Nu de president van Venezuela is opgepakt en ontvoerd naar de VS staat de vicepresident van het land in het voetlicht. In de media is gemeld dat de Venezolaanse interim-president Delcy Rodríguez haar houding ten opzichte van Washington heeft verzacht. Ze heeft de VS nu uitgenodigd om “samen te werken aan een agenda van samenwerking”. Dit is een dag nadat ze de Amerikaanse militaire operatie die leidde tot de arrestatie van Nicolás Maduro had veroordeeld. Deze verzoenende wending volgt op dreigementen van president Donald Trump. Die hielden in dat ze “een zeer hoge prijs zou betalen, waarschijnlijk hoger dan die van Maduro” als ze niet zou meewerken met de Amerikaanse regering. Dit heeft de speculatie verder aangewakkerd dat de 56-jarige advocate achter de schermen een deal heeft gesloten met de regering van Trump.
Rodríguez kwam aan de macht kwam nadat het Venezolaanse Hooggerechtshof de grondwettelijke bepalingen voor tijdelijke presidentiële opvolging had ingeroepen. Rodríguez veranderde radicaal van standpunt ten opzichte van haar aanvankelijke reactie op de inval in Caracas op 3 januari. Eerst had ze de operatie had veroordeeld als een “gruweldaad die het internationaal recht schendt”. Ze had de regering-Trump “extremisten” genoemd.
Op 4 januari sloeg ze duidelijk een andere toon aan. Nu heeft ze de Amerikaanse regering uitgenodigd om met Venezuela samen te werken aan een agenda gericht op gedeelde ontwikkeling binnen het kader van het internationaal recht. Dat schreef Rodríguez op haar Instagram pagina. Ze richtte zich tegen Donald Trump en gaf aan dat het volk van Venezuela en de regio vrede en dialoog verdient, geen oorlog.
Trump had eerder bekendgemaakt dat minister van Buitenlandse Zaken Marco Rubio contact had opgenomen met Rodríguez en haar “vriendelijk” had genoemd. Rubio gaf aan dat de regering haar zag als een potentiële partner voor onderhandelingen, waarmee hij haar onderscheidde van Maduro.
Tijdens haar eerste kabinetsvergadering op 4 januari stelde Rodríguez een commissie in om de vrijlating van de afgezette president te bewerkstelligen. Deze commissie stond onder leiding van haar broer, de voorzitter van de Nationale Assemblee, Jorge Rodríguez. Het militaire en veiligheidsapparaat staan voorlopig nog steeds op één lijn met de interim-regering onder Rodríguez. Het blijft echter onduidelijk of ministers, die door analisten worden omschreven als radicale Chavisten, zich zullen schikken naar de lijn van Rodríguez als zij met Washington begint samen te werken.
Trump heeft zijn intenties met betrekking tot de Venezolaanse oliesector al lang duidelijk gemaakt.

Met bewezen reserves die geschat worden op 303 miljard vaten – de grootste ter wereld – heeft de ruwe-olie-industrie van het land een dramatische achteruitgang doorgemaakt. De dagelijkse productie bedraagt nu slechts 1,1 miljoen vaten, wat neerkomt op ongeveer een derde van de productie die Venezuela bereikte tijdens de hoogtijdagen van de sector in de jaren 70. Decennia van ontoereikende investeringen, slecht management, wijdverspreide corruptie en handelsbeperkingen opgelegd door westerse regeringen hebben bijgedragen aan de verslechtering. In een toespraak op 4 januari zei Trump dat zijn regering de middelen die door eerdere nationalisaties waren onttrokken, zou terugvorderen. Amerikaanse petroleummaatschappijen zouden terugkeren naar Venezuela, verklaarde hij. Daarna voegde hij eraan toe dat de Amerikanen nu de touwtjes in handen hebben.
De Amerikaanse regering heeft aangegeven dat het mogelijk in gesprek zal gaan met de huidige Venezolaanse leiding, die nog steeds gedomineerd wordt door Chavez-loyalisten. Dat is op voorwaarde dat er aandacht wordt besteed aan hun prioriteiten, met name wat betreft de toegang van Amerikaanse bedrijven tot de energiesector van het land. Trump heeft erop aangedrongen dat Rodríguez “volledige toegang” moet verlenen tot de petroleuminfrastructuur en andere faciliteiten die reconstructie behoeven. De precieze details van een mogelijke overeenkomst blijven echter onduidelijk, evenals de toekomst van de Venezolaanse oppositie, die had verwacht een centrale rol te spelen na de val van Maduro.
Gedurende haar carrière heeft Rodríguez verschillende ministersposten bekleed op het gebied van economisch beleid, diplomatieke betrekkingen en energie. In deze periode heeft ze relaties opgebouwd met Amerikaanse topfunctionarissen die actief zijn in olie-investeringen en financiële dienstverlening. Rodríguez is niet strafrechtelijk vervolgd door de Amerikaanse autoriteiten, wat haar onderscheidt van veel andere figuren in de regering van Maduro.
Vermeldenswaard is wel dat Washington haar tijdens Trumps eerste ambtstermijn sancties heeft opgelegd vanwege acties die schadelijk werden geacht voor de democratische processen in Venezuela.
De Venezolaanse Grondwet schrijft voor dat er binnen een maand vervroegde verkiezingen moeten worden gehouden als het presidentschap “permanent niet beschikbaar” is. Het Hooggerechtshof heeft echter bepaald dat Maduro’s situatie een “tijdelijke” afwezigheid betreft. Deze classificatie stelt Rodríguez in staat om aanvankelijk 90 dagen te regeren. Het parlement kan vervolgens een verlenging van een half jaar goedkeuren. Opvallend is dat de rechters in hun uitspraak geen melding maakten van deze tijdsbeperkingen.
- Delcy Eloína Rodríguez Gómez is een Venezolaanse advocaat, diplomaat en politica die nu dus waarnemend president van Venezuela is sinds de Amerikaanse ontvoering van Nicolás Maduro op 3 januari. Ze is sinds 2018 ook vicepresident van Venezuela. Rodríguez bekleedde diverse functies tijdens de presidentschappen van Hugo Chávez en Maduro. Ze was minister van Volksmacht voor Communicatie en Informatie van Venezuela van 2013 tot 2014, minister van Buitenlandse Zaken van 2014 tot 2017, voorzitter van de Grondwetgevende Vergadering van Venezuela van 2017 tot 2018 en minister van Petroleum van 2024 tot 2025. Ze is lid van de nationale leiding van de Verenigde Socialistische Partij van Venezuela.
De Europese Unie, de Verenigde Staten en Canada hebben sancties tegen haar ingesteld vanwege vermeende mensenrechtenschendingen en haar rol in de politieke crisis in het land. Haar vicepresidentschap werd tussen 2019 en 2023 omstreden. Ze slaagde erin de Venezolaanse economie te stabiliseren na jaren van crisis en de olieproductie van het land te verhogen, ondanks strengere Amerikaanse sancties.
Het is afwachten hoe het verder met Venezuela en de Venezolaanse politiek zal aflopen.
