SURINAME MOET KIEZEN: VS OF CHINA – NEUTRALITEIT NIET LANGER EEN OPTIE

President Simons staat voor cruciale buitenlandse beleidskeuze

De regering van president Jenny Simons zal zich binnenkort moeten uitspreken over een van de meest gevoelige kwesties van dit moment: de internationale koers van Suriname. Volgens diplomatieke bronnen is de boodschap uit Washington glashelder: Suriname moet kiezen. Tussen de Verenigde Staten en China is geen middenweg meer mogelijk.

De regering-Santokhi voerde een uitgesproken pro-Westers beleid, met nauwe banden met de VS en instellingen als het IMF, Internationaal Monetair Fonds. Maar onder president Joe Biden – en nog scherper onder een hernieuwd Trump-mandaat – is het Amerikaanse buitenlandse beleid steeds assertiever geworden. “Je bent met ons, of je bent tegen ons,” is de impliciete boodschap van Washington aan Latijns-Amerikaanse landen, inclusief Suriname.

De VS beschouwt het westelijk halfrond als haar strategische achtertuin, waarin Chinese invloed als onaanvaardbaar wordt gezien. Maar Beijing is al diep verankerd in de regio. Chinese staatsbedrijven zoals China Merchants Port en COSCO Shipping controleren of participeren in meer dan 30 havens in Latijns-Amerika en het Caribisch gebied – waaronder ook landen als Jamaica, de Bahama’s, de Dominicaanse Republiek en zelfs Mexico.

Deze havens zijn niet zomaar economische knooppunten. Kingston (Jamaica), Freeport (Bahama’s) en Manzanillo (Mexico) zijn van strategisch belang vanwege hun ligging nabij Amerikaanse handelsroutes, militaire bases en inlichtingennetwerken. Onder het mom van handelsontwikkeling – vaak via het Belt and Road Initiative – versterkt China haar positie in deze regio’s. Experts spreken van een vorm van civiel-militaire integratie: infrastructuur voor commerciële doeleinden, maar met potentieel defensief of spionagegebruik.

Voor Washington is dit een rode lijn. De VS vreest dat Chinese haveninfrastructuur in crisistijd gebruikt kan worden voor passieve surveillance van Amerikaanse operaties, of zelfs voor offensieve doeleinden zoals raketinstallaties of signaalinlichtingen.

Voor Suriname betekent dit: kiezen tussen twee grootmachten. Neutraliteit of pragmatisch balanceren – een houding die lang houdbaar leek – staat onder druk. Als Simons vasthoudt aan onafhankelijk beleid, kan dat economische voordelen opleveren via Chinese investeringen. Maar kiezen voor Washington garandeert strategische bescherming en toegang tot westerse markten en hulpstructuren.

De keuze zal Suriname’s positie op het wereldtoneel voor jaren bepalen – en het binnenlandse debat over soevereiniteit, veiligheid en economische ontwikkeling onvermijdelijk op scherp zetten.

error: Kopiëren mag niet!