Door de geschiedenis heen keert 28 december terug als rampendatum. In 2025 werd ook Commewijne onderdeel daarvan.
De wereldgeschiedenis kent data die zwaarder beladen raken dan andere. 28 december behoort tot die zeldzame dagen waarop rampspoed zich steeds opnieuw lijkt te herhalen.
In 1908 werd Zuid-Italië verwoest door de Messina-aardbeving en tsunami, waarbij hele steden instortten en tienduizenden mensen omkwamen. Het was een van Europa’s dodelijkste natuurrampen en liet een blijvend litteken achter in Italië.
Ook technische vooruitgang bood geen bescherming. In 1879 stortte in Schotland de Tay Bridge in tijdens een storm, terwijl een trein de brug overstak. Decennia later, op dezelfde datum, zouden luchtvaartongevallen de wereld opnieuw confronteren met plotseling verlies: in 1978 bij United Airlines Flight 173 in de Verenigde Staten en in 2014 bij AirAsia Flight 8501, waarbij alle inzittenden omkwamen boven zee.
Niet alleen natuur en techniek maken 28 december tot een zware datum. In 2019 werd Mogadishu getroffen door een verwoestende vrachtwagenbom, die tientallen levens eiste en een samenleving opnieuw in rouw dompelde. In 2014 brak brand uit op de veerboot Norman Atlantic, waar passagiers urenlang vochten om te overleven op open zee.
Op 28 december 2025 kreeg deze wereldwijde geschiedenis een pijnlijke lokale betekenis in Commewijne. Een ongekend drama schokte het district en maakte duidelijk dat rampen niet altijd grootschalig of internationaal hoeven te zijn om verwoestend te zijn. Net als elders bleef ongeloof achter, gevolgd door vragen die geen eenvoudig antwoord kennen.
Rampen verbinden plaatsen die geografisch ver van elkaar liggen, maar emotioneel dichtbij komen. Vanaf Messina tot Mogadishu, en nu ook Commewijne, toont 28 december hoe kwetsbaar samenlevingen zijn. Niet de datum zelf is fataal, maar wat zij onthult: hoe dun de scheidslijn is tussen het alledaagse en onherstelbaar verlies.
