Het is straks 146 jaar geleden dat de nazaten van de
Afrikanen in Suriname weer geconfronteerd worden met een
geschiedenis vol doornige struiken. Een geschiedenis die
alleen maar ellende gezaaid heeft, met als gevolg
verdeeldheid en verlies van de Afrikaanse waardigheid.
Deze geschiedenis leert de nazaat dat anderen 146 jaar
geleden zeer genereus voor hen waren, door hen de vrijheid
te schenken, waar ze als mens niet over beschikten. Een
vrijheid die hen nota bene verbood om zichzelf te zijn, om
Afrikaans te zijn; een vrijheid die hen in groepen opdeelde
en leerde dat de eigen spirituele opvattingen satanische
uitingen waren. Met het mes op de keel gedrukt, raakte het
gros van de nazaten bezeten door de doctrine van de toen
door de koloniale overheid gedragen westerse
geloofsopvatting. Deze bezetenheid liet hen heilig ervan
overtuigd zijn, dat de waarde van hun spiritueel verleden en
afkomst een donkere bladzijde was in hun leven en dat deze
met verve moest worden bestreden, met de uitbanning van het
Afrikanisme als gevolg. Zelfs het Sranantongo, dat een
binding heeft met dit slavenverleden, werd na de afschaffing
van de slavernij bij veelvuldig gebruik als vernegerd
bestempeld. Tot nog toe wordt deze koloniale doctrine
gehandhaafd om gelovige aanhangers te boeien niet voor Winti
als geloofsopvatting te kiezen en wordt getracht het
negatieve hiermede in stand te houden.
Vandaar dat Stichting Tata Kwasi ku Tata Tinsensi deemoedig
terugblikt naar dit verleden en de ellende, waar de nazaten
nog steeds met lichaam en ziel in gevangen zitten, door de
overbrenging van het geloof in Anana tracht uit te bannen.
De stichting blikt deemoedig terug, als blijkt dat vooral
nazaten die hoge publieke functies vervullen, de oude
koloniale band rond Winti niet proberen te verbreken om bij
beëdigingen, heugelijke feiten van publieke organen waarin
zij vertegenwoordigd zijn, bij inauguraties of publieke
feestvergaderingen de wintigeloofsopvatting er bij te
betrekken. Een wintigeestelijke, een bonuman, wordt niet
expliciet gevraagd om bij die gelegenheden een woord van
bezinning uit te spreken, terwijl de andere in Suriname
bekende geloofsopvattingen in combinatie wel daartoe worden
uitgenodigd. Het is alsof deze nazaten bang zijn om een lans
te breken door in het openbaar hun voorkeur uit te spreken
voor een bonuman, die hen de zegen van Anana kan meegeven om
hun leven in bezinning te overdenken.
Tata Kwasi ku Tata Tinsensi is er heilig van overtuigd dat
Winti kan helpen om de verdeeldheid die heerst en de
geestelijke beknelling, die maakt dat nazaten soms
onverbiddelijk tegenover elkaar staan, elkaar in
saamhorigheid kunnen vinden en hen tot een hechte groep kan
smeden om samen verder te groeien. Het geloof in de kracht
van Anana moet hen kracht geven door te zetten om succesvol
te overleven, om verplichtingen niet te verzaken en om op te
komen voor de rechten die ze hebben.
Het geloof in Anana moet het
leven een juiste duw geven in de goede richting, zodat er
een sterke opwaartse groei te bespeuren valt. Een groei waar
de natie Suriname flink baat bij heeft. Het geloof in Anana
kan de nazaten de kracht geven om dat wat door het
slavenverleden scheefgegroeid is, om de wonden die een wig
tussen en in hen geslagen heeft, te herstellen en te helen.
De stichting zal vechten voor een betere maatschappelijke
bejegening van Winti, die cruciaal is geweest voor het
hervinden van de vrijheid 146 jaar geleden en het herwinnen
van de rechten van de nazaten om als mens in vrijheid een
menswaardig bestaan te kennen.
Dat Anana Suriname bijstaat in het levensbeschouwelijke,
waarbij Surinamers oprecht met elkaar samenleven en dit land
samen kunnen opbouwen en internationaal gezamenlijk naar
grotere hoogten kunnen stuwen.
Stichting Tata Kwasi ku Tata Tinsensi
dhr. J.A. Zaalman
(Voorzitter)
Reflecties over
woensdag 1 juli 1863
Het vorig jaar had ik beloofd om dit jaar rond de herdenking
van opheffing van de slavernij een brochure uit te geven
waarin enkele redevoeringen, gehouden bij de “openbare
behandeling van de wet tot opheffing van de slavernij in de
Tweede Kamer in juni 1862”, zouden worden verwerkt. Helaas
moet ik uw geduld vanwege allerlei omstandigheden nog voor
een korte tijd op de proef stellen. Evenwel moet ik me ook
haasten om U toch enigszins tegemoet te komen, met te zeggen
dat wat eenmaal in het historisch vat is, niet verzuurt.
Betreffende mijn belofte, bied ik U een interessante
discussie aan tussen de Tweede Kamervoorzitter en het lid
Westerhoff.
Bij het doorlezen van dit stuk was ik meer dan voorheen
overtuigd dat de opheffing van de slavernij van toen primair
bedoeld was om de belangen van Nederland veilig te stellen.
Ook die zogenaamde periode van het Staatstoezicht, was ruim
gewikkeld in de Nederlandse driekleur. Hoe valt het te
rijmen, dat alleen slaveneigenaren in aanmerking kwamen voor
een vrij groot bedrag in de vorm van schadevergoeding,
terwijl de tot slaaf gemaakte mensen met “soso anoe” de
maatschappij ingejaagd werden. Een schoolvoorbeeld van
behartiging van het Nederlandse belang komt duidelijk tot
uiting, wanneer opeenvolgende gouverneurs en de
aan-het-woord-geweest-zijnde Kamerleden, zich verzetten
tegen verlening van houtconcessies aan allerlei figuren,
omdat het Surinaamse hout tot de beste kwaliteit van de
wereld behoort en uitermate geschikt is voor de aanleg van
de Nederlandse spoorwegen. Let wel, eigen belang, zelfs
schaamteloos, ten voeten uit. Na deze summiere inleiding,
voer ik U in de geest mee naar het gebouw van de Tweede
Kamer, waar een interessante discussie zich voltrok tussen
de Kamervoorzitter en het lid Westerhoff.
Aan het woord is het lid Westerhoff:
‘Mijnheer de Voorzitter, ik heb het woord gevraagd om over
dit artikel, waarbij gesproken werd over de geneeskundige
verzorging van staatswege van de zogenaamde vrijgemaakte
slaven, die onder staatstoezicht zijn geplaatst, te spreken.
Maar ik heb het woord gevraagd om bij gelegenheid van de
behandeling van dit artikel een verzoek te richten tot de
minister van Koloniën. Met een paar woorden, moet ik het
verzoek, dat ik zo aanstonds aan Zijne Excellentie wens te
doen, teneinde wel begrepen te worden. In de zitting van
deze Kamer van 13 december 1853, heb ik met een woord
gesproken over de geneeskundige dienst in de kolonie
Suriname en mij meer bepaald over de toelating tot de
uitoefening van de genees- en heelkundige praktijken aldaar,
zonder enig examen, bloot bij een Koninklijk Besluit van 21
april 1855 no. 60 genomen op voordracht van de minister van
Koloniën, van zekere A.F. Gravenberch, een neger, vroeger
aan plantage Nieuw Klaarenbeek, behorende en onder de naam
van Winst in de slavenregisters geboekt, doch later
vrijgekocht en onder de naam van Gravenberch bij de
burgerlijke stand ingeschreven, die sedert verscheidene
jaren als ziekenoppasser (dresie Neger) in een der in de
stad Paramaribo gevestigde hospitalen voor slaven, werkzaam
was geweest.
Over de toelating tot de
uitoefening van de genees- en heelkundige praktijk van deze
persoon, die noch lezen, noch schrijven kan en volgens de
verzekering van deskundigen van genees- of heelkunde
hoegenaamd geen begrip heeft, vastgelegd bij Koninklijk
Besluit, genomen op voordracht van de toenmalige minister
van Koloniën en tegen het bij herhaling uitgebracht advies
van Geneeskundig onderzoek en toezicht, heb ik toenmaals
mijn bevreemding te kennen gegeven en tevens omtrent deze
vreemde en ongehoorde geschiedenis, die uitvoerig geboekt
staat in het van Dr. Ali Cohen Repertorium blz. 103 enige
inlichting gevraagd aan de toenmalige minister van
Koloniën.’ Voorzitter intervenieerde: ‘Ik kan niet toestaan,
dat de heer Westerhoff thans een speciaal geval behandelt.
Thans is aan de orde art. 38 over de Geneeskundige Dienst in
Suriname.’
Reactie Westerhoff: ‘Voorzitter, Ik voer dat speciaal geval
alleen tot staving en rechtvaardiging van het verzoek, dat
ik aan de minister wens te doen. Voorzitter, staat dit
speciaal geval dan niet in verband met het artikel? Ja,
mijnheer de voorzitter, Zijne Excellentie de toenmalige
minister van Koloniën, thans ons geacht medelid uit Zwolle
(de heer Myer) verklaarde toen, met de meeste
bereidwilligheid van de door mij besproken toelating van
Gravenberch, het welk onder een vroegere minister van
Koloniën had plaatsgevonden niets te weten en herinnerde
zich niet dat de te dier zake betrekkelijke stukken onder
zijn oog waren gekomen.
Voorzitter: “Ik moet de
heer Westerhoff andermaal opmerkzaam maken dat thans aan de
orde is, art. 38, zodat ik niet kan toestaan, dat hij het
woord voert over een speciaal geval.” Kamerlid Westerhoff:
“Het geval dat ik ter sprake breng, betreft de tegenwoordige
geneeskundige behandeling van de slaven in de kolonie
Suriname en moet strekken om het verzoek, dat ik, met het
oog op de toekomst doen zal, toe te lichten. Ik ben dus niet
buiten de orde.” Voorzitter: “Indien de heer Westerhoff wil
spreken over de Geneeskundige Dienst in de kolonie Suriname,
dan is het woord aan hem.” Westerhoff: ‘Daar spreek ik over,
mijnheer de voorzitter en over niets anders. Zijne
excellentie gaf evenwel de verblijdende verzekering, dat hij
zich die stukken zou laten voorleggen, teneinde te handelen,
zoals zal blijken te behoren (zie bijblad van 1856) vel 126
blz. 153).
Wat van dat onderzoek geworden is, weet ik niet, doch dit
weet ik want ik heb die zaak niet uit het oog verloren, dat
er in die zaak geen verandering is gekomen, dat de
voormalige slaaf met de naam Winst, steeds is blijven
praktiseren als men het namelijk zo mag noemen, ongeacht
talrijke mishandelingen van zieken, aan zijn behandeling
toevertrouwd, niet door een enkel geval, maar door zes
verschillende genees- en heelkundigen.’
‘Voorzitter, ik mag de spreker niet vergunnen op deze wijze
door te gaan. Wanneer hij wil spreken over de geneeskundige
dienst, dan is woord aan de heer Westerhoff, maar niet om te
spreken over een speciaal geval, indien ik de spreker toesta
voort te gaan, ik zou vrezen dat de Kamer oordelen zou, dat
hij buiten de orde is.’ Westerhoff: “Ik ben niet buiten de
orde, ik spreek over de geneeskundige behandeling die de
vrijgemaakte slaven, wellicht zullen ondergaan en daarover
handelt art. 38, dat thans aan de orde is. Voorzitter, het
zou mij leed doen, indien ik de vergadering raadpleeg of de
spreker al dan niet buiten de orde is.” Westerhoff: “Het is
onnodig, mijnheer de Voorzitter, dat gij de vergadering
raadpleegt, dat verlang ik niet, want, ik zal van het woord
afzien, om niet voor de vierde maal wellicht in mijn
discussie geïnterrumpeerd te worden.’ Einde discussie
voorzitter en kamerlid Westerhoff.
Noot schrijver.
Gravenbergstraat in Paramaribo is vernoemd naar de vroegere
slaaf Winst, wiens meester Gravenhorst heette. De
voornaamste bezwaren van de blanke medici tegen Gravenberch
waren zijn analfabetisme en het niet beheersen van de
Nederlandse taal, terwijl hij ook verweten werd, dat hij de
theorie van de medische praktijk niet kende. De in deze
bijdrage genoemde minister Myer van Buitenlandse Zaken
benoemde zichzelf later in die positie tot Gouverneur
–Generaal van Oost-Indier.
Gelijk de bekende Nederlandse uitdrukking: Wie het kruis
draagt, die zegent zichzelve het eerst …………….
E.Wijntuin
Het gezicht op aarde
Het blijkt dat de mensheid thans steeds meer te kampen
krijgt met tegenslagen. De verstoring van het leven van de
mens neemt steeds meer toe. Het wordt telkens weer
geteisterd door besmettelijke, ongeneeslijke en of dodelijke
ziekten. Ook de berichten over allerlei natuurrampen die
sommige landstreken totaal verdelgen en het leven van mens
en dier opeisen. Vele duizenden mensen worden gedwongen hun
woonplaats te verlaten vanwege rampzalige gevolgen die
meestal door de mens zelf worden geschapen. Deze
gebeurtenissen zijn het nadenken waard. Wanneer wij echter
het mannelijke en het vrouwelijke met hun eigen organen in
ogenschouw nemen, wordt daarbij de conclusie getrokken dat
dit een ontwerp moet zijn van een
Opperwezen dat een bepaald
plan voor ogen had met de mensheid. Volgens het oude
testament heeft de Here God mensen naar zijn beeld en
gelijkenis geschapen. Om hen dan naar zijn wil te kunnen
richten, heeft Hij wetten en voorschriften ingesteld. Hij
zegt daarbij dat wie naar Mij luistert, zal geen honger
lijden en ook geen ziekte kennen. Mijn engel laat Ik voor u
uitgaan. Velen geloven in de leerstelling die aangeeft dat
alleen door intensief te bidden men tot de Here God kan
behoren en ook van ellende kan worden verlost. Dit is
natuurlijk niet in overeenstemming met wat de schepper zelf
zegt, namelijk om naar Hem te luisteren. Dat de Here God de
mens naar zijn wil wenst te richten, is eigenlijk te
vergelijken met de wijze van opvoeding van kinderen door hun
ouders.
Een ideale relatie tussen
ouders en hun kinderen vloeit voornamelijk voort uit de
wijze van bejegening van partijen naar elkaar toe. Ouders
beseffen ten volle dat zij aansprakelijk zijn voor het wel
en wee van hun minderjarige kinderen in huis. Indien zij het
beste voor ogen hebben voor de kinderen, vooral met
betrekking tot hun toekomstperspectieven zullen zij alles in
het werk stellen om te voorkomen dat die kinderen in de
toekomst een wanordelijk leven gaan leiden. De ouders zullen
daarom genoodzaakt zijn regels voor hen vast te stellen,
waaraan zij zich zullen moeten houden. Ouders zeggen daarom
ook steeds aan hun kinderen dat zij naar hen moeten
luisteren en tevens dat zij moeten doen wat zij aan hen
zeggen. Indien er aan deze noodzakelijke vorm wordt voldaan,
zal er een ideale relatie ontstaan tussen de ouders en de
kinderen.
En dit is wat de schepper van
hemel en aarde beoogde met de mens die Hij naar zijn beeld
en gelijkenis heeft geschapen. De aarde treurt, verwelkt, de
wereld kwijnt weg, evenzo de hoogsten van het volk des
lands, want de aarde is ontwijd door haar bewoners. Zij
hebben de wetten overtreden, de voorschriften ontdoken, het
eeuwig verbond verbroken. Daarom verslindt een vloek de
aarde en moeten haar bewoners boeten, daarom worden de
bewoners der aarde door een gloed verteerd en blijven er
weinig stervelingen over. (zie Jesaja 2-1-1) Er blijken
bouwwerken te zijn ontdekt op de bodem van de zee die
vermoedelijk uit de periode van Noach dateren. Deze
belangrijke ontdekking geeft natuurlijk aanleiding te mogen
aannemen dat waarschijnlijk veel meer uit de geschiedenis
van het oude testament zich zal openbaren.
Wanneer echter de tekst van
Jesaja in verband wordt gebracht met de verstoring en het
geteister van het leven van de mensheid is dan allicht de
vraag die daarbij moet worden gesteld of er wel een ideale
relatie bestaat tussen de schepper en de mens op aarde.
Indien de mens godvrezend was, zou zij meer liefde voor hun
naasten aan de dag leggen. Ook zou een vader zijn eigen
dochter niet begeren enz. De Here God heeft aan een van zijn
profeten aan wie Hij voor tijdelijk de macht van
Goddelijkheid had gegeven, de wetten en voorschriften
gegeven voor de mens. Een ander profeet aan wie Hij ook voor
tijdelijk Goddelijkheid had gegeven, heeft bij zijn komst
aan hen die rondom hem bijeen waren gezegd: “Ik ben niet
gekomen om die wetten te veranderen”.
Edward Marbach
Het politieke
veld in Suriname is diffuus
Met het beruchte gehaal en getrek binnen de SPA om het
voorzitterschap van de partij is het in de politiek
werkelijk gespannen. In feite hadden velen dit schouwspel al
zien aankomen. Het was alleen een kwestie van tijd. In de
politiek speelt de tijd immers in vele gevallen een
belangrijke rol. Wanneer en hoe het zal gebeuren, bepaalt
slechts het moment. Vanaf het begin van deze affaire met de
voorzitter van de SPA was er bij grote delen van de pers een
doodse stilte. Of liever gezegd, zij probeerden de zaak op
de achtergrond te houden. Men zegt: “ joe kang kiebrie joe
granma, ma joe no kang kiebrie eng koso koso”, (je kan je
grootmoeder wel in een kamer verstoppen, maar eens zal zij
zeker moeten hoesten en dan gaat de bom barsten). Indertijd,
bij het geval van Salam Somohardjo in de kwestie van het
miss Suriname contest, stond de radio elke minuut op rood en
werd het volk telkenmale erop geattendeerd, wat een grote
zonde betrokkene had begaan. Het was te begrijpen.
Ook tijdens de kwestie bij de
VHP waren de verslaggevers er als de kippen bij om meer
tekst en uitleg te geven over de verklaringen van de
tegenpartij , want de VHP was toen in de branding. Precies
zo ging het aan toe in de periode van de KTPI; de
beginperiode van het ontstaan van PPRS. De NPS heeft zo ook
zijn portie gehad, er is en scheuring ontstaan. Om dan maar
niet te praten over de perikelen van de NDP en de overloop
van DNP naar de NDP. Jawel, dit is Suriname en de politiek.
We moeten blijven leven en leren en wachten wat ons in de
politiek nog te wachten staat. Op dit moment zitten de
politici gewoon op de loer. Vooral de opportunisten en de
pajong-waaiers. Ze maken van de dag, een nacht.
Oude partijgenoten werden opgezocht en opgehaald en daarna
meegenomen om hun macht en kracht te tonen. Het is te
begrijpen, want de geweldige, grote en mooie beloften van
verleden jaar, uitgesproken op podia, om kiezers achter zich
te krijgen, zijn plotseling weg. Het waren gewoon losse
flodders. Vandaag de dag durven zij die uitspraken niet meer
te herhalen. Weg zijn ze, gewoon weggesmolten als sneeuw in
de zon. Het is hard, maar het is de werkelijkheid. Niemand
praat meer over wie nu president, vicepresident, minister
van Financiën, Governor van de Centrale Bank en ook de
voorzitter van DNA gaat worden. Plotseling zijn die gewilde
kandidaten nergens meer te bespeuren. Iedereen is bang; bang
voor wie? Iedereen zoekt zijn eigen stekkie en zijn eigen
plaats voor 2010. Want wie wil niet, zonder ook maar iets te
hoeven te zeggen in de DNA, maandelijks grof geld ontvangen
en bovendien ook genieten van al die privileges? Allerlei
rookwolken werden door “tjoeliks” gecreëerd om het politieke
klimaat in een waas te omhullen. Namen van politici werden
naar buiten gebracht.
Men moet gaan getuigen met
diverse opgezette fantastische verklaringen van ruim 25 jaar
geleden, met de bedoeling om iedereen het verkeerde pad te
doen volgen. Inderdaad wacht een ieder op de ander en zitten
ze allemaal op de loer, doch met vernieuwingen komen in de
politiek durft niemand. Iedereen wil zo dicht mogelijk
leunen tegen de voorzitter om alzo een riante plaats in 2010
te bemachtigen. Over enkele maanden zal de bom werkelijk
barsten, want zij die in het verleden de moederpartij hebben
verlaten, hoeven in 2010 bij de verdeling van posten niet
meer te dromen en trappelen om een verkiesbare DNA-plaats en
of een ministerspost. “A kaba”, werd al gezegd, dus moeten
zij het nu maar zelf bekijken.
Er is geen weg terug, want
zij zitten al te ver in de diepe put. We hadden al sinds
2005 zien aankomen dat er in 2010 een soort 'scramble
partijtje' gaat ontstaan bij de verdeling van posities. Dit
zal ook het geval zijn bij de nieuwe blokken. Nu al wordt in
de wandelgangen gefluisterd dat het erop lijkt alsof veel
jongeren naar voren zullen worden geschoven en de ouderen op
de achtergrond het geheel moeten monitoren. We zullen zien
als de tijd daar is ( "te wojo e jagi" ). Dat politici nu
allerlei uitspraken hebben gedaan en de vuile was van
partijgenoten en of bondgenoten op straat hebben gegooid, is
bekend. De politiek kent immers geen grenzen. Het gaat in de
politiek nog steeds om eigen belangen. Maar de kiezers van
vandaag zijn ook bewuster en wijzer geworden en ze volgen
bovendien ook de wereldgebeurtenissen in Azië , Afrika en
Europa op de voet. Hun handlangers slapen niet en hun
invloed werkt steeds dieper in op het volk dat ontevreden
is.
Kadi Kartokromo
Een
vermeldenswaardige lezing
Op woensdag 24 juni heeft de staatsrechtsgeleerde mr. dr.
Fernandes Mendes onder auspiciën van de Sociëteit Republiek
Suriname (Sores) een drukbezochte lezing gehouden, getiteld
“Kiezen of delen”. In een helder betoog heeft de geachte
spreker de manco’s in ons kiesstelsel blootgelegd. De
spreker heeft met beeldmateriaal aangetoond dat indien de
verkiezingen van 2005 op basis van algehele evenredige
vertegenwoordiging zouden zijn gehouden de VVV niet vijf,
maar acht zetels in DNA zou hebben behaald en DOE met twee
zetels uit de bus zijn gekomen. Voor het overige zouden er
zich geen noemenswaardige verschuivingen hebben voorgedaan,
behalve dan dat de NDP twee zetels minder zou hebben
behaald. Hieruit trek ik de conclusie dat een van de
belangrijkste argumenten voor wijziging van ons kiesstelsel
de ongelijkwaardige stem van de kiezer is, het
ongelijkwaardige stemgewicht zoals de heer Fernandes Mendes
het noemt. Een rechtvaardig en evenwichtig kiesstelsel moet
naar mijn mening het gelijkwaardigheidbeginsel nastreven,
d.w.z. dat zoveel mogelijk de stem van elke kiezer hetzelfde
gewicht in de schaal moet leggen c.q. dezelfde waarde moet
hebben. (zie het artikel “Waarachtige democratie” in de Ware
Tijd van 30 maart 2009)
In voornoemd artikel zijn helaas enkele storende drukfouten
geslopen. In de zesde alinea staat: “Een van de voorwaarden
is dat de propaganda eerlijk moet zijn, ware van leugens en
misleiding”. Het woordje ware moet uiteraard wars (afkering)
zijn. Bij de tweede stelling staat in de elfde alinea: “De
leden van de Nationale Assemblee, coalitie en oppositie
hebben nu een unieke gelegenheid de kiezers te tonen dat zij
ware democraten zijn, door zo spoedig mogelijk het huidige
ondemocratische kiesstelsel af te schaffen en daarvoor in de
plaats het landelijk evenredigheidsstelsel in te voeren, met
als eventuele bijkomstigheid, maar niet onbelangrijk,
resultaat dat o.a. het intellectueel niveau van ons hoogste
staatsorgaan wordt verbeterd. I.p.v. het woord
bijkomstigheid moet gelezen worden bijkomstig. Overigens
deel ik de mening van de heer Fernandes Mendes dat wij in
Suriname geen presidentieel stelsel hebben. Tot slot wil ik
mijn waardering uitspreken voor de organisatoren van deze
lezing, de Sores, de Weledelzeergeleerde heer H. Fernandes
Mendes voor zijn wetenschappelijk onderbouwde lezing en last
but not least voor zijn gastvrijheid, de heer mr. Bas Ahmad
Ali.
A. Samson
Leidt een vegetarische voeding tot voedingstekorten?
Vegetariërs weren afhankelijk van hun overtuiging, vlees,
vis, eieren en melk uit hun voeding. Dit betekent
onvermijdelijk dat zij rijke bronnen aan hoogwaardige
eiwitten, ijzer, vitamine B12 en calcium schrappen uit het
voedingsaanbod. Toch komen welvaartziekten bij hen minder
voor. Dat komt omdat zij genotproducten als koffie, thee en
alcohol matigen; dankzij voldoende dagelijkse fysieke
activiteit, zullen de micronutriënten beter worden
opgenomen. Hun voeding is rijk aan planten die voorzien in
voldoende koolhydraten en vezels: soja, graanproducten,
peulvruchten, noten, zaden, aardappelen, bio en lokaal
geteelde seizoensgroenten en -fruit behoren tot het
basisvoedsel van vegetariërs.
Deze voeding is vezelrijk
waardoor ze kunnen beschikken over een gezonde darmflora.
Vlees wordt vervangen door graanproducten. Soja is een
volwaardige eiwitbron maar granen hebben als limiterend
aminozuur lysine, peulvruchten methionine. Door eiwitten
juist te combineren, is het mogelijk vlees te vervangen en
te komen tot volwaardige eiwitcombinaties met alle
essentiële aminozuren in voldoende hoge concentratie. Omdat
hun eiwitbronnen uit planten worden geleverd, zijn ze
tegelijk vezelrijk en voorkomen ze de vorming van
schadelijke afbraakproducten zoals bij het eten van vlees.
Door geen vlees te eten, zal de inname van verzadigde vetten
lager liggen in vergelijking met niet vegetariërs. Maar door
de hoge aanvoer van plantaardige voedingsbronnen, zal de
aanvoer van linolzuur erg hoog zijn en kan er een tekort
ontstaan aan Omega 3 vetzuren (met name aan EPA/DHA uit
visoliën) indien een onjuiste voedingskeuze wordt gemaakt.
Het is dus erg belangrijk te letten op een evenwichtige
aanbreng tussen linolzuur en linoleenzuur.
Dit kan dankzij inname van
noten en hun ongeraffineerde oliën uit soja, walnoten,
tarwekiemen, maïs, raapzaad, lijnzaad, olijven. De oliën
mogen evenwel niet verhit worden. Bij semi-vegetariërs die
hun DHA uit inname van vette vis of kippe-ei kunnen halen,
zal het makkelijk zijn om tot een goede verhouding
linolzuur/linoleenzuur te komen. De opname van ijzer,
alhoewel rijk aanwezig in peulvruchten en granen, gebeurt
niet zo efficiënt als bij vlees. Dit hoeft geen probleem te
zijn indien een vitamine C bron wordt gecombineerd met de
ijzerbron, dit wil zeggen dat vers fruit eten of vers
geperst fruitsap drinken bij de maaltijd ijzertekort
voorkomt.
Sommige groenten (brocoli, kolen, spinazie, tuin- en
waterkers), kruiden (bieslook), noten, zaden en bessen
voorzien in goed opneembare calciumbronnen, alhoewel de
calcium concentratie in deze planten veel lager is dan in
zuivelproducten en de aanbevolen calcium-inname zelden wordt
bereikt. Toch hebben vegetariërs een goede botstructuur.
Calcium uit plantaardige bronnen wordt namelijk beter
opgenomen door het organisme. Een eiwitrijke voeding, op
basis van vers vlees en bereide vleeswaren, is niet enkel
fosforrijk, het zal de calcium opname ook belemmeren. Indien
de voedingsopname bestaat uit basisplanten en niet uit
geraffineerde voeding zal er minder verlies aan calcium zijn
maar wordt er in de plaats daarvan meer opgenomen. Vitamine
D zorgt samen met calcium tot sterke botten. Vitamine D vind
je in de basisvetten, ongeraffineerde olie, noten, vette
vis, hoeveboter. Niet al dit basisvoedsel wordt gegeten door
vegetariërs. Toch zijn er geen tekorten omdat vitamine D ook
door de huid wordt aangemaakt, dankzij voldoende
blootstelling aan de zon.
Het is slechts de inname van
vitamine B12 (aanwezig in vlees, vis en zuivel) die té laag
is bij alle groepen van vegetariërs (ook zij die eieren en
zuivelproducten eten). Deze vitamine is ondermeer belangrijk
voor de werking van het centrale zenuwstelsel. Tekorten
kunnen zenuw-afwijkingen en bloedarmoede veroorzaken;
vandaar dat wordt aangeraden om deze vitamine via
supplementen in te nemen; dit is ook het geval bij
zuigelingen én ouderen bij wie de opname van vitamine B12
daalt. Mits men een evenwichtige en volwaardige basisvoeding
die voldoende energie levert in acht neemt en met toediening
van vitamine B12 supplement kan een vegetarische voeding
perfect alle essentiële voedingstoffen aanbrengen en dit
zowel bij zuigelingen, kinderen, adolescenten, volwassenen,
sporters (letten op voldoende energietoevoer zeker ook bij
adolescente sporters) en ouderen en zo bijdragen tot een
langer en gezond leven.
HUISELIJK GEWELD, EEN
DUIVELSPRAKTIJK
Huiselijk geweld is niet een op zichzelf staand probleem.
Het is maar één van de gevolgen van andere, abominabele,
verfoeilijke, praktijken. Excessief, overmatig alcohol- en
drugsgebruik, het door gokverslaving of door het eropna
houden van buitenvrouwen, wegdragen van huishoudgeld, alsook
het zich zonder kennis inlaten in de wereld van (boze)
geesten onder de noemer van cultuurbeleving. In de
bestrijding van huiselijk geweld moeten we eerst maar eens
naar déze zaken gaan kijken; voorlichting geven, dit
ontmoedigen en in sommige gevallen strafbaar stellen, anders
vervallen we in symptoombestrijding: bestrijding van het
verschijnsel, wat zeer weinig resultaat oplevert. Hoge
straffen bij huiselijk geweld alléén zullen niet helpen. De
oorzaken liggen dieper.
Alvorens we verder gaan, wil
ik een allesomvattende definitie proberen te geven voor
huiselijk geweld: geweld met fysieke of verbale kracht,
welke binnen de sfeer van echtparen, ouders, kinderen,
families en verzorgers in een vertrouwde of bekende
omgeving, thuis, tehuis, opvanghuis, plaatsvindt, met een al
dan niet een structureel karakter, beïnvloed door aangeboren
afwijkingen, verkeerde opvoeding, alsook en vooral,
ophitsende boze geesten.
Dit laatste wordt onderschat. De gevolgen zijn er voor
lichaam en geest, soms zelfs traumatische aandoeningen. Wat
ik in dit stuk wil benadrukken, is de oorzaak welke komt
vanuit die onzichtbare duivelse, demonische hoek van
ophitsers en aanzetters, die een heel andere benadering c.q.
behandeling kent en zelfs om een heel nieuwe levensstijl
vraagt.
Alcohol- en drugsgebruik zijn wortels van kwaad en zondige
praktijken.
Zich bemoeien met de wereld
van de geesten is ons niet voorgeschreven door onze Lieve
Heer en zeker niet hen raadplegen, aanbidden, zich voor hen
openstellen en in trance raken. Dit zijn bronnen van het
kwaad; met gewelddadigheid en seksuele drang als
uitvloeisels, wat resulteert in schade aan gezin en
samenleving. Vanuit mijn studie en religieuze praktijk ken
ik gevallen die deze oorzaken duidelijk aangeven. Boosheid
nodigt het kwaad uit en dat staat vast. Engelen zijn bij de
zichzelf beheersende gelovige, maar die vertrekken terstond
wanneer hij boos begint te worden. En hun plaats wordt
ingenomen door ophitsende duivels. Profeet Muhammad, moge
zegen en vrede van Allah met hem zijn, gaf driemaal op rij
het advies ‘Wordt niet boos’, als waarschuwing aan
gelovigen. Een persoon die na alcohol of drugsgebruik zijn
vrouw of man onheus bejegent, of terroriseert, heeft als
boosdoener de alcohol- of drugsconsumptie.
Hij of zij vertoont een
woede-uitbarsting of onzedelijk gedrag, maar de bron is
Satan, de Verdorvene. En wie lichtvaardig hierover denkt,
zal dweilen met de kraan open. In beschonken, dronken
toestand, staat de deur wagenwijd open voor deze kwade
indringer. En degene die stopt met alcohol- of
drugsconsumptie, zal drastisch zijn zedelijk peil zien
stijgen. Jaloezie, onbeheersbare lustgevoelens, die tot
geweld en perversie kunnen leiden, hebben dezelfde bron als
oorzaak. De mens is perfect geschapen en moet zijn
natuurlijke aanleg volgen, anders gaat alles mis; vroeg of
laat. Er zijn minstens drie zaken die wij moeten kennen: 1.
De Duivel komt altijd in het echtelijke leven chaos creëren
om banden te ontbinden. 2. De Duivel gebruikt mens en geest
voor boze influisteringen,om de mens af te houden van het
aanbidden van zijn Heer, om ongehoorzaam aan Hem te zijn en
om hem te halen uit zijn natuurlijke, goede geaardheid.
Dat heeft Iblies, Satan,
gedaan met onze stamvader Adam en dat doet hij nu met zijn
nakomelingen en dat zijn wij. Valse aanbiddingen, perversie,
geweld en echtscheidingen, ziektes, kwellingen, doodslag;
dat zijn z’n werkgebieden. 3. De mens zoekt zelf contact met
boze geesten en is bereid daarvoor te betalen. In het
echtelijke leven moet men ervan doordrongen zijn dat alleen
de Enige God, Heer en Schepper, bij alles hulp kan bieden,
onder voorwaarde dat Hij alléén wordt aanbeden. Ook de vrome
mensen hebben te verduren, maar kunnen aanvallen van Satan
afslaan door Gods Hulp in te roepen; zij zijn geduldig en
wachten tot hun Heer het kwaad of de beproeving van hen
wegneemt. Wanneer een man naar zijn vrouw verlangt, en laten
wij ons in dit voorbeeld beperken tot gehuwden, ofschoon
niet-gehuwden dit verschijnsel ook ervaren, zal ze tot hem
komen.
Doet ze dat niet -zonder
geldig reden– dan is een fundamenteel recht van de
man/echtgenoot aangetast. En dit is de basis voor conflict.
Wanneer man en vrouw godvrezend zijn, dan kennen ze beiden
de goddelijke wetgeving op dit punt en horen ernaar te
leven. De mensen die onverschillig in geloofszaken zijn,
vertrouwen op traditie en cultuur. En denken zo hun recht te
halen. Dan komt er ook nog bij het gendergelijkheidsdenken
van vele vrouwen, die een totaal andere oriëntatie kent en
alleen maar de problemen doen toenemen. Kortom, duivelse
influisteringen zorgen ervoor dat de vrouw opstandig wordt,
vaak zonder noemenswaardige aanleiding en dat bevreemdt de
man. De godvrezende man zoekt naar dialoog, hij negeert,
omzeilt of verdraagt geduldig de beproeving. Hij roept in
zijn gedachten de hulp van zijn Heer in en wacht op het
resultaat, zoals eerder vermeld. Anders is het bij de
seksueel actieve man die niet de weg omhoog zoekt of vergeet
te zoeken en meteen zijn rechten claimt vanuit haar
onderhoud waarin hij voorziet; traditie of cultuur ook al
vermeld.
Hij was de makkelijkste prooi
voor kwade influisteringen en ophitsingen. Verbaal geweld
ontaardt in fysiek geweld, met soms ook nog dodelijke
gevolgen. Een scheiding wordt vaak onvermijdelijk wanneer
zaken structureel worden en een scheiding kent alleen
verliezers; ook de samenleving verliest een steunpilaar. De
man wilde slechts zijn legale lusten op zijn echtgenote
bevredigen waarin zij mogelijk ook bevrediging vond. Of soms
zijn gezag doen gelden en in weer andere gevallen, niet
bereid zijn te praten. Resultaat is dan scheiding,
eenzaamheid, jarenlange alimentatieplicht. Wie in dit land
iemand middels duistere praktijken behekst, opzadelt met een
bakru, jorka, of andere kwellingen, tot de dood erop volgt,
wordt niet vervolgd. Mij werd door een gedupeerde verteld,
dat, nadat zijn eigen zus, via demonische vaardigheden, hem
naar de andere wereld wilde helpen, hij aangifte deed met
het overtuigende bewijs van zichtbare attributen voor zijn
huis. De politieman, onverschrokken, zei dat hij de aangifte
niet kon opnemen omdat er geen wetsartikel voor bestaat.
Waarna deze man op zijn beurt met tegenzin alternatieve hulp
zocht.
Deze groep mensen, die
willens en wetens het kwaad opzoeken om hun problemen op te
lossen en niet hun Heer, moeten weten dat het een zondige
praktijk is. Hoe kan men zijn eigen lichaam openstellen om
in trance te raken om vervolgens mensonwaardige perverse
handelingen te verrichten als aap, slang of paard; door
omstanders te worden verheerlijkt, zelfs de televisie maakt
er melding van onder de noemer van religie en cultuur.
Terwijl je de kroon van de schepping bent? In de Heilige
Quraan staat: ‘O mens, wat heeft jou weggeleid van jou Heer,
de Edele? Degene Die jou geschapen heeft en daarna
vervolmaakte en de juiste verhoudingen gaf?’ (82:6-7) En:
Voorwaar, degene die haar (zijn ziel) zuivert zal welslagen.
En waarlijk verliest degene die haar (de ziel) bederft.
(91:9-10) Het is vooral binnen deze families dat de
gruwelijkste en meest mensonterende praktijken zich
afspelen, van peuter tot opa. En wie wil mag dit
tegenspreken.
Seksuele perversie en geweld.
Satan heeft daar zijn tehuis. Satan, de Verdorvene, streeft
naar niets anders dan de schepping van God/Allah te
bederven. En degenen die in zijn valkuilen terecht zijn
gekomen, waarna hij hun natuurlijke goede aanleg en
geaardheid heeft veranderd tot verdorvenheid, moeten weten
dat er nog steeds redding is om terug te keren, hulp te
zoeken en berouw te tonen aan hun Heer. Er is altijd
redding. Tref maatregelen tegen alle soorten vormen van
huiselijk geweld en begin met het leiden van een godvrezend
leven en zoek bescherming bij jou Heer. Reinig je lichaam,
je kleding, je woonomgeving. Vermijd de duivelse liederen op
radio en televisie en de slechte culturen en gewoontes die
men ons opdringt. Selecteer je vrienden en leef kuis en
voorbeeldig. Wees maatschappelijk betrokken en help elkaar.
Help bouwen aan de beschaving
en het bevredigen van collectieve behoeften. Kies voor
dialoog en niet voor confrontatie. ‘Wordt niet boos’. Wees
de eerste die wil verzoenen en stel je nederig op, dan heb
je God/Allah altijd aan je zijde. De Schepper heeft rechten
op ons en niemand is de ander zijn bezit. De vrouw wordt in
bruikleen aan de man gegeven, en de beste man is hij die
goed is voor zijn vrouw (en de kinderen). Er moeten meer
buurthuizen komen en meer mensen als vrijwilligers voor
jeugd- en jongerenwerk, in alle wijken. Men moet zich niet
gaan verschuilen achter dat mooie woord ‘cultuur’, terwijl
men met niets anders bezig is dan kwade praktijken.
Onnatuurlijk bezig zijn is geen cultuur. God/Allah brengt
geen verandering in de toestand van een volk als die niet
zichzelf wenst te veranderen. Beheers de begeertes en de
lusten en wees daarvan geen slaaf. Profeet Muhammad, moge
zegen en vrede van Allah met hem zijn, zei, dat de man die
zich aan illegale seks overgeeft, de Dag Des Oordeels, zijn
lichaamsdeel dat naar beneden hangt, achter zich aan zal
slepen en ook over de vrouw had hij in dit verband wat te
zeggen(…). Drink met mate, het begin van de intentie om
volledig te stoppen. En werk mee aan ons aller missie: het
bouwen aan de menselijke beschaving.
Geelwortel
(hardie) werkt preventief op prostaatkanker,
Alzheimer en dementie
Geelwortel (kurkuma) of hardie zoals Hindoestanen het kruid
noemen, is een van de belangrijkste ingrediënten van
kerriepoeder en staat bekend als smaakmaker in de Indiase
keuken; het zorgt voor de warme, bittere smaak van kerrie en
de bekende gele kleur. Dit kruid dat haast bij elk Indiaas
gerecht wordt gebruikt, blijkt een genezende werking te
hebben. In de Ayurvedische geneeskunde in India wordt
geelwortel al duizenden jaren gebruikt als middel om de
algehele spijsvertering te bevorderen. Tegenwoordig geloven
ook steeds meer westerse wetenschappers dat het kruid meer
te bieden heeft dan een lekkere smaak. Chinese, Indiase en
Amerikaanse wetenschappers hebben ontdekt dat kurkuma een
ontstekingremmende werking heeft: het stopt de ontwikkeling
van vele vormen van kanker. De wetenschappers ontdekten dat
geelwortel remmend werkt op hormonen die prostaatkanker
veroorzaken en dat het kruid in combinatie met bestraling
kankercellen vernietigt die ongevoelig zijn voor bestraling
alleen. Vermeldenswaard is dat India, waar de meeste kurkuma
geconsumeerd wordt, de laagste cijfers voor prostaatkanker
ter wereld heeft: slechts 5 op de 100.000 Indiase mannen
krijgen prostaatkanker tegenover 115 op de 100.000 Britse
mannen.
Volgens wetenschappers heeft
het eten van drie maaltijden per dag, met in elke maaltijd
een lepel kurkuma, een preventieve werking. Tot nu toe
berusten de toepassingen van kurkuma op eeuwenlange
praktische ervaringen. Tegenwoordige studies bevestigen deze
medicinale eigenschappen van geelwortel. Er komen zelfs
nieuwe toepassingen aan het licht. Kurkuma heeft een
gunstige werking op de ziekte van Alzheimer en op het
geheugen (het voorkomt dementie ). India is het enige land
ter wereld waar Alzheimer nauwelijks voorkomt. Recent
onderzoek toonde aan dat een geelwortelconsumptie leidt tot
een vermindering van de concentratie van de stof die de
hersenen van Alzheimer-patiënten als het ware verstopt. Ook
kwamen er betere geheugenfuncties naar voren bij regelmatig
gebruik van geelwortel. Het kruid blijkt de hersenen te
kunnen beschermen tegen beschadiging door giftige stoffen
als cyanide en lood. Ook werd aangetoond dat geelwortel kan
helpen trombose te voorkomen omdat het de eigenschap heeft
samenklontering van bloedplaatjes te remmen. Wat kanker
betreft, zijn er onderzoeken gedaan die aantonen dat
geelwortel de ontwikkeling van nieuwe bloedvaatjes in de
tumor afremt (in een tumor worden er nieuwe bloedvaatjes
ontwikkeld om de tumor te voorzien van voedingsstoffen).
Doordat de ontwikkeling van bloedvaatjes wordt geremd, gaan
de tumorcellen sneller dood.
Verder is geelwortel een antioxidant en heeft een positieve
werking op het maagdarmkanaal (bevordert de spijsvertering,
wekt eetlust, helpt bij winderigheid, chronische diarree en
spastische dikke darm), op lever en galblaas (beschermt de
lever tegen gif), op het immuunsysteem en hart en
bloedvaten. Het zuivert het bloed, bevordert de bloedsomloop
en zuivert en voedt de huid.
Geelwortel kan je op verschillende manieren gebruiken. De
meest gemakkelijke manier is om enkele theelepels
hardie-poeder toe te voegen in het eten (in groente, vis en
vlees en soep). Je kan ook 1 a 2 theelepels kurkuma-poeder
oplossen in een glas hete melk en die elke ochtend drinken.
Ook kan je een halve lepel poeder toevoegen in een kopje
kokend water en het als thee drinken. Bij spierverrekking en
zwelling wordt een pasta van kurkumapoeder (met water
gemaakt) op de gewenste plek aangebracht. Pukkeltjes,
steenpuisten en andere huidaandoeningen worden behandeld met
een smeersel van geelwortel (wordt gemaakt door de poeder
met een beetje water te mengen). Hindoestaanse bruiden en
bruidegommen worden een dag tevoren gesmeerd met een pasta
van geelwortel; de bedoeling is om de huid grondig te
reinigen zodat de toekomstige echtparen op de dag van het
huwelijk stralen van schoonheid.
Het kruid is heel veilig en vertoont bij normale doseringen
(3 tot 5 theelepels per dag) geen bijwerkingen. Zoals elk
ander middel heeft ook geelwortel gebruiksaanwijzingen. Te
hoge doseringen kunnen het maagslijmvlies prikkelen (mensen
met een maagzweer mogen het dus niet gebruiken). Men mag het
kruid ook niet gebruiken bij ernstige
leverfunctiestoornissen. Mensen die bloedverdunners
gebruiken, mogen geen hoge dosis kurkuma gebruiken vanwege
de uitwerking ervan op de bloedplaatjes. Kurkuma wordt
moeilijk in het bloed opgenomen, maar gecombineerd met
zwartepeperpoeder is de opname ervan heel hoog.
Als kurkuma een medicinale goudmijn is, waarom ontgint de
farmaceutische industrie deze stof dan niet? Dat heeft met
geld te maken. Normaal worden er klinische tests uitgevoerd
om een geneesmiddel goedgekeurd te krijgen door de overheid;
farmaceutische bedrijven moeten miljoenen (risico) geld
steken in de onderzoeken. De beloning is dan een patent dat
20 jaar exclusieve verkooprechten garandeert aan het
bedrijf. Met kurkuma is er een probleem in dit opzicht: twee
Amerikaanse artsen kregen in 1997 patent op kurkuma als
wondgeneesmiddel. Maar India tekende bezwaar aan, omdat het
in haar ogen onmogelijk is om geneeskrachtige eigenschappen
te “ontdekken” die in India al duizenden jaren bekend zijn.
Het bezwaar werd gehonoreerd en het farmaceutische bedrijf
verloor daarmee grote bedragen geld dat zij had gestoken in
de onderzoeken. Een bedrijf in Amerika is bezig een
synthetische, krachtige versie van kurkuma te maken onder
een andere naam. Dit bedrijf ontwikkelt een kurkuma verwant
middel om prostaatkanker en andere soorten kanker te
behandelen.
Gelukkig hoef jij niet veel geld te uit te geven: je hoeft
geen rechten te kopen om het kruid te kunnen gebruiken en
kurkumapoeder is vrij goedkoop. De wetenschappelijke wereld
is het erover eens dat de kans klein is dat kurkuma kwaad
kan. Het is misschien wel de gemakkelijkste, goedkoopste en
effectiefste manier om gezond te blijven. Alleen moet je
meer Indiaas willen eten.
Private kapitaalstroom naar ontwikkelingslanden droogt
verder op
De netto private kapitaalstroom naar de ontwikkelingslanden
zal dit jaar terugvallen tot ongeveer 363 miljard dollar.
Dat is zowat een vierde van het record van bijna 1200
miljard dollar uit 2007 en ook fors minder dan de 707
miljard van vorig jaar, zegt de Wereldbank in een nieuw
rapport. De achteruitgang van private leningen en
investeringen is groter dan tijdens de Latijns-Amerikaanse
schuldencrisis van de jaren 80 of de gecombineerde
Aziatische en Russische crisis van eind de jaren 90, en nu
worden bijna alle ontwikkelingslanden getroffen.
"De internationale markten blijven ontregeld en de
perspectieven voor de ontwikkelingslanden zijn somber”,
schrijven de experts van de Wereldbank in hun Global Finance
Report 2009. Het rapport brengt de internationale
kapitaalstromen in kaart.
Risico op nog grotere malaise
Ontwikkelingslanden zullen problemen krijgen hun schulden te
herfinancieren, waarschuwt de Wereldbank. Ze zullen het
tekort moeten bijpassen uit hun deviezenreserves of hulp
vragen aan het Internationaal Monetair Fonds (IMF) of de
Wereldbank. Als dat onvoldoende aarde aan de dijk zet,
dreigen er voor veel landen afbetalingsproblemen en kunnen
ook binnenlandse investeerders hun geld wegsluizen. Dat
loopt dan uit op een nog veel grotere economische malaise.
Intussen loopt het begrotingstekort in veel rijke landen op.
Die zullen hun belastingen moeten optrekken of nieuwe
obligatieleningen moeten uitschrijven. Dat drijft de
interestvoeten op, wat ook in de ontwikkelingslanden pijn
zal doen.
Arme landen verstoken van hulp
De kans dat donorlanden in deze barre tijden hun hulp aan de
ontwikkelingslanden gevoelig zullen optrekken, is volgens
het rapport klein. In de meeste landen staat de begroting
onder druk en de recessie vermindert de
ontwikkelingsbijdrage van landen die mikken op een bepaald
percentage van hun bruto binnenlands product. Het IMF
verwacht ook dat alle donorlanden samen hun inspanningen dit
jaar met ongeveer een derde zullen terugschroeven.
De rijke landen hebben in april samen met opkomende landen
als India en China afgesproken het IMF en de
ontwikkelingsbanken meer geld ter beschikking te stellen om
landen in nood bij te staan. Maar in het rapport geeft de
Wereldbank toe dat het leeuwendeel van dat geld naar
opkomende landen en middeninkomenslanden zal gaan.
Sombere vooruitzichten
Het rapport doet de bezorgdheid toenemen dat arme
ontwikkelingslanden jaren zullen nodig hebben om de gevolgen
van de financiële crisis weg te werken. Samen met
verscheidene VN-instellingen schat de Wereldbank dat de
crisis tegen eind van dit jaar 200 miljoen mensen extra
onder de armoedegrens van 2 dollar per dag kan duwen. En dit
jaar stijgt het aantal wereldburgers dat chronisch honger
lijdt waarschijnlijk tot meer dan een miljard.
De Bank schat dat de wereldeconomie dit jaar met 2,9 procent
zal inkrimpen, na de matige groei van 1,9 procent vorig
jaar. China en India blijven groeien, maar de overige
ontwikkelingslanden kijken aan tegen een terugval van 1,6
procent. Het herstel zal langzaam gaan: voor volgend jaar
zit er voor de wereldeconomie misschien een groei van 2
procent in, voor 2011 3,2 procent. De effecten van een
relance sijpelen overigens maar langzaam door tot de
bevolking, waardoor de gestegen werkloosheid nog lang een
probleem zal blijven in de rijke landen en de
ontwikkelingslanden die veel handel drijven met
industrielanden. “De omstandigheden zullen aan een recessie
blijven doen denken”, besluit de Wereldbank.
De blijvende onzekerheid rond de gezondheid van de banken in
de rijke landen en bezorgdheid over de extra schulden die
deze landen aangaan om hun economie te stimuleren, maken de
vooruitzichten extra somber. “De nood om het bankensysteem
te hervormen en de beperkingen op een expansief beleid die
duidelijk worden in de hoge inkomenslanden, houden een
internationale relance tegen”, zegt Justin Lin, de
chef-econoom van de Wereldbank.
Abid Aslam
(IPS)
Neocons vallen Obama
aan over Iran
De voorzichtigheid van de Amerikaanse president Barack Obama
met betrekking tot de politieke crisis in Iran maakt hem
kwetsbaar voor de aanvallen uit neoconservatieve hoek.
Rechtse haviken roepen hem op om de Iraanse oppositie
onvoorwaardelijk te steunen en de diplomatieke toenadering
tot het Iraanse regime op te blazen.
De terughoudendheid van Obama heeft veel lof gekregen van
Iraanse activisten, kenners van de regio en een groot deel
van het Amerikaanse diplomatieke establishment. Ze zijn het
erover eens dat Amerikaanse steun voor de Iraanse oppositie
een averechts effect zou kunnen hebben.
“Wat er in Iran gaande is, is een zaak van het Iraanse volk,
en het is aan hen om hun stem te laten horen”, zei
Nobelprijswinnares Shirin Ebadi in de Washington Post
donderdag.
De rechtse haviken in de VS zijn het daar niet mee eens. Ze
verhogen de druk op de president om een actief standpunt in
te nemen en vergroten daarmee het risico op politieke schade
voor Obama als de Iraanse president Mahmoud Ahmadinejad aan
de macht blijft.
De leiders van de aanval zijn prominente Republikeinse
congresleden zoals senator John Mc.Cain en
volksvertegenwoordiger Eric Cantor, maar ook bekende
neoconservatieve commentatoren als Robert Kagan. Die schreef
in de Washington Post dat “de strategie van Obama hem in het
kamp van de Iraanse overheid plaatst om zo snel mogelijk
naar de orde van de dag over te gaan.” Ook de invloedrijke
commentator Charles Krauthammer noemde de terughoudendheid
van de Amerikaanse regering “schandalig” en een “impliciete
steun voor het repressieve regime in Iran.”
Wie oproept voor een duidelijk pro-Mousavi standpunt “speelt
met dynamiet”, zegt Patrick Disney van de National Iranian
American Council (NIAC), een groep die de activisten in Iran
steunt. “Dat zou de hardliners in Iran in het beste geval
het argument geven dat de hervormingsgezinden poppen van het
Westen zijn. In het slechtste geval zou het de bevolking nog
meer opzwepen en de situatie helemaal oncontroleerbaar
maken”, schreef hij op de blogsite Huffington Post.
Veel haviken in de VS kijken inmiddels al verder dan de
huidige politieke crisis, die volgens velen zal eindigen in
een onvermijdelijk verlies van de oppositie, en verzetten
zich tegen diplomatieke toenadering tot Teheran.
Ze voeren aan dat de veronderstelde fraude bij de
verkiezingen en de hardhandige onderdrukking van de
protesten het bewijs zijn dat de top van de Islamitische
Republiek te brutaal en te agressief is om mee te
onderhandelen.
In de rechtse vleugel, ook buiten de neoconservatieve groep,
groeit de mening dat de enige oplossing van het Iraanse
probleem een volledige regeringswissel in Teheran is.
Mousavi en zijn volgelingen zijn echter helemaal geen
voorstander van het einde van de Islamitische Republiek.
Bovendien heeft Mousavi al duidelijk gemaakt dat hij Irans
nucleaire programma verder wil zetten.
Precies daarom vinden sommige neoconservatieven dat een
overwinning van Ahmadinejad beter zou zijn, omdat zijn
confronterende koers het makkelijker maakt om internationale
steun te verzamelen voor sancties tegen Iran. Ook in Israël
zijn velen die mening toegedaan. Dinsdag zei Meir Dagan,
hoofd van de Mossad voor de Knesset, dat “een overwinning
voor de hervormingsgezinde kandidaat Mousavi een probleem
zou zijn, omdat Israël de wereld zou moeten overtuigen van
ernst van de Iraanse dreiging, omdat Mousavi als gematigd
beschouwd wordt.”
Daniel Luban
(IPS)
De kwalificaties van politici en politieke dynastieën
Met het doorstaan van de hitte van het vuur wordt ijzer
omgezet in staal. In het bedrijfsleven bereikt men de top
meestal alleen als men de verschillende functies binnen het
bedrijf met succes heeft uitgeoefend. In familiebedrijven
zorgen de eigenaren er meestal voor, dat hun zonen/dochters,
die het bedrijf zullen overnemen, een passende opleiding en
training volgen, gericht op het verkrijgen van de inzichten
en vaardigheden, die nodig zijn voor het leiden van het
bedrijf.
Voornamelijk in de wereld van de politiek komt het voor, dat
politici zonder enige referentie of voorafgaande training en
ervaring, geplaatst worden in zeer belangrijke en
leidinggevende functies, waarbij beslissingen worden
genomen, die bepalend zijn voor het lot en de toekomst van
duizenden mensen.
Eén van de meest misplaatste ideeën van politici is, dat zij
zichzelf in staat achten iedere functie te kunnen bekleden,
van diplomaat tot minister, van parlementariër tot
president. Zij deinzen er niet voor terug om beslissingen te
nemen in professionele aangelegenheden, die eigenlijk
overgelaten moeten worden aan deskundigen.
De niet-presterende-Staat
Na het vertrek van de koloniale machthebbers trad in de
nieuw onafhankelijk geworden landen een nieuwe politieke
elite in de voetsporen van de vertrokken politici. Zij
kregen nu de macht om te patroniseren, dat wil zeggen, zij
hadden nu alle ruimte om ongehinderd functies uit te delen
aan familie, vrienden en partijgenoten, zonder dat er al te
veel gelet werd op kwalificaties, competentie en
integriteit. De ontwikkeling van het politieke systeem in
veel van de nieuw onafhankelijk geworden landen maakte dat
de politiek de beste, de snelste en de zekerste route was
naar rijkdom, welvaart en aanzien.
Politici in zowel Afrika, Azië en Latijns Amerika zijn zeer
behept om ministeriële functies te bekleden. Echter, een
algemeen probleem in deze landen is, de incompetentie van
veel politieke leiders, hetgeen vaak resulteert in een
politieke constellatie, die niet in staat is, zorg te dragen
voor een effectieve regering en efficiënt bestuur. Volgens
Appu Soman van de Harvard Universiteit kan, naast
categorieën, zoals “failed states’ en “failing states”, nu
ook gesproken worden over een nieuwe categorie, namelijk, de
niet-presterende-staat.
Sluwe personen zien heel gauw in, dat een kleine schare van
supporters vaak al voldoende is om een zekere politieke
“leverage” te krijgen, en zodoende het pad van de rijkdom te
betreden. De versplintering en de versnippering maakt dat
één partij de meerderheid voor het vormen van een regering
niet meer kan behalen. Zo ontstaan coalitieregeringen,
waarbij de partijen, de ministeries die zij toegewezen
krijgen, behandelen als prinsdommen/koninkrijken, die in hun
voordeel gemolken kunnen worden. Zelfs een competente
president of minister kan in dit coalitiesysteem volkomen
gefrustreerd worden door incompetente of dwarsliggende
coalitiegenoten, die vaak ook een eigen agenda hebben. Het
hang, stoot- en breiwerk in deze coalitieregeringen creëert
vaak een lus en strop, die continu boven de nek van de
regeringsleider hangt. Er gaat meer tijd zitten in het
lijmen van breuken dan in het besturen van het land.
Een nieuwe kaste in India
De gelegenheid voor het behalen van persoonlijke voordelen
via publieke functies maakt dat de politiek een automatische
carrière keuze wordt voor het politieke nageslacht. Zonen,
dochters en echtgenoten nemen over van vader, moeder of
echtgenoot/echtgenote; volgens Soman wordt op deze wijze een
nieuwe Indiase kaste gevormd, met name, een kaste van
bestuurders/regeerders, die niet veel verschilt van de
traditionele Kshatriya kaste.
Precies als bij de reeds bestaande kasten, specialiseert de
nieuwe kaste zich in één beroep, namelijk: de politiek.
Zoals men vroeger geboren werd als handelaar of als
timmerman, zo wordt men nu geboren als politicus. En net als
de oudere kasten is er ook nu geen behoefte aan enige
kwalificaties voor enig beroep: geboorte alleen is
voldoende. Zo krijgt het land successieve regeringen bemenst
met niet gekwalificeerde personen, die falen in het
uitvoeren van centrale regeringstaken zoals: de handhaving
van wet en recht; het voorzien in de basisvoorzieningen van
een moderne samenleving en het brengen van welvaart voor een
ieder.
Politieke dynastieën.
In de ‘Hindustan Times” van 30 mei 2009, wijst de bekende
columnist, Vir Sanghvi erop, dat de politiek in India een
familiezaak aan het worden is. Hij geeft een lijst van namen
van de onlangs door premier Manmohan Singh benoemde
ministers, van wie een verontrustend deel geboren is in
politieke families. Enkele voorbeelden:
- Farooq Abdullah is de 2e generatie van een politieke
dynastie, gesticht door zijn vader, Sheikh Abdullah; Farooq
en zijn schoonzoon zijn nu ministers in de centrale regering
in Delhi, zijn zoon Omar is de huidige ‘Chief Minister’
(=Eerste Minister) van Jammu & Kashmir.
-Agatha Sangma is de dochter van de vroegere
parlementsvoorzitter, Purno Sangma.
-Duraisamy Napoleon is de neef van de vroegere minister van
Staat, K.N. Nehru.
-Ook in de verschillende deelstaten van India regeren
politieke dynastieën. Vasundhare Raje, de prinses die
Suriname in 1999 bezocht als onderminister van Buitenlandse
Zaken en ex- Eerste Minister van Rajasthan, is de dochter
van de vroegere ‘Rajmata’ van Gwalior. Vasundhare’s zoon,
Dushyant Singh, is lid van de Lok Sabha.
-De 85-jarige Muthuvel Karunanidhi, Eerste Minister van
Tamil Nadu, heeft nu zijn 56-jarige zoon, M.K. Stalin,
benoemd tot zijn ‘deputy’, terwijl zijn oudste zoon,
M.Azhagiri, ook een minister is in het tweede kabinet
Manmohan Singh.
De jonge politici, die uit politieke dynastieën
voortspruiten, zien niets verkeerds hierin. Hun redenering
is, dat het een Indiase traditie is, dat kinderen treden in
de voetsporen van hun ouders. Acteurs, doktoren en advocaten
doen dat, waarom dan geen politici? Bovendien, de kiezers
stemmen op ons, we kunnen niet weigeren.
Dezelfde redenering vindt men ook bij criminelen, die de
politiek ingaan, zij zeggen “als wij zo slecht zijn, hoe
komt het dan dat mensen op mij stemmen? En als mensen mij
kiezen, hoe kan ik weigeren”?
De Nehru-Gandhi familie is de bekendste politieke dynastie
in India, maar in de rest van Zuid en Zuidoost Azië zijn er
ook andere dominerende politieke dynastieën; de Bhutto’s in
Pakistan, Sheikh Hasina en Begum Khaleda Zia in Bangladesh
en de Lee’s in Singapore. En in de Verenigde Staten van
Amerika, kennen wij de Bushes en de Kennedy’s.
In ons land hebben we (nog) geen uitgesproken politieke
dynastieën. Maar net als India, hebben wij in Suriname de
zogenaamde “Fixers”. Zij zijn de zonen en dochters,
echtgenoten, schoonfamilie, neven en nichten van politici,
die niet op de voorgrond treden, maar op de achtergrond
vertoeven, van waaruit zij, via de contacten van
(schoon)vader of (schoon) moeder of oom, tegen betaling,
kleine en grote deals voor het publiek kunnen ‘fixen’ of
regelen. In India worden zij ook wel “Fixcellencies”
genoemd.
Rudie Alihusain
Moeizaam traject naar basic education in Suriname
Waar ligt het aan, zou de algemene ‘main’ of hamvraag kunnen
zijn. Wat zijn de onderliggende oorzaken die het traject bij
de uitvoering van het project ‘Basic education’ in Suriname
stagneren. Het is een uitdaging niet alleen, maar bovenal
een vrij interessante zoekactie naar het identificeren en
helder stellen van zaken die allemaal een negatieve
uitwerking hebben op het onderwerpelijke.
Bij deze zoekactie wil ik als eerste de volgende vragen
opwerpen en een antwoord daarop formuleren; hoe zit het met
het macro denken en handelen op het Minov aangaande het BEIP
(Basic Education Improvement Program)? Is er voldoende
gecommuniceerd intern/ extern ten aanzien van BEIP? Bestaat
er commitment met het programma? Is er sprake van een open
mind voor een fundamentele structurele en inhoudelijke
innovatie van ons onderwijs? Spelen politieke motieven in de
vorm van steekspelletjes een rol in dit geheel?
Alvorens de hierboven opgeworpen vragen te behandelen, lijkt
het mij goed
samenvattend in te gaan op de historie om te geraken tot het
construeren van
het/een basisonderwijs in Suriname.
Suriname in VN
Suriname werd in 1975 onafhankelijk en werd als zelfstandig
land in hetzelfde jaar lid van de supranationale organisatie
VN. In 1990 werd een conferentie in Thailand gehouden onder
auspiciën van enkele VN organisaties en de Wereldbank. Als
slotstuk van deze conferentie werd de World Declaration On
Education For All aangenomen, waarbij doelen werden gesteld
voor universeel primair onderwijs per ultimo 2000. Bij de
evaluatie van het slotdocument als straks vermeld in
Dakar/Senegal, bleek dat vele landen zich niet of nauwelijks
strategieën ontwikkeld hadden om de gestelde doelen te
bereiken. Een van de strategieën had moeten zijn de
formulering van wat per land verstaan moet worden onder
‘basic education’. In elk geval moest daarbij een minimale
basisonderwijsbehoefte zijn, die het mogelijk maakt voor een
ieder om te goed te kunnen functioneren in de arbeidswereld
of een verdere cognitieve ontwikkelingsproces door te maken.
Het universeel karakter van het onderwijs moest daarbij ook
tot uitdrukking komen. De evaluatievergadering van Dakar
heeft aan de 157 landen (w.o Suriname), die zich hebben
gecommitteerd aan de World Declaration on Education For All,
geëist per 2002 een lang termijn onderwijsplan op te stellen
en uit te voeren en daarover rapportage te plegen naar
Unesco. Suriname heeft voor wat het formuleren van het lang
termijnplan betreft op tijd het huiswerk gemaakt.
Dit plan staat bekend als het
Surinaamse Educatief Plan, nader te noemen SEP, dat na
diverse stakeholders / actoren meetings tot stand gekomen
is. Onder andere staat in het SEP de vertaling van ‘Basic
education’ als Basisonderwijs en behelst de huidige twee
preprimaire jaren (KLO), de zes primaire jaren (GLO) en drie
jaren van Mulo. Dit betekent dat Suriname gekozen heeft voor
het construeren of invoeren van een 11-jarig basisonderwijs
als minimale basisonderwijsbehoefte voor iedereen. De
leeftijdsgrens om dit doel te bereiken, ligt tussen 4 en 15
jaar. In de Minov beleidsnota 2005 -2010, maar ook tijdens
de jaarrede van de president is aan het breder publiek
voorgehouden dat het 11-jarige basisonderwijs
geïmplementeerd zal worden, en wel per oktober 2009.
Thans kan ik ertoe overgaan de in de inleiding opgeworpen
vragen in beschouwing te nemen. Ik denk dat samenvattend
gezegd kan worden dat het macro denken en handelen in het
kader van BEIP bij het gros van de daartoe relevante
afdelingen / bureaus en of personen niet voldoende present
is. Vaak wordt allicht de indruk gewekt dat het besef van de
dieper liggende (onderwijs)filosofie, die ten grondslag ligt
aan de Education For All (EFA)-agreement, minder goed
begrepen wordt. De vraag of er überhaupt iemand geblameerd
moet worden voor het eventueel achterhouden van informaties,
lijkt mij hierbij niet relevant, ervan uitgaande dat
instituten /afdelingen /bureaus en personen die op macro
niveau functioneren steeds achter informatie moeten
aanzitten. Bijhouden van de stof heet dat populair.
Er is mijns inziens na de formulering van de
onderwijsstrategie in SEP tussen het uitvoerend orgaan van
BEIP en de daadwerkelijke dragers van de innovatie
(Schoolhoofden en leerkrachten als ook de ouders) minder
goed
gecommuniceerd. Zeker voor wat betreft de eerste twee jaren
van het BEIP realisatietraject. Het regelrechte gevolg van
de minder goede communicatie is dat er geen optimale
committent bestaat met het programma, wat weer tot gevolg
heeft een frustrerende opstelling, die samenwerking met de
uitvoerders stagneert. Er is mijnerzijds echter ook
geconstateerd dat personen, hoewel geïnformeerd over BEIP,
niet open minded staan tegenover de onderwerpelijke
innovatie. Stugge paradigma dus.
Laatst but not least spelen absoluut politieke motieven een
rol bij het
stagnerende verloop van BEIP. Niet alleen in het
spanningsveld tussen
oppositie en coalitie, maar ook binnen de coalitie zelf. De
rode draad
daarbij is de simpele vraag “wie strijkt er met de eer”?
Slotopmerking
De laatste fundamentele vernieuwing van ons onderwijs
dateert uit de jaren
zeventig van de vorige eeuw. Een feit dat bevestigt dat ons
onderwijs qua
structuur met het accent op de horizontale en verticale
doorstroming zeer
selectief, discriminatoir en archaïsch is. De inhoud van het
onderwijs op
haast alle niveaus loopt voor het grootste deel contrair aan
de
belevingswereld van het digitale kind, maar ook mist de
inhoud van ons
onderwijs de aansluiting met de huidige maatschappijbehoefte
en eisen.
Suriname plaatst zich niet positief op het wereldforum voor
wat betreft het
nakomen van commitment die bij herhaling gemaakt zijn met
betrekking tot
hervormen van het onderwijs. Een blik werpen over de
Corantijnrivier (Guyana), waar identieke onderwijsproblemen
bestaan en dus een goede vergelijkingsbron oplevert, leert
dat er in dat land wel aangepakt wordt.
Guyana heeft heel transparant rapportage gepleegd naar de VN
over de implementatie van de Dakar-doelen.
Ik roep dan ook op tot een innovatieve opstelling en weinig
babbelen.
Moraal is het verfijnen van het geestelijke en zedelijke
leven. Dit gedragspatroon is natuurlijk niet identiek binnen
elke samenleving. Om moraal hoog te kunnen houden in een
leefgemeenschap zal iedereen zich moeten houden aan daartoe
gestelde normen. Wanneer echter blijkt dat bepaalde normen
niet van toepassing kunnen zijn op delen van de
desbetreffende samenleving, waarschijnlijk vanwege een
culturele achtergrond, kan er niet meer van een eenheid van
culturele waarden worden gesproken. Bijvoorbeeld de ene mens
vindt het uiten van krachtermen in het openbaar normaal,
terwijl een andere het uiten van krachtermen in het openbaar
als ongepast kwalificeert. De politieke situatie in
voorgaande jaren, als wij dit plaatsen tegen de achtergrond
van de komende algemene en geheime verkiezingen voor een
nieuwe volksvertegenwoordiging, was er een van weinig acht
slaan op moraal.
Het verwijten maken, de
scheldkanonnades op elkaar gericht en soms ook nog het
opzettelijk valse beschuldigingen uiten aan het adres van de
tegenpartij hadden alles te doen met een vorm van moreel
verval. Hopelijk wordt de attitude zoals net beschreven, in
de eerstkomende verkiezingscampagne naar een nieuwe DNA in
2010 toe, achterwege gelaten. Politieke leiders moeten
beseffen dat ook zij een zekere mate van goed fatsoen aan de
dag moeten leggen. Voor hen is er immers ook een
opvoedingstaak weggelegd, vooral naar de jeugd toe. Ook de
inrichting van de staat moet bevorderlijk zijn voor het
verder verfijnen van het geestelijke en zedelijke leven van
de gehele natie. Discipline is het zich houden aan
voorschriften en of bevelen. En dit geldt ook voor de leden
van onze hoogste college van staat “De Nationale Assemblee”.
Discipline valt ook te merken binnen sociale relaties van
personen. Bijvoorbeeld het proberen na te komen van
afspraken die ruim van te voren zijn gemaakt. Trouwens, de
ervaring leert ons dat een land, dat geen gedisciplineerd
volk heeft, niet tot hogere economische ontwikkeling zal
kunnen komen.
Op elke rijschool wordt er
les gegeven aan personen over verkeersdiscipline. Dus hoe
men op een gedisciplineerde wijze moet deelnemen aan het
rijverkeer op de openbare wegen in Suriname. Het rijbewijs
is een document dat aan de desbetreffende persoon de
bevoegdheid geeft om een motorfiets of een auto te mogen
besturen. Dit document geeft aan dat betrokkene alles weet
van het gedragspatroon dat aan de dag moet worden gelegd bij
deelname in het rijverkeer op de wegen. Het is daarom
belangrijk te beseffen dat bij het uitreiken en het in
ontvangst nemen van zo’n document de samenleving een zekere
mate van vertrouwen stelt in die handelingen. Er wordt
natuurlijk verwacht dat de bezitter van dat document een
gedragspatroon van verkeersdiscipline en verkeersfatsoen zal
willen tonen ter bevordering van verkeersveiligheid op de
openbare wegen.
Het roekeloos en
onverantwoord rijden door het verkeer moet worden vermeden.
Hierdoor kan men voorkomen om betrokken te raken bij, of de
veroorzaker te zijn van aanrijdingen waarvan de gevolgen
niet te overzien zijn. Tientallen burgers hebben inmiddels
het leven gelaten bij verkeersongevallen. Velen zijn ook
vanwege verkeersongevallen arbeidsongeschikt geworden. Wij
moeten met ons allen zoveel als mogelijk voorkomen dat dit
aantal niet verder omhoog gaat. Vanwege de smalle
verkeerswegen van het land tegenover het grote autobestand
op die wegen is het allicht te begrijpen dat voertuigen wel
eens een keertje tegen elkaar kunnen opbotsen. Hopelijk
blijft dat slechts bij materiële schade van de voertuigen.
Het is het waard bij deze te vermelden dat de minister van
Justitie en Politie samen met zijn medewerkers zich
intensief inzet om ordening te brengen in het gebruik van
openbare wegen door automobilisten.
De totale samenleving zal natuurlijk daaraan moeten
meewerken.
Edward Marbach
Un
Bondru:
Spijtbetuiging over slavernij ongepast
Un Bondru heeft als toonaangevende Afrikaanse-Surinaamse
organisatie in Suriname met verbazing in een lokaal dagblad
van 20 mei 2009 een aantal uitspraken vernomen die afkomstig
waren van de Nederlandse predikant dominee Kees Sybrandi van
de stichting Boete & Verzoening. De uitspraken en acties van
de Stichting Boete en Verzoening zijn geplaatst in het kader
van spijt over het Nederlandse slavernijverleden.
Het komt vooral na 2001 steeds meer voor dat individuele
Nederlanders, maar soms ook groepen uit Nederland op
individuele basis het boetekleed wensen aan te doen voor de
holocaust die hun voorouders op Afrikanen hebben aangericht.
In augustus/september 2001 hebben namelijk meer dan 140
landen in Durban tijdens de Wereldconferentie over Racisme
en Vreemdelingenhaat in de slotverklaring aangegeven dat
slavenhandel en slavernij misdaden zijn geweest tegen de
menselijkheid. Dit betekent dat de regenten in Nederland en
de kooplieden-bankiers, de plantage-eigenaren en koloniale
bestuurders in Suriname, maar ook de particulieren en
organisaties in Suriname die mensen tot slaaf hebben
gemaakt, vanaf de beginperiode van de slavenhandel tot en
met 1873 door de internationale gemeenschap bestempeld zijn
als misdadigers.
De Nederlandse regering heeft
bij monde van een minister in 2001 tijdens de conferentie
spijt betuigt en in Nederland is er hierna op instigatie van
de Afrikaanse Surinaamse gemeenschap in Nederland een
slavernijmonument opgericht en verder is ook het NINSEE, als
wetenschappelijk onderzoekinstituut ter bestudering en
vastlegging van het Nederlandse slavernijverleden opgericht.
In Suriname zelf, de plaats waar Nederlanders 223 jaar lang,
dat wil zeggen ruim negen generaties, mensen hebben
verhandeld en waar gedurende honderden jaren Afrikanen en
hun nazaten onder mensonterende omstandigheden hebben laten
werken heeft de Nederlandse regering na september 2001 tot
op de dag van vandaag nog niets gedaan. Voor de goede orde
stelt Un Bondru, dat het uitgangspunt voor het tot slaaf
maken van Inheemsen en Afro-Surinamers het opzetten en in
stand houden van een economisch systeem is geweest. Daarbij
zijn aan de Inheemsen en de uit Afrika afkomstige Surinamers
en hun nazaten nooit één cent uitgekeerd.
Er is in die periode voor miljarden euro’s geproduceerd en
geëxporteerd en de Nederlanders hebben dit geld gebruikt om
hun eigen land op te bouwen en de nazaten van de
slavenhandelaren en slavenondernemers genieten nu van de
deels in het verleden opgebouwde welvaart. Het verhaal dat
het allemaal zo lang geleden is gebeurd is voor Un Bondru
dan ook een afleidingsmanoeuvre, want deze materie is
ondanks dat er 136 jaar geleden een definitief eind (1873)
is gekomen aan dit verderfelijke systeem, nog lang niet
opgelost.
Het is ons opgevallen dat er steeds meer Nederlanders
gewetensproblemen vertonen voor het afschuwelijke
slavernijverleden van hun voorouders.
Vorig jaar ook een maand voor
Keti Koti was het ene heer Bouce de Boer, die op
persoonlijke titel spijt wenste te betuigen voor misdaden
die door zijn voorouders de voorouders van de
Afrikaanse-Surinamers zijn aangedaan. Blijkbaar is de groep
verenigd in de stichting Boete & Verzoening, ook zo een
groep. De manier waarop deze groep meent te opereren, draagt
echter niet de goedkeuring van de 23 Afrikaanse-Surinaamse
organisaties die in Un Bondru verenigd zijn. Maar Un Bondru
zet ook vraagtekens bij de rol die de EBG in deze zaak als
‘intermediair’ meent te hebben moeten vervullen.
De tijd van slavenhandel en slavernij is nu voorbij, maar
‘mental slavery’, wat gelijk staat aan het vergiftigen van
het denken door onder meer zielig te doen, of door kleingeld
richting Suriname te dirigeren, is niet minder erg dan de
tijd van slavenhandel en slavernij.
Un Bondru maakt zich dan ook zeer bezorgd dat de mensen
achter de stichting Boete en Verzoening 15.000 exemplaren
van een boekje over schuld, spijt en vergeving over de
slavernij hebben laten drukken en zo maar zo tijdens het
laatst gehouden Kinderboekenfestival aan kinderen in
Suriname hebben uitgedeeld. Waarom 10.000 boekjes aan
Surinaamse kinderen en maar 5.000 exemplaren aan kinderen in
Nederland. Un Bondru vraagt zich ook af of het juist is dat
het boekje geschreven is op verzoek van Surinaamse
kerkleiders. Voor zover ons bekend zijn de Surinaamse
kerkleiders geen analfabeten.
Waarom hebben zij zelf het
boekje niet vanuit een Surinaams perspectief of vanuit een
Afrikaans-Surinaams perspectief laten schrijven. Indien zij
zo druk bezet waren, hadden zij altijd Gerrit Barron, Julien
Zaalman, Celestine Raalte of Harriete Frankenlan van Sabi yu
Rutu het boekje kunnen laten schrijven. Een volgende vraag
die Un Bondru in het kader van het relaas van dominee
Sybrandi stelt, is waarom dorpen in het binnenland zijn
bezocht en waarom zijn de bezochte marrons op slinkse wijze
misleid. De voorouders van de huidige marrons hebben vooral
de slavenhandel gekend en slechts deels de slavernij. De
voorouders van de overige Afrikaanse-Surinamers, de
zogenoemde stadscreolen hebben zowel de slavenhandel als
honderden jaren slavernij gekend. Waarom de pijlen richten
op slechts een deel van de Afrikaanse Surinamers. Is dit een
moderne vorm van verdeel- en heers politiek, een vorm die
past in de 21ste eeuw?
Het lijkt er heel sterk op. Un Bondru geeft de personen
achter de Stichting Boete & Verzoening het advies om
pogingen om een wig te drijven tussen de Afrikaanse
Surinamers in het vervolg achterwege te laten.
Het is Un Bondru bij de bestudering van het artikel ook
opgevallen dat de vertegenwoordigers van de stichting
stellen dat zij niet gestuurd zijn vanuit de kerken of
vanuit de Nederlandse regering. Dit vindt Un Bondru jammer,
omdat hierdoor het draagvlak van de Stichting beperkt is. Zo
te zien lijkt het dus een vrijblijvende club, die echter
stelt namens duizenden Christenen in Nederland spijt te
betuigen voor de misdaden die hun voorouders de voorouders
van de Afrikaanse Surinamers hebben aangedaan.
Tot slot wenst Un Bondru aan de
gemeenschap mee te delen, dat zij een totaal programma voor
de vergeving, de Wiedergutmachung heeft ontwikkeld. In dit
programma komt ook het vraagstuk van herstelbetalingen
(betalingen die toen aan onze voorouders hadden moeten
worden gedaan, maar nog in het vat zitten en nog niet
verzuurd zijn). Tot op de dag van vandaag zijn overigens de
uitwassen uit de periode van de slavernij nog zichtbaar. Als
Nederlanders van nu , of zij nu Christenen zijn of niet
zouden willen bijdragen aan het dichten van de diepe wonden
die door hun voorouders in de Afrikaanse-Surinaamse
gemeenschap, maar ook in talrijke andere delen van de
Surinaamse gemeenschap in de koloniale tijd zijn geslagen,
dan moeten zij het Programma voor de Wiedergutmachung
ondersteunen. Zij en alle andere belangstellenden kunnen dit
programma bij Un Bondru inkijken.
Het toneel van de SPA
Duidelijk is geworden dat rondom de bestuursverkiezingen in
de SPA, alle publiciteit daarbij mogelijk werd gemaakt
dankzij de hulp van een groot deel van de media. Vooral C.
Marica slaagde daar steeds in om de aandacht op te eisen,
zelfs met een inleidend interview over gestegen
brandstofprijzen. Castelen zei nog in een interview met ATV
dat het een heel groot voordeel is dat de SPA dezer weken in
het middelpunt van de publiciteit staat, zoals nooit tevoren
is gebeurd en dat de partij daardoor hoopt te groeien. De
SPA heeft klaarblijkelijk een scenario uitgewerkt om alle
aandacht te trekken, daarbij zich nu kledend in het kostuum
van de arbeidersklasse. Achter de schermen vormen ze een
grote eenheid, maar voor de media en het volk smijten ze met
felle kritiek op elkaar, dit, zo te zien, volgens afspraak (
dit model zien wij ook bij de strijd tussen de VHP en haar
Vernieuwingsbeweging), slechts om de zaak spannend te maken.
Het einddoel van de SPA is het weghalen van alle aandacht
van de veroordeelde Gilds, die niet naar de gevangenis wil
of klassejustitie en elitebehandeling wil afdwingen. Dat mag
NIET! Dus daarom alle aandacht richten op de SPA
-bestuursverkiezingen. De SPA zou zich daarom als politieke
partij diep moeten schamen. Want sommige van hun eigen
mensen kunnen zich niet bedwingen en praten toch hun mond
fluisterend voorbij. Steeds wordt de naam "Derby" erbij
gehaald door SPA-toppers om het zeer gedeukte SPA-imago op
te vijzelen, alsof Derby een heilige ideoloog was.
De verdiensten van C. Marica? Te verwaarlozen. Deze
politicus praat toch o zo makkelijk bezijden de waarheid.
Hij houdt van snoepreisjes en bedrijfsbezoekjes met zijn
opvallend vaste gezelschap. Maar het lukt hem maar niet om
de stijgende prijzen nu eens echt te beteugelen. Hij was ook
zo lief voor de bakkersbond, hij was heel royaal voor enkele
autohandelaren en hij is nog steeds erg gewild bij de nieuwe
Chinezen, omdat hij weet hoe en wanneer te strooien met
winkelvergunningen. De SPA-ministers houden over het
algemeen van dure, luxe seminars die meestal niks opleveren.
Ze willen bovendien een aantal van hun eigen ambtenaren van
Arbeid maken tot buitengewoon agent van politie; ze moeten
dan bewapend worden. Leden van een overheidsstichting worden
zwaar ingezet in de ledenwervingscampagne in de districten
en in het binnenland. Ze zijn constant bezig om op
staatskosten propaganda te maken en sponsors te zoeken onder
de handelaren en zakenlui. De SPA moet zich onder deze
omstandigheden diep schamen! Wie de opinie het beste kan
beïnvloeden, zal zeker de nieuwe voorzitter van de SPA
worden. Men verrijkt zich over de ruggen van de werkende
klasse die in feite al jaren grandioos voor de gek wordt
gehouden.
Laten we maar afwachten en kijken wat er gebeurt.
Yvette L. Kwasiba
Tanzaniaanse botanicus redt duurste boom ter wereld
Weinig mensen kennen de boomsoort, maar bijna iedereen heeft
de klank ervan al gehoord: het hout van de grenadil is erg
gewild bij de makers van blokfluiten, hobo’s en klarinetten.
In Ethiopië en Kenia is de traag groeiende boomsoort
daardoor al bijna helemaal verdwenen. Maar Sebastian Chuwa,
een gedreven milieubeschermer in Tanzania, lijkt goed op weg
de soort in zijn land te redden. Het zware hout van de
grenadil (in het Engels African blackwood) produceert
volgens muziekinstrumentenbouwers heldere, boventonige en
dragende klanken. Blokfluiten van grenadil worden daarom
vaak als solo-instrument gebruikt. Houtsnijders houden van
de kleur van grenadil, zwart als ebbenhout maar met een
glimmende oppervlakte die het doet afsteken tegen andere
hardhoutsoorten.
Een kubieke meter ‘mpingo’,
zoals de boom in Tanzania heet, levert tegenwoordig
makkelijk 18.000 euro op. Volgens de CITES, de
internationale conventie die de handel in bedreigde dieren
en plantensoorten aan banden legt, is de grenadil bedreigd.
Dat wil zeggen dat de boomsoort in een generatie of twee
helemaal kan verdwijnen als er niets wordt ondernomen. In
heel Afrika zouden er nog minder dan 3 miljoen grenadilbomen
groeien, de meeste in Tanzania en het noorden van Mozambiqe.
“De mpingobestanden worden alarmerend snel gekapt”, zegt
Chuwa, een botanicus uit het Noord-Tanzaniaanse Moshi. “De
boom groeit traag – het duurt 50 tot 70 jaar voor hij
volwassen is”. Tanzania heeft een exportverbod op
grenadilhout afgekondigd, maar dat lijkt niet veel te
helpen.
Chuwa stichtte in 1985 de Mali Hai Clubs, een beweging die
dorpelingen in Tanzania warm probeert te maken voor
natuurbescherming door boomplant-acties. Door zijn toedoen
zijn in de door snelle ontbossing geplaagde omgeving van de
Kilimanjaro al meer dan een miljoen bomen geplant. Chuwa
begon ook grenadilzaden te verzamelen. Hij zette
plaatselijke boeren aan zaailingen te produceren en de
boompjes uit te planten om de toekomst van de grenadil te
verzekeren. “De mpingo is een sterke boom die niet veel
water nodig heeft”, zegt Chuwa. “Boeren kunnen hem op hun
velden zetten want hij haalt geen voedingsstoffen weg die
maïs, koffie of bananen nodig hebben en brengt zelfs
stikstof in de bodem. Bij de Chagga’s, een bevolkingsgroep
die op de hellingen van de Kilimanjaro leeft, wordt de boom
overigens beschouwd als een gelukbrenger.”Een aparte
grenadilkwekerij die Chuwa in de buurt van Moshi opzette,
draait nu op volle toeren.
Chuwa kreeg hulp van de
Faraja Vrouwengroep, een plaatselijke vrouwenvereniging.
Yusta Tarimu, de leidster van de groep, zegt dat ze vorig
jaar 35.000 grenadilboomjes konden planten. Dit jaar hopen
ze met de hulp van mensen uit omliggende dorpen nog eens
100.000 boompjes te planten. Chuwa heeft ook meer dan 3000
zaailingen geleverd aan houtsnijders in de streek, die de
bomen rond hun ateliers hebben geplant. “Volgend jaar hoop
ik dat ze ruim 10.000 plantjes in de grond stoppen”, zegt
Chuwa. Dat is nodig, want de houtsnijders verwerken per jaar
ongeveer 1.500 volwassen grenadilbomen.
De boomplant-acties hebben Chuwa zo bekend gemaakt dat hij
gekozen werd tot lid van de stadsraad van Moshi. Daar zorgde
hij voor een strengere aanpak van illegale houtkap. Wie in
de omgeving van Moshi bomen wil vellen om het hout te
verkopen, moet minstens 10 nieuwe bomen extra aanplanten en
moet een deel van de opbrengst afgestaan worden voor de
financiering van plaatselijke ontwikkelingsprojecten.
Denis Gathanju
(IPS)
Nieuw milieuvriendelijk beton gaat 16.000 jaar mee
Ingenieurs van het prestigieuze Massachusetts Institute of
Technology (MIT) hebben een nieuw, milieuvriendelijk soort
beton ontwikkeld dat 16.000 jaar lang meegaat.
Beton is een bijzonder stevig materiaal, maar toch treedt er
geleidelijk een vervorming op, door een reorganisatie van
partikels op nanoschaal. Dat proces wordt “creep” genoemd.
De onderzoekers van het MIT onderzochten hoe ze dat proces
konden vertragen en bewezen met een mathematisch model dat
een vertraging een exponentieel effect heeft op de
duurzaamheid van het beton. Huidig beton gaat zo’n honderd
jaar mee, maar door het vervormingsproces met een factor van
2,6 te vertragen, konden de onderzoekers
ultra-high-densitybeton (UHD) tot 16.000 jaar sterk houden.
De onderzoekers denken daarbij op korte termijn aan erg
gespecialiseerde toepassingen zoals containers voor
radio-actief afval, die duizenden jaren sterk moeten
blijven. Maar als het UHD-beton op termijn in de hele
bouwsector ingang vindt, kunnen de positieve effecten voor
het milieu enorm zijn. Beton is een van de meest gebruikte
bouwmaterialen ter wereld. Jaarlijks wordt er twintig
miljard ton van geproduceerd, goed voor 5 tot 8 procent van
de jaarlijkse menselijke uitstoot van CO2.
De nieuwe betonsoort kan die hoeveelheid aanzienlijk
terugdringen. Door de langere levensduur hoeft er minder
snel gebouwd of gerenoveerd te worden. Door sterkere
structuur kunnen bovendien veel lichtere constructies
gemaakt worden, waardoor er veel minder materiaal nodig is.
Joren Gettemans
(IPS)
Première van Arie Verkuyl’s
filosofische productie:
ELK EIND IS EEN BEGIN
Schitterend camerawerk van prijswinnaar Milton Kam
door: Carlo Jadnanansing
Op dinsdag 16 juni ging de nieuwste productie van filmmaker
Arie Verkuyl in première. Dit geschiedde in het kader van
het Internationaal filmfestival van The Back Lot in een goed
bezet theater Thalia.
De kern van het verhaal is de zoektocht van een jonge Franse
parfumiste Fabienne (Laura Spoor) naar haar collega Sophie
(Renée Fulgence), die spoorloos (tevens een woordspeling op
de naam van de hoofdrolspeelster) verdwenen is in het
tropische regenwoud. Later blijkt dat Sophie, die op zoek
was naar nieuwe geuren voor haar werkgever, zo gefascineerd
raakte door haar nieuwe omgeving (Pelelu Tepu), dat ze
besloot zich daar blijvend te vestigen. Haar ervaring was
dat ze eindelijk haar Ware Zelf had ontdekt en daardoor
zichzelf gerealiseerd had.
Tijdens Fabienne’s speurtocht op de Centrale Markt en in
diverse cosmetica winkels wordt de Frans sprekende
hoofdrolspeelster niet begrepen. Dit levert vele amusante
taferelen op, die op de lachspieren van het publiek werken.
Uiteindelijk belandt Fabienne op het juiste Spoor: Pelelu
Tepu. Zij wordt bevangen door de hitte en valt in zwijm. Zij
wordt echter liefdevol opgevangen door onze oudste bewoners.
De aldaar wonende Indianen zijn van de Trio stam en het
opvallende is dat zij een bijna blanke huidskleur hebben. Na
een inwijdingsritueel wordt Fabienne als lid van de stam
opgenomen. Zij sluit vriendschap met een jong vrouwelijk lid
van de stam (Erisapeti Ihumu) die haar permanente
begeleidster wordt. Zij probeert ook de taal van hen te
leren en bezoekt daarvoor de plaatselijke lagere school.
Deze scène levert vele verrassingen op. De grootste is naar
mijn mening het acteertalent van de Trio kinderen. Deze
spelen hun rol op zo’n natuurlijke wijze dat je even vergeet
dat je naar een film kijkt.
Evenals de andere films van Verkuyl wordt ook in deze
rolprent gebruik gemaakt van het monologe intérieur. De stem
leest uit het werk van een filosofisch georiënteerde
schrijver (Charon). De kern van zijn boodschap is dat alles
wat leeft, uiteindelijk vergaat. Dit vergaan is echter een
terugkeer naar de oerbron, waaruit alle leven voortkomt. Uit
deze oerbron wordt weer geput voor nieuw leven. Doodgaan
betekent dus slechts het verlaten van het lichamelijk
omhulsel en voortleven in het Collectief Geheugen. Ook
tijdens het leven kun je uit dit Geheugen putten en je ware
zelf realiseren.
De film draagt de Universele Eenheidsfilosofie uit, door de
Hindoes Vedanta genoemd, en spreekt mij daarom bijzonder
aan.
Het typerende van deze 93-minuten durende film is dat de
toeschouwer het gevoel krijgt dat elk moment de actie zal
losbarsten. Dit bewerkstelligt dat het publiek geboeid
blijft kijken, terwijl de verwachte actie uitblijft. De
boodschap komt echter goed over.
De in de USA wonende en werkende Surinaamse cineast Milton
Kam, die een internationale prijs heeft gewonnen voor zijn
camerawerk in de op vele festivals bekroonde film Vanaja,
heeft er zorg voor gedragen dat het publiek op schitterende
beelden van ons binnenland wordt vergast.
De begeleidende muziek is prachtig, soms meditatief, maar is
westers georiënteerd. Slechts heel kort hoort men twee Trio
instrumenten. Verkuyl gaf te kennen dat er niet voldoende
inheemse muziek voorradig was voor zijn productie. Zoals
iemand tijdens de discussie in de lounge na de film
opmerkte, zou Inca muziek een beter alternatief geweest zijn
dan de opera-achtige gezangen. Voor velen kwam dat zelfs als
de misschien enige storende factor over. Arie gaf echter te
kennen dat de muziekkeuze een bewuste is waar hij geheel
achter staat. In ieder geval heeft hij met zijn film goede
indianenverhalen verteld, die velen tot in hun ziel geroerd
hebben.
Ook het spel van de debuterende, onbezoldigde acteurs, is
niet onverdienstelijk. Als we bedenken dat ook deze film van
de low budget klasse is, kunnen we alleen maar bewondering
hebben voor de maker, zijn cast en crew.
Chaque fin est un début (Elk eind is een begin). Dat
betekent dat na de voltooiing van zijn laatste film (fin)
wij binnenkort weer een nieuwe (début) kunnen verwachten van
Arie. Wij mogen toch onbeperkt blijven putten uit het
Collectieve Geheugen!
Onze mentaliteit
haalt ons onderuit !
Op 25 mei 2009 was het precies 4 jaar geleden dat de laatste
algemene, vrije en geheime verkiezingen in ons land werden
gehouden. Een groot deel van onze landgenoten ging toen naar
de stembus, nadat zij met mooie woorden waren omgepraat, met
de hoop politici te kiezen die voor welvaart en welzijn
zouden zorg dragen. Als lid van het hoofdstembureau in een
grensdistrict, heb ik mogen toezien op een volgens de
wettelijke regeling juist verloop van de stembusgang. Elkeen
aan wie deze taak wordt toevertrouwd, krijgt een helder
beeld van welke figuren allemaal worden gekandideerd voor
belangrijke posten. Het doet zeer om te ervaren aan wat voor
karakters de wettelijke regelingen de mogelijkheid biedt om
zich te kandideren. De tijd zal uitwijzen of enige
parlementariër de durf kan opbrengen om een voorstel in te
dienen om wettelijke regelingen ten aanzien van kandidaten
voor DNA, DR en RR leden aan te scherpen.
Onze zogenaamde ervaren politici hebben nog steeds niet
bewezen het goed te kunnen doen. Bewezen is wel dat zij
binnen de gekozen termijn zichzelf hebben verrijkt. Tegen
het einde van de gekozen termijn komen zij tot de
verhelderende ontdekking dat de termijn niet voldoende is en
het volk gebukt gaat onder vele noden. De modus operandi van
deze politici is, dat opnieuw gevraagd wordt om hen een kans
te geven, zodat zij nu wel binnen de kortste keren in staat
kunnen zijn om u van uw noden te verhelpen. Frappant is wel
dat grieven van het volk eerder naar het rijk der fabelen
werden verwezen. Nu komt men echter tot de ontdekking dat
mensen pinaren en worden er daarom tot de verkiezingen
gaarkeukens voor deze groep opgezet. Dakloze travestieten,
drugsverslaafden en vrouwen van lichte zeden worden op weg
naar de verkiezingen onderdak geboden. Wij zien dat politici
“on the wings of the devil” kerkgenootschappen binnen
sluipen en de religie misbruiken om ook te gaan voor het
goud.
Een analyse van de mening van het overgrote deel van het
volk in interviews, gevolgde gesprekken of een tête -á- tête
leert dat een veel te belangrijk deel niet ontwikkeld, dan
wel goedgelovig is. Aan een ander deel van onze samenleving
wordt persoonlijk een worst voorgehouden waardoor het
egoïsme en de hebzucht naar boven wordt gehaald en men
blindelings de politicus volgt om er uiteindelijk toch
bedrogen van af te komen. Wij zien dat binnen politieke
partijen: de voorzitter tot de dood aan de macht wil
blijven; vernieuwingsbewegingen ontstaan, soms daadwerkelijk
voor verbetering, maar vaak ook uit machtswellust;
splitsingen ontstaan als bejaarde voorzitters komen te
ontvallen dan wel eindelijk de bak in moeten gaan. Pro Deo
aangeboden werkbare partijrichtlijnen worden terzijde
geschoven en getracht wordt om de leden juist de
ondemocratische procedures door hun keel te drukken. Een
zucht van verlichting bij verfoeilijke politici, verraadt de
heersende gedachten: “ek go katha hatge” (een sta in de weg
is verdwenen) bij het uit de weg hebben geruimd van goed
menenden.
Politici maken dankbaar gebruik van de onderontwikkeling,
het egoïsme, de hebzucht, de verdeeldheid en het niet durven
van leden van het electoraat. Indien u echter vele
landgenoten, die tegen hun principes in bewust een scheve
schaats rijden, diep in de ogen blijft aankijken, dan ziet u
uit de schaduw van hebzucht en verraad de schaamte zich
schoorvoetend manifesteren. Deze omslag in de blik van die
landgenoten logenstraft dat er geen verandering van attitude
mogelijk is. Vandaar de opdracht aan u: verdrijf het
egoïsme, de hebzucht en de smacht naar macht in u en verruil
die voor een ontwaakt gevoel van liefde voor ons land.
Drs. Frits Lalay
Het Sarnami- couplet
Tijdens de viering van 136 jaar Hindostaanse Immigratie op
vrijdag 5 juni 2009 heeft zich een incident voorgedaan waar
toch wel elke burger van dit land aandacht aan moet
besteden. De organisatie Culturele Unie Suriname (CUS)
weigerde het Surinaams volkslied te spelen, ondanks het feit
dat de president en de vicepresident van Suriname en andere
buitenlandse hoogwaardigheidsbekleders uitgenodigd en ook
aanwezig waren.
De President van Suriname had de CUS duidelijk gemaakt dat
indien men ter plaatse een Sarnami-couplet van het Surinaams
volkslied ten gehore zou brengen, hij de plaats zou
verlaten. Uit protest weigerde de organisatie het officieel
Surinaams volkslied te spelen.
In een democratisch land heeft een ieder het recht welk lied
dan ook te vertalen in zijn moedertaal en dit te zingen in
huiselijk-, familie- dan wel vriendenverband. Wanneer men
echter aan wettelijke verworvenheden wil komen, hebben wij
met een ander “ballgame” te maken.
Een ieder heeft het recht een mening te poneren, maar wat
vaak door degenen die zich democraten noemen niet begrepen
wordt is, dat de anderen ook het recht hebben niet naar jou
te hoeven te luisteren. Ook dat is democratie!
Indien CUS een derde couplet in het Surinaams volkslied wil,
zal men aan de rest van de Surinaamse gemeenschap eerst de
volgende vragen moeten komen beantwoorden:
- Wat is het probleem met het huidige volkslied?
- Waarom wil men een Sarnami-couplet en moeten wij dan niet
meteen ook een Chinese, Javaanse, Arowakse, Aucaanse,
Saramaccaanse, Joodse, Braziliaanse, hiphop-, rasta-couplet
maken?
- Wat zijn de morele intenties van CUS om met zo’n eis te
komen?
- Wat is het vervolgtraject? Wil men straks ook de inheemsen
zien verdwijnen op het Surinaams wapen? Wil men het
Nederlands niet meer als officiële taal? Zullen alle
Surinaamse straatnamen twee, drie, vier verschillende
vertalingen krijgen?
Om het Sarnami couplet goed te praten, meent men het
Surinaamse couplet te moeten aanvallen. Wat wij in dit land
moeten gaan begrijpen, is dat de toevoeging van het
Surinaams couplet een gepasseerd station is. Het is een
verworvenheid en daar komen wij niet aan. Een vijfdaagse
werkweek, een 8-urige werkdag, de Surinaamse
onafhankelijkheid, de afschaffing van de slavernij, de
beëindiging van contractarbeid zijn allemaal verworvenheden
en daar gaan wij nu toch niet over debatteren? Wie heden ten
dage over het Surinaams couplet wil gaan debatteren, is in
de tijd blijven steken.
De Culturele Unie Suriname wil een derde couplet, wat men
dan als democratische minderheid moet doen, is dat men moet
gaan lobbyen bij de meerderheid van de Surinaamse
gemeenschap en deze met rationele- en steekhoudende
argumenten trachten te overtuigen om zodoende het gelijk aan
haar zijde te krijgen. Heeft men eenmaal voldoende
ondersteuning dan moet men trachten via een referendum een
derde couplet te realiseren. By the way: Wie zegt mij dat
het huidig couplet de juiste weergave is van het Surinaams
volkslied?
Het beledigen van het Surinaams volk door het Surinaams
volkslied niet te spelen op 5 juni, tijdens een officieel
evenement, waarbij zowel de president als de vicepresident
aanwezig waren, heeft de ware dictatoriale aard van de CUS
getoond.
Surinamers opgepast!
Ricky W. Stutgard M.Sc.
VEILIGHEID EN INTERNATIONALE
SAMENWERKING
DE BETEKENIS VAN HUMAN SECURITY ( deel 1 )
Kriesnadath Nandoe
Veiligheid als concept kent vele dimensies en is terug te
vinden in allerlei aspecten van publieke veiligheid.
Publieke veiligheid kan door allerlei oorzaken worden
verstoord of in gevaar worden gebracht, zoals:
a. transnationale misdaad (illegale handel in drugs, wapens
en mensen, witwassen van gelden);
b. ten gevolge van globalisering, zoals negatieve effecten
van milieu en klimaatverandering, epidemieën, financiële
instabiliteit;
c. terrorisme.
De veiligheid van de staat en zijn burgers kan ook aangetast
worden door ontvoeringen, criminele activiteiten van
jeugdbendes, moderne communicatiemiddelen (cybercrime) en
gemakkelijk te verkrijgen wapens.
Bij de bestudering van deze oorzaken blijkt dat er ook een
verband bestaat tussen een aantal specifieke problemen en
misdaad en geweld.
In een uitgebreide studie van de International American
Development Bank getiteld ‘Outsiders? The changing patterns
of exclusion in Latin America and the Caribbean 2008’ wordt
het volgende aangehaald ‘Ultimately, the problem of public
security lies at the intersection of a number of other
problems in Latin America: poverty, economic discrimination,
weak rule of law, corruption and impunity and migratory
trends’ (1).
Volgens Latinobarometro beschouwt 17% van alle Latino’s het
ontbreken van adequate veiligheid als één van de
belangrijkste - op armoede en werkloosheid na - problemen
van de gemeenschap. Tussen 2003 en 2006 is dit percentage
verdubbeld en ziet men ‘personal security ranks as the most
direct challenge facing society’(2). In de Caraibische regio
is de situatie niet beter ‘the Caribbean region is recording
one of the highest murder rates, along with other forms of
violent crimes’.
De handel in drugs – die op US$ 320 miljard per jaar wordt
geschat – stelt drugskartels en criminelen in staat ‘macht’
te kopen (corruptie). Hierdoor kunnen politieke- en
aanverwante instellingen worden gedestabiliseerd, kan
duurzame ontwikkeling worden ontwricht en kan de nationale
veiligheid in gevaar worden gebracht. Volgens de
Inter-American Development Bank kunnen de kosten voor
bestrijding van misdaad en geweld op 14% van het BNP van de
Latijns-Amerikaanse landen worden geschat.
Tijdens het symposium – georganiseerd door het Institute of
International Relations – over ‘Latin American and Caribbean
Relations within an Evolving Global Context’ ging de
vertegenwoordiger van de ‘United Nations Office on Drugs and
Crime Latin American and Caribbean Unit’ uitvoerig in op
verschillende kostenaspecten van misdaad en
geweldbestrijding (3).
• Direct costs: the value of all goods and services used to
prevent violence or offer treatment to its victims or
perpetrators. This has been the most commonly estimated
category of costs and includes health costs, police, justice
and prison costs, as well as resources spent on private
security measures. While the most frequently measured, this
category may not be the most important.
• Non-monetary costs: higher mortality and morbidity rates
that result in pain, suffering and death, but not
necessarily result in either expenditures on health care or
in easily quantifiable economic losses.
• Economic multiplier effects: impacts on human capital,
labor force participation, lower wages and incomes, savings
and macroeconomic growth.
• Social multiplier effects: erosion of social capital,
inter-generational transmission of violence and lower
quality of life.
In de afgelopen 10 jaren zijn talrijke regionale en ook
mondiale bijeenkomsten gehouden over de bestrijding,
vermindering en eliminering van vraag en aanbod van de
productie, verwerking, handel en consumptie van drugs
alsmede over internationale samenwerking op het gebied van
veiligheid.
Tijdens deze bijeenkomsten werden goed bedoelde - vaak
ambitieuze - Declarations en Action Programs aanvaard,
waarin aangedrongen wordt op het treffen van
beleidsmaatregelen zoals:
1. gezamenlijke aanpak, in regionaal- en multilateraal
verband, van transnationale misdaad (joint and shared
responsibility);
2. uitwisseling van ervaring, kennis, intelligence en alle
andere relevante informatie;
3. uitbreiding/versterking van samenwerking tussen staten en
regionale- en mondiale gespecialiseerde organisaties;
4. het zoveel mogelijk betrekken van de gemeenschap (NGO’s)
alsmede niet-statelijke actoren (internationale NGO’s);
5. het nastreven van een ‘balanced and mutually reinforcing
approach’ van vraag en aanbod van drugs;
6. het beschikbaar stellen of aantrekken van voldoende
financiële middelen zodat de bestrijding van misdaad en
geweld als gevolg van transnationale misdaad kan worden
gecontinueerd op basis van een lange termijn visie.
De praktijk wijst uit dat de hierboven genoemde afspraken,
wensen, verlangens en toezeggingen niet altijd of in
onvoldoende mate kunnen worden gerealiseerd. ‘There
inevitably are large gaps between rhetoric and reality,
between commitments in international declarations and
efforts, in capitals to alter national policies and actions.
Governments are ready to cooperate with the process only if
the final agreement is in their perceived national interest
and if they are able to persuade important domestic
constituencies and bureaucracy(4).
Als oorzaken kunnen enerzijds worden genoemd het ontbreken
van politieke wil of het stellen van onevenredig hoge eisen
en/of voorwaarden door bepaalde staten. Anderzijds hebben
vele staten geen lange termijn op realiteit gebaseerde
veiligheidsvisie ontwikkeld en wordt op ad hoc basis gewerkt
aan institutional capacity building, het voorbereiden van
belangrijke internationale bijeenkomsten en het zoeken naar
fondsen.
Ruim 10 jaren geleden werd de eerste Special Session over
drugs door de Verenigde Naties in New York georganiseerd. De
commitments – aanvaard tijdens deze bijeenkomst (UNGASS) -
werden besproken tijdens de bijeenkomst van de VN Commission
on Drugs, die van 11-20 maart 2009 in Wenen werd gehouden.
In het Rapport dat voor deze bijeenkomst werd voorbereid
(5), wordt onder meer het volgende opgemerkt :”The approach
adopted at the time of the UNGASS (1998) relied on a series
of global drug control plans that laid down broad principles
and goals. In 2009 statistics speak loud and clear: The
world drug situation has been stabilized over the past 10
years. We call this containment, which is, of course,
unsatisfactory given the UNGASS objective of reducing the
problem”.
Het bestrijden van het drugsprobleem is weliswaar
grotendeels gestabiliseerd en beheersbaar geworden, maar in
de Politieke Declaratie - goedgekeurd door de bijeenkomst in
Wenen – wordt nuchter vastgesteld dat: “One decade after the
commitments made at the 20th Special Sessions of the General
Assembly to address the world drug problem, notwithstanding
the ever increasing efforts and progress made by states,
relevant international organizations and civil society, the
drug problem continues to pose a serious threat to the
health, safety and well-being of all humanity, in particular
youth, our most precious asset” (6).
(Wordt vervolgd)
N o t e n :
1. Outsiders? The Changing Patterns of Exclusion in Latin
America and the Caribbean 2008. The Economic and Social
Progress Report, Interamerican Development Report 2007.
2. Council on Foreign Relations. US-Latin American
Relations. Report 60
3. Report on the Symposium Latin American and Caribbean
Relations Within an Evolving Global Context. Javier Montaño,
ADEKUS 2009
4. Emmery L., Jolly R., Weiss T. : UN Idea’s and Global
Challenges
Indiana Press
5. Commission on Narcotic Drugs
E/CN.7/2009/CRP – E/CN.15/2009/CRP.4
6. Economic and Social Council
E/CN/. 7/2009/L.2
VEILIGHEID EN INTERNATIONALE SAMENWERKING
DE BETEKENIS VAN HUMAN SECURITY ( deel 2)
Kriesnadath Nandoe
Zoals eerder gesteld omvat het veiligheidsprobleem allerlei
aspecten en in dit verband kan worden gewezen op de
activiteiten die in regionaal en mondiaal verband worden
ontplooid. In october 2008 werd “The first meeting of
Ministers responsible for public security in the America’s’
in Mexico City gehouden.
In een rapport dat door de Secretaris-Generaal van de
Organization of American States (7) voor de Mexico
conferentie werd voorbereid, wijst Secretaris-Generaal
Insulza erop dat “The root causes of this phenomen (crime)
are to be found – primarely – in organized crime; above all
drug trafficking and related offenses and the corruption
they generate. Much of the street violence affecting
citizens is related to that scourge, which, we can safely
say, no country in the region is completely free from’. In
dit verband wordt steeds meer benadrukt dat bij
criminaliteitsbestrijding ook sociaal-economische factoren
in beschouwing moeten worden genomen.
De Secretaris-Generaal van de Organisatie van Amerikaanse
Staten is van oordeel dat armoede alleen niet als
hoofdoorzaak moet worden gezien, maar ‘there is a very clear
correlation with crime when poverty is combined with other
factors, such as the inequality, marginalization, and
exclusion endured by a very large segment of the population’
(8).
In de regio is inderdaad sprake van sociale
onrechtvaardigheid, waarbij grote delen van de bevolking
worden gemarginaliseerd, die geen of nauwelijks toegang
hebben tot onderwijs, gezondheids- en sociale zorg en die
niet kunnen beschikken over bouwgrond. Weliswaar is de
armoedegrens van 48% in 1990 gedaald tot 37%, maar het
aantal armen is in feite gestegen tot 200 miljoen in 2008.
Deze mensen leven op dagbasis met een inkomen van US$ 1 – 2
(9).
In 1994 werd in het UNDP Human Development Report het
concept menselijke veiligheid (human security)
geïntroduceerd dat in het veiligheidsdebat ook een plaats
heeft verworven; het welzijn van de mens wordt hierbij
centraal gesteld. Er wordt ervan uitgegaan dat bij
misdaadbestrijding naast ‘reliance on the criminal justice
system’ - dus een meer repressieve aanpak - ook rekening
gehouden moet worden met structurele factoren die aan
misdaad en geweld ten grondslag liggen. Het bestrijden van
symptomen en uitwassen is niet voldoende, ook de ‘root’
causes moeten worden onderzocht en aangepakt.
Over het concept van ‘human security’ bestaan er meerdere
opvattingen, maar het is goed hierbij de visie van oud
Secretaris-Generaal van de Verenigde Naties Kofi Annan (10)
te verwoorden. ‘Human security kan niet alleen begrepen
worden in puur militaire termen, maar ook economische
ontwikkeling, sociale rechtvaardigheid, bescherming van het
milieu, democratisering, ontwapening en respect voor
mensenrechten en de rechtsstaat’.
Interessant is dat ook tijdens de recente bijeenkomst in
Wenen het aspect van ‘human security’ aan de orde is
geweest. ‘Counter measures against the drug problem must be
conceived as a part of integrated measures, targeted and
timed to treat causes, not symptoms and to achieve maximum
impact with minimal side effects (11).
Op 8 october 2008 werd the Commitment to Public Security in
the America’s (12) tijdens de Mexico bijeenkomst aanvaard.
Hierin wordt reeds in de eerste paragraaf gesteld dat de
zorg voor publieke veiligheid de exclusieve plicht is van de
staat, dat hierbij de ‘rule of law’ in acht moet worden
genomen en dat van de staat mag worden verwacht dat het
welzijn en de veiligheid van de burgers worden beschermd.
Wat zijn de ‘instruments’ die de staat ter beschikking zou
moeten hebben om zijn veiligheid en het welzijn van de
burgers te beschermen? Ter beantwoording van deze vraag kan
op basis van de Mexico Committment en andere relevante
documenten, en afhankelijk van de positie die de betreffende
staat in het maatschappelijk en interstatelijk verkeer
inneemt, van een staat worden verwacht dat het een
veiligheidsbeleid voert, gericht op onder meer:
- Goede functionering van professionele en legitieme
veiligheidsinstituten;
- bevordering van het vertrouwen in deze instellingen als
leveranciers van veiligheid, mede door consequent het in
acht nemen van de ‘rule of law’. Volgens Harvard’s Fallen
(13) wordt met ‘rule of law’ beoogd dat:
- The rule of law serves to protect people against anarchy;
- To allow people to plan their affairs within confidence
because they know the legal consequences of their
activities;
- To protect people from the arbitrary exercise of power by
public officials.
- Het voeren van een consistent beleid, op basis van een
integraal op lange termijn gerichte veiligheidsvisie,
waarbij niet alleen bilaterale en mondiale samenwerking een
belangrijke plaats innemen, maar ook regionale samenwerking
(joint and shared responsibility);
- Het betrekken van niet statelijke nationale (NGO’s) en
internationale actoren (Human Rights Watch) bij misdaad en
geweld bestrijding.
Paramaribo, mei 2009
N o t e n :
7. Report of the OAS Secretary-General
OEA/SER. K/XLIX/1
8. Ibidem
9. Zie noot 2 ( uit deel 1)
10. Kofi Annan: Towards a Culture of Peace: Letters to
Future Generations
UNESCO, 2005
11. Zie noot 5 ( uit deel 1)
12. Commitment to Public Security in the America’s
OEA/SER.K/XLIX.1
13. Stromseth, G., Wipmann D., Brooks R.: Can Might Make
Right?
Cambridge, University Press
Verzoekschrift oftewel petitie om hulp wegens ontruiming
Meest recent ontving ik, Gaitrie Shamwatie Jurawan, geboren
op 1 augustus 1970 te Nickerie, gescheiden van de heer
Ramdjiawan Soeradj, op grond van een gerechtelijk proces
welke ongeveer 4 jaar duurde, het vonnis dat ik mijn huis en
perceel, met het adres bekend als Verlengde
Girjaisinghstraat perceel no. 1092 te Van Pettenpolder in
het district Nickerie, welke ik sedert 1992 heb bewoond en
geheel mijn verdiend kapitaal in stopte, moet ontruimen en
ter vrije beschikking moet stellen van mijn ex- man
hierboven vermeld.
In 1989 trad ik in het huwelijk met voornoemde man en in
1991 is het huwelijk ontbonden. Echter woonde ik nog samen
met hem. In het jaar 1992 betraden wij (ex- man en ik) het
desbetreffende perceel en hebben toen samen het woonhuis
opgezet, uiteraard ook met medewerking van zijn vader. In
datzelfde jaar, en wel op 19 december 1992, is mijn eerste
kind genaamd Radha Ramjiawan in het desbetreffende huis
geboren. Vervolgens zag onze tweede dochter op 04 november
1995 het levenslicht. Haar naam is Devika Ramjiawan. In 1997
ging de vader van deze kinderen (ex- man) het huis uit met
blijkbaar het doel met een andere vrouw een relatie aan te
gaan.
Dat is ook gaan
resulteren in een situatie waar ik sinds zijn vertrek de
volledige zorg moest dragen over de kinderen en het
onderhoud van het woonhuis en perceel. Dus reeds 12 jaren
lang heb ik als een zelfstandige vrouw aan de weg getimmerd
om de twee kinderen het beste te geven van alles wat zij
nodig hebben, terwijl de vader niet om zijn eigen kinderen
tot nog toe heeft bekommerd. Alle investeringen aan het
woonhuis zoals, verbouwing alsmede het aanmaken van voor- en
achterbalkon en een uitbouw waar 30 zinkplaten moesten
worden opgezet, het aanleggen van waterinstallatie en
elektriciteit en het maken van de omrastering, behoren tot
de investeringen die ik vanwege noeste arbeid zonder enige
inbreng van de ex- man heb weten te bewerkstelligen.
In 2002 is na een gerechtelijk proces het vonnis uitgekomen
met betrekking tot alimentatie ten behoeve van zijn
kinderen. Echter is door betrokkene, nu reeds 6 jaar, nimmer
invulling gegeven aan dat vonnis. Ook niet nadat ik
ettelijke malen aan de bel heb getrokken bij het kantoor van
justitie, waar hij over zwaar materieel beschikt en zowel in
Paramaribo een aantal maanden geleden en thans in Nickerie
projecten uitvoert voor de overheid en particulieren.
Ten aanzien van het perceel no. 1092, heb ik sinds het
moment dat de heer Ramjiawan Soeradj het huis verliet een
onderzoek ingesteld op het Domeinkantoor in Paramaribo. Bij
het onderzoek was het nog een vrij perceel en maakte ik dan
van de gelegenheid gebruik om dit meteen aan te vragen,
aangezien ik reeds daarop had geïnvesteerd. Het resultaat
van het onderzoek was dat de heer Ramjiawan Soeradj op dat
moment een ander perceel aan het regelen was, namelijk no.
1192 op zijn naam te doen krijgen. Echter werd ik later met
verbijstering geconfronteerd met het feit dat het perceel,
waarvan ik de bewijzen heb de eerste aanvrager te zijn
geweest, ook is toegewezen aan de heer Ramjiawan Soeradj.
Dus hij heeft gehad het perceel 1192 en perceel no. 1092.
In 2005 consulteerde de heer Ramjiawan Soeradj, de
deurwaarder dhr. Bharos P. in Nickerie, waarna deze mij ook
in hetzelfde jaar ontruiming van het pand sommeerde.
Vervolgens is deze zaak civielrechtelijk door de heer
Ramjiawan Soeradj aangevochten en resulteerde in het vonnis
op 24 mei jongstleden inhoudende “ontruiming en ter vrije
beschikking stellen van het perceel ten behoeve van de heer
Ramjiawan Soeradj”.
Voor mij een heel verbijsterende zaak met veel pijnsituaties
van verdriet en angst sinds het vertrek van mijn ex- man,
dhr. Ramdjiawan Soeradj, en dan nog de strijd die hij aan
het voeren is ondanks gerechtelijk bevel op grond van
alimentatie niets voor zijn eigen kinderen te doen en
uiteindelijk tot het laatste vonnis, waarbij het pand dat ik
met veel zweet, bloed en tranen reeds 12 jaar alles in stand
heb gehouden, met de veronderstelling gegeven de aanvraag
bij het Domeinkantoor, dat het aan mij zou worden
toegewezen, toch in het voordeel van de tegenpartij is
beslecht.
De uitvoering van het besluit van de rechter in deze kan ter
zake niet onherroepelijk worden uitgevoerd, aangezien de
kinderen, die ‘dakloos’ worden gemaakt, ook kinderen zijn
van de tegenpartij. Ook mijn persoon heeft geen alternatief.
Dat het besluit van de rechter in onze rechtstaat
gerespecteerd dient te worden, echter ben ik van mening dat
gegeven de positie van de vrouw in deze, zij geheel aan haar
lot is overgelaten en dat mijn persoon veel geweld is
aangedaan. Ook de kinderen zijn in deze ernstig en op zeer
wrede wijze zowel door de vader als door het besluit van de
rechter gekwetst. Aan de wet op kinderbescherming en stop
geweld tegen vrouwen is hierbij geheel voorbijgegaan.
Aan u, weledelgestrenge heer drs. Shankar Bhagwatpersad,
burgervader van mij en alle overige Nickerianen, vraag ik
onverdeelde aandacht in naam van God, binnen korte termijn
het daarheen te leiden, mij te ondersteunen met raad en
daad, derhalve ervoor te pleiten en/ of creëren van een
mogelijkheid om desnoods de vader des kinderen het verzoek
te doen toekomen de zaak betreffende het vonnis te laten
seponeren, opdat zijn kinderen en ik met rust worden gelaten
en gaan over tot de orde van de dag.
Ik geloof u hiermede summier informatie te hebben verstrekt
aangaande deze kwestie en hoop heel gauw van u het
oplossingsmodel te vernemen.
Aldus naar waarheid opgemaakt en getekend d.d. 07 juni 2009
te Nickerie,
Mw. Jurawan Gaitrie Shamwatie
Huiselijk geweld
Nederland was enkele weken geleden in rep en roer. Een klein
kind zou door een manspersoon zijn ontvoerd. Kort hierna
bleek de “dader” de biologische vader van het “ontvoerde”
kind te zijn. Ook kwam men erachter dat vader en dochter
ondertussen in de Verenigde Staten vertoefden. Intussen was
de Nederlandse rechtspraak vlot met het uitspreken van een
gebod dat voorziet in de onvoorwaardelijke terugkeer van
kindje Katja bij haar Oekraïnse moeder. De vader werd zonder
vorm van welk (milieu)onderzoek dan ook op voorhand tot
wetsovertreder gestigmatiseerd.
Kort nadat het verhaal van de vader naar buiten kwam, bleek
dat het door een moeder op een vader en dochter gepleegd
psychisch geweld aan de basis van dit gebeuren staat. Een
moeder die de normale omgang tussen vader en dochter
frustreert, zoniet onmogelijk maakt, leidde waarschijnlijk
tot dit handelen van vader Leendertz. Moeders die kinderen
lichamelijk en geestelijk mogen mishandelen worden door
weldenkende mensen, zonder enige vorm van proces, geheel ten
onrechte a priori in bescherming genomen jegens hun (ex)
echtgenoten. Dat in dat geval zowel de mensen-, burger- en
kinderrechten fundamenteel worden geschonden, staat buiten
kijf. Waar staat bovendien geschreven dat een moeder per
definitie een betere opvoeder van een kind is? Wat maakt een
vader minder als opvoeder van kinderen? Dit prerogatief in
de richting van vrouwen is niet alleen belachelijk en
levensgevaarlijk voor jonge kinderen, maar ook een
maatschappelijke en meer nog gerechtelijke dwaling. Er zijn
namelijk vaders in soorten net zoals er moeders in soorten
zijn.
De ene zich misdragende vader is de andere zorgzame vader
niet, evenals het gedoodverfde moederrolmodel een utopie is.
Talloze moeders zetten hun jonge kinderen vaak in als middel
om rancune op ex-partners te botvieren, maar in het
bijzonder om economische voordelen, zoals alimentatie veilig
te stellen. Op deze manier wordt een man tot melkkoe
gedegradeerd!
In het onderhavige geval van Katia komt nog bijkijken dat nu
de “dader” een man is, alle justitiële registers zijn
opengetrokken. De klopjacht op de man, werd Europa-wijd
ingezet, hetgeen niet kon verhinderen dat deze man met zijn
dochter veilig de Verenigde Staten kon bereiken. Indien de
rollen omgekeerd waren, de vrouw aan de haal was gegaan met
haar kind, dan was er als te doen gebruikelijk geen enkele
maatregel getroffen. Zelfs wanneer het meervoudig gepleegde
ontvoeringen door moeders betreft, kijken justitie en
politie op het eerste gezicht, de andere kant op. Dat
ontvoeringen van kinderen naar landen waar recht noch wet
van westerse landen worden gerespecteerd en het eventueel
terugleiden van ontvoerde kinderen op voorhand kansloos
blijft, is wereldwijd bekend. Wanneer daarbij opgeteld wordt
dat eenzijdige dictaten van de machtspotentaten in die
landen, andermans kinderen vanwege de nationaliteit van een
moeder, zonder vorm van proces dwingend tot staatsburger van
die landen verklaren, dan is de cirkel van het gevaar voor
deze ontredderde kinderen rond.
Westerse landen die dit gegeven bekend is, zien
desalniettemin kans om via justitiële maatregelen jonge
kinderen in die posities te manoeuvreren, waarbij die
overgeleverd geraken aan willekeur, culturele achterlijkheid
en barbarij. Anderzijds dient te worden opgemerkt dat het
huiselijk geweld dat door beschaafde landen wil worden
bestreden, meer kanten heeft. Aan de ene kant, het
automatisme van vrouwenbescherming, die vaak misdadig en
subtiel de fysieke zowel psychische wreedheden die vrouwen
jegens mannen plegen versluiert, en aan de andere kant het
negeren van strafklachten van mannen jegens vrouwen. Daar
staat tegenover dat gelogen of niet, de man per definitie
wordt vervolgd. En het is juist het genoemde onrecht van
selectiviteit bij de beoordeling van dit kwaad, dat mannen
die de ratio niet meer kunnen hanteren en na multipele
vernederingen te hebben ondergaan, door emotie gedreven,
ertoe overgaan draconisch op te treden en geweld toe te
passen. Dit laatste valt onder geen enkel beding goed te
keuren, maar zelfs elastieken kennen beperkingen in de rek.
Roy R. de Miranda
Belangrijke stap
voorwaarts in de strijd tegen mensenrechten schendingen in
Suriname:
De tweede Resolutie “Human Rights, Sexual Orientation and
Gender Identity” is onlangs goed gekeurd op de 39ste General
Assembly van de OAS te San Pedro Sula , Honduras. Deze
resolutie is het resultaat van het harde werk verricht door
24 lesbische, gay, biseksuele, travestieten, transgender,
transseksuele en interseksuele (LGBTTTI) organisaties
verspreid over 17 landen binnen de “America’s” regio. Deze
organisaties vormen een coalitie van Latijns Amerikaanse en
Caribische landen, die elk jaar voorafgaand aan de General
Assembly van de OAS bijeenkomt. Op 4 juni 2009 tijdens de
4de plenaire bijeenkomst is het jaarverslag (2008-2009) van
de Permanente Raad gepresenteerd. In dit jaarverslag zijn
opgenomen de Resolutie AG/RES. 2504 (XXXIX-O/09) "Human
Rights, Sexual Orientation and Gender Identity" welke onder
andere ratificeert de Resolutie AG/RES.2435 (XXX VII I-O/08)
getiteld "Human Rights, Sexual Orientation and Gender
Identity", en verwijst naar de Declaratie “Sexual
Orientation and Gender Identity” welke gepresenteerd was op
de VN General Assembly van december 18, 2008.
De recent aangenomen resolutie is doorgevoerd door Brazilie
en veroordeelt niet alleen geweld tegen
mensenrechtenschendingen van individuen op basis van de
seksuele geaardheid of gender identiteit, maar spreekt ook
de bezorgdheid uit over het geweld tegen individuen die
opkomen tegen deze vormen van mensenrechtenschendingen. De
Resolutie roept lidstaten op om elk individu te beschermen
tegen deze vormen van geweld alsook de “Inter-American
Commission on Human Rights” en het gehele “Inter-Amerikaans
Systeem” om actie in dit kader te ondernemen. Tot slot wordt
er een beroep gedaan op de “Committee on Legal and Political
Affairs” van de OAS om het vraagstuk van seksuele orientatie
en gender-identiteit op de agenda te plaatsen voor de
komende bijeenkomsten.
Civil Society van Suriname was op deze OAS bijeenkomst
vertegenwoordigd door Suriname Men United (SMU) voorzitter,
Kenneth van Emden en de Staat Surinaame was vertegenwoordigd
door de minister van Buitenlandse Zaken. De heer van Emden
geeft aan dat in vergelijking met de rest van de regio de
situatie van de LGBTTTI gemeenschap in Suriname stukken
beter is, maar wat niet wil zeggen dat het goed te noemen
is. Er is ruimte voor verbetering. Als een van de mede
opstellers van de Declaratie, die geleid heeft tot de
Resolutie, is hij ervan overtuigd dat indien de zaken daarin
vervat serieus worden gerealiseerd, Suriname zich ook op dit
gebied internationaal beter zal kunnen presenteren als
mensenrechten respecterend land. Suriname heeft officieel
geen geregistreerde gevallen van gruwelijke vormen van
discriminatie en geweld, maar dit weerhoudt SMU niet in haar
streven naar een samenleving die compleet vrij is van
stigma, discriminatie en geweld.
Non violence
Op de Civil Society meeting van de Organisatie van
Amerikaanse Staten, die in Honduras duurde van 1 tot 3 juni
2009, was het thema ‘non violence’. Andere lidlanden
vertegenwoordigd op de Civil Society meeting zijn Paraguay,
Honduras, Dominicaanse Republiek, Ecuador, Colombia,
Grenada, Mexico, Argentinië, Chili, Brazilië, Nicaragua,
Guyana, Belize, Trinidad en Tobago en Jamaica. We willen met
de Declaratie bereiken dat de aandachtspunten worden
geplaatst op de politieke agenda van de OAS lidlanden zodat
de LGBTTTI gemeeschap en hun famillie van een rustig,
geweldloos en menswaardig leven kunnen genieten.
Nu de Declaratie is aangenomen en verheven tot OAS
Resolutie, zullen de uitgangspunten en doelen integraal deel
moeten uitmaken van het nationaal beleid in Suriname.
Minister Lydia Kraag-Keteldijk van Buitenlandse Zaken gaf in
haar speech aan dat Suriname zichzelf verplicht om te werken
aan een cultuur, vrij van geweld (fysiek en geestelijk). Dat
zal resulteren in een betere samenleving voor onze burgers
om hun dromen en ambities te verwezenlijken. Dit zal volgens
de minister ervoor zorgen dat elke Surinaamse burger in
staat wordt gesteld bij te dragen aan de ontwikkeling van
hun gemeenschap en land. Van Emden zegt dat hij zich trots
voelde om op het hoogste regionale forum te mogen aanhoren
dat zijn regering zich serieus committeert aan het
terugdringen van geweld zodat elke Surinamer zich optimaal
kan ontplooien. Ik weet wel dat Suriname vrij conservatief
kan zijn, maar tien jaar terugkijkend kan gezegd worden dat
Suriname het wel aankan. Toen was het nog ondenkbaar dat er
correct geinformeerde en objectieve artikelen in de krant
verschenen over dit onderwerp, dat de overheid zich zou
committeren aan het behartigen van de belangen van de
LGBTTTI gemeenschap en dat bedrijven partners van hetzelfde
geslacht opnamen in hun sociale voorzieningen. Nu niet meer.
Ik geloof dus wel dat het haalbaar is. Dit resultaat dankt
hij aan het feit dat mensen tegenwoordig beter geïnformeerd
zijn.
Suriname Men United
De gemeenschap informeren, dat is onder andere het werk van
de stichting Suriname Men United. Samen met nog twee anderen
richtte van Emden in 2005 de organistaie op. Het primaire
doel is het promoten van een gezonde leefstijl onder de
doelgroep. Het eropna kunnen houden van een gezonde
leefstijl vereist wel dat bepaalde randvoorwaarden van de
leefomstandigheden van de doelgroep gunstig verbeteren. Als
voorbeeld geeft van Emden aan dat er nog geen specifieke
gezondheidsprogramma’s voor deze doelgroep zijn, terwijl het
publiek geheim is dat de acceptatieproblematiek en onveilige
seks grote gezondheidsvraagstukken zijn binnen die doelgroep
met zelfs effecten op de hetero samenleving. Denk aan
geforceerde heteroseksuele relaties en het psychisch geweld
daarvan waaraan hele families onder lijden; allemaal
onnodig! Als slachtoffers van deze situaties nergens naar
toe kunnen, wordt het probleem alleen maar erger. Nu weten
we uit onderzoek, verricht in samenwerking met het
wetenschappelijk onderzoeksinstituut van de ADEK
Universiteit dat er onder andere behoefte is aan
supportgroups, thema-avonden, gezondheidsboodschappen en
counseling. Dit jaar zijn we begonnen met psychologische
hulpverlening in geval van acceptatie problemen, hetzij
thuis, op school of elders. Deze dienstverlening is
inclusief, dus ook de omgeving van het betrokken slachtoffer
zal begeleid worden indien gewenst en mogelijk. De
belangrijkste nationale partner in het opzetten van de
gezondheid gerelateerde voorzieningen voor de doelgroep is
het ministerie van Volksgezondheid en het Nationaal AIDS
Programma.
Next steps
Op kort termijn zal er contact worden opgenomen met het
ministerie van Buitenlandse Zaken om over de implementatie
van de Resolutie te brainstormen. Ook zullen er
informatiecampagnes samen met andere NGO’s worden opgezet en
uitgevoerd om meer bekendheid te geven aan de inhoud van de
Resolutie om zodoende ook buiten de overheidssfeer een
gezond leef- en woonklimaat, vrij van stigma, discriminatie
en geweld te realiseren voor de LGBTTTI gemeenschap en hun
families. Een leefbare samenleving is in ieders belang en
vereist daarom een gezamenlijke aanpak.
Kenneth van Emden
Ter
nagedachtenis : IS HARYANTO (68)
Musicus Is Haryanto, een begrip onder de Surinamers, in het
bijzonder van Javaanse komaf
De Indonesische musicus Is Haryanto is op dinsdag 26 mei
2009 om 23.05 uur lokale tijd in het ziekenhuis Pertamina
Jakarta overleden als gevolg van een darmtumor. Deze
beroemde en gerespecteerde Indonesische musicus over heel
Azië tot in Japan, maar ook in Australië, Nederland en
Suriname is er niet meer. Mijn laatste ontmoeting met hem
dateert van juni 2003 in de studio op steenworp afstand van
zijn woning in Jakarta.
Indo-(rock)muziek en kroncong uit Nederland (Den Haag)
werden in de jaren zestig beschouwd als Javaanse muziek,
totdat Surinaams Javaanse pioniers (ondernemers) muziek uit
het verre Java uitbrachten op een langspeelplaat (vinyl) en
met de komst van de compact disk (CD), nu DVD kreeg deze
muzieksoort meer aandacht dan voorheen. De pop Javaanse
muziek uit het buitenland met name Indonesië heeft voor een
deel de muziekontwikkeling in Suriname in de afgelopen 35
jaar in cultureel opzicht sterk beïnvloed.
De drang van de jongeren om een eigen productie te maken, is
toegenomen sinds het ontstaan van de “ wie egi sani “
beweging. En nu ontstaan er vanwege de huidige multimedia
technologie ongekende mogelijkheden om muziek te maken.
Ook de komst van vele artiesten uit Java sedert 1972 heeft
een enorme muzikale impact gehad op de ontwikkeling van het
Javaans levenslied in Suriname. Een niet te verwaarlozen
factor bij het doorgeven van muziek is de rol die de
Jawa-mediahuizen vervullen.
Wijlen Is Haryanto is onder de Javaanse doelgroep zowel in
Suriname als in Nederland sedert de introductie van zijn
liedjes op de radio, maar ook door de resultaten van de
populaire muziekformatie The Favourites Group midden jaren
zeventig, een begrip geworden. Hij wordt gezien als
grootmeester in het schrijven en arrangeren van Javaanse
liederen.
Zijn teksten behandelen situaties die zich dagelijks
voordoen en die voor een ieder herkenbaar zijn met soms
diepe filosofische invalshoeken, sterk gericht op de
bevordering van de eigen identiteit, maar dan geplaatst in
een breed context. Hij heeft voor vele artiesten de nodige
muziek geschreven die later erg populair zijn geworden in de
muziekindustrie. Denkt u bijvoorbeeld aan “Sepanjang Jalan
Kenangan “ die populair gemaakt werd door Tetty Kadi.
Indonesische artiesten als Waldjinah, Mus Mulyadi, Didi
Kempot, Indah Andarini, Laily Dimyathie, Titiek Sandhora,
Mamiek Slamet, Tiara Wiyono, Tuty Tri Sedia en Bob Tutupoli
hebben liedjes van hem opgenomen. Oom Is, zoals men hem
noemde, is voor vele artiesten in en buiten Indonesië de
goeroe (grootmeester) met een grote “G”. Hij wist ook de
juiste artiest uit te kiezen om zijn songs te vertolken.
In elke muziektoko op Java en ook op de jaarlijkse Pasar
Malam in Den Haag is zijn muziek te verkrijgen. Het mag
gezegd worden dat de radiojukeboxen van de Javaans getinte
mediahuizen in Suriname als ook van de lokale
radioaanbieders in de grote steden van Nederland incompleet
zijn zonder zijn muzikale werken. Zijn dochter Vien Haryanto
vertolkt de levenswijze van de Javanen in het rijstdistrict
Nickerie op voortreffelijke wijze en is een klassieker onder
vrijwel alle Javanen over de hele wereld. Niet gek als Is
Haryanto deze song de titel meegeeft “ Nickerie “.
De songs “ Saramacca “ en “ Mi fowtu “ zijn typische
herkenbare Is Haryanto’s melodieën die uitgebracht zijn door
de muziekuitgever Pasta Music en Entertainment in Nederland.
In het najaar van 2007 doneerde hij aan de Stichting ter
bevordering en ontwikkeling van de Jawa Muziek in Suriname
een album getiteld “ Sedulur-sedulur Suriname “ (mijn
familie in Suriname). Het lied “ Hatimu-hatiku “ is in
Indonesië een van zijn vele hits die vertolkt werd door
verschillende artiesten en uitgegroeid is tot een tijdloze
evergreen.
Zijn doorbraak begon vrijwel gelijk na de onafhankelijkheid
van Indonesië met The Favourites Group als antwoord op de
westerse groepen The Beatles en Rolling Stones en
Indonesische bands The Mercy’s, Panbers en Koes Ploes.
Zelf was hij een grote fan van Elvis Presley en dat is
duidelijk te merken in enkele van zijn producties. Is
Haryanto schreef ruim 800 songs in alle muziekgenres die
Indonesië rijk is, van traditionele muziekgenres tot de
populaire Pop Indonesia songs. Hij heeft enige tijd een
artiestencafé nabij het MONAS (nationaal monument) in
Jakarta gerund waar artiesten elkaar regelmatig konden
ontmoeten en optredens verzorgden voor het uitgaanspubliek.
Hij heeft meerdere malen Nederland en Suriname bezocht. Zijn
laatste concert in Suriname in de Anthony Nesty Sporthal was
in 2000 samen met de Indonesische zanger Didi Kempot en de
in Nederland woonachtige Surinamers Ragmad Amatstam en
Hendrik Mentokarijo. Met de wereld bekende Oscar Harris had
hij in de afgelopen jaren een speciale band opgebouwd en
hebben ze samen een aantal producties uitgebracht waarbij
Oscar enkele songs vertolkte in de Indonesische taal (Bahasa
Indonesia).
Is Haryanto is op 22 augustus 1940 geboren in Solo
(Midden-Java) en laat een vrouw en 5 kinderen achter. Hij is
68 jaar geworden en op 27 mei jongstleden begraven in
Jakarta.
Ook Willem Soediono van RTV Mustika woonde de
begrafenisceremonie bij.
Goede reis (selamat jalan) ........... Is Haryanto.
Een bijdrage van projectcoördinator Mas Jo
Moestadja van Stg. Jamu Suriname/RTV Mustika
Van speelbal tot politieke machtsfactor
De vraag hoe het komt dat er nog steeds geen vuist gemaakt
kan worden binnen de kleine Javaanse groep, werd en wordt
nog niet adequaat beantwoord. Grote delen van deze groep
zijn zich enerzijds nog niet bewust van hun rol en hun
plaats in de politiek. Aan de andere kant spelen blijkbaar
ook andere onzichtbare factoren een fundamentele rol.
Bij elke verkiezing worden de kiezers uit alle regio’s
ruimschoots bezocht om ze dan op te zadelen met talrijke
schone beloften. Na de verkiezingen worden zij dan op enkele
na, ergens weg gestopt en dan is het weer tot de volgende
keer. Inderdaad die rol van een speelbal in de politiek werd
en wordt nog steeds gespeeld. Het is echt jammer dit te
moeten constateren, maar de feiten liggen daar. De erkenning
van de potentiële groep, namelijk de vouwen en jongeren, is
er nog steeds niet. Afdelingen en secties worden voor de
verkiezingen geïnstalleerd. De kiezers zijn er om als
werkpaarden de karavaan voort te trekken, jongeren worden
opgetrommeld om als stootgroepen te fungeren, en verder
niet. Zal deze situatie in 2010 wel of niet (drastisch)
veranderen? De organisatie beweert steevast van wel. De tijd
zal ons leren.
Ruim 9 jaar geleden heb ik deze statement op een eendaags
seminar, waarbij toppolitici hun politieke visies en
meningen zouden moeten geven, gelanceerd. De bedoeling was
om een levendige discussie op gang te brengen. Helaas is
vanwege onvoorziene omstandigheden niets van terecht
gekomen. Vandaag anno 2009, nauwelijks een jaar voor de
parlementsverkiezingen in 2010, is de rol en plaats van de
Javanen, vertegenwoordigd door hun politieke partijen nog
steeds dezelfde gebleven. Elke groep wil de andere de loef
afsteken. Geen van ze doet evenwel moeite om de rol en de
plaats van de Javanen te verbeteren. Veelal probeert men al
het oude te consolideren. Inderdaad was er eens een poging
gedaan om wat verlichting te brengen, doch de macht van de
oude groep bleek sterker te zijn. Vandaar de nog steeds
merkbare houding om eventueel samen te werken of eens
ernstig rond te tafel te gaan zitten. Want hoe je het ook
draait of keert, politiek is hard en het eigen belang
prevaleert. En bij een bespreking moet je bereid zijn om
eventueel ook een stap terug te doen.
Het is nu duidelijk dat het vissen in diezelfde oude en
uitgeputte visvijver is gebleven. Men heeft geen vernieuwde
vangtechnieken gebruikt, men heeft alleen andere middelen
gebruikt om de oude en versleten wonden te dichten. Die
‘bal’ wordt door derden gespeeld; het zijn de personen die
er op uit zijn om meer macht te verwerven. Diezelfde oude
wijze van politiekvoering werd en wordt dus nog steeds
toegepast. Maar nogmaals die periode van 1996 is totaal
voorbij. Dat de toenmalige oppositie een andere wending
heeft gegeven aan de politiek en zich daardoor ook steeds
verder uitbreidt, is duidelijk. Vanaf de grote en
charismatische leider onder de Javanen, Iding Soemita, tot
de huidige Somohardjo heeft de Javaanse achterban nog steeds
niet een duidelijke en hechte eenheid kunnen vormen. Dit
vanwege nog steeds de alom bekende kwestie wie nu de
machtsleider is. Een punt dat allang en in feite geruisloos
is veranderd vanwege de politieke machtsverschuiving vanaf
2000.
Het begon vanaf het moment toen de moedige Salikin Hardjo,
die op zijn eigen manier tegen de kolonisatoren te keer
ging, ingezonden stukken onder de naam Bok Sark schreef. Hij
wilde het lijden van de contractanten verbeteren. Sindsdien
hebben achtereenvolgende politici zoals de welbekende Iding
Soemita, F.R.Karsowidjojo, Amat Ramin, Rene Kaiman, Willy
Soemita en de huidige nogal gedurfde voorzitter van Pertjaja
Luhur, Salam Somohardjo, een speelbalfunctie moeten
ondergaan. Wel zijn er hier en daar wat merkbare positieve
veranderingen teweeggebracht.
Wel werd eerder reeds de opmerking gemaakt, dat met de komst
van de academisch geschoolde jonge politieke leiders de
strijd om het politiek leiderschap en de politieke macht
heftiger zou worden. Het leek in 2000 wel op als of er een
soort Babylonische spraakverwarring was ontstaan in het
district Commewijne. Maar uit de fouten van toen hebben de
leiders wijze lessen geleerd. Maar de jongeren hebben hun
strijd niet lang genoeg volgehouden. Zij hebben de macht,
waarop zij meenden aanspraak op te maken, zonder slag of
stoot willen bemachtigen. De achterban, die zolang had
uitgekeken en die had gewacht op een frisse wind, was weer
eens teleurgesteld.
Maar, geen nood, zij zijn nu wel weer bewuster geworden en
in 2010 zal hun rol en hun plaats zeker ten goede
veranderen.
Kadi Kartokromo
Het antigevoel jegens Surinaamse Nederlanders
Dat de reeds tientallen jaren durende geldovermakingen en
pakkettenverzendingen uit Nederland naar Suriname de
werkelijke armoede van Suriname maskeren, is geen nieuws.
Het enige verschil tussen werkelijkheid en fictie wordt
gevormd door de feitelijkheid dat het Surinaamse smaldeel
met een andere nationaliteit dat in het buitenland woont,
één van de belangrijkste kurken van de Surinaamse economie
vormt. Immers bij de financiële injecties uit het buitenland
dienen de inkomsten die de Surinaamse Luchtvaart
Maatschappij op de route Amsterdam-Paramaribo vice versa,
alsook het ruime eurobestedingspatroon dat de buitenlandse
Surinamers in Suriname hanteren, te worden bijgeteld. Al
deze inkomsten vertegenwoordigen bij elkaar opgeteld een
minimale jaarlijkse valuta instroom van circa € 250.000.000.
De fictie hiertegenover staande, is de loze bewering van
opeenvolgende Surinaamse regeringen die tegen beter weten
in, vals prediken dat deze inkomsten een verdienste zijn van
hun “geweldig” beleid. Niets is minder waar. Het zijn de in
Nederland wonende Surinaamse Nederlanders die ervoor helpen
zorgen dat Suriname tot nu toe geen Haïtiaanse toestanden
kent.
Ergerlijk is daarom de antihouding die sommige
“thuisgebleven” Surinamers, en met name de geremigreerde
Surinamers, ten opzichte van de veelal nauw met het
geboorteland verbonden gebleven zijnde Surinaamse
Nederlander aan de dag leggen. Onder deze groep bevinden
zich ook lieden die voor langere tijd in Suriname
neerstrijken en hier de gebraden haan uithangen. Uitschot
dat ook wel met crimineel verworven kapitaal in Suriname de
grote bink uithangt en onbeschaamd de vakantie vierende
Surinaamse Nederlander vaak toebijt: “wat kom jij in mijn
land doen?”, vind ik op zijn minst gezegd, verregaand.
Het is tegen dit soort achtergronden bekeken dan ook
onbegrijpelijk dat echte buitenlanders in Suriname een veel
betere behandeling krijgen en zelfs discriminerend worden
geprivilegieerd ten opzichte van de echte ‘kondremang’ die
in den vreemde woont en vaak ook werkt. Laat dat laatste
duidelijk worden gesteld; ja het merendeel verdient in het
buitenland met eerlijk werk de kost, de reden ook waarom zij
zo ruimhartig aan Suriname kunnen doneren. Anders dus dan de
huidige DNA voorzitter en een Surinaamse krant beweren.
Volgens deze twee, die immer slechts het eigen belang
nastreven, zou het merendeel van de Surinaamse Nederlanders
van een bijstandsuitkering leven. Dat daarmede de waarheid
schaamteloos geweld wordt aangedaan en onnodig
stigmatisering plaatsvindt, deert hen zo te zien helemaal
niet.
Op weg naar een beter land, is het voor alle mensen die zich
nauw met de Republiek Suriname verwant voelen en weten,
welhaast een gebod om zonder het institutioneel haten en
roven, in de grootst mogelijke eendracht de juiste chemie te
vinden voor een georganiseerd diasporabeleid, dat voorziet
in de hereniging van een belangrijk deel van de Surinaamse
natie.
Roy R. de Miranda
Onze Sarnami behouden
Sarnami is het stiefkindje van de Hindoestanen. Deze taal is
meegenomen uit de provincies Uttarpradesh, Bihar en United
Provinces uit India tijdens de immigratieperiode vanaf 1873
tot en met 1916. Sarnami stamt af van het Bhojpuri uit de
genoemde gebieden in India en is er nauw mee verwant. Het
Sarnami in Suriname is verwant aan vier talen:
Hindi en Sanskriet, van de Hindoes en Urdu en Arabisch van
de moslims.
Dat is in den beginne de oorspronkelijke samenstelling
geweest van de talen waaruit het Sarnami voortvloeide. Later
begon het Sarnami een heleboel invloeden te krijgen van het
Engels, Nederlands en Neger-Engels
Elk volk heeft zijn moedertaal lief. Taal is niet alleen een
communicatiemiddel, maar ook een identiteitsfactor. In je
moedertaal kan je je gevoelens het best weergeven, omdat de
grammatica met de paplepel is ingegoten. Het lukt niet bij
een ieder om zich op z`n best met het Nederlands te
identificeren, maar het is je broodtaal. Veel Hindoestanen
gebruiken hun eigen taal voor de esthetische beleving van
alledag, zoals bij het luisteren naar zang, dans, Indiase
films, baithak gana, nagara, bhajans, enz.
Daarom is het nimmer verkeerd te noemen als afstammelingen
van de Brits-Indische Immigranten menen om bij de viering
van de komst van hun voorouders naar Suriname hun liefde
voor het land Suriname te uiten door een versie van het
volkslied te zingen in een taal die onder andere hun
identiteit weergeeft. Een land waar zij als een van de
voornaamste groepen hun bijdrage hebben geleverd om het te
maken tot wat het vandaag is. Een land, waar zij als een van
de voornaamste groepen hun bijdrage hebben geleverd om in
harmonie en eenheid met elkaar en naast elkaar te leven, als
predikanten van verbroedering. Als we kijken naar het
politieke gedrag van de Hindoestanen, dan zijn ze de meest
geïntegreerde groep.
Taal is een erfenis van de eigen voorouders, wat behouden
moet worden. Het is jammer dat er een afname te constateren
valt bij de Hindoestaanse jongeren. Momenteel is ruim 60
procent van het Sarnami al dood in Nederland bij de
Surinaamse Hindostanen, want de mensen verstaan het niet
meer en beheersen het ook niet. Dus vanaf nu is het Sarnami
binnen een generatie praktisch dood in Nederland. Dit zal
ook in Suriname gebeuren als vooral opvoeders niet hun taal
doorgeven aan hun kroost.Wij willen in geen geval een
situatie zoals in Guyana en Trinidad waar Hindoestanen
uitsluitend het Afro Engels kennen en hun eigen Indiase
moedertalen niet meer.
Organisatie Miss Teen Suriname
2009, geef het goede voorbeeld !
“Oom misbruikt nichtje van 9 jaar”, “Buurjongen verkracht
minderjarig buurmeisje”, “Vader maakt dochter zwanger”,
“Grootmoeder speelt mee bij misbruik kleindochter”,
“Pedofiel actief in Suriname”. Dit zijn allemaal kopstukken
van artikelen die we de afgelopen tijd in de verschillende
dagbladen jammer genoeg moeten lezen. Dit lijkt op een begin
van een periode waarbij ethiek en moraal helemaal zullen
verdwijnen. Over de aanpak van dit probleem zijn er hevige
discussies gaande op verschillende niveaus in het land. De
justitie probeert d.m.v. zwaardere straffen, de daders angst
aan te jagen om deze handelingen niet plegen. Het is toe te
juichen dat er wel aan wordt gedacht om zwaardere straffen
in te voeren. Maar of dat daadwerkelijk de beste oplossing
is, laat ik in het midden.
Andere organisaties, zoals
jeugdorganisaties, buurtverenigingen e.a., moeten werken aan
de bewustwording bij de jongeren en verandering van attitude
die er momenteel heerst onder jongeren. Onder andere het
materialistisch gedrag bij jongeren zal zeker aangepakt
moeten worden. Hierbij is de rol van de ouders en/of
verzorgers zeer belangrijk, aangezien deze direct
verantwoordelijk zijn voor de opvoeding van hun kind. Aan de
vrijheid van opvoeding wil ik niet komen, maar dat jeugdigen
zich elk weekeind vermaken op plekken waar gestimuleerd
wordt schaars gekleed (in een sexy outfit), en nog wel op
een tijdstip waarbij 99% van de bevolking rust, om de
volgende dag weer aan de slag te gaan, is verfoeilijk. Een
ieder heeft recht op vrijheid, recht op plezier, maar het
lijkt erop alsof ouders in deze tijd geen ‘grip’ meer hebben
op hun kinderen. Is het misschien gewoon iets dat past bij
de tijd waarin we leven met o.a. de technologie (mobiele
telefoons, ipods, pc’s, internet, tv)? Het zou onderzocht
moeten worden.
Onlangs hebben we op de televisie kunnen zien dat de finale
van het Miss Teen Suriname 2009 in discotheek Blue Bell werd
gehouden. Het is prijzenswaardig dat de organisatie voor die
avond als motto had: “Stop abuse”, “Stop misbruik”. En juist
daar gaat het mis. Want hoe wil jij als organisatie een
motto verdedigen, terwijl je zelf toelaat dat jongeren
(tieners), schaars gekleed op het podium verschijnen. Dat
jongeren nu al gestimuleerd worden om in badkostuum (in de
halve finale) voor de ogen van velen te verschijnen. Het
zijn kinderen, en kinderen moeten beschermd worden, zolang
ze dat nodig hebben. Het is absoluut af te keuren dat de
organisatie dat “normaal” vindt. Aan de ene kant is het ook
de verantwoordelijkheid van de ouders, zoals eerder gezegd,
om hun kind toestemming te geven mee te doen aan een miss
verkiezing. Ouders, denkt U aan de toekomst van uw kind,
wanneer die schaars gekleed, voor uw ogen en andermans ogen
op het podium verschijnt? Weet u niet dat kinderen in de
puberteit in het centrum van alle aandacht willen zijn
(egocentrisme), maar dat U degene bent die hem/haar moet
behoeden van alle kwaad die er heerst.
Aan de organisatie van missverkiezingen en alle andere
contesten, wil ik het volgende meegeven: “Als u contesten
wilt organiseren en motto’s wilt gebruiken voor uw contest,
laat het niet gebeuren dat hetzelfde contest uw motto
verzwakt. Op zo een manier komt u zeker onprofessioneel over
en verergert u het probleem, wat u eigenlijk wilde helpen
oplossen. Niet omdat u wat hier en daar hebt geleerd, bent u
een professional in het vak. Aan de ouders het volgende:
Denk goed na, bespreek het met uw kinderen, als die aan een
contest willen deelnemen. Denk goed na, als uw kind u vraagt
om naar de discotheek of een ‘lustige’ party te gaan, U weet
niet wat er allemaal buiten uw gezichtsveld plaatsvindt. U
hebt niet gefaald indien uw kind, om uw beslissing dat
hij/zij geen toestemming had, droevig of teleurgesteld is. U
hebt uw kind juist beschermd.
Amar N. Ramadhin
(amnoram@yahoo.com)
WIE ZIJN DE ECHTE CRIMINELEN?
Jetinvestment wijdt -in een artikel “De vijand van binnen”-
de criminaliteit in het Caribisch gebied, toe aan drugs.
Deze analyse is te oppervlakkig.
In het boek “State Building” stelt Fukuyama, dat
staatsvorming een belangrijke wereldissue is, omdat zwakke
staten de oorzaak zijn van terrorisme en drugshandel.
In de “Broken Window theory” stellen de topcriminologen
Wison en Kelling, dat misdaad het onvermijdelijke gevolg is
van wanorde. Mensen worden beïnvloed door hun omgeving, the
Power of Context, genoemd.
Algemeen bekend is dat armoede tot criminaliteit leidt.
Criminaliteit kan men grofweg definiëren als “alles wat door
de wet strafbaar is gesteld”. Dus, let wel, de rest van de
grofheden is niet crimineel.
Het is niet crimineel,dat :
- landen en bedrijven de mens en milieu in gevaar brengen
(Kyoto verdrag wordt getraineerd).
- de EU haar boeren subsidieert en daarmee boeren uit arme
landen de armoede in wegconcurreert. (Doha rondes worden
gemanipuleerd)
- lieden van de kapitaalmarkt zijn gaan speculeren (dat was
easy money), waardoor wij in een wereldcrisis terechtkwamen.
Regeringen nemen nu biljoenen van belastingbetalers om een
hebzuchtige groep te redden (bail outs). Dit, ten koste van
nationaal beleid zoals het sociale beleid, onderwijs,
gezondheidszorg,veiligheid etc.
De internationale handel zal verruwen, de hulp naar arme
landen neemt af, de remittances nemen af, de groei van
landen vertraagt, de werkloosheid stijgt internationaal
etc…..
Staat men er niet stil bij, hoe crimineel dit nou is?
Maar er is ook een “theory of the broken window”, die
oplossing bracht in de enorme New Yorkse criminaliteit. Deze
theorie zegt dat als ergens een ruit stuk is en er niets aan
wordt gedaan, mensen geneigd zullen zijn de andere ruiten
ook stuk te slaan. Ik durf te stellen dat als mensen in een
onethische context leven zij zich onethisch en crimineel
zullen gedragen. De politiek en de economie zijn voor wat
mij betreft de eerstverantwoordelijken voor de onethische
context waarin de wereld terecht is gekomen. Belangen gaan
boven ethiek.
Zuma, ondersteund door de legendarische Mandela, wordt
president in Zuid Afrika, maar staat bekend om zijn
negatieve handel en wandel.
In de geschiedenis heeft geen enkel vredesverdrag stand
kunnen houden, omdat belangen boven ethiek gingen. In
Suriname neemt Venetiaan twee veroordeelden in zijn coalitie
op: belang gaat boven ethiek.
Wat denkt u dat jonge mensen als voorbeeld krijgen?
Zullen zij hun belangen niet boven de ethiek stellen?
Slecht politiek-economisch beleid, slechte voorbeeldfunctie
en armoede veroorzaken voornamelijk criminaliteit. Maar een
ding heeft Jethoe gelijk.
De vijand is binnen.
Binnen in ons politiek en economisch systeem en denken.
Jules Ramlakhan, voorzitter HPPplus
9 juni 1949, ode aan de Leden van de Staten 9 juni 2009
Gisteren was het precies zestig jaar geleden dat 19 van de
21 Leden van de Staten, gekozen op basis van het algemeen
kiesrecht, tot de Volksvertegenwoordiging werden toegelaten.
Aangezien twee leden, te weten M.A. Karamat-Ali en S.M.
Jamaludin tot de tweede graad in familieverband aan elkaar
verwant waren, moest het lot bepalen, wie van die twee met
het aureool van het lidmaatschap bekroond zou worden. Het
winnend lot viel op de heer Jamaludin, die op 27 juni 1949,
gekleed in de voorgeschreven dracht, jacquet, mocht
aantreden. Het geluk wilde evenwel dat ook zijn zwager
Karamat-Ali, vanwege het feit dat de toen bestaande wet werd
gewijzigd, zich op 23 januari 1950 eveneens kon laten
benoemen tot Lid van de Staten van Suriname.
De NPS werd vertegenwoordigd door de volgende leden:
1. B.W.H. Bos Verschuur. 2. R.B.W. Comvalius. 3. D.G.A.
Findlay, 4. E.J de la Fuente 5. L.A. Lauriers, 6 H.C. van
Ommeren. 7. J.A. Pengel 8. G.J.C. Van der Schroeff 9. A.J.
Wong 10. P.Wijngaarde; verder L.A.E. Eleacer, (gekozen op
voordracht van de Paranam Mijnwerkers Bond), P.A.R. Kolader
en J.Raatgever. De NPS fractie telde 13 leden.
De VHP fractie bestond toen uit 6 leden, t.w.1. J.Lachmon 2.
S.Jamaludin 3. H.Shrimisir 4. L. Sitalsing 5. H.W. Mohamed
Radja 6. S. Rambaran Mishre.
De KTPI bestond uit I. Soemita en M.A. Karamat-Ali.
De NPS alleen vormde de coalitie. Het zittingsjaar 1948-1949
kende drie voorzitters t.w. Mr.H.L. de Vries, J.de Miranda
en vervolgens G.J.C. van der Schroeff. Laatstgenoemde was de
eerste voorzitter van de NPS. In “de Surinamer” van 2
februari 1949 staat het volgende te lezen: De Gouverneur
heeft de heer J.A. de Miranda tot voorzitter en de heer van
der Schroeff tot ondervoorzitter benoemd. Op een of andere
wijze is de naam van de heer J.A. de Miranda in de hall of
fame van het parlement niet vermeld. De opening van het
nieuwe zittingsjaar werd verricht door wnd. gouverneur Mr.
M. de Niet, terwijl voorzitter Van der Schroeff zijn
inaugurele toespraak tot de gekozen leden als volgt afsloot
,,Ik vertrouw erop dat alle leden van de Staten zich zullen
inzetten om mee te werken, te stimuleren en te controleren,
dat het landsbelang op de eerste plaats staat. Ik weet dat
het Lidmaatschap van de Staten veel tijd en werk opeist,
maar ook dat alle leden bereid zijn in harmonische
samenwerking zich aan deze taak te geven.”
Misschien omdat het grootste deel van de Leden van de Staten
uit nieuwelingen bestond, werd de behandeling van het
interpellatievoorstel ingediend door het lid Pengel en de
zijnen over wantoestanden in het
’s Lands Hospitaal volkomen ontsierd door felle persoonlijke
aanvallen door voor- en tegenstanders van minister Lichtveld
(Albert Helman). Door het ontbreken van een gedegen
ordereglement bleek heel gauw, dat voorzitter Van der
Schroeff, die de zijde koos van minister Lichtveld, in
tegenstelling tot de interpellanten, niet in staat was
leiding aan de Staten te geven. Die taak werd ook verzwaard,
omdat personen, allen aanhangers van de interpellanten zich
vanuit de tribune voorzitter Van der Schroeff verbaal te
lijf gingen. Door de onoverzichtelijke sfeer en de totale
afwezigheid van het gezag van de voorzitter, achtte de
gouverneur het wenselijk om de Staten vroegtijdig te
ontbinden. Een ondemocratische daad ten voeten uit, omdat
het College nog over een meerderheid beschikte. In die bruja
werd het duo Pengel – Mac May naar voren geschoven als
voorzitter en ondervoorzitter.
Typerend voor de principes van onze politieke voormannen van
toen bleek uit het standpunt van minister Lichtveld, die
aftrad, ondanks het feit, dat een door de oppositie
ingediende motie verworpen werd. Minister Lichtveld huldigde
de opvatting, dat de nieuwe meerderheid (aangevuld met
enkele leden van de VHP), niet identiek was met die welke
hem het mandaat verschafte. Die behandeling van het
interpellatievoorstel leidde uiteindelijk tot een breuk in
de NPS en in de VHP.
Enkele kleine bijzonderheden bij reflectie zestig jaar
Volksvertegenwoordiging. Bij de toelating tot de
Volksvertegenwoordiging op 9 juni 1949 waren, als eerder
vermeld twee leden afwezig, terwijl nu, zestig jaar verder,
het college niet compleet is, door verlies van het
lidmaatschap van een lid . Ook bij de admissie in 1987, trad
het college niet voltallig aan, omdat het lid L.Mungra
wegens ziekte afwezig was. Naar mijn weten hebben toen drie
gekozen leden, te weten J.A.Pengel, J.Wijdenbosch en
R.Sedney afgezien die lucratieve parlementaire positie te
bekleden. Een identiek geval deed zich ook voor, in 1987,
toen bekend gemaakt werd dat de gebroeders A. en W. Jessurun
tot volksvertegenwoordigers gekozen waren. Ook diezelfde
ondemocratische procedure als in 1949, waarbij
laatstgenoemde broer het winnend lot trok. Langstzittende
parlementariër was de heer J.Lachmon, gevolgd door R.Sardjoe
(vanaf 1964) en O.Rodgers (1973).
De schadeloosstelling die vanaf 1949 tot 1974 drie honderd
gulden bedroeg, werd dankzij het initiatiefvoorstel van het
lid R.Sardjoe verhoogd tot f 750, aangevuld met enkele
beheersbare emolumenten. Ir. Frits Freymersum (PNR) was tot
op heden de kortst fungerende parlementariër, die direct na
zijn opname in de Volksvertegenwoordiging het mandaat aan
het volk teruggaf. Hij werd benoemd tot minister. Eer ik
deze zeer beknopte bijdrage afsluit, lijkt mij een eerbetoon
aan alle vroegere en huidige volksvertegenwoordigers op zijn
plaats voor hun bijdrage tot consolidatie van de
parlementaire democratie die ondanks allerlei kunstmiddelen
in de militaire periode hun poot stijf hielden. Ook ten deze
woorden van dank aan alle griffiers, met extra vermelding
voor de onvermoeide bodeconciërge Bendt, die met de grootst
mogelijke precisie zich van hun taak hebben gekweten.
E. Wijntuin
ARMOEDE GEEN OORZAAK CRIMINALITEIT
De directe causale relatie tussen armoede en criminaliteit
is tot op heden niet bewezen. Er zijn verschillende arme
landen en streken met relatief weinig criminaliteit, terwijl
genoeg rijke landen te kampen hebben met relatief veel
criminaliteit. Bovendien mag uit het samenvallen van armoede
en criminaliteit niet worden afgeleid dat de éne door de
andere wordt veroorzaakt. Zo kan evenmin een oorzakelijk
verband worden gelegd, wanneer bijvoorbeeld zou blijken dat
waar er religieuze instellingen bestaan er ook veel
criminaliteit voorkomt.
Gevoel van waardeloosheid
Het grootste probleem dat veroorzaakt wordt door armoede is
ondervoeding, die vaak de vatbaarheid voor infecties en
andere ziekten vergroot. Gebrek aan huisvesting, sanitaire
voorzieningen en scholing worden op deze wijze een
voedingsbodem voor stress, geestelijke ziekten en
drugsverslaving. Honger en werkloosheid vormen dan de
directe aanleiding voor crimineel gedrag. In dit kader wordt
gerefereerd aan diefstal, beroving, kindersex en porno.
Criminelen van dit genre nemen hierbij in overweging, wat ze
te verliezen hebben als ze gepakt worden en welke buit ze
kunnen binnenhalen als dat niet gebeurt. Het antwoord is
niet moeilijk. Zulke criminelen hebben een gering gevoel van
eigen waarde en vaak zelfs een gevoel van waardeloosheid.
Vandaar dat in deze betekenis crimineel gedrag tekenend is
voor het moreel verval en de uitzichtloosheid van de
desbetreffende omgeving. Zo een situatie kan makkelijk een
broedplaats scheppen voor onder andere pedofielen en
sextoerisme.
Bestrijding /Preventie
Om de criminaliteit fysiek te kunnen aanpakken zoals het
hoort, is er om te beginnen een politiekorps met een
bezetting van tussen de twee en vier agenten per 1000
inwoners nodig. Dit aantal is afhankelijk van onder meer de
bevolkingsdichtheid per regio en de beschikbare technologie.
Geen goed begin dus. Herstel van het gevoel van
waardeloosheid bij deze burgers, alsook de preventie
hiervan, kan niet plaatsvinden in een omgeving van
klassejustitie, waarin de eenheid onder politieke partijen
gebaseerd is op tolerantie van immoreel gedrag. Dat is een
miskleun. Compromissen met de duivel aangaan zijn
wanhoopsdaden om in het politieke zadel te kunnen blijven
zitten ongeacht de consequenties voor de totale samenleving.
Dit stimuleert juist wanorde: als hij of zij mag, mag ik
ook. Een ieder die nalaat in opstand hiertegen te komen, is
medeverantwoordelijk voor het onvermijdelijke noodlot en
ontneemt zichzelf het recht tot klagen. Mark my words!
Behoorlijk bestuur
Het geboorterecht om onbevreesd je mening te uiten, ook
binnen politieke partijen, moet hiervoor worden opgeëist.
Een ex-president van de Verenigde Staten van Amerika heeft
eens gezegd dat er pas sprake kan zijn van democratie als de
leiding het volk vreest. Als het volk de leiding vreest,
heerst er dictatuur. Beoordeelt u zelf maar wat wij in
Suriname hebben, ondanks het feit dat onze grondwet
behoorlijk bestuur dwingend voorschrijft.
Roy Bhikharie
Message to Noah car drivers.
( Who the caps fit, let them wear it….Bob Marley +)
Brother Noah Driver,
Noah was a good man, the Bible says.
Noah was a good man, the Koran says.
Noah is a good car, Toyota says.
But Noah cars are in too many car accidents.
Just like the Mark 2 some years ago.
Why, oh why?
Listen to me brother driver:
Brother driver, don’t drive that car like a mad man.
Don’t drive that car like a fool,
Don’t drive that car like a gangster.
That driving will not take you to Selassi.
That driving will not take you to Heaven.
That driving will not take you to Jerusalem.
That driving will just take you to Babylon,
And from Babylon straight to Hell,
Where Satan is waiting for you ,
Full of greed, speed and weed.!!!!!!!!!!
If you want to drive to Hell, please drive alone.
Don’t take friends or family with you.
Don’t take passengers or partners with you.
Just go driving on your own, alone, and lonely .
And if you don’t want to change your driving now,
Just drive straight to Hell, into Hell, and stay there .
Forever, on your own, alone, and lonely.
Don’t come back, stay right there ;
We don’t need drivers like you.
Eddy Monsels
Journalist Ronny Rens overleden
Dinsdagavond 2 juni belde ik hem nog vanuit Genève. Ik zou
dit weekend bij hem in Amsterdam langskomen, zo sloten we
ons telefoongesprek af. We hadden elkaar al een hele tijd
niet gezien, omdat Ronny en zijn vrouw Didi de wintermaanden
op Curaçao hadden doorgebracht. Ze hadden het er fantastisch
gehad en hij moest me nog de groeten overbrengen van
allerlei gezamenlijke kennissen. En we hadden nog zoveel bij
te praten: Obama, Suriname, Curaçao, het
Israelisch-Palestijnse conflict en natuurlijk de laatste
ontwikkelingen in onze families.
Hij is niet meer, Ronny Rens, de man van het vlijmscherpe
commentaar, die lastige onderwerpen niet uit de weg ging en
politici en andere autoriteiten soms tot razernij kon
drijven met zijn stukken. Ooit vroeg een voorzitter van het
Surinaamse parlement aan premier Van Agt of die er niet voor
kon zorgen dat Zorg en Hoop kon worden gestopt; de kritische
toon beviel niet.
Veel Surinamers in Nederland kennen Ronny vanwege zijn
nieuwsoverzichten in Zorg en Hoop. In Suriname zelf is hij
natuurlijk bij velen bekend als oud-directeur van de
Surinaamse omroep SRS, zijn werk als directeur van Cultureel
Centrum Suriname (CCS), directeur van de Surinaamse
televisiezender STVS en natuurlijk als commentator bij vele
sportwedstrijden en WK-voetbalwedstrijden.
Hij volgde de Amerikaanse baseball- en basketball leagues op
de voet en kon daar dan met passie over praten. Hij was het
die me eindelijk eens kon uitleggen hoe de regels van
American Football werkten en waarom die mannen met helmen op
elkaar zo gewelddadig omver renden. Toen ik het begreep,
begon ik het ook leuk te vinden….
Ik leerde Ronny Rens kennen toen we hem vanuit de NOS
aantrokken als correspondent. Hij werd onze man, die rond de
onafhankelijkheid van Suriname en nog jaren daarna ons
wekelijks nieuwsoverzicht maakte voor het radioprogramma,
dat later Zorg en Hoop ging heten. De eerste feitelijke
ontmoeting vond pas veel later plaats, toen we al maanden
met elkaar samenwerkten. Een bijzondere ontmoeting, want hij
keek uit naar een slungelige journalist, maar kreeg een
magere Hindoestaan met veel te lang haar voor zich.
We hebben er later nog vaak om gelachen. Onze relatie
groeide uit van collega’s tot een boeiende vriendschap.
Ondanks ons leeftijdsverschil, hij was ruim twintig jaar
ouder, werden we boezemvrienden, die naast het nieuws
urenlang konden praten over sport, de politiek en over onze
families. We werden niet alleen verbonden door ons werk,
maar ook door de relatie die wij beiden hadden met de
Antillen. Ronny had als jonge man op Curaçao gewoond en
gewerkt, ik was opgegroeid op Aruba.
Vele jaren later bracht Curaçao ons weer bij elkaar. Ronny
was in 1982 uit Suriname weggegaan vanwege toenemende
intimidaties en de dreigende sfeer in het land. Hij
verhuisde naar Curaçao en werd hoofdredacteur van het
dagblad Amigoe. Ik werd in 1985 correspondent van het ANP
voor het Caribisch gebied met als standplaats Curaçao.
Suriname en de Antilliaanse eilanden werden beiden onze
passie en dit keer werkten we opnieuw samen, maar nu vanuit
Willemstad. Op Curaçao kwamen we bij elkaar over de vloer en
mijn jongste zoon Roshan was helemaal gek van ‘oom Ronny’.
Hij was één van die mensen waar kinderen binnen tien
seconden vrienden voor het leven van werden.
Als we deze week afscheid nemen van Ronny Rens, maak ik een
diepe buiging voor een begenadigd journalist en een
Surinaamse patriot. Het was een voorrecht hem mijn vriend te
mogen noemen.
Rajendre Khargi (RNW)
Ronny Rens sr. was directeur van de Stichting Radio
Omroep Suriname (SRS) en werkte bij de Surinaamse Televisie
Stichting STVS. Na de coup in 1980 werkte hij als
voorlichter op de Amerikaanse ambassade in Paramaribo, maar
vertrok kort daarna. Rens bouwde op Curaçao een nieuw
bestaan op en werd daar hoofdredacteur van de Amigoe. De
laatste jaren woonde Ronny Rens in Amsterdam. Afgelopen
maandag 1 juni vierde hij nog zijn 76ste verjaardag. Rens
overleed in de nacht van vrijdag 5 op zaterdag 6 juni
omstreeks twee uur, zittend voor de TV, aan een
hartstilstand. Ronny Rens wordt op donderdag 11 juni in
Nederland begraven.
De kogel is door de kerk:
Vernieuwingsbeweging en het bestuur van de VHP vinden
elkaar.
Na een lange strijd is er nu eindelijk weer eenheid binnen
de VHP zonder dat de Vernieuwingsbeweging zich met haar
achterban bij een andere partij aansluit. Dit is zonder meer
een unicum in de historie van de VHP aangezien rebellerende
groepen altijd uit de partij zijn gezet. In deze tijd is het
een bittere noodzaak dat Het Nieuw Front de gelederen sluit
want het volk klaagt steen en been over de beleidsdaden van
de zittende regering. Nu de teerling is geworpen, hoop ik
dat het bestuur van de VHP zich ook houdt aan de gemaakte
afspraken, aangezien er nog steeds een rechtszaak loopt die
door de Vernieuwingsbeweging aanhangig is gemaakt.
Ook het extreem vele geweld dat
is gebruikt voordat er overeenstemming werd bereikt, siert
de partij niet. Ik hoop daarom dat de voorzitter van de
partij nog met een verklaring komt. Afgelopen dagen maakte
de heer Venetiaan op cryptische wijze bekend, dat hij het
belangrijk vindt dat er een nieuw gezicht komt, maar tevens
vernieuwing en verandering. Suriname is nu eenmaal een land
met vele gezichten. Ik hoop dat de voorzitter van de
Pertjajah Luhur de heer Somohardjo sportief genoeg is om in
te zien dat het binnen de combinatie nu de beurt van de VHP
is om met een bekwame, competente, integere en geschikte
kandidaat te komen voor het presidentschap. Een
charismatische kandidaat die ook de jongeren aantrekt en
bereid is om net als Barack Obama voor vernieuwing te zorgen
en vooruitgang te brengen. Het zal zeker moeilijk worden
omdat de NDP een grote partij is geworden en zich nu een
Megacombinatie noemt.
Maar het is ook een partij waar
de leider wordt verdacht van moord en waar zich lieden
hebben aangesloten (slumdog miljonairs) waarvan bekend is
dat bloedverwanten, onder verantwoordelijkheid van deze
leider zijn vermoord. Deze “gelukszoekers” zijn dus volgens
mij karakterloos. In de vele artikelen die ik heb
geschreven, heb ik steeds erop gewezen dat men vooral uit
frustratie een proteststem uitbrengt op de NDP. Wij zijn nog
een jong land en zullen met vallen en opstaan voorspoed
bereiken.
Het heeft geen enkele zin om
voor vermeende moordenaars te stemmen of voor mensen die
vóór de doodstraf zijn. Al deze mensen hebben hun heil
gezocht bij de zogenaamde Megacombinatie, waarvan de leider
ook samengewerkt heeft met een koloniale mogendheid om een
staatsgreep te plegen: “Is de leider van deze partij niet de
ware reactionair?” Daarom kan de NDP nooit een
revolutionaire partij zijn, wat veel jongeren verwachten en
soms ook denken. Vele handelaren en industriëlen die ons
land hebben uitgebuit tijdens de zogenaamde “Revoperiode”
hebben zich weer aangesloten bij deze partij om hun slag te
slaan als ze aan de macht komen. U mag zelf beslissen voor
wie u kiest: “bezin dus goed, eer ge begint!”
Door de eenheid binnen de VHP zal deze partij nu in staat
zijn een groot aantal zetels binnen te halen. Wellicht
evenveel als de NPS of meer. Ik hoop dus dat de achterban
van deze partij nu bereid is alle teleurstelling ver van
zich af te werpen en samen te werken aan: “change, we
believe in”. Volgens mij is het ook belangrijk dat de
volgende president ook een jurist is want onder
voorzitterschap van Somohardjo zijn nauwelijks wetten
gemaakt in ons parlement. Omdat de huidige president ook
geen juridische achtergrond heeft, kon hij dit ook niet
adequaat stimuleren.
Het mag toch met nadruk gesteld worden dat er wel degelijk
geschikte kandidaten binnen de gelederen van de VHP aanwezig
zijn die op een gepaste wijze de functie van President van
de Republiek Suriname kunnen vervullen.
Wellicht kennen de lezers deze kandidaten evengoed als ik.
Het is alleen maar dat we de durf moeten hebben om die namen
door te spelen naar de leiding van deze politieke partij.
Beste mensen, schroom daarom niet deze voor het voetlicht te
brengen, zodat de beste kandidaat uiteindelijk ons land mag
leiden. Uiteraard geef ik de voorkeur aan een veel jongere
kandidaat dan de personen die zich nu aandienen. Ik huldig
het standpunt dat “de grijsaards snel plaats moeten maken”.
Robby Roeplall
Godsdienst en politiek
Godsdienst en politiek worden als volgt onderscheiden: 1.
Godsdienst betrekt mensen om de Here God te dienen en te
vereren. 2. Politiek betrekt mensen om de staatsmacht te
verwerven of die te behouden.
Ad.1. Godsdienst wil zeggen in dienst zijn van de schepper
van hemel en aarde. Het beginsel als wij Hem centraal
stellen is namelijk liefde voor elkaar tonen en liefde voor
Hem uit geheel het hart en meer nog godvrezend te zijn.
Liefde voor de mede mens wordt voornamelijk tot uitdrukking
gebracht in sociaal werk zoals armenzorg, onderwijs, kunst
en wetenschappen. In andere sociale relaties binnen een
samenleving valt dat in mindere mate waar te nemen. Met
liefde voor de schepper uit het hart wordt natuurlijk
bedoeld Hem alleen beminnen en zijn naam verheerlijken.
Hij heeft trouwens
gezegd tussen Mij is er geen. Ik ben God en niemand meer.
Indien men daarom zich daadwerkelijk in dienst wenst te
stellen van de schepper zal men alleen volgens Zijn wil
onderricht moeten geven aan de mede mens. En Zijn wil is
terug te vinden in Zijn geboden en of wetten die Hij voor de
gehele mensheid heeft ingesteld. En deze zijn duidelijk
omschreven in het Oude Testament onder Exodus en Leviticus
en zijn hoofdzakelijk om gerechtigheid adequaat te
bevorderen bij de mens. Indien de leer die er door mensen
worden gegeven in overeenstemming is aan de wil van de Here
God zal die ongetwijfeld effectief genoeg werken en
doordringen bij ieder mens op aarde. Hierdoor zal er dan
liefde voor elkaar aan de dag worden gelegd, aangezien
iedereen acht zal willen slaan op wat de schepper van hem of
haar verwacht. In de middeleeuwen nam de kerk een voorname
plaats in binnen een samenleving. Door zeer vroom te leven
gaven de kloosterlingen een goed voorbeeld aan hun medemens.
Er werd bijvoorbeeld tegen armoede gepredikt en daarbij ook
op een zodanige gewerkt dat er werkelijk verbetering kwam in
de toestand waarin zij verkeerden. Deze leerstelling heeft
in zekere mate wel enige rust en bevrediging weten te
brengen in de menselijke natuur. Maar het heeft toch niet
lang stand weten te houden. Armoede met ere blijkt thans
niet meer te gelden voor de moderne mens. De kerk heeft
hierdoor geleidelijk aan haar aanzien aanmerkelijk verloren
zien gaan. Vroomheid slechts illustreren is nog niet
voldoende om bij de schepper te kunnen behoren. De Here God
heeft trouwens gezegd: Wie naar mij luistert zal geen honger
lijden en ook geen ziekte kennen. Mijn engel laat Ik voor u
uitgaan. En dit mag natuurlijk ook worden getoetst aan de
realiteit. De Here God zegt verder: Wat Ik uitspreek wordt
niet herroepen.
Ad2. Naar alle waarschijnlijkheid zullen er over een jaar
nieuwe algemene en geheime verkiezingen in Suriname worden
gehouden. Dit, voor het kiezen van een
volksvertegenwoordiging door het volk en wel voor een
zittingsperiode van 2010 – 2015. Het blijkt dat de daaraan
verbonden verkiezingscampagne voor deelname aan de
verkiezingen voor het lidmaatschap van De Nationale
Assemblee inmiddels is ingeluid. Politiek staat
hoofdzakelijk in betrekking tot het staatkundig beleid van
een land. Dus het geheel van beginselen en regels volgens
welke een land wordt of moet worden geregeerd. Indien iemand
dan vanwege de aspiraties die hij koestert de kans krijgt om
te regeren, zal die vanwege zijn kennis en opleiding alleen,
niet in staat zijn een volk op de juiste wijze te leiden.
Als basis hiervoor zal betrokkene ook over voldoende
wijsheid moeten beschikken.
En deze kan slechts worden
verkregen uit de natuurdrift die door de Here God alleen aan
ons wordt geschonken. Maar deze wijsheid moet dan eerst
persoonlijk en rechtstreeks en wel nederig en dringend bij
de schepper worden gevraagd. De belangrijkste voorwaarde
evenwel om hiervoor in aanmerking te komen is natuurlijk
eerst dat je aan Zijn wil moet voldoen. Dus niet alleen door
een zogenaamd vroom leven te leiden. De Here God zei onder
meer via zijn profeet Samuel het volgende tot koning David
ten aanzien van zijn zoon Salomo die zijn troo opvolger is.
“Die zal in Mijn naam een huis bouwen en Ik zal hem tot een
vader zijn en hij zal Mij tot een zoon zijn”. “Wanneer hij
ongerechtigheid bedrijft zal Ik hem tuchtigen met een roede
der mensen en met slagen der mensen kinderen” (zie Samuel
7-1-17) Indien de godsdienstleer in overeenstemming is met
de wil van de schepper (de vader van iedereen) zal deze
ongetwijfeld effectief genoeg doorwerken in een vreedzame
samenleving onder de gehele mensheid op aarde. Er zullen
daarbij geen oorlogen, geen geweld, geen misleiding, geen
jaloezie, geen afgunst, geen diefstal, geen valse
getuigenissen enz. meer zijn onder de mensheid.
De Here God kijkt naar het hart der mensen!
Edward Marbach
Huiselijk
geweld is meer dan slaan en schoppen
Overheid moet zich niet slechts beperken tot het straffen
van geweldplegers
Huiselijk geweld is geweld dat door iemand uit de huiselijke
kring wordt gepleegd; het komt voor tussen partners, maar
ook tussen ouders en kinderen en tussen andere familieleden.
Bij het horen van geweld denken veel mensen aan lichamelijk
geweld en lichamelijke mishandeling. Maar ook seksueel
geweld, psychisch geweld, verwaarlozing en financiële
uitbuiting zijn vormen van huiselijk geweld.
Kindermishandeling, partnerrelatie geweld, seksueel misbruik
van zowel kinderen als volwassenen, bedreiging en
verwaarlozing van kinderen door ouders, bedreiging door een
partner of door een kind, zijn allemaal voorbeelden van
huiselijk geweld. Bij lichamelijk geweld denkt men gauw aan
hardhandig duwen, slaan, schoppen, aan de haren door het
huis slepen, de keel dichtknijpen.
Bij psychisch geweld moet je
denken aan vernederen en beledigen, uitschelden en
intimideren, bedreigen en tiranniseren, verbod op contact
met familie en vrienden, verbod om een baan te nemen of een
cursus te volgen, vernieling van spullen, kwetsen met dingen
die je het meeste raken, een buitenechtelijke relatie op na
houden. Elke vorm van geestelijke marteling kan gerekend
worden tot psychisch geweld. Hoewel het heel ingrijpende
gevolgen heeft, wordt psychisch geweld meestal verwaarloosd,
omdat het in tegenstelling tot lichamelijk geweld geen
zichtbare letsels achterlaat. Dat is de voornaamste reden
waarom zowel omstanders als het bevoegde gezag zich
overwegend focussen op lichamelijk geweld. Huiselijk geweld
kan incidenteel zijn, maar in sommige situaties dagelijks of
wekelijks en het kan maanden of jaren duren. Het komt voor
in alle soorten gezinnen: van arm tot rijk, van ongeschoold
tot hoogopgeleid, van jong tot oud. Het komt veel voor en is
vaak zeer ingrijpend .Vaak is door het geweld het huis geen
veilige plek meer. In veel gevallen is het niet eenvoudig
erachter te komen of iemand mishandeld wordt. De meeste
slachtoffers ontkennen in eerste instantie en willen het
liever niet aan de grote klok hangen; zij denken en hopen
dat het vanzelf weer overgaat. Enkele vormen van huiselijk
geweld zijn gezinsgeweld, partnergeweld en seksueel geweld.
Gezinsgeweld kan worden verklaard vanuit het gezin als
sociale groep. Leden van het gezin nemen verschillende
maatschappelijke posities in en hebben verschillende
belangen.
Zo ontstaan er conflicten die
door middel van geweld worden opgelost. In lagere
sociaaleconomische klassen komt geweld relatief meer voor
als gevolg van het gebrek aan materiele en sociale status.
De minder gunstige omstandigheden waarin deze klassen moeten
leven leidt sneller tot conflicten; deze mensen nemen
sneller hun toevlucht tot geweld.
Partnergeweld komt niet alleen voor bij lager opgeleiden,
jongeren en armen, maar ook bij hoogopgeleiden, ouderen en
rijken. Een tweede partner eropna houden lijkt in Suriname
een cultuurgoed te zijn geworden ( een van de oorzaken van
partnergeweld ?). Zolang dat discreet gebeurt, is er niet
veel aan de hand, maar als de andere partner het te weten
komt, breekt de hel los. De rust in zo’n gezin kan niet meer
gegarandeerd zijn; zowel de bedrogen partner als de kinderen
lijden er onder. Meestal is het voor de bedrogen partner
heel moeilijk de situatie te doorbreken. Ondanks alles
blijven veel slachtoffers bij hun partner omdat ze vaak
kinderen hebben en afhankelijk zijn van de geweldpleger.
Bovendien koesteren ze de hoop dat het geweld eens ophoudt
als hij/zij verandert of als de kinderen groter zijn.
Uiteindelijk berusten veel slachtoffers zich in de
erbarmelijke situatie, maar ze zijn dan wel een wrak
geworden (allerlei lichamelijke en geestelijke klachten, van
maagzweer tot zware depressie ).
Van seksueel geweld zijn er heel veel vormen, zoals incest,
aanranding, verkrachting en seksuele intimidatie.
Machtsverschil is kenmerkend voor seksueel geweld tussen man
en vrouw of tussen ouder en kind. De dader kan ook een
onbekende of vriend zijn. Voor slachtoffers van seksueel
geweld is het niet gemakkelijk hulp te zoeken: ze schamen
zich of zijn bang dat ze niet worden geloofd of dat ze zelf
de schuld krijgen. Een seksueel misbruikt kind is b.v. bang
dat vader of broer in de gevangenis komt, of dat ze zelf uit
het huis wordt gezet en dat mama verdrietig wordt als ze het
te weten komt. Een van de voorwaarden om seksueel geweld
tegen kinderen te kunnen signaleren is rekening houden met
de mogelijkheid dat seksueel geweld kan plaatsvinden.
Seksueel misbruik van kinderen komt meestal voor in zeer
gesloten gezinnen, waarbij de vader overheerst en de moeder
onderdanig en zwak is.
Over het algemeen wordt aangenomen dat het overwegend mannen
zijn die huiselijk geweld plegen, maar diverse studies laten
zien dat vrouwen thuis net zo gewelddadig/agressief zijn: de
helft van de klappen thuis komt van vrouwen. Voor
mishandelde vrouwen zijn voorzieningen en een luisterend oor
reeds een stap in de goede richting, maar wie luistert nu
naar een man tegen wie huiselijk geweld wordt gepleegd ?
Vaak wordt het afgedaan met als zou de vrouw hebben
gehandeld uit zelfverdediging. Huiselijk geweld wordt in
Suriname op een lijn gesteld met vrouwenmishandeling.
Mishandeling van mannen “bestaat “niet. Zelden wordt er in
een bijzinnetje iets gezegd over dat vrouwen ook agressief
kunnen zijn. Uit onderzoeken naar huiselijk en relatiegeweld
blijkt dat mannen en vrouwen even gewelddadig en agressief
kunnen zijn. Echter worden er meer vrouwen verwond door
huiselijk geweld (mannen slaan harder, maar niet vaker
).Voor die vrouwen is er wereldwijd aandacht ( en opvang )en
voor de mannen is er helemaal niets.
Ook wordt er weinig aandacht
besteed aan kindermishandeling, waaraan vrouwen net zo hard
meedoen als mannen. Het zijn niet alleen vaders die hun
kinderen schreeuwen, vloeken, klappen, slepen, duwen etc;
moeders plegen dit geweld misschien meer. Kindermishandeling
veroorzaakt bij veel kinderen blijvende psychische letsels
die hun verdere leven beïnvloedt ( sommige houden er
trauma’s aan over ). Er zou een instantie moeten komen die
kindermishandeling opspoort en bestrijdt. Kinderen moeten
opgroeien in een veilige omgeving, een omgeving zonder
angst, zonder zorgen, zonder bezorgdheid. Het gezin zou de
meest veilige plek voor kinderen moeten zijn; helaas is dat
voor duizenden kinderen niet het geval. Een maatschappelijk
probleem dat in deze regeerperiode nog aangepakt dient te
worden. Maar wie heeft daarvoor tijd en aandacht?
Huiselijk geweld stopt in de regel nooit vanzelf. Het
slachtoffer moet zelf bepalen om aangifte te doen of uit
huis te gaan. Maar dat is niet eenvoudig. Als je als
buitenstaander huiselijk geweld merkt, is je grootste
probleem hoe je ermee moet omgaan: zal je er wat van zeggen,
mag je bemoeien, mag je ingrijpen, moet je ingrijpen? Je
moet wel weten dat de schade voor de slachtoffers
onherstelbaar kan zijn. Het kan dus geen kwaad ( het is
zelfs nodig ) dat je aan de bel trekt. Gezinnen met
regelmatig huiselijk geweld kunnen onmogelijk geestelijk
stabiele, evenwichtige kinderen leveren. Zie het als je
morele en humanitaire plicht om er wat aan te doen. Er zijn
tal van mogelijkheden om hulp te bieden: Probeer zoveel
mogelijk signalen op te vangen, vragen te stellen en te
luisteren.
Vooral het luisteren
naar het slachtoffer werkt zeer opluchtend en hoopgevend.
Bespreek de situatie met een vriend/ familie die voldoende
greep heeft op de geweldpleger. Wees er voorzichtig mee,
want meestal willen ze niet hebben dat het geweld
“uitlekt”.Vraag de vriend/ familie om de geweldpleger tot
andere gedachten te brengen. Adviseer het slachtoffer om het
met de huisarts of goede kennis/familie te bespreken.
Overweeg in het ergste geval aangifte te ( laten ) doen bij
de politie. Ook de school kan een grote rol spelen in het
signaleren en bestrijden van huiselijk geweld. In het gedrag
van kinderen komt het goed tot uiting.
De overheid moet gauw een beleid maken om huiselijk geweld
op te sporen en te bestrijden en zich niet beperken tot
slechts het straffen van geweldplegers. Beleidmakers, weet
dat de schade die dit geweld aanricht voor de slachtoffers
net zo verwoestend is als een tsunami.
Jack Mohanlal ( j.mohanlal@tiscali.nl )
Desastreuze fouten vragen na twintig jaar om vergiffenis.
De ochtend van zeven juni in het jaar negentienhonderd
negenentachtig. Een ochtend, zoals men nu ook nog vele
ochtenden meemaakt. Nee, eigenlijk was het nog nacht. De
nacht was nog in volle gang en was al over de helft heen.
Ergens boven de Atlantische Oceaan kwam een vliegtuig van De
Surinaamse Luchtvaartmaatschappij dicht bij haar bestemming
aan. Het vliegtuig met vluchtnummer PY 764 , dat de avond
ervoor al met vertraging van de luchthaven Schiphol was
vertrokken, zou volgens plan om vier uur in de ochtend
plaatselijke tijd op de luchthaven Zanderij in Suriname
aankomen. In het vliegtuig zaten vele passagiers te slapen.
Enkele waren ook wakker, maar menigeen was erg moe van het
wachten tijdens de vertraging in Amsterdam. Onder de
passagiers waren mensen, die hun familieleden in Suriname
gingen bezoeken. Nu is dit gebruikelijk, waardoor men vaak
al in het vliegtuig bekenden tegenkomt. Suriname heeft niet
gigantisch veel inwoners. De meerderheid van de bevolking
leeft ook in de hoofdstad Paramaribo. Dus grote kans, dat je
dan als lokale inwoner in het vliegtuig naast een bekende
kan zitten. Ook een deel van de spelers van het Kleurrijk
Elftal zaten in het vliegtuig. Het elftal, dat volledig uit
Surinaamse voetballers bestaat heeft als doel wedstrijden en
toernooien te organiseren, waarvan de opbrengst naar goede
doelen in Suriname gaat. Ook het bevorderen van de
intergratie van Surinaamse spelers in het Nederlands voetbal
was bij de oprichting van dit elftal een belangrijk streven.
In de jaren tachtig was dit namelijk nog niet zo
vanzelfsprekend.
In Suriname is er wel een voetbalcompetitie, maar zeker niet
zo groot als vele competities in Europa. Het was die tijd,
dan ook groot nieuws als een speler vanuit Suriname naar
Europa ging. Het Kleurrijk Elftal speelde in 1986 zijn
eerste wedstrijd in het Olympisch Stadion te Amsterdam tegen
de Surinaamse voetbalkampioen. De voetbalclub Robin Hood uit
Paramaribo, die tot op de dag van vandaag nog steeds
meespeelt om het kampioenschap in Suriname, was even
daarvoor overgevlogen naar Nederland voor deze blijde
gebeurtenis. Het Kleurrijk Elftal werd dan ook als
tegenprestatie uitgenodigd om in de maand juni een toernooi
te spelen, met de voetbalclubs Boxel, Transvaal en wederom
Robin Hood. Hierdoor kwam het dus, dat een deel van het
Kleurrijk Elftal die 6de juni moest meemaken, dat een
vertraging van hun vliegtuig zich voor hun ogen afspeelde.
Ja, een deel van dit elftal. De keeper Stanley Menzo en de
spits Hennie Meijer waren al eerder vertrokken naar
Suriname. Voorts konden een aantal spelers onmogelijk
vertrekken. Ruud Gullit, Frank Rijkaard, Bryan Roy, Aron
Winter en Henk Fräser hadden allemaal een uitnodiging om mee
te gaan met dit speciale elftal, maar kregen geen
toestemming van hun clubs om halsoverkop het land te
verlaten. Hoeveel geluk, deze spelers hebben gehad, bleek
maar weer eens op die fatale ochtend van 7 juni.
De ‘Anthony Nesty’, zoals het vliegtuig liefkozend werd
genoemd had een prettige vlucht gehad, toen de piloten de
kuststreek van Suriname voor hun ogen zagen opdoemen. Nu
moet je weten, dat de luchthaven Zanderij op ruim dertig
kilometer zuidelijk buiten de hoofdstad Paramaribo ligt.
Hierdoor moest het vliegtuig een korte tijd nog boven land
vliegen. De Amerikaanse gezagvoerder genaamd Will Rogers en
zijn bemanning hadden van te voren een weerbericht
doorgekregen, waarbij ze tevreden waren. Het zou immers een
goede landing kunnen worden. Maar op het moment, dat het
vliegveld in zicht kwam, was er duidelijk een mistbank te
onderscheiden. Dit hadden de bemanningsleden niet verwacht.
Na onderzoek bleek dat het zicht niet zo slecht was, om met
het blote oog te landen. De brave borst Will Rogers besloot
echter anders en via het Instrument Landing System te
landen. Het ILS, is een systeem, waarmee vliegtuigen op
basis van meetapparatuur kunnen landen. Rogers had alleen
geen toestemming vanuit de toren van Zanderij om een
dergelijke landing in te zetten. Wat uiteindelijk desastreus
eindigde.
De gezagvoerder had tot drie keer toe geprobeerd de landing
in te zetten. Maar steeds werd het geweigerd door het
systeem. Uiteindelijk besloot hij de vierde keer een landing
in te zetten en een waarschuwing van het systeem, dat het
toestel te laag vloog, te negeren. Dit had tot gevolg, dat
het toestel met honderd zevenentachtig inzittenden op
vijfentwintig meter hoogte twee bomen raakte en om zijn
lengteas draaide. Uiteindelijk stortte het vliegtuig om
precies drie minuten voor half vijf plaatselijke tijd
ondersteboven neer en nam daarbij het leven mee van honderd
zes en zeventig inzittenden. Een fatale fout, die ervoor
zorgde, dat in een klap de hele Surinaamse bevolking in rep
en roer was. Tot op de dag van vandaag, praat iedereen nog
over deze verschrikkelijke tragedie. Waarom moesten er op
die ochtend zoveel mensen omkomen? Alle bemanningsleden en
honderd zevenenzestig mensen kregen een enkeltje naar de
hemel. En waarom? Hoe heeft dit kunnen gebeuren? Zit er meer
achter deze tragedie? En wat is het verhaal van de
gezagvoerder? Vragen, vragen, vragen en waar zijn de
antwoorden? De antwoorden zijn, mijns inziens, heel simpel.
Hoe komt het dat een gerenommeerd bedrijf als SLM, een
bemanning huurt bij een Amerikaans uitzendbureau voor
piloten en dan de papieren niet goed controleert. De op het
oog betrouwbare gezagvoerder Rogers was namelijk niet
eerlijk, wat betreft zijn leeftijd. Dat is later gebleken.
Hij was zelfs te oud om te mogen vliegen. Ook had hij met
zijn brevet nooit mogen vliegen op het bewuste verongelukte
vliegtuig. En wat de kroon spant, was het feit, dat hij
eigenlijk al een keer formeel geschorst was. Ook bij de
handelingen van de copiloot kunnen vragen gesteld worden.
Hoe komt het dat bepaalde feiten pas naar voren kwamen bij
het uitgebreide onderzoek na de ramp? Had de ramp niet
voorkomen kunnen worden? En hoe komt het, dat de schrijver
van dit verontrustende verslag steeds op stilzwijgen stuit.
Wil niemand meer over deze ramp praten? Moest het in de
doofpot gestopt worden? Het is een schande, dat niemand
openlijk in de media excuses gemaakt heeft voor de fouten,
die gemaakt zijn. Maar mensen van de beste Surinaamse
Luchtvaartmaatschappij. Het is nog niet te laat!
Veel praten met de bevolking van en in Paramaribo heeft
uitgewezen, dat vele mensen, deze ramp reeds uit hun hoofd
hebben gezet. Niet omdat het vergeten is, maar er wordt
vanuit gegaan, dat erover spreken toch niet zal helpen. Het
heeft toen niet geholpen, dus nu zal het ook wel niet
helpen. Uiteraard ben ik het daar niet mee eens. Zeker omdat
diegenen, die de ramp hebben overleefd, deze desastreuze
avond keer op keer beleven, als de dag van gisteren. Ga eens
na hoe het is om elke keer, wanneer een vliegtuig
overvliegt, panisch te worden. Hoe is het, om meerdere
nachten badend in het zweet wakker te worden uit deze
nachtmerrie? Heren van SLM, is het dan zo moeilijk om
publiekelijk excuses te maken aan de slachtoffers van deze
ramp en hun nabestaanden? Begrijp mij goed, SLM is een
steengoede organisatie met capabele mensen, die iedere dag
vele mensen tevreden stellen, met schitterende vluchten.
Maar in een organisatie werken mensen en mensen kunnen
fouten maken. Je bent pas een toporganisatie, als je ook je
eigen fouten toe kan geven. En zoals ik al eerder zei; “Het
is nooit te laat!’. En als de SVB, KNVB en het Kleurrijk
Elftal een benefietwedstrijd houden, dan kan SLM niet
achterblijven, toch? Zeven juni negentienhonderd
negenentachtig is en zal altijd een zwarte bladzijde uit de
historie van Suriname en bovenal de voetbalgeschiedenis
blijven. Toch ben ik er van overtuigd, dat iedereen het een
goed plaatsje zal kunnen geven. Wie helpt er mee?
De Hindostaanse immigratie 1873-1916
Op vrijdag 5 juni 2009 is het precies 136 jaren geleden dat
de eerste Brits-Indische immigranten voet aan wal zetten op
de Surinaamse bodem, bij Fort Nieuw -Amsterdam. Op 26
februari 1873 vertrok het eerste schip Lalla Rookh uit
Calcutta met 410 immigranten en kwam op 5 juni van hetzelfde
jaar in Suriname aan. De reis met dit zeilschip heeft 99
dagen geduurd. Onderweg zijn 11 personen overleden. In
totaal zijn er dus 399 personen levend in Suriname
aangekomen; 279 mannen en jongens; 70 vrouwen en meisjes en
50 kinderen beneden de tien jaar. Het laatste schip dat in
Suriname aankwam was het stoomschip Dewa dat op 7 april 1916
uit Calcutta vertrok met 303 mensen en kwam op 24 mei van
hetzelfde jaar in Suriname aan. Tussen 1873 tot 1916, in een
tijdbestek van 43 jaren, zijn er 34.304 immigranten met 64
schepen naar Suriname gebracht. Van dit aantal repatrieerden
11.512 immigranten, wat neerkomt op ongeveer een derde deel.
Uit de laatste volkstelling is gebleken dat er op dit
ogenblik in Suriname 135.117 Hindoestanen wonen, maar
tegelijk moeten wij ook erbij vermelden dat ruim vijf jaren
terug in Nederland 160.000 Hindoestanen woonden.
Waarom immigranten naar Suriname
De internationale druk om de slavernij in de wereld af te
schaffen was bijzonder groot. De Liberalen, maar niet te
vergeten de Engelse Abolitionisten Pitt en Wilberforce,
oefenden eveneens een grote druk uit en vooral de
Amerikaanse schrijfster mevrouw Beecher -Stowe, had met haar
beroemd boek:”Uncle Tom’s Cabin” het hart van de brede massa
geraakt. De Engelsen hebben toen reeds in 1833 en later de
Fransen in 1848 de slavernij in hun koloniën afgeschaft.
Nederland heeft uiteindelijk in 1863 de slavernij in
Suriname moeten afschaffen. De Nederlandse regering had een
beetje gepiept in de Engelse en de Franse koloniën wat de
gevolgen waren van de afschaffing van de slavernij. Toen de
slavernij eenmaal afgeschaft was, trokken de slaven in grote
getallen naar de urbane gebieden, waardoor een groot tekort
aan arbeiders op de plantages ontstond. Nederland wilde de
plantages niet laten ontvolken. Zij hebben het voorbeeld van
de Engelsen overgenomen en begonnen eveneens met
contractarbeiders in Suriname. Reeds in 1853, kort voor de
afschaffing van de slavernij, zijn er Chinezen uit Java en
China gehaald .Deze immigratie heeft niet veel succes
geboekt in Suriname. De periode van het Staatstoezicht(
1863-1873) ging ook heel snel voorbij. Intussen had
Nederland een overeenkomst gesloten met Engeland om
Brits-Indische immigranten uit het voormalige Brits-Indië te
halen. De Nederlandse regering had goede informaties over
het goede werk dat de Brits-Indische immigranten vanaf 1838
in Brits –Guyana verrichtten.
De contractbepalingen
De Engelse regering heeft alle medewerking verleend aan de
Nederlandse regering om Brits-Indische immigranten naar
Suriname te brengen. De immigranten kwamen onder de volgende
bepalingen; zij kwamen voor een periode van vijf jaren, zij
hadden vrije geneeskundige behandeling, zij kregen een loon
en na vijf jaren mochten zij gratis terugkeren naar
Brits-Indië. Een beruchte bepaling in het contract was de
“poenale sanctie”, waarbij contractbreuk als misdrijf
strafbaar werd gesteld. In het boek van pater De Klerk
worden er verschillende motieven aangehaald die ertoe geleid
hebben dat velen Brits-Indië verlaten hebben. Enkele
belangrijke motieven waren onder andere: economische
motieven, familietwisten, vrees voor blaam, het zware juk
van het weduwschap, vlucht voor justitie, zucht naar
avontuur. In het traktaat waren er minimumeisen gesteld aan
de accommodatie van de emigrantenschepen, maar in de
praktijk bleek dat anders te zijn. Dit heeft ook ertoe
geleid dat velen onderweg stierven. Velen hebben het
beloofde land, het land van ‘Shri Ram’, zoals men ze had
voorgehouden, nooit bereikt. Uit het boek van pater De Klerk
citeer ik het volgende: “Ook zonder dat bepaalde epidemieën
in het spel waren, was de sterfte bij de meeste
emigrantenschepen hoog te noemen. Een getal van 5-10 was
heel normaal. Maar er waren ook gevallen bekend die ver
boven het gemiddelde stegen.
Het werk op de plantages
In Suriname werden de immigranten ingezet om het werk dat de
slaven eerder gedaan hadden, te doen. Het werk op de
plantages was bijzonder zwaar, vooral op de suikerplantages.
De huisvesting was erbarmelijk en de medische zorg liet veel
te wensen over, ondanks de mooie contractbepalingen. De
immigranten hadden geen andere keus en hebben naar
tevredenheid van de deskundigen hun contractperioden
afgesloten.
Het werk was bijzonder zwaar; het minimumloon bedroeg 60
cent per dag voor mannen en 40 cent voor vrouwen en jongens
tot 15 jaar. De “poenale sanctie “ op werkweigering was
maximaal zes weken gevangenisstraf en 25 gulden boete, op
‘desertie’ twee maanden gevangenisstraf of 50 gulden boete.
Aangezien werkweigering of weglopen als misdrijven golden,
konden werkgevers bij dergelijke gevallen de politie te hulp
roepen. De lonen waren volgens de meeste deskundigen erg
laag in Suriname. Ondanks deze lage lonen slaagden veel
immigranten erin, ongetwijfeld door hard te werken en zuinig
te leven, geld te sparen. In 1913 bezaten 2711 Brits-Indiërs
een spaarbankboekje van de Koloniale Postspaarbank, met een
gemiddelde inleg van honderd gulden.
De vooruitgang van de immigranten
Over de immigranten die teruggekeerd zijn naar Brits-Indië,
hebben wij weinig informaties. Ik ben ervan overtuigd dat
zij die weg zijn, niet die maatschappelijke ladder bereikt
hebben die wij als nakomelingen in Suriname bereikt hebben.
Het klimaat van vooruitgang en mogelijkheden in Suriname is
veel groter dan in India. Via het onderwijs hebben velen een
hogere maatschappelijke ladder bereikt. In 1930 werd de
eerste Hindostaan, C.R.Biswamitre tot lid van de Koloniale
Staten gekozen. De koloniale machthebbers, de katholieke
missie en de broedergemeenten hebben in alle delen van ons
land scholen gebouwd, waardoor de plattelanders, uiteraard
ook de nakomelingen van de immigranten, westers onderwijs
konden volgen en daardoor een plaats in de Surinaamse
samenleving konden veroveren. Velen hebben het tot
professoren gebracht.
Bij deze gelegenheid zal ik
wat namen opnoemen die bij mij bekend zijn: prof. dr. A.
Oedayrajsingh Varma (biostatistiek), prof.dr. H.A.M.
Oedayrajsingh Varma (wis-en natuurkunde), prof.dr. C.A.G.
Oedayrajsingh Varma (scheikunde); prof. mr.dr. Frits
Mitrasingh (staatsrechtsgeleerde), prof. Parabirsingh
(farmacie), prof.dr. Baal Oemrawsingh (biochemicus), prof.
dr.Remie Hirasingh( kinderarts); prof.dr. Kanhai
(vrouwenarts), prof.dr. Ali (vrouwenarts), prof. Raktoe
(landbouwkundige), prof.dr.ing.H. Rampersad, prof. dr.
Kaulessar Sukul (chirurg), de gebroeders Chandi en Amwedhkar
Jethu die ons wekelijks van geestelijk voedsel voorzien en
zo kunnen wij doorgaan. De eerste Hindoestaanse cardioloog,
waarschijnlijk ook de eerste Surinamer, (later ook
parlementariër en minister geworden), dokter Sewram Rambaran
Mishre heeft onder zeer moeilijke omstandigheden dit grote
succes geboekt. Bij deze moet ook vermeld worden dat de heer
Rahmat Ali, de eerste Hindoestaan op 15 juli 1938 van de
Geneeskundige School is afgestudeerd als medicus.
Eerlijkheidshalve moeten wij ook bekennen dat vooral
Creoolse leerkrachten de polders introkken om de
nakomelingen van de immigranten naar school te krijgen,
waardoor zij goed westers onderwijs konden krijgen. Als wij
het district Nickerie als voorbeeld nemen, mogen de
nakomelingen van de immigranten de namen van de onderwijzers
G.G. Maynard en Eduard Samsin nooit en te nimmer vergeten.
Deze pioniers hebben bergen werk verzet voor de nakomelingen
van de immigranten in het rijstdistrict. Het zou mij te ver
voeren om alle namen op te noemen van pioniers die ook in
andere districten veel liefdevol werk verzet hebben voor de
nakomelingen van de immigranten. Op het politieke en
economische vlak zijn de successen van de nakomelingen van
de immigranten zowel in Suriname als in Nederland duidelijk
zichtbaar. Deze nakomelingen zetten zich volledig in voor de
verdere opbouw van hun land. De harmonieuze samenleving die
de ouderen voor ons gecreëerd hebben, dankzij het onderwijs
en de kerk, mogen nimmer teloor gaan. De geleerde pandit
Jawaharlal Nehru, premier van India, zei het volgende op 30
oktober 1952 op de universiteit van Saugor: “Niets is
gunstiger en eervoller dan een rijk erfdeel, maar niets is
gevaarlijker voor een volk dan achter te blijven en te teren
op dat erfdeel. Een volk kan geen vooruitgang boeken, als
het alleen maar het voorgeslacht navolgt; een volk wordt
opgebouwd door scheppende, inventieve en vitale activiteit”.
Wij feliciteren de totale Surinaamse samenleving met de
herdenking van 136 jaar Hindoestaanse Immigratie
Hardeo Ramadhin
WERELD HYDROGRAFIEDAG
Hydrografie – bescherming van het zeemilieu
Elk jaar vieren de Internationale Hydrografische Organisatie
(IHO) en de Kantoren voor Hydrografie van haar lidstaten
Wereld Hydrografiedag. Dan maken wij van de gelegenheid
gebruik om de doelen en prestaties van de organisatie onder
de aandacht te brengen van een groter publiek en
tegelijkertijd om het algehele bewustzijn van het publiek
over de vitale rol die hydrografie in ons leven speelt, te
verhogen.
Meer dan 90% van de wereldhandel en 70% van de jaarlijkse
consumptie van aardolie wordt over de zee getransporteerd.
Miljoenen mensen leven in de kustgebieden, vele sectoren van
ons leven en de financiële stabiliteit en het welzijn van
vele landen zijn over het algemeen van de zee en het
zeemilieu afhankelijk. Het zeemilieu is een bron van leven.
Er is vandaag de dag, zeer terecht, een groeiende
bezorgdheid over het zeemilieu, om het te beschermen, schoon
te houden en maatregelen te treffen om haar biodiversiteit
en de bijzondere kenmerken van bepaalde gebieden te
waarborgen. Bepaalde Gebieden en Bijzonder Gevoelige
Zeegebieden die recentelijk zijn erkend door de
Internationale Conventie voor de Preventie van Vervuiling
door Schepen, nu bekend als Marpol. Zij staan nu onder
speciale navigatie restricties en verplichte maatregelen
door hun bijzondere betekenis vanwege ecologische of
socio-economische of wetenschappelijke redenen en omdat zij
misschien kwetsbaar zijn voor schade door de internationale
maritieme activiteiten
Ongelukken op zeeën, in het bijzonder incidenten waarbij
tankers en in toenemende mate, cruiseschepen in Antarctica
betrokken zijn is een ernstige factor die bijdraagt tot het
risico van vervuiling van het zeemilieu, in het bijzonder,
het kustgebied. Een veilige en juiste navigatie vermindert
het aantal incidenten, aanvaringen op zee en het stranden en
de daaropvolgende risico’s door verspilling en vervuiling
die het milieu beschadigen. Een veilige navigatie vereist
nauwkeurige, actuele en tijdige beschikbare hydrografische
gegevens, informatie en producten, geleverd in een
gestandardiseerde en internationaal erkende vorm. Dit is in
het bijzonder een hoge prioriteit van de IHO en haar Lid
Staten HO’s. Het staat bekend als regeling 9 van Hoofdstuk V
van de Conventie over Veiligheid van Leven op Zee (Solas).
De belangrijkheid van de hydrografische gegevens, informatie
en producten die de veiligheid op zee en de bescherming van
het zee milieu versterken, is erkend door de Algemene
Vergadering van de VN in:
• 1998, Het Jaar van de Oceanen, met de Resolutie A/53/32,
nodigt staten uit samen te werken aan het uitvoeren van
hydrografisch onderzoek en aan het verschaffen van nautische
diensten ten behoeve van het doel een veilige navigatie te
garanderen en om hun activiteiten te coördineren zo dat
hydrografie en nautische informatie op wereldwijde schaal
beschikbaar worden gesteld.”;
• 2003, met haar Resolutie A/58/240 onder het Hoofdstuk over
Oceanen en de Wet van de Zee, Nodigt de IHO en IMO uit door
te gaan met hun gecoördineerde inspanning voor de overgang
naar elektronische kaarten en om de berichtgeving over
hydrografische informatie op wereldbasis te verhogen, in het
bijzonder op het gebied van internationale navigatie en
havens en waar er kwetsbare of beschermde zeegebieden
voorkomen”; en
• 2005 met haar Resolutie A/6030 “erkent dat hydrografisch
onderzoek en het maken van nautische kaarten belangrijk zijn
voor de veiligheid van navigatie en leven op zee en
milieubescherming, inclusief de bescherming van kwetsbare
zee ecosystemen.”
Hoofdstuk 17 van Agenda 21, van de VN Conferentie over
Milieu en Ontwikkeling, betreffende “de bescherming van de
oceanen en allerlei soorten zeeën”, geeft onder haar alinea
17.39 (a) aan dat, “Staten die individueel, bilateraal of
multilateraal en binnen het raamwerk van relevante
internationale organisaties handelen, moeten de veiligheid
van de scheepvaart bevorderen door adequate kaarten van de
kusten en scheepvaartroutes als geschikt te verklaren, om
achteruitgang van het zeemilieu aan te pakken.” Op deze
manier heeft Agenda 21 het belang van het maken van kaarten
en het navigeren voor veiligheid op zee geïdentificeerd en
daaruit voortvloeiend ook de bescherming van het zeemilieu
erkend.
De IHO en haar lidstaten HO’s streven ernaar de veiligheid
op zee en de bescherming van het zeemilieu op alle
wereldoceanen- en zeeën op de volgende manieren te
verbeteren:
• Het vergaren van hydrografische gegevens en informatie
door middel van de uitvoering van hydrografisch onderzoek,
het gebruiken van onderzoeksvaartuigen en de nieuwste
uitrusting, technieken en standaarden;
• Productie, onderhoud en beschikbaarheid van nationale en
internationale nautische kaarten, elektronische
navigatiekaarten en verschillende nautische publicaties
zoals getijtafels en vaarinstructies;
• De verspreiding van urgente maritieme informatie ten
aanzien van de veiligheid door middel van de procedures van
de Wereldwijde Navigatie Waarschuwingsdienst (WWNWS) van
NAVTEX en SafetyNet;
• Samenwerking met andere internationale organisaties (
zoals IMO, IALA, WMO, IOC) die een bijdrage leveren in
verschillende projecten, behoeften en vereisten, zoals
e-Navigation en Marine Electronic Highways, die als doel
hebben het verschaffen van een beter management en de
beschikbaarheid van belangrijke informatie over navigatie en
maritiem verkeer evenals actuele hydrografische gegevens,
informatie en producten;
• Het verschaffen van capaciteitsopbouw door middel van
programma’s voor technische assistentie speciaal voor
ontwikkelingslanden om hun hydrografisch vermogen te
ontwikkelen en te versterken en hen daarbij in staat stellen
om te voldoen aan hun internationale verplichtingen en om de
wereld hydrografische capaciteit te verhogen waarbij de
veiligheid op zee en de bescherming van het zee milieu
worden ondersteund.
De IHO en de Kantoren voor Hydrografie van haar lidstaten
zullen doorgaan met hun inspanning op nationaal, regionaal
en wereld niveau voor het verhogen van de veiligheid op zee
en het beschermen van het zee milieu.
Marketing & Communication Afdeling MAS
De ongenaakbaren
In het besef van zijn superioriteit jegens anderen in de
nationale vergaderzaal, van een minachtende houding tegen
zijn eigen omgeving blijk gevende, schijnt de spraakmakende
nestor in het parlement van Suriname zijn verwaandheden maar
niet te kunnen afleren. Want laten wij eerlijk zijn,
schorsing aanvragen tijdens de openbare debatten is toch
iets waarmee omzichtig dient te worden omgegaan? Het is
jammer dat opvallendheden tijdens de politieke debatten zo
makkelijk aan onze aandacht ontsnappen. Neem nu het recente
voorval, een prachtig voorbeeld hoe het ook anders kan. De
eerste plaatsvervangend voorzitter van De Nationale
Assemblee weigert staalhard de nestor, na afronding van het
agendapunt, op zijn verzoek nog aan het woord te laten. Een
compliment aan het adres van deze mevrouw de voorzitter, die
het onderhavige verzoek resoluut van de hand wees.
En waarover wilde het geachte
lid alsnog het woord voeren? Simpelweg om de fungerende
voorzitter van het moment rekenschap te vragen over haar
terechte opmerking (verontschuldiging) over de opvallende
afwezigheid van assembleeleden die zich buiten de
vergaderzaal ophielden. Spreekbeurt geweigerd, zeer terecht
overigens. De fungerende voorzitter had de smaak van goed en
zakelijk leiden kennelijk te pakken. Want zie, ook de
vicepresident kreeg het knap moeilijk toen hij, buiten de
microfoon, en daardoor buiten de orde, om een schorsing
vroeg. Hoe achteraf alles wederom in het reine is gebracht
is in deze tekst niet relevant. Het is een opvallendheid, of
zouden wij liever moeten spreken van een markant feit, dat
iemand tijdens het openbaar debat voor een moment objectief
en op zakelijk verantwoorde wijze corrigerend optreedt, die
geen ongenaakbaren in de vergaderzaal kent? De huidige
voorzitter en ondervoorzitter hebben tenminste voor een
moment kunnen meemaken dat de bekende onderhorigheid jegens
anderen in de vergaderzaal doorbroken kan worden. Nog
fraaier is het wanneer een hofpaladijn haar eigen
partijvoorzitter tot orde roept.
Afgelopen zaterdagavond klapte een fors gebouwde
Hindoestaanse jongeman zijn tengere Hindoestaanse vrouw in
een discotheek, omdat ze een manspersoon gegroet zou hebben.
Deze geweldenaar verzette zich bovendien tegen de
veiligheidspersonen, die probeerden hem eruit te zetten,
door te schreeuwen dat het zijn vrouw was (dus zijn bezit).
Later bleek hij ook de parkeerwachter van deze discotheek
een klap verkocht te hebben, omdat die hem gezegd had dat
hij moest ophouden met het slaan van zijn vrouw. Toen de
politie ter plekke verscheen, was hij opeens wel in staat
zijn beestachtig gedrag te beheersen. Zijn vrienden of
misschien familieleden die ook ter plekke aanwezig waren,
probeerden de politie op de koop toe ervan te overtuigen dat
er niets aan de hand was. Suriname stikt van zulke monsters,
die achter slot en grendel thuishoren.
Gevoel van eigen waarde
In deze context is het relevant de “Gestalt Prayer” van de
psychotherapeut Fritz Perls te citeren, waarin de basis voor
intermenselijke relaties wordt weergegeven:
“I do my thing and you do your thing.
I am not in this world to live up to your expectations,
and you are not in this world to live up to mine.
You are you, and I am I, and if by chance we find each
other, it's beautiful.
If not, it can't be helped (1969).”
De laatste regel betekent niet dat je niet moet proberen om
je relaties te verbeteren, maar het moet niet gaan ten koste
van je eigen identiteit. Door je eigen identiteit te
ontwikkelen, schep je een gevoel van eigenwaarde. Dit proces
is het resultaat van een wisselwerking tussen jezelf en je
omgeving, waarbij je psychologisch altijd over een vrije wil
beschikt.
Mogelijke oorzaken van geweld
Vooral bij gebrek aan een gevoel van eigenwaarde is imitatie
(nabootsing) de invloedrijkste factor, waardoor je datgene
waaraan je vaak wordt blootgesteld als normaal gaat ervaren.
Je normen en waarden worden hierdoor beïnvloed, die je
karakter, alsook de wijze waarop je omspringt met
psychologische en sociale conflicten, vormgeven. Niet alleen
de gezinssituatie is hierbij van belang, maar de totale
omgeving. Het is publiek geheim wat de Surinaamse omgeving
met betrekking tot rolmodellen al tientallen jaren kenmerkt,
namelijk corruptie en geweld en wel ongestraft. Extern wordt
de heersende moraal bepaald door de wijze waarop wet en
recht worden gesanctioneerd. Met andere woorden, de
fundamentele oorzaak van geweld is klassejustitie en de
medeboosdoeners zijn de politieke leiders!
Taak politieke leiding
Degenen die verslaafd zijn aan alcohol en drugs kunnen niet
ontslagen worden van hun verantwoordelijkheid of
oorspronkelijke wilsvrijheid in dit kader. Onderzoek heeft
uitgewezen dat slechts een relatief kleine minderheidsgroep
zich kan beroepen op psychopathologische oorzaken (gemiddeld
1 op de 100 personen). Hoe dan ook, geweldenaars horen niet
in de samenleving thuis, maar in de gevangenis en/of een
inrichting die ze de juiste hulp kan verschaffen; punt. De
belangrijkste taak van de Surinaamse politieke leiding is
schoonschip maken en via wetgeving voorkomen dat allerlei
gespuis in de toekomst wederom zitting neemt in hoge
colleges van staat. Degene die dit aandurft is tenminste
niet één van de vele lafaards, die met pseudo-expertise
allerlei onzin uitkraaien onder het mom van
medemenselijkheid; voor wie?
Zachte heelmeesters maken stinkende wonden!
Roy Bhikharie
Dankbetuiging bewoners van Houttuin en omgeving
Als zaken niet goed gaan spuien wij als burgers genoegzaam
onze gal. Maar als het goed gaat moeten wij dat ook willen
zeggen. Zo hebben de bewoners van Houttuin-oost, Vredenburg
serie A en B en omgeving lange tijd geklaagd over de wegen
en in het bijzonder, de binnenwegen en de verbindingswegen,
die leiden naar de Cassialaan. Uiteindelijk heeft de
ADS’er van het resort, de heer D. Jagroep de knoop door
gehakt en voornoemde wegen in orde laten maken. Wij zien nu
dat men behalve de Groenhartlaan, ook aan de Gobajolaan en
zijwegen bezig is met asfalteringswerkzaamheden.
Dank en nogmaals dank.
Maar er is nog steeds een project dat op het zelfde niveau
is gebleven. Laten wij God danken dat het binnenkort niet
weer eens hard begint te regenen, want dan zijn die bewoners
weer in de blubber beland. ‘ Anders dem e go sungu baka”. De
beloofde kokers die voor de ontwatering moeten zorgen zijn
daar nog niet geplaatst.
Wij willen middels plaatsing van dit stuk in Dagblad
Suriname de DC van het district Wanica die de
verkavelingsvergunningen mede goedkeurt, vragen om erop toe
te zien dat de eigenaar van het verkavelingproject , de heer
Krisnasing, zich ook daadwerkelijk houdt aan de voorwaarden
die gesteld zijn. De kopers, de bewoners mogen nimmer de
dupe worden van grillen van de verkavelaar. Immers de
voorwaarden zijn van te voren gesteld en de DC is er om mede
erop toe te zien dat regels worden nageleefd en afspraken
worden nagekomen. De DC is er in de eerste plaats om erop
toe te zien dat zaken goed gaan in zijn beheersgebied. En
hij is er natuurlijk ook om waarnodig de burgers in
bescherming te nemen.
Nog een andere zaak. Heer DC, en ook de minister van
Justitie en Politie, ondanks de geplaatste verkeersborden
aan de Groenhartlaan voor wat betreft de maximumsnelheid en
het maximale gewicht, rijden er toch grote DAF en MAN trucks
vrijwel dagelijks vol beladen op en af. Onnodig te zeggen
dat de wegen die hiervoor niet berekend zijn binnen de
kortste keren weer kapot gereden worden.
Zulks nota bene onder het toeziend oog van de bestuursdienst
van Houttuin en de pas geopende politiepost te Houttuin.
Wie had gedacht dat dit soort zaken zouden afneme,n is tot
nog toe bedrogen uitgekomen.
Maar wij geven de hoop niet op…immers yepi musu de!
Namens de bewoners van Houttuin en omgeving,
Jack A.Oesmanadi
Hoe gaan wij om met ‘Phony
Toni”, miss Trina Johnson-Finn ?
Wie schuldig is, geef je schuld toe, dan kunnen wij
benadeelden weer verder met ons leven...en jij ook...
U zult zich misschien afvragen waarom een bekende Surinaamse
musicus het wel opneemt voor iemand die door veel Surinamers
al bestempeld is tot niet welkome gast. Het antwoord is heel
simpel: ik ben een breed georiënteerde artiest met een goede
dosis internationale ervaring, waarmee ik wil zeggen dat ik
frequent zulke artiesten tegen kwam en met hen bevriend
raakte . Ook de mens achter ‘Phony Toni’ komt uit mijn
collegakringen. Suriname kan na jaren weer gelukkig
entertainment van vooral Amerika naar hier halen. Maar
nauwelijks is dat zo of het gaat verkeerd en zitten we met
een case die veel lokaal en internationaal (internet) nieuws
maakt. Ook op enkele Amerikaanse zenders (www.freetrina.com)
is Suriname weer op de wereldkaart gebracht. Boven Suriname
hangt er een wolk van raadsels. Showbezoekers zijn hun
verloren geld al bijna vergeten maar niet het avontuur van
‘Ventura’.
Te Santo Boma zit Trina Johnson-Finn, een Amerikaanse
actrice en zangeres, reeds 3 maanden achter slot en grendel
zonder bezoek van familie of vrienden, omdat die veel te ver
wonen en eigenlijk eerst ook dachten dat hun nachtmerrie
gauw voorbij zou zijn. Wij in Suriname dachten er anders
over. Ik was die mening ook toegedaan. Totdat....
Totdat een collega van mij, Heidi Thompson, met wie ik
meerdere malen tijdens mijn 15 jaren lange
cruiseship-carrière, heb opgetreden, mij een e-mail stuurde
vanuit Las Vegas . Heidi is al 40 jaar in de ‘Impersonator’,
‘Tribute Artist’ business en reeds 20 jaar de top Cher
Impersonator en om snel te begrijpen wat zo iemand doet, ga
even kijken naar
http://golden-song.com/cher.html
Sindsdien hebben we heel veel gesprekken gevoerd over haar
collega Trina Johnson over wie ze zich grote zorgen maakt en
die in ons land sinds 1 maart in bewaring gesteld is.
Sommigen onder ons spotten graag en zeggen makkelijk ‘Phony
Toni of Phony Cher’. Maar ik zou willen voorstellen dat wij
ons voorzichtiger, met respect voor een artiest en een mens
gaan opstellen en niet blijven spotten. Laat onze Justitie
voor ons bepalen wie schuldig is.
Bovendien heeft Ventura reeds alle schuld op zich genomen,
maar de justitie van ons stelt zeer hoge eisen.
Hoe denkt Heidi over dit alles : “ .. I was hoping to join
you one day in one of your Sonny K. concerts and now I don’t
feel it is safe to go to Suriname, plus with the story all
over the internet, others may also not feel safe to travel
to there. This is one of the scariest situations I have ever
seen and I will now, on my foreign travels only work with
companies that have good reputation and are internationally
known for ethical business conduct.” Heidi denkt niet dat
Trina een vuile rol gespeeld heeft met ons volk : “Trina had
a contract for an impersonation act.
(http://www.freetrina.com/evidence.htm) Trina’s agent in Las
Vegas had a contract with a promotor in Suriname, which said
that he ( promotor) would not promote her as Braxton. With
those things in place, Trina believed she was going to
Suriname to do her impersonation act for a private party. So
all the promotion talk she was asked to do and did was for
the private party and add to the fun for the audience..She
was simply also conned (beetgenomen).”
Trina had een contract voor een nabootsingstoneel (
Impersonation Act) (http://www.freetrina.com/evidence.htm)
Haar boekingsbureau in Las Vegas had een contract getekend
met een promotor in Suriname, die contractueel beloofde dat
hij Trina niet zou promoten als Toni Braxton. Daar dit
overeengekomen was, ging Trina er vanuit dat ze naar
Suriname kon gaan om haar impersonatie-toneel te doen voor
een privé party. Dus alle reclamepraatjes die zij gevraagd
was te doen( op Zanderij) en deed was voor de privé party en
om er lol aan toe te voegen..... ze was eenvoudigweg
beetgenomen..
Mijn opmerkingen (Sonny K.)
Op Zanderij heeft niemand haar gezegd dat de interviews voor
een ‘persconferentie’ waren en die doe je meestal niet
omstreeks 01:30 in de ochtend onder lawaai van een
baggage-carousel ! Bovendien heeft Trina op de film die
later naar het publiek (zonder haar weten of toestemming om)
via de tv kwam, nooit de naam Braxton genoemd, en de
interviewers ook nooit. Het is nu enige tijd geleden maar we
moesten goed opgelet hebben. De mensen die haar later ervan
beschuldigd hebben dat ze op een ‘persconferentie, met de
naam ‘Braxton’ een misdadig feit begaan heeft, moeten
eigenlijk hun verklaringen intrekken want dit is vervorming
van de waarheid. En daarom blijft de zaak zo lang hangen.
Voorts sprak Trina steeds over een ‘party’ en niet over een
concert. Zij sprak ook over haar ‘andere ik’ de “TONI’ die
ze de volgende dag zou spelen. Ventura had haar gezegd dat
de mensen die daar stonden, twee interviewers en
cameramannen plus zijn vriendin allemaal van de party waren
en zij wisten dat Trina een impersonator was en dat ze dus
alvast de party met alle lol erop en eraan moest promoten.
Aan zijn Surinaamse assistenten vertelde hij, voordat ze
Trina ontmoetten dat ze ‘de manager van Toni Braxton’ gingen
afhalen. Dus heeft hij op meesterlijke wijze de
buitenlanders en de binnenlanders naast mekaar laten acteren
!
Ik vroeg haar of iemand haar ooit net als Trina, gepromoot
had voor de echte Cher bij een concert/party/evenement : “
Zoals Trina in het contract met haar boekingsburo had (Rob
Garrett in Las Vegas) zijn we altijd geboekt als een
impersonator of ‘Tribute Artist’ (hulde uitbrengen aan de
werkelijke ster, wij zijn namaak sterren). The boekingsagent
die ons boekt moet erop toezien dat we NIET worden gepromoot
als de echte artiest.
Er is een interview met onze
agent Rob Garrett op http://www.freetrina.com/benefit.htm
waarin hij dit duidelijk aangeeft. Plus is er altijd een
bekendmaking aan het eind van onze show waarbij wij worden
voorgesteld met onze werkelijke namen. Dus door de mensen
van Suriname niet te vertellen wat Trina’s werkelijke naam
was en haar in plaats daarvan te promoten als de echte
Braxton, pleegde Ventura contractbreuk en hij bracht ook
inbreuk aan de wetten van Suriname.
Ik vroeg aan Trina of zij niet schrok bij het zien van 4000
mensen , maar ze zei dat dat heel normaal is in haar shows
te Las Vegas. Ze zei ook dat ze shows doet zowel met haar
grote band en background vocalisten als op tracks ( soort
karaoke CD waar slechts de muzikale begeleiding al op zit
samen met koorzang) waarbij jij als impersonator vocalist
dan wel ‘live’ zingt. (Wat ze dus zou doen in NIS)
Ik zei aan Heidi dat we allemaal hier boos zijn dat we ons
geld hebben verloren aan deze ‘scam of oplichterszaak, en ze
zei’: “Trina lost three months of her life and her career.
Trina’s husband and mother lost their wife and daughter for
three months and lost everything while paying for legal help
and expenses to defend his wife.
What is really lost here are human rights, truth and ethics.
I would tell Suriname they are beautiful people who deserve
a safer country in which to live (and enjoy concerts) and
that they should stand up and demand that. I’d love to hug
them all and bring them a great show, but I would also
remind them that your Suriname organiser got a license to
promote a Toni Braxton concert without a VISA being in
existence for the real Braxton, and without anyone checking
to see if the real Braxton was on a scheduled flight to go
to Suriname. So I hope that the people do understand that
this situation was created and made possible due to many
weak factors that should be handled so this not ever occur
again !”
Het punt van mijn collega Heidi is dus dat Trina en haar man
veel meer verloren hebben dan wij. Maar ook dat wij, (en die
mening ben ik persoonlijk ook toegedaan), moeten in Suriname
in onze eigen boezem kijken. Als wij zo strak zijn met de
vervolging moeten wij ook zo strak zijn bij het beleid dat
de eisen stelt waaraan concertpromotors moeten voldoen
voordat zij vergunning krijgen om gelden uit de gemeenschap
te halen voor hun ‘concerten’.
Dat malafide- en amateurpromotors en managers vrij en blij
kansen krijgen om ons , eerlijk- en hardwerkende lokale en
internationale artiesten, die jarenlang studeren, oefenen en
offers brengen vanwege ons druk schema van optredens,
opnames , etc.. alsook het betalend volk en onze
autoriteiten in de maling te nemen, kan niet meer door de
beugel. Dus als wij nu eens nauwkeurig willen zijn tegen
deze dame, dan moesten we eigenlijk als land in opbouw over
de gehele linie even strak zijn door wat oplettender ons
werk gedaan te hebben. Wij als fans moesten middels sociale
controle, door op internet te ‘neuzen’ nagaan of Toni
Braxton werkelijk zou komen. Bij het goedkeuren van de
vergunning moest men meteen nagaan of er werkelijk een
contract met Toni Braxton bestond . Velen van ons werken in
de luchtvaart en op de luchthaven. Het was dus voor ons een
kleine moeite erbij om na te gaan of Toni Braxton werkelijk
op de betreffende vlucht zat en dan alarm te slaan. Dat
lijkt toch niet zo moeilijk. Zij die wisten dat er geen
bezoekersvisum bestond van Toni Braxton, ..hello..! Sowieso
waren de medewerkers van Ventura niet ervaren genoeg in deze
business om te kunnen inzien dat zaken niet klopten. Dit is
serieuze business en niet voor amateurs want wanneer zaken
fout gaan belanden onschuldige mensen in de bak , verliezen
veel mensen hard verdiend geld, en als je nog te maken hebt
met een onschuldige niets vermoedende buitenlander is het op
de koop toe niet goed voor het imago van ons land, dat wij
allemaal hier zo graag tot ontwikkeling willen brengen
middels toerisme. Ga maar naar www.google.com en typ in de
zoekbalk “ Trina Johnson”. Het krioelt van artikelen over
wat er zich hier afspeelt.
Duidelijk hebben enkele lokale individuen met Ventura
‘meegespeeld’ anders was dit niet zo ‘gesmeerd’ gegaan en
zoals ik zei moeten we ook in onze eigen tuin kijken in
plaats van alleen naar datgene wat onbekend voor ons is, en
meteen verbannen zonder familie en vrienden. Op welke manier
zijn wij ook schuldig aan dit gebeuren ?
Trina heeft al haar contracten getoond en is toch
opgesloten. Ventura heeft haar onschuldig verklaard en toch
moet ze zitten. Trina had een serieuze operatie ondergaan
kort voordat ze hier kwam, niet met de planning om 3 maanden
hier te blijven in een cel, en toch moet ze zitten. Ik wens
geen leed voor de medespelers van Ventura die voor mij nooit
een concert hoeven te organiseren. Maar ze moeten hun
verantwoordelijkheid inzien en eerlijk toegeven. Er moet een
eind aan komen nu. Iemand wil zijn/haar leugens niet
toegeven en daarom en alleen daarom blijft een probleem
persisteren ! Onze samenleving zal je niet verbannen,
slechts eisen dat je de schade vergoedt aan ons, middels de
door ons en jou geaccepteerde justitionele maatregelen en
dat je als persoon rehabiliteert.
Verder zeg ik het wederom, wij moeten voorzichtig een
onderscheid maken tussen feiten en veronderstellingen. Een
persconferentie te Zanderij door twee niet officiële pers
personen is iets heel anders dan een opgenomen
promotiebabbeltje voor een birthday party...
Voor de rest kan Trina het ‘t best vertellen, die uren voor
het optreden. Als wij mens genoeg zijn ook aan haar die
ruimte te geven, haar ervaringen met ons te delen. Nu is
alle aandacht weg van mogelijke lokale medeplichtigen, want
we wijzen de vinger slechts in een richting, maar zo werkt
justitie toch niet ? Nachtmerrie zou ik het als artiest
noemen als mij dit overkomen was in een vreemd verre oosten
land of zo, maar Trina is een heel voorbeeldig mens, wat ik
in mijn 2 bezoekjes aan haar te Santo Boma heb kunnen
constateren.
In NIS hebben bezoekers de werkelijke Trina niet meegemaakt.
Echter is ze een topper : zie :
http://www.freetrina.com/links.htm en klik op ‘Facebook’ en
scroll naar onderen naar de video beelden.
Het is eigenlijk een heel eenvoudig verhaal dat niet zo ver
hoefde te gaan als Trina maar vooral wij ook in Suriname die
het geheel organiseerden onze zaken wat netter in place
hadden en wat oplettender waren. Trina is een beroepsartiest
en optreden als een andere artiest is ook hier legaal. Het
enige probleem met haar verschijning in Suriname was dat de
promotor Ventura het publiek niet had laten weten dat zij
zou optreden als Toni Braxton. De artiest rekent op de
promotor dat hij dat duidelijk maakt maar in dit geval
verdraaide hij de waarheid zonder haar weten om.
Aan de schuldigen van het complot : het is wenselijk om snel
heel rijk te worden, maar als je het doet op onethische
manieren zijn er altijd onaangename sociale consequenties en
dat hebben we allemaal in onze opvoeding degelijk geleerd.
‘Jail is a corrective institution, not a punishment camp”.
Maar er is geen andere keus, “dus do the right thing as a
human being”. Denk ook echt even aan alles wat Trina en haar
familie verloren heeft en blijft verliezen. Dus ben je
medeplichtig, hier is het educatief advies : help ons dit
raadsel op te lossen door je verantwoordelijkheid te nemen
en je schuld toe te geven. Want pas dan kunnen we allemaal
verder. Ook jij, “believe me”.
Met dank,
Sonny Khoeblal.
Ik denk dat ik mag zeggen ,namens heel veel mensen hier en
in het buitenland.
KEN JE ZELF
Ware kennis.
“Ken je Zelf” is een uitspraak die toegeschreven wordt aan
het Orakel van Delphi. Het stond gegrift op een gevel van
een tempel van de Griekse god Apollo.
In de Oudheid (omstreeks 6de eeuw v.Chr.) was een orakel een
oordeel of een manier om de wil van bovenmenselijke wezens,
b.v. de goden, te leren kennen. Wat er ook gebeurt in ons
leven, wij zijn de beslissende factor van het eindresultaat.
“Ken je Zelf” betekent daarom ook: volledig begrijpen en
beheersen van je innerlijke en
uiterlijke drijfveren, Het is je stuurkracht.
We voelen dat het Zelf aanwezig is in ons leven. Toch is hij
zo ongrijpbaar als lucht. Je kunt hem niet vasthouden, niet
keren of draaien, niet aan een kant zetten.
Wat is het Zelf? Hoe herken je hem?
Je kunt deze vragen vanuit verschillende disciplines
beantwoorden. Elk met een andere uitkomst. Eenvoudig gezegd
is het Zelf: je eigen wezen, je diepste innerlijke, je
persoon.
Identiteitscrisis
Een duidelijke manier om je Zelf te herkennen is: wanneer
dat Zelf in verzet komt tegen situaties of mensen die je in
een dwangpositie proberen te brengen.
Mensen raken soms overhoop met zichzelf (eigenlijk “hun
Zelf”) omdat anderen ze willen opleggen wat ze moeten doen
of laten of waarin ze zouden moeten geloven of niet geloven.
In deze situaties kunnen mensen terechtkomen in een
identiteitscrisis.
Een identiteitscrisis kan worden omschreven als: een
toestand van grote onzekerheid over het functioneren van de
eigen persoon (“het Zelf”) in relatie tot de juistheid van
de sociaalmaatschappelijke rol die men vervult.
Om goed uit zo een crisis te komen moet je, je Zelf absoluut
kennen. Alleen vanuit zo een kennen, kun je komen tot een
juist oordeel over wat je kunt doen of wat je zou moeten
laten. De buitenwacht zal het vaak niet eens zijn met de
besluiten van je Zelf; jij soms ook niet direct, maar de
stem van je Zelf is de juiste stem.
Beter mens zijn
Een goede relatie met het Zelf mag niet leiden tot een soort
van individualisme. Je mag niet vreemd en geheimzinnig gaan
doen, alsof je in een andere wereld leeft. Ongrijpbaar en
onbegrijpelijk voor anderen. Je Zelf vinden betekent juist
dat je open gaat staan voor
de wereld om je en dat je andere mensen en situaties beter
zal gaan kennen en begrijpen. Je zou geestelijk sterker
moeten worden en anderen kunnen helpen en ondersteunen.
Het is vaak een triest beeld met mensen in hoge,
verantwoordelijke functies die hun Zelf niet kennen. Ze zijn
onbestendig, onevenwichtig en schokken een samenleving met
de dingen die ze zeggen en doen. Het einde van hun loopbaan
of levensbaan lijkt vaak op een ingestort kaartenhuis.
De sfeer van het Zelf
De sfeer waarin het Zelf zich bevindt en gezocht moet
worden, is niet een alledaagse, wereldse. Die sfeer is
uitermate buitenaards. Je zou kunnen zeggen: de sfeer van
het geestelijk, het innerlijk leven. Het begrip sfeer is
moeilijk te bepalen. Evenwel, iedereen voelt een bepaalde
sfeer , waarin hij vertoeft direct aan. De sfeer in een
traditionele kerkruimte is anders, dan in een casino.
Van Dale benoemt sfeer als: “geheel van denkbeelden en
gevoelens waarin iemand leeft, waarin hij opgaat”. Je mag
dus zeggen dat je in een positieve sfeer bezig bent, wanneer
je
naar het Zelf zoekt.
Nooit te jong
Je mag al jong beginnen met het “Ken je Zelf”. Zodra jij, je
bewust bent van je eigen verantwoordelijkheden in het leven,
kan je beginnen. Maar je moet niet gaan zweven; blijf met
beide benen in deze wereld, op onze aarde, staan. Onze jeugd
heeft het zwaar te verduren. Ze staat bloot aan veel
negatieve kritiek. Aan de ene kant komt het door de
dubieuze levensstijl van groepen jongeren. Aan de andere
kant door het: niet-willen-kunnen-begrijpen oordeel van
groepen ouderen.
In beide gevallen ontbreekt het de mensen aan het: Ken je
Zelf.
In onze samenleving is er een veelheid aan filosofische,
mystieke, culturele en andere organisaties die mensen helpen
bij hun zoektocht naar het Zelf. Ze verschillen danig van
elkaar in uiterlijkheden, zoals technieken en methoden van
onderricht. Soms erkennen ze elkaars identiteit niet of
bestrijden ze elkaars kundigheden en recht van bestaan. Dat
maakt het voor de onbevangen, jeugdige zoeker, vaak moeilijk
om te weten waar hij terecht kan.
Maak de “poorten” open
Kenners van onze samenleving menen dat deze organisaties, in
het verleden, een grote bijdrage hebben geleverd aan het
mede beschaven en mede-ordenen van onze samenleving.
Traditioneel werken sommige van ze binnen een systeem van
geheimhouding en verborgenheid. Er worden alleen wijze
mensen op leeftijd tot hun gelederen toegelaten. De oorzaken
voor die geheimhouding en verborgenheid liggen in een
eeuwenoud verleden.
Vandaag aan de dag bestaan die oorzaken er niet meer, zeker
niet in die mate dat je vermoord zou kunnen worden, omdat je
lid bent van zo een organisatie. En wijze mensen vind je
tegenwoordig niet alleen onder ouderen. Er zijn heel wat
jonge mensen die erg wijs zijn en gereed om het onderricht
naar de kennis van het Zelf met succes te volgen.
Daarom wil ik dit artikeltje besluiten met de oproep aan
deze organisaties: Maak de “poorten” open voor de jongeren
opdat zij het voorhof van kennis en wijsheid mogen
binnengaan.
Gilbert Deerveld
De armoede in het land
Het blijkt heel duidelijk dat velen een verkeerde opvatting
hebben van welvaart en armoede. Hun stelling is
hoofdzakelijk gebaseerd op het bestedingsgedrag van de
medemens. Deze conclusie is natuurlijk geheel misplaatst.
Het kunnen bekostigen van een dure toegangskaart voor het
bezoeken van een evenement mag geen aanleiding zijn te
concluderen dat betrokkene welvarend is. Vermaak moet ook
onder de behoeften van de mens worden gebracht. Een ieder
die in goede gezondheid verkeert zal ongetwijfeld binnen
zijn of haar beperkte mogelijkheden toch wel willen proberen
zich tenminste voor een keertje goed te kunnen ontspannen.
Het is belangrijk de dagelijkse problemen voor enige
ogenblikken van zich te af te schuiven. Onderzoekingen
hebben aangetoond dat grote delen van de samenleving nog
steeds ver beneden de armoedegrens leven.
Dat sommigen het maar niet
kunnen vatten dat een gezin bestaande uit vijf personen, dus
man, vrouw en nog drie schoolgaande kinderen met een
maandelijks inkomen van ongeveer duizend SRD waaruit ook nog
de huishuur moet worden betaald onder die omstandigheden wel
een armoedig leven lijdt, is onbegrijpelijk. Welvaart wordt
hoofdzakelijk bepaald door de mate waarin iemand in zijn of
haar noodzakelijke behoeften kan voorzien. Het is daarom
duidelijk dat een gezin als hierboven aangehaald slechts een
deel van de zo noodzakelijke goederen en diensten kan
bereiken. Het ontberen van goede huisvesting, goed
onderwijs, goede gezondheidszorg, gezonde
drinkwatervoorziening en goede infrastructurele zaken vallen
zeker ook onder armoede. Het is algemeen bekend, vooral
onder onze oudere generaties, dat de overheid nu jaren
geleden, een instituut introduceerde onder de naam
“Bedeling”. Deze dienst was belast met het verstrekken van
voedselpakketten aan de armen in het land. Er werd dus toen
reeds erkend dat er armoede heerste bij delen van de
bevolking. Misschien was dat ook een manier om politieke
doelen te bereiken.
Doordat thans een politieke
partij er toe overgaat dagelijks en wel gedurende de periode
van een jaar een warme maaltijd aan te bieden aan armen,
duidt aan dat de ontwikkeling van Suriname is blijven steken
op het niveau als dat van de periode toen deze dienst in het
leven werd geroepen. “Bedeling” was in die jaren een begrip
geworden. Het is nu ook bekend dat veel gezinnen in Suriname
zeer afhankelijk zijn van een financiële steun of steun in
natura van familieleden in het buitenland ten einde het
hoofd nog enigszins boven water te kunnen houden. Het getij
blijkt dus voor Suriname te zijn veranderd en wel in
ongunstige zin. Ondergetekende is gedurende periode van 1970
– 1977 de boekhouder geweest van de toenmalige Dienst Der
Posterijen (thans Surpost). In die periode werden er grote
geldsbedragen van zelfs honderdduizenden middels postwissels
door Surinamers naar het buitenland overgemaakt, zijnde een
bijdrage in het levensonderhoud van familieleden aldaar.
De Surinaamse munteenheid was
toen in waarde heel sterk en kon daardoor als betaalmiddel
worden gebruikt in sommige landen. Het verkrijgen van vreemd
geld ter bekostiging van een eventuele vakantiereis naar het
buitenland in voorgaande jaren ging heel makkelijk. Het
begin van de sterke daling van de waarde van het Surinaams
geld zit nog heel goed in het geheugen van ondergetekende.
Er werd in verband met de geld overmakingen, dagelijks en
wel voor aanvang van de dienst, de koersnoteringen van de
diverse vreemde valuta opgevraagd bij de Centrale Bank. Aan
de hand van die informaties kon worden afgeleid hoe,
geleidelijk aan, de Surinaamse munteenheid sterk in waarde
daalde. Alleen de US Dollar werd waarschijnlijk vanwege het
beleid, stabiel gehouden. Deze waardevermindering heeft
natuurlijk een heel zware druk gelegd op het budget van de
gehele volkshuishouding. Op eigen verzoek om zich verder te
kunnen bekwamen werd ondergetekende overgeplaatst naar de
Centrale Landsaccountantsdienst.
Als assistent
accountant moest ik controle werkzaamheden op alle
ministeries verrichten en dus ook bij de Centrale Bank.
Hierna mocht ik ook gedurende veertien jaar de post van
directeur vervullen van het AOV-Fonds. Uit die hoedanigheid
werd het binnenland doorkruist en op alle posten de nodige
richtlijnen gegeven met betrekking tot een gerichte en
overzichtelijke uitbetaling van de AOV-gelden via de kas.
Daarbij werd de mogelijkheden geschapen voor de dorpelingen
hun AOV-gelden in Paramaribo te mogen ontvangen. Ook
verstrekte ik alle gegevens aan de betaalmeesters en
assistenten. Uit dat landelijk bezoek was duidelijk te
merken dat er grote armoede heerste onder de bevolking.
Vooral bij de oudjes die hun AOV-uitkering als enige
inkomstenbron hebben.
Edward Marbach
De ontwikkelingsparadox
Een begrip uit het ongerijmde, maar zo zouden wij het kunnen
noemen. Want wat merken wij geleidelijk aan? Met regelmaat
krijgen wij informatie over inspanningen om onze
maatschappij middels steeds meer, steeds beter hoger en
wetenschappelijk onderwijs naar hogere ontwikkelingsniveaus
te verheffen. En als kritische burger houd je de vorderingen
op dit gebied nauwlettend in het oog. Je verwacht dat,
geleidelijk aan, in toenemende mate hoger en
wetenschappelijk geschoolden, eventueel met door ervaring
verworven competentie, het maatschappelijk veld betreden.
Dat degenen die zich geroepen voelen aan het roer van ons
politieke schip te staan, hun werk zullen doen onder de
bezielende en kundige leiding van de scheepskapitein, degene
die wij onze president noemen.
Ondernemers tonen steeds meer
hun vindingrijkheid om te overleven, zij laten zich daarbij
ook leiden door de kracht van hun intuïtie. Sociale en
andere instellingen plegen hun inspanningen tot heil van
onze gemeenschap geheel onbaatzuchtig en met veel offers.
Als redelijk tot goed ontwikkeld volk kunnen wij leven in de
overtuiging dat voortdurende educatie en
ontwikkelinspanningen aan de basis dienen te staan van
vooruitgang van onze maatschappij. Kennissamenlevingen en
kenniseconomieën zijn begrippen geworden waarvan velen de
betekenis op weg naar maatschappelijk succes kennen. Ouders
en verzorgers met verantwoordelijkheidsgevoel besparen
kosten noch moeite hun kinderen te ondersteunen op de weg
naar een zinvol bestaan. Maar zie, de paradoxale situatie
van nu in ons land stemt tot grote bezorgdheid. Want terwijl
vanaf het basisonderwijs tot aan het wetenschappelijk niveau
van kennisvergaring gearbeid wordt aan steeds meer betekenis
en inhoud geven aan leerprocessen en uiteindelijk
wetenschapstoepassing ontwikkelt zich een negatief
verschijnsel aan de andere kant van de trendlijn.
Een ontwikkeling die
klaarblijkelijk niet of nauwelijks op haar fatale gevolgen
voor onze maatschappij wordt beoordeeld. Het is toch iedere
oplettende burger duidelijk dat figuren zich in toenemende
mate aan ons presenteren zonder noemenswaardige scholing en
ontwikkeling die zich onbeschroomd aandienen met politieke
ambities, lieden die zich thans, op weg naar de
verkiezingen, op hun wijze profileren als de toekomstige
presidentkandidaten. Zeer zorgenbarend is het opdoemende
verschijnsel van demagogie in ons land. De demagoog is de
volksverlakker die zich op uiterst geraffineerde wijze weet
te profileren als de nationale redder van een ontredderd
volk. De demagoog is onstuitbaar in zijn machtsdrang en zal
zich geen rust gunnen aleer zijn machtshonger is gestild.
Het presidentiele ambt ligt nu in de grabbelton. Kijk maar
welke gegadigden daarvoor van zich doen spreken. Op
schaamteloze wijze wordt de noodlijdende situatie van eens
zwoegende burgers misbruikt om daaruit politieke munt te
slaan.
Ouden van dagen die
middels een warme maaltijd tot stemvee worden gefokt. Dat
duurt tot aan de verkiezingsdatum, daarna volgt de
wetenschappelijke beleidsvoering. Fysiek en psychisch
gehandicapten worden thans bedacht, kinderen krijgen
presentjes. Hier en daar wordt een bospaadje aangelegd.
Simpele geesten die het niveau ten ene male missen om
ontwikkelingsgericht te denken voor binnenlandbewoners.
Lieden die volgaarne de hoogste sporten van de machtsladder
willen bereiken doch zelfs het meest elementaire verschil
tussen besturen en beheersen niet kunnen maken. Demagogen
die in deze verlichte tijd op een of andere wijze er toch in
slagen sympathie van grote delen van de gemeenschap te
verwerven. Politieke prostitutie is waarschijnlijk het
geëigende begrip ter aanduiding van al die
overloopbewegingen die thans zichtbaar worden. Er worden
boeken-, productie- en informatiebeurzen georganiseerd.
De vraag is met welk
toekomstig oogmerk indien wij er mee instemmen dat
praalhanzen en windbuilen hun plaats aan het politieke
firmament verstevigen. Want die richting gaat het thans op.
Had de gegadigde voor de functie van voorzitter van het
universiteitsbestuur, achteraf bezien, niet het gelijk aan
zijn zijde met de recente, simpele opmerking dat deze
positie in principe niet veel verschilt van het managen van
een onderneming? Inderdaad is het wetenschappelijk element
in deze functie niet langer aan de orde indien wij de
politiek-maatschappelijke trend in ons land nauwlettend
volgen. De gevolgen van onze ontwikkelingsparadox zullen wij
onze kinderen morgen voorhouden. Maar dan is het te laat,
dan is zelfs Haïti ons op de ranglijst voorbijgestreefd!
Wij zijn het eens met de constateringen van de heer drs. R.
R. dat:
Middenblok mensen voedt met kennis, kunde en inzicht en
niet met bordjes eten.
Middenblok gelooft in mensen te leren vissen en niet in
het geven van een vis.
Middenblok respecteert en verdedigt de menselijke
waardigheid.
Middenblok mensen blijvend wil bevrijden uit het niveau
van overleven en brengen naar een hoger niveau van bestaan.
Middenblok kiest voor ethiek en niet voor materialisme en
populisme.
Middenblok geen behoefte heeft aan zelfverheerlijking.
Een reden tot jaloezie bestaat er dus hoegenaamd niet omdat
wij twee totaal verschillende maatschappij- en mens
beschouwingen aanhangen. Je kan alleen jaloers zijn op
iemand die iets bezit dat jij zelf graag ook zou willen.
Daar is hier absoluut geen sprake van.
Wij zijn het niet eens met de constateringen van de heer
drs. R. R. dat:
Politieke partijen de basis zijn waarop het volk steunt,
want het is volgens ons het volk dat de basis vormt waarop
politieke partijen steunen.
Middenblok de PL beschuldigt van misleiding; wij
constateren enkel dat de PL het volk minacht.
Middenblok een politieke partij ( van de heer Ori ) is;
wij zijn immers een combinatie van meerdere partijen
Het Middenblok kijkt overigens met erg veel belangstelling
uit naar de openbare discussie met PL over structurele en
duurzame armoedebestrijding.
Tenslotte onderschrijven wij van harte het advies van drs.
R.R. dat wie kiest voor een bordje eten (tot aan de
verkiezingen) moet stemmen voor PL en wie kiest voor
duurzame verbetering, vooruitgang en zelfredzaamheid moet
stemmen voor Middenblok.
Persdienst Middenblok
Open Brief aan de Voorzitter van de V.H.P. dhr. R. Sardjoe
Onderwerp: Mishandeling VHP-ers op het VHP terrein door
kennelijk
ingehuurde domme krachten
Geachte voorzitter,
Zoals u inmiddels vernomen zult hebben, is op 24 mei 2009
omstreeks 9.50 u. v.m. een kernlid van de VHP, t.w. de
60-jarige heer B.J. door ene heer I.M. op het terrein van de
VHP mishandeld. Bijgesloten een kopie van de aangifte,
alsook een briefje waaruit blijkt dat het slachtoffer de
Spoedeisende Hulp heeft bezocht.
Drie dagen later en wel op 27 mei, komt er een witte Vitara
het VHP terrein binnenrijden en de heer R.I. loopt vanuit de
zaal van Stichting de Olifant naar de auto. Na enkele
ogenblikken stappen vier personen van creoolse komaf uit de
auto, lopen richting S.G. en beginnen hem te stoten en te
schoppen onder het toeziend oog van uw lijfwachten
(agenten).
U zult wel begrijpen dat deze incidenten veel opschudding
hebben teweeggebracht binnen de achterban. Als gevolg
hiervan is er een dringend beroep op ons gedaan het verzoek
aan u te richten om mede erop toe te zien dat het recht zijn
beloop krijgt m.b.t. deze incidenten, anders zullen de
gevolgen niet te overzien zijn.
Wij vertrouwen er verder op dat u op gepaste wijze een
verklaring zult afleggen tegenover het volk van Suriname en
onze achterban in het bijzonder, inzake deze trend van
geweld binnen de VHP en wel op het VHP terrein, mede door
kennelijk ingehuurde domme krachten.
Bij overname Bron vermelding verplicht
/ Dagblad Suriname.
Om deze website te bekijken heeft u
Macromedia Flash player
7.0 of hoger nodig.
Indien uw browser geen scripting support, gelieve de
Java
software te downloaden.