun meesterzet is veel verfijnder: ze hebben het voor elkaar gekregen dat mensen die elke maand worstelen om rond te komen, met hart en ziel een systeem verdedigen dat hen structureel arm houdt ā maar een kleine groep schatrijk maakt.
Het is bijna kunst. Mensen zonder spaargeld verdedigen belastingvoordelen voor miljonairs. Burgers zonder vaste baan vechten online voor beleid dat vooral aandeelhouders geruststelt. āGeduldā, zeggen ze. āHet komt goed.ā Wanneer? Dat blijft vaag, maar het geloof is sterk.
Elke prijsverhoging wordt verkocht als noodzakelijk. Elke bezuiniging als pijnlijk maar onvermijdelijk. En elke nieuwe luxe SUV van een beleidsmaker? Ach, dat is vast hard werken geweest. Ondertussen wordt de markt steeds duurder, de lonen blijven achter en de hoop wordt verpakt in mooie toespraken en slogans.
Het mooiste is misschien wel dat kritiek wordt gezien als ondankbaarheid. Wie vragen stelt, ābegrijpt de economie nietā. Wie klaagt, is negatief. Wie honger heeft, moet gewoon harder werken.
Zo blijft het systeem intact. Niet omdat het werkt voor iedereen, maar omdat de mensen die het het minst helpt, het het felst verdedigen. En dƔt, eerlijk is eerlijk, is een indrukwekkende prestatie.
