Vanaf 1 januari geldt er een verbod van Surinamse visexport naar de VS. Dit betekent dat de export van vis- en visproducten naar de VS compleet stil is komen te liggen. Dit verbod is opgelegd door de Nationale Zeevisserijdienst van de VS(National Marine Fisheries Service) op grond van gebrek aan inadequate maatregelen ter bescherming van zeezoogdieren bij de zeevisserij. In augustus vorig jaar heeft de National Marine Fisheries Service van de VS aan in totaal 46 landen in de wereld exportbeperkingen en verbod op visexport aangekondigd die per 1 januari 2026 ingaan.
Suriname valt onder de categorie landen die gedeeltelijk exportverbod opgelegd heeft gekregen voor specifieke vissoorten. In de praktijk komt het er echter op neer dat de export van Surinaamse vis naar de VS volledig komt stil te liggen, omdat het juist om vissoorten gaat waar de Surinaamse visserij (SK-boten) zich op toelegt, en grotendeels voor export zijn bestemd naar onder andere de VS, EU en andere delen in de wereld. Het gaat om vissoorten als bang-bang, kandratiki, botervis, gillbacka en koepila.
De export van vis- en visproducten van Suriname naar de VS maakt een aanzienlijk deel uit de totale Surinaamse visexport. Die export beloopt jaarlijks een bedrag van gemiddeld rond de USD 10 miljoen (Cijfers UN Comtrade).
Het visexportverbod naar de VS komt bovenop de sanctieporcedures die de Europese Unie (EU) tegen Suriname sinds medio 2024 heeft ingezet vanwege illegale zeevisserij. Suriname wordt door de EU verweten onvoldoende maatregelen te treffen om illegale visserij tegen te gaan. Frans Guyana, als deel van de EU, ondervindt sinds jaar en dag last van illegale vissers die vanuit Suriname de Frans Guyanese wateren betreden om er illegaal vis te vangen.
De EU heeft gedreigd de Surinaamse export van vis naar de EU stop te zetten indien adequate maatregelen tegen illegale visserij uitblijven. Partijen zijn reeds geruime tijd in overleg over de monitoring van genomen maatregelen en nog te nemen maatregelen.
Bezwaar Suriname bij VS
Het ministerie van Landbouw, Veeteelt en Visserij (LVV) is sinds augustus vorig jaar bekend met het aangekondigde exportverbod van vis naar de VS. Ze heeft gepoogd eerder bezwaar aan te tekenen tegen de aangekondigde maatregel van een exportverbod, maar volgens de geldende procedures van de Amerikaanse Visserijdienst kan ze dat pas doen nadat de maatregel per 1 januari 2026 is ingegaan.
LVV geeft aan dat er enkele strengere voorwaarden zijn toegevoegd bij de verstrekking van nieuwe visvergunningen. Een van de maatregelen is dat drijfnetten die gebruikt worden bij het vissen een bepaalde maximale lengte mogen hebben. Indien per ongeluk toch een bedreigd zeezoogdier, zoals zeeschildpadden. dolfijnen, walvissen en haaien, worden gevangen, dient men deze bij terugkeer aan land meteen te rapporteren.
In de nieuwe visvergunningsvoorwaarden staan in de bijlagen ook aangegeven de handelingen die vissers moeten plegen om te voorkomen dat zeezoogdieren in de visnetten verstrikt raken. De Amerikaanse Zeevisserijdienst zal het bezwaarschrift van Suriname behandelen, en de hand van haar bevinden zal besloten worden over het al dan niet opheffen van het visexportverbod.
Verlenging geldigheid visvergunningen
Ondertussen heeft het directoraat Visserij van LVV bekendgemaakt, dat in afwachting op de afhandelingen van visvergunningen voor het jaar 2026, de oude visvergunningen van 2025 nog tot 1 maart geldig zijn. Dit geldt niet voor visvergunningen die zijn ingetrokken wegens overtreding van de vergunningsvoorwaarden.
Vanaf 1 maart 2026 is het ten strengste verboden uit te varen met visservaartuigen (SK-boten) die niet beschikken over een geldige visvergunning, benadrukt LVV. Ze doet een beroep op visvergunninghouders om tijdig te voldoen aan de gestelde verguningsvoorwaarden ter voorkoming van stagnatie in de uitvoering van visserijactviteiten.
Visserscollectief bezorgd
Het Visserscollectief, de belangenorganisatie die zich inzet voor de bescherming en bevordering van de Surinaamse vissector, heeft desgevraagd tegen Dagblad Suriname opnieuw zijn bezorgdheid geuit over de uitdagingen waarmee de sector mee geconfronteerd wordt. Los van de andere problemen in de visserijsector,, waaronder de inputs voorziening en hoge productiekosten, is het voor het Visserscollectief absolute topprioriteit om het exportverbod naar de VS en de sanctieprocures van de EU opgeheven te krijgen.
Mark Lall, secretaris van het Visserscollectief, zegt dat de sector met de regering mee wil werken aan een oplossing voor de meest urgente kwestie de sector rakende. Het Visserscollectief heeft ook oplossingsmodellen aangedragen tijdens een onderhoud met president Simons in augustus vorig jaar. De president gaf toen aan de knelpunten mee te nemen naar haar ministersteam, waarna deze samen met de minister van LVV zouden worden uitgewerkt.
Nu, vijf maanden later, zegt Lall dat het Visserscollectief nog steeds niet is uitgenodigd door de minister van LVV voor een onderhoud om te praten over het beleid rond de visserijsector. Hij hoopt spoedig dat het Visserscollectief heel spoedig rond de tafel kan zitten met LVV-minister Noersalim.
