Het
Constitutionele Hof revisited
( deel 2; slot )
Lex fugitive
De tijden veranderen en wij met hen. Een paar jaar terug,
werd door Femke Halsema de leidster van Groen Links (
Nederland), een initiatief wet ingediend in de Tweede Kamer
om toetsing wel mogelijk te maken. Niet door instelling van
een constitutioneel Hof maar door schrapping van het artikel
120 zodat het de rechters wel zou zijn toegestaan wetten die
door het parlement zouden zijn aangenomen te beoordelen. Het
ging haar daarbij slechts om toetsing van bepalingen die in
strijd zouden zijn met de klassieke grondrechten zoals
eerder is toegelicht. Toetsing aan sociale grondrechten,
viel buiten haar voorstel. Het komt erop neer dat als een
wettelijke bepaling in strijd zou zijn met een
Grondwetsartikel waaraan zou mogen worden getoetst, de
rechter deze wettelijke bepaling buiten werking zou mogen
stellen. Vreemde zaak. Ook ten onzent is er sprake van
dezelfde contradictio. In artikel 137 van onze grondwet
lezen wij, dat als de rechter in een concreet aan hem
voorgelegd geval, de toepassing van een bepaling van een wet
strijdig oordeelt met een grondrecht, hij die toepassing
voor dat geval ongeoorloofd kan verklaren. Wat het verband
is met het artikel 144 is voor mij duister. Want hier hebben
wij zeker met een vorm van toetsing te maken. Of is het de
bedoeling dat artikel 144 het Franse systeem zal invoeren
waarbij het Hof zich a priori, ex ante met aan hem
voorgelegde gevallen in abstracto zal bezighouden met
overlating van de concrete gevallen aan de gewone rechter
ex. artikel 137? Of hebben wij met een lex fugitiva te maken
die per ongeluk in de grondwet is opgedoken? Ik hoop dat de
personen die meer verstand hebben van deze materie dan ik,
hun licht over deze kwestie zullen laten schijnen.
Amerikaans systeem
Met haar voorstel kiest mevrouw Halsema voor invoering van
het Amerikaanse system. In de Verenigde Staten is de
toetsing van wetgeving essentieel in het constitutioneel
bestel. Ik wees er al op dat dit de bevoegdheid is van
iedere federale rechter. Of is ze uitgegaan van het
Scandinavische systeem? In de Scandinavische landen
ontbreekt een constitutioneel Hof. De rechters hebben echter
wel de bevoegdheid tot toetsing.
Duitsland heeft een Constitutioneel Hof
Bundesverfassungsgericht geheten. Burgers hebben de
mogelijkheid het in te roepen als er in een concreet geval
sprake lijkt van schending van grondrechten door de
overheid. Ook als er geen sprake is van een concreet geschil
kunnen zowel burgers als (een deel van) een staatsorgaan het
gericht om een oordeel vragen. Als het Hof strijdigheid met
de Grondwet constateert mag het de betreffende wet
vernietigen.
In Frankrijk vindt de toetsing van wetten aan de Grondwet
alleen voorafgaand aan de uitvaardiging plaats en dus niet
in concrete geschillen. Dit gebeurt door het Conseil
Constitutionnel. Alleen politieke organen kunnen het Conseil
om een oordeel vragen. Hiertoe bevoegd zijn de president, de
premier, de Kamervoorzitters en een minimum van 60
afgevaardigden of senatoren van de Assemblée
Het voorstel van mevrouw Halsema is verdomd slim bedacht.
Voor de instelling van een constitutioneel Hof zou
grondwetswijziging met alle trammelant noodzakelijk zijn
geweest. Nederland hanteert namelijk de moeilijke vorm voor
verandering van de grondwet. Eerst wordt een zogenaamde
“voorstelwet” ingediend, die met gewone meerderheid kan
worden aangenomen. Vervolgens wordt de Tweede Kamer
ontbonden en worden binnen drie maanden nieuwe verkiezingen
gehouden. Dan komt het voorstel weer in de Kamer waar het
met twee derde meerderheid moet worden aangenomen. Dit alles
is geregeld in artikel 8 van de Nederlandse grondwet. De
schrapping van artikel 120 zou op eenvoudiger wijze kunnen
geschieden.
Politisering
Mevrouw Halsema was vermoedelijk niet alleen tegen een
constitutioneel Hof vanwege het gemak waarmee via schrapping
van 120 toetsing zou kunnen worden bereikt maar ook vanwege
het gevaar van politisering van een dergelijk hof. Ze was
met andere woorden bang dat de politiek een rol zou spelen
bij de bemensing daarvan. De lezers die mijn vorig essay
hebben gelezen zullen daarin dezelfde reserves zijn
tegengekomen tegen de instelling van het Surinaamse
constitutionele Hof. Ik wees daarbij op de praktijk in de
USA waar de presidenten ernaar streven hun eigen mensen in
opengevallen plaatsen van de Supreme Court te krijgen. Ik
kom zo direct op deze kwestie terug bij de behandeling van
de achilleshiel van het Surinaamse constitutionele hof.
Ik weet niet hoe het verder met het voorstel van mevrouw
Halsema is gelopen. Ik zat in de commissie van de VVD die de
Tweede Kamer fractie daarover moest adviseren. Ons advies
was instemmend. Er werd conform voor gestemd. Alleen het CDA
was tegen het voorstel. Tot ons verdriet stemde onze fractie
in de Eerste Kamer tegen het voorstel. Ik maak mij sterk dat
het voorstel het eerlang toch zal halen. De Nederlandse
rechters hebben immers al een beperkt recht van toetsing.
Zij mogen namelijk al vaststellen of sommige Nederlandse
wetten verenigbaar zijn met internationaal gesloten
verdragen zoals ik al heb uiteengezet. Zo ingrijpend is haar
voorstel dus ook weer niet.
Achilleshiel
De bemensing (raar woord) van het Surinaamse constitutionele
hof vormt de achilleshiel van het project. De bepaling in
het eerste lid van artikel 144 dat het zal zijn samengesteld
uit een voorzitter, een vice-voorzitter en drie leden, die –
evenals de drie plaatsvervangende leden – voor een periode
van vijf jaren op voordracht van De Nationale Assemblée door
de President worden benoemd is vragen om moeilijkheden. De
kans op politisering is immers levensgroot. In mijn vorig
essay wees ik al op de gewoonte van de Amerikaanse
presidenten om bij de benoeming van rechters voor de
opengevallen plaatsen in de supreme court (waarvan de
rechters voor het leven worden benoemd), steeds hun
politieke aanhangers daarin trachten te loodsen. Daarmee
trachten zij te bewerkstelligen dat deze beroepsinstantie of
last ressort, bij haar toetsingswerk, wetten die door hun
partij zijn aangenomen, met rust zal laten. Het Amerikaanse
systeem van checks and balances, heeft overigens er wel voor
gezorgd dat dit niet drempelloos geschiedt. In tegenstelling
tot de Surinaamse regeling waarbij de rechters zullen worden
benoemd door de president op voordracht van de nationale
assemblee is het zo dat de Amerikaanse president de
voordracht doet aan de senaat, die vervolgens de gegadigde
behoorlijk door de mangel haalt voor wat betreft diens/haar
moraliteit, integriteit, objectiviteit en deskundigheid. In
Suriname zullen de leden worden voorgedragen door de
nationale assemblee en ons kent ons kennend, is er reden
genoeg om het hart vast te houden
Deskundigheid
In mijn Proeve zeg ik in artikel 132 dat zich met het Hof
bezighoudt het volgende: elkeen die de graad van meester in
de rechten of een daarmede gelijk te stellen bevoegdheid
bezit, verworven aan een erkende instelling van hoger
onderwijs, heeft van rechtswege zitting in dit hof.
De gedachtegang was de toetsing te doen geschieden door een
breed panel van deskundigen, na een serieuze
wetenschappelijke discussie met daardoor verkleining van de
kans op vonnissen ingegeven door politieke motieven.
Ik realiseer mij nu dat dit te hoog is gegrepen. Ik heb het
aantal juristen dat Suriname telt en ons vermogen om ze af
te leveren onderschat en de redeneerkunde van onze mensen
overschat. Bij het schrijven van de Proeve woonde ik immers
in een regio waar zaken aanmerkelijk anders liggen en worden
gedaan dan in Suriname. Ons opvoedingssysteem en ons
onderwijssysteem zijn anders. In Costa Rica is er vanaf de
eerste klas van de lagere school een klasse-oudste die moet
worden gekozen. De kinderen worden gecoacht hoe zich daarbij
waardig te gedragen. De kinderen doen vanaf het zesde jaar
mee aan de parlementsverkiezingen. Niet dat dit telt. Maar
bij volwassenheid hoeft men niemand meer te vertellen hoe
dat in zijn werk gaat. De kinderen wordt ook van jongs af
aan geleerd hoe op waardige wijze te debatteren. Je wordt er
in dat land nimmer in de rede gevallen als je aan het
betogen bent. Dat wordt als zeer onbeschaafd ervaren.
In Suriname kennen wij geen oratorische verenigingen zoals
in de geavanceerde landen. Onze studenten sluiten zich bij
studie in het buitenland niet aan bij deze verenigingen. In
Suriname is redeneren te vergelijken met een bokswedstrijd.
Het toebrengen van klappen onder en boven de gordel. We
redeneren om te winnen. Niet voor de uitwisseling van
gedachten of zoals de Franse uitdrukking zegt par le choc
des opinions nous arrivons a la verite. We moeten laten
uitkomen hoe geweldig we wel zijn en voelen ons gegriefd als
we in een debat het onderspit moeten delven. Daarom geven we
nooit toe. Bovendien is er geen gebrek aan aanschouwelijk
onderwijs via de t.v. We zien daar hoe assembleeleden elkaar
en zelfs de president des lands afblaffen. De voorzitter is
daarbij kop van jut. Maar die laat zich niet onbetuigd en
geeft telkens lik op stuk. De kampioen afblaffer, die kans
zag het te brengen tot voorzitter begon ogenblikkelijk met
het afblaffen van de leden. Er is geen enkele humor in het
parlement. Kwinkslagen kent men er niet. Het zijn lopende
vuurspuwende bergen. De spes patriae ziet dat alles en
denkt, “och zo moet het. Het zijn vooraanstaanden; onze
rolmodellen. Die zullen wel weten hoe het moet en hoort”. Ik
ben bang dat mijn voorstel om het constitutionele Hof vol te
stoppen met academisch gevormde juristen toch geen bliksem
zal helpen. Ik gooi mijn handdoek in de ring. Grotere
geesten dan ik zullen hiervoor een oplossing moeten vinden.
We zullen niets tot stand brengen in dit land zonder
hervorming van de Surinaamse mens.
Mr.dr. W.R.W. Donner
Het
Constitutionele Hof revisited ( deel 1)
Naar aanleiding van de discussie die een tijd terug op de tv
was gevoerd tussen de toenmalige minister van Justitie
Chandrikapersad Santhoki en de voormalige minister van
Buitenlandse Zaken mr. Harvey Naarendorp, waarbij de kwestie
van activering van het constitutionele Hof als opgenomen in
artikel 144 van onze grondwet was ter sprake gekomen,
schreef ik een essay getiteld: “Het Constitutionele Hof”,
waarin ik u mijn visie gaf over een dergelijk instituut.
Deze visie was gebaseerd op een brochure, die ik in l99l had
geschreven getiteld Proeve van een grondwet voor Suriname
waarin dit Hof ook ter sprake was gebracht. Ter voorkoming
van misverstand haast ik mij te verklaren dat ik geen
staatsrechtgeleerde ben. Vandaar de ondertitel van de
brochure: Gebaseerd op de Carta Magna van Costa Rica. Waarom
Costa Rica? Dit land geldt als het meest democratische land
van de wereld en het kon, dacht ik, geen kwaad daarvan iets
over te nemen in plaats van zelf het wiel uit te vinden met
de kans dat dit vierkant uitvalt.
Nu de activering van zulk een Hof in Suriname in een
stroomversnelling is terecht gekomen, door de opdracht
gegeven door de president aan mevrouw mr. Silos om dat in
orde te maken, acht ik mij geroepen mijn visie als
neergelegd in mijn voornoemd essay uit te breiden indachtig
mijn roeping, de ervaring die ik mocht opdoen in een voor
Surinamers onbekend territoir, ten dienste te stellen van
het thuisfront. Ik heb namelijk in de tachtiger jaren twee
jaar gewoond op Barbados (we waren met slechts twee
Surinamers op het gehele eiland, onze vrouwen niet
meegerekend) en bijkans vijftien jaar als enige Surinamer in
Costa Rica en nagenoeg geheel Midden Amerika (mijn vrouw
niet meegerekend). In deze essay wil ik een kleine
uitbreiding geven aan mijn vorige beschouwing in de hoop
daarmee nieuwe bouwstenen aan te dragen voor het komende
bouwwerk. Even een opmerking terzijde. Het siert de
president dat hij haast maakt met de invoering van een
instelling, die hem weleens het leven zuur zou kunnen maken.
Hopelijk werd hij door zijn pajongwaaiers niet op het
verkeerde been gezet met allerlei verhalen over de mooie
dingen die hij daarmee zou kunnen bereiken, zoals het
wegjagen van onwelgevallige rechters.
Wat vooraf ging
Nadat een 25-tal Engelse baronnen in 1215 hun koning zover
hadden gekregen een document te ondertekenen, waarin hij
akkoord ging met de beperking van zijn macht en beloofde de
rechten van zijn onderdanen te erkennen en niet aan ze te
zullen tornen, spreidde het gebruik van dergelijke
documenten zich over de gehele beschaafde wereld uit. Het
eerst natuurlijk in de vroegere Engelse koloniën. Ze kregen
verschillende benamingen: grondwet, carta Magna, Magna
carta, constitutie, statuut, charter etc. De zogenaamde
grondrechten of fundamentele rechten maken een belangrijk
bestanddeel uit van dergelijke documenten. In de loop der
tijden ondergingen deze rechten een belangrijke uitbreiding.
Zo onderscheidt men tegenwoordig:
Klassieke grondrechten. Dat zijn rechten die de burgers
moeten beschermen tegen de overheid: Bijvoorbeeld het recht
op leven, de vrijheid van meningsuiting; de vrijheid van
drukpers en de vrijheid van godsdienst. Deze zijn de oudste.
In de loop der tijden zijn ze uitgebreid met:
Gelijkheidsrechten. Deze zijn de grondrechten die
discriminatie op basis van ras, geloof, sekse e.d.
uitsluiten.
Participatierechten. Dat zijn rechten die waarborgen dat de
burgers aan het politieke proces kunnen deelnemen of in
openbare ambten benoemd kunnen worden.
Sociale grondrechten. Recht op werk, sociale zekerheid,
recht op huisvesting en recht op onderwijs vallen hieronder.
Opmerking:In de ene grondwet worden meer grondrechten
aangetroffen dan in de andere grondwet.
Internationale regels
Na de tweede wereldoorlog heeft men de grondrechten, zoals
die in de loop der tijden geëvolueerd waren, in documenten
vervat, die vervolgens in de vorm van een verdrag werden
gegoten. De individuele staten werden uitgenodigd zich door
middel van ratificatie aan te sluiten bij een dergelijk
verdrag waarbij zij zich verplichtten de daarin vervatte
grondrechten te erkennen en te respecteren. Genoemd kunnen
worden het EVRM- het Europees Verdrag van de Rechten van de
Mens van 1950 en Het Internationaal verdrag van de Verenigde
Naties van 1966 betreffende Burgerrechten en Politieke
Rechten. (BUPO Verdrag geheten.) Genoemde verdragen gaan uit
boven de nationale grondwetten en hebben een groter gezag.
Sanctie is er niet op overtreding. Naleving wordt
overgelaten aan de democratische instelling van de burgers
en de regeringen.
Toch heeft men gedacht er goed aan te doen om drempels in te
bouwen in grondwetten. Zo komt men in de meeste grondwetten
de bepaling tegen, dat zij slechts gewijzigd kunnen worden
bij een gekwalificeerde meerderheid (meestal tweederde van
het aantal leden van het parlement) al dan niet aangevuld
met een referendum (volksraadpleging). Dit om te voorkomen
dat een toevallige meerderheid in het parlement grondrechten
zou kunnen afpakken of uithollen. Andere grondwetten gaan
een stuk verder met het inbouwen van drempels. Want soms
beschikt een regering over een grotere meerderheid in het
parlement dan tweederde deel van het aantal zetels. Niets
staat een dergelijke regering in de weg om haar meerderheid
te gebruiken om bepaalde grondrechten die haar hinderen aan
te tasten. Tijdens de regering Emanuels l958- l963 beschikte
de regering over een grote meerderheid. Ze had dus met gemak
de staatsregeling -onze vroegere grondwet- kunnen veranderen
om tegenstanders te treffen, (het Dagblad de West maakte
haar het leven bijzonder zuur en men zou maar wat graag
willen tornen aan het recht van vrije meningsuiting), ware
het niet dat de band met Nederland daar een belemmering voor
vormde. Ten onzent is dat op dit moment weer het geval. Met
dit verschil dat het merendeel van de parlementariërs van
thans geen flauwe notie heeft van wat juridisch mag en niet
mag. Daarom gaan sommige grondwetten verder. Ze bepalen dat
als de wet met tweederde meerderheid is veranderd er toch
een tweede ronde moet komen. Het parlement moet worden
ontbonden en nieuwe verkiezingen moeten worden gehouden
waarna de zaak weer in het nieuw gekozen parlement moet
worden behandeld. Andere grondwetten bieden de mogelijkheid
om ontbinding van het parlement etc.etc. te ontlopen door
een referendum te houden waarbij aan het volk wordt gevraagd
zich al dan niet voor de grondwetswijziging uit te spreken.
Knellende bepalingen
Een regering kan soms door een grondrecht geweldig belemmerd
worden in de uitoefening van haar taak. Neem nou de kwestie
van de hoofddoeken der Moslimvrouwen in Europa. Men ergert
zich groen en geel aan deze situatie. De Moslims beroepen
zich rustig op de vrijheid van godsdienst. Onze huidige
minister van justitie beroept zich ook op dit recht teneinde
met zijn haardracht te kunnen afwijken van alle collega’s
waarmee hij straks te maken krijgt. De vrijheid van
meningsuiting is ook een heikele kwestie. Een kritische pers
kan het een regering behoorlijk moeilijk maken. Op Curaçao
maakte ik lang terug het volgende mee. Ene meneer de Wit
hoofdredacteur van het Dagblad Beurs en Nieuwsberichten
hakte elke dag in op de regering, maar kon niet aangepakt
worden. Eindelijk kwam een slimmerik op de gedachte om de
aandelen van de krant op te kopen en de man te ontslaan. In
Suriname kon helemaal niets begonnen worden met de West.
Elke dag kreeg de regering van Severinus Emanuels een draai
om de oren van David Findlay. Dat moest hij knarsetandend
gedogen.
Indirecte aanpak
Als je geen tweederde meerderheid hebt om een grondrecht
frontaal aan te tasten blijft natuurlijk een indirecte weg
open. Als je over genoeg creatief vermogen beschikt,
construeer je een andere wet die je met je gewone
meerderheid doordrukt in het parlement. Om een eenvoudig
voorbeeld te geven. Een krant maakt je het leven zuur. Als
regering zeg je: het taalgebruik van de pers is abominabel,
is slecht voor de jeugd etc. Je stelt bij wet een bureau in,
om het taalgebruik van elk artikel dat een krant wil
publiceren te kuisen. Je zegt als regering: ik schend geen
enkel grondrecht. Intussen terroriseer je de niet
welgevallige krant met je bureau.
Het Constitutionele Hof
Het is om deze trucs te voorkomen dat het constitutionele
Hof werd bedacht. De Verenigde Staten waren al lang geleden
begonnen met het vernietigen van wetten die door het
parlement werden gemaakt en indirect ten doel hadden om
grondrechten aan te tasten. In l823 kreeg het
Hooggerechtshof deze bevoegdheid. Van lieverlee eigenden de
federale rechters zich dit recht ook toe. Dit noemt men
toetsingsrecht, het recht van toetsing.
Volkssoevereiniteit
De andere landen waren lang huiverig om dit toe te staan. De
redenering was: het volk is de hoogste macht
(volkssoevereiniteit). Het volk kiest het parlement om het
te vertegenwoordigen en wetten te maken. Er is geen plaats
voor een andere instantie met de bevoegdheid deze wetten te
torpederen. Een doorbraak kwam, toen er internationale
verdragen tot stand kwamen en men algemeen aanvaardde dat de
daarin opgenomen en met elkaar overeengekomen wetten een
hogere kracht zouden hebben dan de eigen wetten zelfs hoger
dan de grondwet. In wezen bepaalde de internationale
gemeenschap vanaf toen over de hoofden van het volk heen
welke wetten in een land zouden gelden en welke niet.
(Hopelijk legt iemand met gezag, onze mensen dat uit, want
we pikken niets van niemand, vooral niet van buitenlanders,
want we zijn vrij (en blij). Schoorvoetend ging het ene na
het andere land ertoe over tot instelling van een
constitutioneel Hof voor de toetsing van wetten of tot
andere vormen van toetsing.
Situatie Nederland
We spiegelen ons graag aan Nederland. Welnu, Nederland is
het enige land in West Europa dat niet toestaat dat de
volkssoevereiniteit wordt uitgehold. Niemand heeft daarom
het recht wetten die door het parlement zijn aangenomen te
toetsen aan de grondwet en eventueel onverbindend te
verklaren als die in strijd daarmee zouden zijn. In artikel
120 wordt de rechterlijke macht uitdrukkelijk verboden aan
deze wetten te tornen. Het argument is dat de toetsing aan
de Grondwet voorbehouden moet blijven aan het democratisch
gekozen parlement. Een vreemde redenering als men bedenkt
dat een constitutioneel Hof bestaande uit 5 leden die elk
voor tien jaren worden benoemd, wel werd ingesteld voor de
Antillen (zie artikel 28 van het statuut voor het
koninkrijk). Curieus is ook dat Nederlandse rechters dank
zij geratificeerde internationale verdragen de bevoegdheid
hebben om de nationale wetten te toetsen aan internationaal
aanvaardde en overeengekomen wetten. Ik kom zo direct hierop
terug. ( wordt vervolgd in DBS van maandag 6 september )
Mr.dr. W.R.W.Donner
Een
voorbode van parlementaire dictatuur
Het afhameren van DNA-lid Jogi door voorzitter Simons is een
voorbode van parlementaire dictatuur. Het is van belang dat
DNA-vergaderingen goed en efficiënt geleid worden door de
voorzitter, maar het is geenszins de bedoeling om dictatuur
toe te passen. Voorzitter zijn van het parlement is nog geen
vrijbrief om het woord te ontnemen als DNA-leden eenvoudige
op- en aanmerkingen maken over beleid en/of personen .
Het afhameren van DNA-leden is begonnen toen een commissie
ingesteld werd om de geloofsbrieven van Bouterse te
onderzoeken. Toen daarbij een commissielid het woord vroeg
om een toelichting te geven omtrent de geloofsbrieven werd
dit op een nogal ongepaste wijze door DNA-voorzitter
geweigerd. Tijdens de recent gehouden openbare vergadering
van DNA kon je duidelijk merken dat de voorzitter
onverbeterlijk is gebleven in haar handelswijze door het lid
Jogi het woord te ontnemen op diens eenvoudige op- en
aanmerkingen richting Misidjan. Hij werd niet eens in de
gelegenheid gesteld om zijn zin af te maken. Volgens mij
heeft het lid Jogi de heer Misidjan niet beledigd. Ook was
niet te merken dat hij voornemens was hem op enige manier te
krenken en/of te beledigen.
Ter illustratie zet ik een paar duidelijke voorbeelden van
het dictatoriale gedrag van de voorzitter op een rijtje:
- Het eenzijdig bepalen van een datum voor de inauguratie
van de president zonder het parlement in deze te raadplegen,
doch na protest van de oppositie corrigeerde zij dit wel.
- Zonder toestemming van het parlement hotel Royal Torarica
afhuren voor Bouterse die toen nog geen president was.
- Een ingekomen stuk van Brunswijk werd buiten het parlement
om en in strijd met het reglement van orde afgehandeld.
- De huidige voorzitter is als DNA-lid vaker zeer
onvriendelijk en soms zelfs krenkend geweest tegenover de
vorige president en regering, toen vond ze dat heel leuk.
- Na de beëdiging van president Bouterse werd de vorige
regering ook zeer onheus behandeld en nu doet ze alsof haar
neus bloedt.
- Het is algemeen bekend dat Rastafarians marihuana
gebruiken, natuurlijk niet allemaal, en als het lid Jogi om
uitleg vroeg over het te voeren beleid, en of hij zelf ook
het spul gebruikt was er helemaal geen vuiltje aan de lucht,
dus er was geen enkele reden om hem het woord te ontnemen.
Misidjan heeft zelf toegegeven dat hij af en toe iets
gebruikt, dan moet de minister maar zelf uitleggen wat dat
iets is.
De voorzitter is heel gauw vergeten dat haar coalitiegenoten
tijdens de regering Venetiaan vaker over de schreef zijn
gegaan. Vraagt u dit maar aan Misikaba , Doekhie, Parmessar,
het rijtje mag verder zelf aangevuld worden. Als een goed
lid van DNA moest zij haar collega’s in deze corrigeren. Dat
heeft ze juist oogluikend toegelaten en hen zodoende de
gelegenheid geboden om op een denigrerende wijze door te
kunnen gaan.
De schrijvende pers is een onmisbare en belangrijke factor
om de democratie, wet en recht te beschermen. De kans
bestaat dat straks middels allerlei foefjes en onwaarachtige
redeneringen de schrijvende pers ook gemuilkorfd wordt. Het
is te hopen dat de geschiedenis zich niet herhaalt.
Journalistiek uitoefenen is “a dangerous job” maar pers,
wees niet bevreesd om het volksbelang te dienen.
Na de opmerking van Jogi heeft ook de vicepresident een
schepje bovenop gegooid door felle kritiek te leveren. Hij
maakte er gewag van dat hij een wetsprodruct zal indienen
over nationale bevolkingsbeleid of ‘something like that’.
Wat hij daarmee wilde zeggen, weet Joost alleen.
Wij als burgers van dit land moeten deze ontwikkeling niet
te lichtzinnig opvatten en het zeker niet zomaar over ons
heen laten gaan. Het is een doodserieuze zaak; het begint
bij een vonkje en als je het even laat voor wat het is,
slaat het over en groeit het uit tot een vuurzee of vuurbal,
wat heel moeilijk en in het ergste geval niet meer te doven
is. Naipal I.
Nieuwe
mogelijkheden voor borstkankeronderzoek in St. Vincentius
Ziekenhuis
Het St. Vincentius Ziekenhuis beschikt tegenwoordig over een
moderne digitale mammograaf. Een mammograaf is een onmisbaar
apparaat in de vroege diagnostiek van borstkanker bij
vrouwen. Met een mammmograaf kan eventuele afwijkingen die
kunnen duiden op beginnende borstkanker vroegtijdig worden
opgespoord. Borstkanker is een vorm van kanker die uitgaat
van het melkklierweefsel in de borst. Het is de meest
voorkomende soort kanker bij vrouwen: 22 procent van alle
kankers bij vrouwen. Wereldwijd krijgt ruim één op de negen
vrouwen borstkanker. In Suriname staat borstkanker bovenaan
de lijst van dodelijke kankersoorten bij vrouwen.
Borstkanker
Borstkanker wordt veroorzaakt door afwijkingen in het DNA,
waarbij mutaties ervoor zorgen dat een cel in de borst
ongecontroleerd gaat delen en groeien. Typerend van kanker
is dat kwaadaardige kankercellen hierbij ook het omringende
normale weefsel gaan wegduwen, verdrukken en hinderen. De
kans op borstkanker wordt voor een belangrijk deel bepaald
door de leeftijd; vrouwen op hogere leeftijd hebben een
grotere kans op borstkanker. Erfelijke invloed speelt ook
een rol. Hoe eerder ontdekt wordt dat iemand borstkanker
heeft, hoe beter de behandelingsmogelijkheden zijn en hoe
hoger de kans op overleving. Eén van de manieren van
vroegtijdig onderzoek op borstkanker is het maken van een
röntgenfoto van de borsten, een mammografie.
Voorheen werden röntgenfoto’s van de borsten gemaakt met een
conventionele mammograaf. Door de digitalisering van de
techniek is de kwaliteit tegenwoordig enorm verbeterd. Met
de digitale mammograaf is het “onderscheidende vermogen”
verbeterd: in plaats van alleen zwart-wit beelden zijn nu
ook tusseninstellingen mogelijk met andere grijs-witte
tinten. Dit resulteert hierin dat eventuele knobbeltjes in
het dichte borstweefsel veel beter te onderscheiden zijn
door de radioloog, zodat afwijkingen veel sneller kunnen
worden gesignaleerd. Verder is het grote voordeel van het
gebruik van de digitale techniek dat de gevonden afwijkingen
met behulp van de computer direct uitvergroot kunnen worden
op het beeldscherm. De mammograaf brengt dus eventuele
microcalcificaties (dit zijn microkalkjes die het vroegste
symptoom zijn van borstkanker, nog voor een knobbel is
ontstaan) haarscherp in beeld. In veel landen, waaronder
Nederland, wordt de digitale mammografie bij alle vrouwen
boven de 50 jaar sterk gepropageerd en elke vrouw boven de
50 jaar krijgt een oproep voor een tweejaarlijkse controle.
Buurtbewoners klagen over geluidoverlast
Het is nu vakantietijd. Tijd om te feesten en om shows te
organiseren. Het Flamboyantpark is een veel gekozen locatie
om activiteiten te ontplooien. Bij shows en feesten en ook
allerhande andere activiteiten wordt er soms onnodig veel
lawaai gemaakt. De buurtbewoners in de omgeving van
Flamboyantpark klagen reeds geruime tijd over
geluidoverlast. Er wordt geen rekening gehouden met mensen
van de buurt. Niet alleen in de weekenden worden er
activiteiten gehouden, ook door de week. De mensen van de
buurt vragen daarom aandacht van de instituten die ermee
belast zijn. Er wordt een beroep gedaan op de regering om de
eigenaar van Flamboyantpark ertoe te bewegen de ruimte aan
te passen en wel zodanig dat het geluid geen overlast
bezorgt. De buurtbewoners willen weten of de activiteiten
aan tijd gebonden zijn en of er ook regels worden gesteld
met betrekking tot het geluid. Meestal lopen de activiteiten
uit en worden de bewoners gestoord in hun nachtrust. Ook bij
huwelijken doen zich problemen voor. Daarbij duurt de
activiteit soms zelfs tot de volgende morgen. Dan heb je de
laatste tijd ook nog de vele doordeweekse kerkdiensten, die
met veel en bovenal luide muziek begeleid worden. Het is
gewoon ontzettend storend voor de buurtbewoners. De
kerkdiensten beginnen om 16.00 en zijn tot 22.00 nog aan de
gang.
DBS sprak met de politie van Uitvlugt. De politie gaf te
kennen dat de organisatoren aan bepaalde tijden zijn
gebonden. Zij kunnen niets doen als de mensen een vergunning
hebben. Bovendien zegt de politie dat zij tot nog toe geen
klachten binnen hebben over geluidshinder. Mocht zulks het
geval zijn, dan zullen zij wel controlerend en corrigerend
optreden. Een van de personen die erg veel geluidshinder
ondervinden maakte de opmerking dat de politie niet alleen
bij klachten moet uitrijden. Zij heeft zeker ook een
controlerende taak en daar moet zij ook eens een keer
gebruik van maken. Dat doen zij immers toch ook bij
verkeersacties; maar daar komen er gelden in het laatje.
Saskia Bandhan
De
Verrekijker…… Wilfred H. Molly
Waarheidsvinding! Het lijkt wel alsof wij van De Verrekijker
de gave bezitten over die dingen te vallen, waar anderen
achteloos aan voorbijgaan. Wij denken graag over de dingen
na en proberen meerdere kanten van het gegeven bloot te
leggen. Feilbare leken als wij evenals u zijn, wil niet
beweerd worden dat onze benadering tot de kern doordringt,
maar toch diepte genoeg krijgt om zoveel mogelijk aan u voor
te houden.
In onze kolommen hebben wij u vaak het gebeuren in de
rechtszaal voorgehouden, waarbij wij onze verwondering niet
onder stoelen of banken staken. Eigenlijk verbijstering over
het aldaar gedebiteerde, met name door de verdediging.
Enkele jaren terug heeft een geïnstalleerde nieuwbakken
pleitster bij haar dankwoord uiteengezet wat de taak is van
ALLE BETROKKENEN bij een zaak, waarin vonnis door een
rechter moet worden gewezen. Let wel: alle betrokkenen
moeten aan die taak meewerken en die taak is
WAARHEIDSVINDING, m.a.w. alles eraan doen, zodat RECHT kan
geschieden. Het moet er dus niet toe leiden ONRECHT te laten
bestaan, nog minder te laten ontstaan. Dat kan alleen worden
voorkomen, wanneer ALLE BETROKKEN PARTIJEN de WAARHEID
aandragen.
Nou is het eenmaal zo dat wanneer oneerlijke handelingen
worden gepleegd deze veelal in het duister, in het geniep,
plaatsvinden, wat logisch is, omdat de dader weet bewust
verkeerd – tegen de wet – bezig te zijn. Ook schijnt er in
de juridische wereld een regel (wet?) te bestaan, die een
dader/pleger/verdachte ontslaat van de verplichting (in
tegenstelling tot de getuige) tegen zichzelf bezwarende
verklaringen af te leggen. Hier vielen wij over, want het
blijkt ons, dat van deze regel tij en ontij gebruik wordt
gemaakt, welk gebruik zelfs overgaat in misbruik.
Niks is te gek om als verdediging te worden aangevoerd,
waardoor het doel – WAARHEIDSVINDING – onbereikbaar wordt,
in elk geval de weg daartoe verduisterd wordt.
Misschien zijn wij simplistisch, naïef, maar het ergste
vinden wij, dat degenen die in het recht geschoold zijn en
dus weet moeten hebben van het primaire doel, namelijk
waarheidsvinding, er toch aan meewerken (er zelfs naar
streven) dat vertroebeling van de waarheid wordt bereikt.
Vaak blijken het juist zij te zijn, die de onwaarachtige
argumenten fabriceren en initiëren, zulks tegen beter weten
in. Dat blijkt vaak uit argumenten, die het inhoudelijke van
de zaak helemaal niet regarderen. Is bijv. een dagvaarding
geldig, die vóór of na 18.00 uur is uitgereikt en ook aan de
juiste personen, die bijvoorbeeld door een deskundige tip
ervoor zorgen nooit te bestemder plaatse en tijd aanwezig te
zijn?
In de pers zijn er gevallen gemeld, waarbij de beklaagde bij
de politie een volmondige bekentenis heeft afgelegd om
staande voor de rechter (op instructie?) die weer in te
trekken, desnoods ook te verklaren die onder mishandeling te
hebben toegegeven. Onnodig te zeggen, dat het vaak gaat om
gewelddadige notoire misdadigers, die zodoende worden
vrijgesproken en weer in de maatschappij neerstrijken om
deze weer (verder) te vernietigen. Is dat eerlijk en
bevorderlijk jegens die maatschappij? Kortom, er wordt daar
in de rechtszaal bij het leven gelogen (ook beroepsmatig).
Een bekend gezegde luidt immers, dat een beklaagde niet
hoeft te liegen, dat doet zal de advocaat wel voor hem
doen!!
De beroepslui willen het doen voorkomen, dat de verdachte
het meelijwekkende slachtoffer (de vermoorde onschuld) is
van de gemeenschap. En o wee, als dat werkelijk het geval
mag zijn, zoals eens bij het proces van het geval van een
diefstal van geld of cocaïnebolletjes zou zijn gebleken.
Leiden in last. Grote, vette, schreeuwende koppen in de
kranten, afkomstig van juist hen die zich beroepsmatig
daaraan schuldig maken. “DEMOCRATIE EN RECHTSTAAT IN GEVAAR
– VERTROUWEN VAN PUBLIEK IN RECHTSTAAT VERDWIJNT –
EFFECTIVITEIT STRAFPROCES LIJDT”.
Het zou namelijk gebleken zijn, dat verbalisanten valse
processen-verbaal zouden hebben opgemaakt, die natuurlijk
ook niet passen in een rechtszaak. Die doen evenzeer grote
afbreuk aan het eerste beginsel van WAARHEIDSVINDING. (Wat
is het verschil tussen het stelen van geld en het stelen van
cocaïnebolletjes?)
Blijkbaar hanteert men (en accentueert men) eerder de
stelling om liever honderd schuldigen te moeten vrijspreken,
dan één onschuldige te veroordelen. Maar vandaag aan de dag
met de geraffineerdheid van misdadigers en hun handlangers
gaan er duizenden schuldigen tegelijk vrijuit, die hun
misdadige praktijken in de maatschappij kunnen komen
voortzetten.
Valse processen-verbaal zijn uiteraard een afschuwelijk
verschijnsel. Valse vonnissen des te meer. Wordt het – om
bepaalde gevallen – nodig de tent te sluiten?
Hypocrisie
is geen goede basis voor buitenlands beleid
In zijn in 2008 gepubliceerd boek “ Marching Toward Hell :
America and Islam after Iraq”, schrijft de oud CIA agent,
Michael Scheuer, dat de Verenigde Staten van Amerika meer en
blijvende problemen tegemoet gaan, omdat zijn leiders
weigeren te erkennen wat de drijfveren zijn van terrorisme.
Oud-president George Bush heeft keer op keer herhaald dat
terroristen “ onze vrijheden haten, onze vrijheid van
godsdienst, onze vrijheid van speech en onze vrijheid om te
stemmen”. Maar opiniepeilingen tonen volgens Scheuer aan dat
de basis voor militante Moslims, niet de elementen zijn die
Bush opsomt, maar dat de grieven voor de Moslim militarisme
te vinden zijn in de Amerikaanse buitenlandse politiek, met
name: de Amerikaanse aanwezigheid op het Arabische
schiereiland; de onvoorwaardelijke ondersteuning aan Israël;
de ondersteuning voor landen die Moslims onderdrukken,
zoals, China, India en Rusland; de exploitatie van olie in
vele Moslimlanden en de ondersteuning en financiering van
autoritaire Arabische regeringen.
Scheuer ziet voorlopig geen reden om aan te nemen dat de
Verenigde Staten grote veranderingen zullen aanbrengen in
hun Midden Oosten beleid. President Obama heeft zijn nauwe
verbondenheid met Israël publiekelijk erkend en hij is ook
niet van plan zich los te maken van Washington’s omhelzing
van Saoedi Arabië, of om Hosni Mubarak te duwen in de
richting van meer democratie in Egypte. Want uitgerekend die
autoritaire heersers die de invoering van de democratie
belemmeren, genieten een intensieve en warme ondersteuning
van Amerika.
De Verenigde Staten deden hun reputatie als dè superpower
van de hypocrieten alle eer aan door Hamas, de winnaar van
democratische en eerlijke verkiezingen in 2006 in Palestina
te boycotten. Voor de Amerikanen is Hamas een terroristische
organisatie met wie niet gesproken of zaken gedaan kunnen
worden. Het besef ontbreekt bij de Amerikaan dat in het
algemeen je vrede en verzoening maakt met je vijanden en
niet met je vrienden. De democratische keuze van de
Palestijnse kiezers wordt dus niet geaccepteerd, omdat dat
niet past in het straatje van de Amerikanen en de rest van
de Westerse wereld. De uitkomst van democratische processen
heeft nu ook een element erbij dat als een volk door middel
van vrije en eerlijke verkiezingen stemt op mensen die niet
voldoen aan de leiderschapspercepties van het Westen, dan is
democratie niet voldoende meer, want die wordt afgewezen en
gevolgd door boycotten en straffen van de bevolking. Met
andere woorden, als de gekozen leider niet behoort tot de
“sweetheart & darling” van het Westen, dan is democratie
niet voldoende voor acceptatie.
De Amerikaanse houding van niet acceptatie van een
democratische verkiezingsuitslag is nu ook zichtbaar in de
Nederlandse houding tegenover de Republiek Suriname.
Nederland heeft duidelijk laten blijken dat er geen zaken
gedaan zullen worden met de gekozen Surinaamse president en
in het kielzog hiervan met de Surinaamse bevolking. Er zal
dus in de komende vijf jaar tussen de Republiek Suriname en
het Koninkrijk der Nederlanden waarschijnlijk sprake zijn
van een stilstand misschien ook verwijdering in de
bilaterale relatie tussen de twee landen. Deze opstelling
van Nederland toont aan dat Den Haag niet daadwerkelijk
geïnteresseerd is om bij te dragen aan de ontwikkeling van
een democratisch Suriname. De rigide houding van Nederland
kan leiden tot anti-Nederlandse sentimenten, die niet
bevorderlijk zijn voor de vriendschap en goede banden tussen
de vroegere kolonisator en de ex-kolonie.
Overigens, het siert de top van Surinaamse diplomaten ook
niet, dat zij op de botte uitspraken van enkele Nederlandse
ministers en gezagsdragers reciprook reageren. In de
diplomatie is de winnende strategie altijd die welke zich
houdt aan respect en tact en gebaseerd is op rationaliteit,
niet op passie en emoties. Beleidsmakers moeten goed
beseffen, dat haat en onvermurwbaarheid niet alleen kunnen
leiden tot de dood van een persoon, maar ook tot de dood van
een samenleving.
M. Joesoef
Wie is
Vrouwe Justitia?
Op verschillende plekken binnen het ministerie van Justitie
en Politie is de beeltenis te zien van een geblinddoekte
vrouw met in de ene hand een zwaard, en in de andere een
weegschaal: Vrouwe Justitia. Zij staat onder andere op de
muren van de zittingszalen in de gerechtsgebouwen, maar u
treft haar ook aan op de kalenders, de agenda’s en ook op
periodieken van het ministerie van Justitie en Politie. Wie
is deze figuur nou eigenlijk, en waarom is zij zo belangrijk
voor het recht en alles wat daarmee te maken heeft? Mr.
André Saheblal, gepensioneerd directeur van ons ministerie
en oud-hoofddocent Rechten aan de Universiteit van Suriname,
had hierover een vraaggesprek gesprek met de redactie van
Jurisdictie, een interne magazine van Juspol, welke wij als
redactie van Dagblad Suriname niet aan onze lezers willen
onthouden.
Mr. Saheblal, wie is Vrouwe Justitia, waar komt ze eigenlijk
vandaan, wie zijn d’r vader en d’r moeder en waarom speelt
ze - levensgevaarlijk - blindemannetje met een houwer en een
weegschaal?
“Je moet het niet zo letterlijk bekijken; de blinddoek,
weegschaal en het zwaard - het is geen houwer - zijn
symbolen, en ze hebben een bepaalde betekenis. Om de
achtergrond van Vrouwe Justitia en de wijze waarop zij wordt
afgebeeld te achterhalen, moeten we heel ver terug, helemaal
naar de mythologie. Mythologie staat voor de godenwereld;
ook het geheel der verhalen waarin een volk vorm geeft aan
zijn opvattingen over grote gebeurtenissen in de oertijd.
Uit de geschiedenis is bekend dat sommige volkeren hun eigen
mythologische figuren hebben gekend, bijvoorbeeld de Griekse
mythologie, de Romeinse mythologie maar ook de
Hindoeïstische mythologie. Justitia is van oorsprong de
Romeinse godin der gerechtigheid, haar Griekse tegenhangster
is Themis. In de Oudgriekse mythologie is Themis één van de
twaalf kinderen van de oergoden Gaia (de Aarde) en Oeranos
(de Hemel). Deze twaalf kinderen worden ook wel aangeduid
als de Titanen. In het voorscheppingsverhaal neemt Themis al
snel de taak van haar moeder over als godin van de Aarde. In
het eigenlijke creatieverhaal speelt Themis een belangrijke
rol: ze redt een groot aantal halfgoden van de zondvloed en
ze geeft daarna aan hoe mensen kunnen worden geschapen: door
stenen achterwaarts over de schouder te gooien. Met haar
broer Iapetus heeft ze een zoon, Prometheus die voor de
mensheid het vuur uit de hemel zal stelen. Na de schepping,
als de nieuwe goden hun intrek op de Olympus hebben genomen,
zit Themis al snel in het centrum van de macht als tweede
echtgenote van oppergod Zeus. Uit deze relatie met Zeus
komen ook kinderen voort: de Horae of de Seizoenen, Eunomia
of de Orde, Dike of de Gerechtigheid, Eirene of de Vrede en
de Moira of Noodlotsgodinnen. Daarna wordt de bijzonder
flexibele Themis godin van de orde, de gerechtigheid en de
eed. Zij weegt met haar weegschaal de zielen van de
afgestorvenen en bepaalt geblinddoekt of die naar het
paradijs van de Elyzeese Velden, dan wel naar de hel van
Tartarus gestuurd zullen worden. Traditioneel wordt Themis
dan ook met een blinddoek afgebeeld, met het zwaard van de
gerechtigheid in de rechterhand, de weegschaal van het
oordeel in de linkerhand, staande op het boek van de wet,
terwijl ze de slang van de leugen vertrappelt.”
Vrouwe Justitia vindt dus haar oorsprong in de Romeinse en
Griekse mythologie; d’r vader en d’r moeder zijn de hemel en
de aarde?
“Dat zou je op grond van de mythologie wel zo kunnen
stellen, ja. In de loop van de tijd is ze de personificatie
van het recht geworden en het symbool van de onpartijdige
rechtspraak. Zij wordt afgebeeld als een geblinddoekte
figuur, met in haar rechterhand een zwaard, en in de
linkerhand een weegschaal. De betekenis van deze symbolen is
als volgt: het zwaard staat voor het vonnis dat wordt
uigesproken, de blinddoek staat voor de rechtspraak zonder
aanzien des persoon. De weegschaal stelt de afweging van de
bewijzen en getuigenissen voor die in het voordeel,
respectievelijk het nadeel van de verdachte spreken. Met
haar weegschaal weegt zij de argumenten voor en tegen, en
scheidt deze met haar zwaard. Als Vrouwe Justitia het
symbool van de onpartijdige rechtspraak is dan hoort haar
beeltenis in de rechtszaal thuis, omdat de onafhankelijke
rechter - na afweging van feiten en daden zonder aanzien des
persoon recht spreekt. Een afbeelding van haar is daarom
vaak te vinden op gerechtsgebouwen, maar ook op de omslag
van wetboeken zien we haar beeltenis. Vele rechters,
advocaten en andere juristen hebben vaak genoeg in hun
werkruimte een afbeelding van Vrouwe Justitia, en ook in
andere gebouwen van justitie zien we haar beeltenis, hetzij
een schilderij, hetzij een (mini)beeld.”
Heeft u zelf ook een beeld van Vrouwe Justitia?
“Ja hoor! Ik heb een minibeeld van Vrouwe Justitia op mijn
bureau staan. Het is van brons, en ik heb het jaren geleden
uit Rome meegebracht. Het doet me steeds denken aan het
Ministerie van Justitie en Politie waar ik van oktober 1963
tot 1 januari 1984 heb gewerkt: eerst als Algemeen
Secretaris, daarna als Onderdirecteur en vervolgens van 1980
tot 1984 als Directeur.”
Zijn er behalve Vrouwe Justitia nog meer verhalen en
symbolen die met het recht te maken hebben?
“Er zijn heel wat gerechtigheidvertellingen, bijvoorbeeld de
geschiedenis van een koning der Perzen, die in de zesde eeuw
voor Christus een corrupte rechter liet villen. Alsof dat
niet voldoende was liet hij de zoon van deze rechter die ook
een rechter was, als waarschuwing op de gevilde huid van
zijn vader plaatsnemen. Recht en gerechtigheid hebben
talrijke malen tot onderwerp gediend voor kunstwerken.
Schilders en beeldhouwers brachten rechtslegenden, Bijbelse
gerechtigheid en gerechtigheidtaferelen uit de oude tijd in
beeld, die de gevels van gebouwen sierden waar recht werd
gesproken. Bekend uit de bijbel zijn
gerechtigheidvoorstellingen, zoals Salomo’s oordeel en het
laatste oordeel, die vaak boven de stoelen van de rechters
hingen. Deze kunstwerken fungeerden als aansporing voor de
rechter om rechtvaardig te zijn, als vermaning voor de
verdachte en als waarschuwing voor de mensen die het proces
bijwoonden. Nu zie je dat niet zo vaak meer. Vrouwe Justitia
echter heeft door de eeuwen heen haar plaats behouden, en is
wereldwijd het symbool van het recht en de gerechtigheid.”
Javaanse
ministers regelmatig op hun daadkracht beoordeeld
Het Instituut for Research Study and Development (IRSD),
voor velen nog onbekend, doch zeker een instituut dat zijn
bestaansrecht in de afgelopen 10 jaren heeft bewezen, heeft
het initiatief genomen om de activiteiten van de 6 Javaanse
ministers op hun respectieve ministeries nauwlettend te
volgen. Dit heeft de voorzitter via haar zondagse uitzending
IRSD-info bekendgemaakt. Wie heeft hiertoe de opdracht
gegeven? Een vraag die velen zullen stellen. Het antwoord is
vrij simpel. Van het volk. Het is bekend dat tot nu toe de
nieuwbakken ministers naar tevredenheid profileren. Zij
durven met hun visie naar voren komen en niet maar ja en
amen te zeggen. De minister van Binnenlandse zaken, drs.
Soewarto Moestadja, bijv. heeft op zijn eigen manier zijn
visie met betrekking tot de voorlichting uiteengezet en
minister Sapoen heeft durven doorgeven welke maatregelen
genomen zullen worden in de toekomst met betrekking tot het
plaatsen van nieuwe leerlingen. Alle ministers hebben hun
eerste activiteiten dankzij de goede begeleiding van de VP,
hun best gedaan. De minister van LVV hoort eveneens in dit
rijtje thuis. Ook minister Kromosoeto durft om uitspraken te
doen die bij de Javanen worden gekenmerkt als ”wanie”[
durven]. Ook de minister van ROGB, drs.M. Sastroredjo, op
wie vele ogen gericht zijn, moet goed begeleid worden. Het
IRSD zal blijven begeleiden, gevraagd en ongevraagd.
Minister M.Miskin die de prijzen voor de consumenten blijft
bewaken, zal van IRSD de nodige opzettelijke
prijsopdrijvingen vernemen. Hij heeft al aangegeven dat hij
alles gaat opsporen en aanpakken. Het instituut zit nu te
wachten op de reacties van de nieuwe DNA-leden. In het
verleden zaten zij maar te zitten en durfden zij op enkele
uitzonderingen na, geen op- en aanmerkingen te maken. Zij
zullen in de toekomst ook niet bespaard blijven van kritiek,
vooral uit de districten Commewijne, Nickerie en andere
districten. Vooral ook de vrouwelijke leden moeten nu flink
van zich afbijten. Dat de achterban nu na 120 jaar niet meer
als een apathische groep aangemerkt wil worden is duidelijk,
want de Javaan is nu politiek bewuster geworden.
Kadi Kartokromo
Het belang
van goed gezelschap
Moslims over de gehele wereld zitten momenteel midden in
de vastenmaand. De maand Ramadaan, waarin meer dan 1400
jaren geleden , de Heilige Qoer’aan, door tussenkomst van de
Engel Gabriel aan de Heilige Profeet Mohammed werd
geopenbaard. Wat het uiteindelijke doel van het vasten is,
wordt op zovele momenten aan belangstellende doorgegeven.
Meestal begint men met te vertellen dat je niet mag eten of
drinken van zonsopgang tot zonsondergang. Maar er komt nog
veel meer bij kijken. Je moet je behoeden voor het kwaad, je
moet dus het kwade nalaten en je veel meer richten op het op
na houden van een richtige leefwijze. Een van de zaken om
richtig door het leven te gaan is dat wij ons steeds moeten
laten omringen door goed gezelschap. Weet wie je vrienden
zijn. Immers, niet iedereen beïnvloedt op een juiste wijze
het leven van een ander. Er is een heel bekend gezegde die
luidt: zeg mij wie uw vrienden zijn, dan vertel ik wie u
bent.
Bepaalde mensen oefenen psychisch duidelijk invloed uit op
een ander. Er is een overwicht en als je niet oppast neem je
alles van de andere over. De goede dingen en jammer genoeg
ook de minder goede dingen. Vooral degenen die weinig of
helemaal geen belang hechten aan het religieuze aspect gaan
proberen hun wil aan de gelovigen op te leggen. Veel
gepraat, veel uitleg om de andere uit zijn tent te lokken en
het goede pad te verlaten om tenslotte op een dwaalspoor te
belanden. In het dagelijks leven zijn er voorbeelden hiervan
te over. Het gebruik van sigaretten, alcohol, verdovende
middelen en nog veel meer ongeoorloofde handelingen zijn het
resultaat van slechte vriendschapsbanden. Door hun toedoen
vervreemd je van je eigen innerlijke pracht. Luister je naar
hun aanlokkelijk kletsverhaal dan verval je tot naar lagere
niveaus. Daarom is het nooit te laat om naar je goede
vrienden de opmerking te maken: Ouders weet waar je kinderen
zijn!
In het bijzonder de jongeren zijn hierbij een specifieke
kwetsbare groep; zij vallen zo ten prooi van anderen die je
gouden bergen beloven. Het begint allemaal met een eerste
keer, maar daarna volgen er vaker nog meerdere keren. Wees
dus opgepast! Wees geen vrienden van zulke figuren, die het
erop gemunt hebben je leven te verpesten. Kijk om je heen
hoe het doorgaans met hen afloopt. Het is alleen maar om
medelijden met ze te hebben. Daarom een goed advies: zoek
alleen gezelschap op van mensen van wie je weet dat die jou
kunnen helpen om op het rechte pad te blijven. In de Heilige
Qoer’aan staat bijvoorbeeld: zoek gezelschap met hen die hun
Heer ’s ochtends en ’s avonds aanroepen. Ouders dragen de
verantwoordelijkheid om hun kinderen een goede opvoeding te
geven. Er moet gezag uitstralen van de ouders, zij moeten
zelf ook het goede voorbeeld geven. Geen enkele ouder zal
graag willen hebben dat hun kinderen op het verkeerde pad
terecht komen. Vaak genoeg zijn het de kinderen zelf, die
ondanks een goede scholing, bewust het slechte pad opgaan.
Verkeerd gezelschap gaat daar aan meestal ook vooraf. En als
het eenmaal mis is gegaan krijgen de ouders de schuld van
alles. Een goede richtlijn is dat je gezelschap zoekt van
iemand die goed ontwikkeld is. Die een goede positie inneemt
op de maatschappelijke ladder. Mensen die zich dagelijks
inlaten met de religie zijn doorgaans ook heel betrouwbare
mensen wiens gezelschap altijd een positieve uitstraling
heeft op anderen. Maak daar gebruik van.
Om je op het slechte pad te begeven is in een mum van tijd
gedaan. Maar om je leven op een goede spoor te krijgen zal
je je hele leven moeten opofferen. ,, En wie zich afkeert
van mijn herinnering, voor hem is zeker een benard leven, ”
staat in de H.Q hoofdst. 20 vers 124.
Wat is de plaats van de religieuze opvoeding binnen het
gezin? Ouders , gezaghebbenden, moeten het als hun plicht
ervaren om allen die onder hun toezicht vallen de fijne
kneepjes van de religie bij te brengen. Ouders, weet wat uw
verantwoordelijkheden zijn. In de boodschapper van Allah
heeft u een uitstekend voorbeeld, volg dat voorbeeld op en u
zult merken dat de poorten van uw leven op velerlei gebied
voor u opengaan. Het is goed om enkele zaken voortdurend in
gedachten tot u te nemen: De Goddelijke liefde uit zich,
voor degenen die het kwaad vermijden en het goede doen; weet
daarbij dat Hij van degenen houdt, die anderen goed doen;
dat Hij degenen lief heeft, die zich voor het kwaad hoeden,
en dat Hij degenen lief heeft die rechtvaardig oordelen. Tot
besluit nog dit: Een moslim is de broeder van een moslim.
Hij doet hem geen onrecht en laat hem niet alleen om
slachtoffer te worden van iemand anders zijn
onrechtvaardigheid. Aan een ieder wensen wij een Mahe
Ramzaan Moebarak toe.
De Surinaamse Islamitische Vereniging
Het gevolg van oppotten
In het jaar 2000 konden wij in de huiskamer
via een der lokale televisiestations een jongerendebat
volgen. Het ging over een uitwisseling van meningen van
betrokkenen met betrekking tot het onderwijsgebeuren in
Suriname. Dit werd op die manier naar het breder publiek
overgebracht. Het voornaamste doel was om de samenleving
bij het desbetreffende debat erbij te betrekken. Het
hoofdthema binnen het onderwijs in het binnenland kwam
daarbij naar voren. De algemene opvatting daarbij was dat de
overheid verplicht is om die mogelijkheden te scheppen,
zodat iedere ingezetene, ook uit het binnenland, van goed
onderwijs kan genieten teneinde zich economisch weerbaar te
maken en zich te kunnen ontplooien. Het is natuurlijk dat
iedere Surinaamse burger een bijdrage levert aan de opbouw
van Suriname. Het blijkt namelijk dat vanwege de
maatschappelijke gesteldheid van voornamelijk het district
Sipaliwini het voor die bewoners tot nog toe niet mogelijk
is geweest een wezenlijke bijdrage te leveren aan de
economische ontwikkeling van het land, ofschoon zij dat zelf
zo graag wensen. Er is dus in het binnenland geen sprake van
enige expansie in de zin van economische activiteiten onder
de bevolking van het district Sipaliwini. Het is belangrijk
dat er voor de verdere ontwikkeling van geheel Suriname een
evenwichtige ontplooiing van economische activiteiten binnen
die leefgemeenschappen in alle districten adequaat
plaatsvindt. Het is voor het district Sipaliwini te
adviseren dat er een onderzoek door deskundigen wordt gedaan
naar de vruchtbaarheid van gronden, maar dan natuurlijk met
inachtneming van de steeds toenemende mate van vervuiling
van het rivierwater door ongeoorloofd kwikgebruik.
Dit met het oog op het doen inrichten
van relatief grotere leefgemeenschappen in die regio. Er
wordt dan vervolgens een woonproject opgezet met bouwkavels
en gronden bestemd voor andere doeleinden dan die welke door
de overheid worden uitgegeven. Misschien kunnen er ook
volkswoningen worden gebouwd en deze in huur of in huurkoop
uitgegeven aan hen die daartoe belangstelling tonen. Albina,
Moengo en Brokopondo mogen als alternatief worden beschouwd
als opvangwoonwijk bij een eventuele migratie uit het
district Sipaliwini. Er zullen in dit verband ook
arbeidsplaatsen moeten worden gecreëerd. Wij moeten met z’n
allen werken aan de vooruitgang van geliefd Suriname.
Ondergetekende had naar aanleiding van het bovengenoemde
debat in een van zijn artikelen in een der dagbladen gewezen
op de consequenties indien de maatschappelijke gesteldheid
van het binnenland zou worden gehandhaafd. Het materiele
levenspeil van de leefgemeenschappen van Suriname
verschillen onderling aanmerkelijk van elkaar. Sommige
hebben meer geld nodig dan anderen om adequaat te kunnen
voorzien in hun levensbehoeften.
Weer anderen met een overwegend
primitieve levensvorm hebben minder geld nodig om daarin te
kunnen voorzien. De staat verstrekt een financiële steun aan
grote delen van de samenleving en wel in de vorm van AOV en
sociale bijstand. Wanneer er echter in ogenschouw wordt
genomen dat de staat ettelijke miljoenen jaarlijks aan AOV
en nog andere financiële bijstand aan de samenleving in het
binnenland uitkeert en dat deze bedragen waarschijnlijk voor
een groot deel niet op kort termijn in de Surinaamse
economie zullen terugvloeien is het verwachtbaar dat zulks
op lang termijn een aanmerkelijke schaarste teweeg zal
brengen aan SRD’s in het land. Het verzamelen van munten
door de burgerij bewerkstelligt ongetwijfeld een
inefficiëntie in het geldverkeer. Hopelijk ontstaat er geen
schaarste aan SRDs en munten. De overheid zal bij het
samenstellen van haar ontwikkelingsplan hiermede rekening
moeten houden. Een gemeenschap die geen hogere economische
activiteiten ontwikkelt, levert geen bijzondere bijdrage aan
de verdere ontwikkeling van haar land. De inkomsten van de
staat ten behoeve van de staatshuishouding vloeien
hoofdzakelijk voort uit de inning van onder andere de
directe en indirecte belastingen.
Edward
Marbach
De motor achter de
toekomstige welvaart van Suriname (Deel 2) Onderwijs
De kinderen van Suriname verdienen de beste kansen om zijn
of haar talenten te ontwikkelen. De jeugd heeft immers de
toekomst. Om ervoor te zorgen dat de jeugd in alle opzichten
meedoen in de wereld is het van levensbelang dat zij goed
onderwijs krijgen. Goed onderwijs zorgt bovendien ook ervoor
dat de Surinaamse kinderen goed kunnen aansluiten op de
arbeidsmarkt en stimuleert ondernemerschap.
Goed onderwijs is ook essentieel voor de beroepsbevolking,
want in deze groep zullen de talenten ook gestimuleerd
moeten worden en bijgeschoold moeten worden om te kunnen
profiteren van de laatste ontwikkelingen (op diverse
gebieden). Een dergelijke ontwikkeling is bijvoorbeeld het
internet. Het internet speelt een zeer belangrijke rol in
productie, kennis en innovatie van een land.
Talent zit niet alleen in de hersens, maar ook in de handen.
Het werk van een goede vaklui moet niet worden onderschat;
of je nu straatmaker bent of advocaat. Beide beroepen zijn
nodig om Suriname te ontwikkelen. Vakmensen zijn zeer
essentieel voor Suriname. Surinamers moeten niet alleen
dingen bedenken, maar ze ook kunnen maken.
De leraar wil ik toch graag een speciale plaats geven; goed
onderwijs begint bij de leraar.
De leraren zullen ook mogelijkheden moeten krijgen zich te
ontplooien en te groeien in het onderwijs, dit komt
uiteraard ten goede van de leerlingen. Het beroep van leraar
moet weer aantrekkelijker worden gemaakt.
Carrièremogelijkheden voor de leraar moet de normaalste zaak
worden in het onderwijs. Financiële middelen zullen ook
beschikbaar gesteld moeten worden, zodat de leraar zich kan
focussen op het onderwijs; en niet op tien extra banen die
hij of zij nodig heeft om te overleven. Uiteraard is geld
niet alles, de overheid zal slimmer moeten investeren in het
onderwijs en belonen kan bijdragen aan beter onderwijs in
Suriname. Anton de Kom Universiteit van Suriname en
Natin-mbo kunnen nu al een grotere rol spelen in de
samenleving door bijvoorbeeld de opleidingen beter af te
stemmen op de markt; het bedrijfsleven meer betrekken bij de
opleidingen.
Om de kwaliteit van het onderwijs in Suriname te verbeteren,
zal fors moeten worden geïnvesteerd in zaken als opleidingen,
digitale leermiddelen, bijscholing van docenten en
mondialisering & globalisering gedreven door Informatie- en
Communicatietechnologie ICT). Om Suriname te ontwikkelen
zullen alle talenten van de beroepsbevolking nodig zijn;
jong en oud!
Binnenkort verschijnt in deze serie: ‘EIGEN
VOEDSELVOORZIENING in Suriname’.
Postkoloniale arrogantie
bij college van B&W in Amsterdam
Met verbazing hebben wij kennis genomen van het besluit van
de gemeente Amsterdam om geen nieuwe samenwerkingsprojecten
meer aan te gaan met Suriname en vooral van de argumentatie
die daarbij gehanteerd wordt. Volgens het college van B&W in
Amsterdam vormt het presidentschap van Desi Bouterse een
onoverkomelijk bezwaar om de samenwerking voort te zetten.
Daarbij geeft het college ook aan (volgens de Telegraaf van
24.8) dat in Amsterdam een grote Surinaamse gemeenschap
woont met hechte familiebanden aan de andere kant van de
oceaan. “Velen herinneren zich de gebeurtenissen in de jaren
tachtig goed”, aldus het college, dat zegt grote waarde te
hechten aan de banden met de Surinaamse gemeenschap. „Het
college wil ook duidelijkheid scheppen voor diegenen - vaak
jongeren - voor wie dit recente verleden minder bekend of
minder problematisch is.”
Nu werkt het erg storend, dat allerlei zogenaamde
deskundigen, waaronder ook de heer Romeo H. de publieke
opinie in Nederland beïnvloeden met het idee dat er alleen
maar jongeren gestemd hebben op de NDP en dat zij dit gedaan
hebben, omdat ze niets weten over de gebeurtenissen in de
jaren tachtig. Ten eerste is het niet zo dat er alleen maar
jongeren op de NDP stemmen. Ten tweede, wordt er al
jarenlang een proces gevoerd in Suriname over de
gebeurtenissen van december 1982. Dit proces wordt vrij
regelmatig verslagen in alle Surinaamse media. De Surinaamse
jeugd zou dus nooit naar de televisie kijken, nooit een
krant lezen en nergens iets van weten, als we deze
“deskundigen” moesten geloven! De waarheid is, dat de
jongeren in Suriname echt wel weten wat er gebeurd is in
december 1982, het ook als een enorm pijnlijke gebeurtenis
beschouwen die nooit herhaald mag worden, maar dat zij toch
in veel gevallen de NDP en haar leider prefereren, omdat
zijn toekomst- en volksgerichte ideologie hen aanspreekt.
Dat is hun goed democratisch recht en ik vind niet dat wij
daar in Nederland iets over te zeggen hebben. De
Nederlanders zouden het ook niet pikken als ze ineens in de
EU geboycot worden, omdat de PVV deelneemt in een
gedoogkabinet!
Nog kwalijker is, dat de gemeente Amsterdam deze verregaande
bemoeizucht met het democratisch besluit van een
onafhankelijke natie, nu gebruikt om vrijwel alle
samenwerkings- en hulpprojecten stop te zetten. Daarbij
wordt niet het argument gehanteerd dat er geen goed bestuur
is onder president Bouterse of dat de corruptie in Suriname
zou kunnen toenemen, nee, het college wil “ duidelijkheid
verschaffen voor diegenen voor wie het Surinaamse verleden
onbekend is of niet problematisch is”. Met andere woorden,
de Surinamers mogen geen eigen interpretatie op nahouden van
hun eigen recente politieke geschiedenis, want dat zal het
college van B&W te Amsterdam wel even voor ze bepalen!
Bonter kun je qua neo-koloniale bemoeizucht toch niet maken,
lijkt me.
Ik vraag me af hoe ver deze plotselinge politieke
correctheid van de gemeente Amsterdam gaat en of zij straks
ook Libische handelsmissies onverrichter zake de woestijn in
sturen, omdat hun president in het verleden nog wel eens een
grote wandaad heeft begaan. Of is het weer selectieve
verontwaardiging? Het lijkt me van wel. Ik ben ervan
overtuigd dat de meerderheid van de Surinaamse Nederlanders
– ook die in Amsterdam! – van mening is dat de nieuwe
regering van Suriname op haar daden beoordeeld moet worden.
Dat men terughoudend is met het aangaan van nieuwe
samenwerkinsgprojecten is te begrijpen, maar het
rücksichtlos stopzetten van alle samenwerking toont geen
enkel respect voor de democratische keuze van het Surinaamse
volk. Wij als Nederlandse afdelingen van de Surinaamse
coalitiepartijen zullen ons moeten beraden op gepaste
maatregelen, waarbij ik in eerste instantie denk aan het
indienen door Amsterdamse Surinamers van een petitie in de
gemeente Amsterdam, met als strekking dat de samenwerking
tussen Amsterdam en Suriname niet plotsklaps en zonder
gegronde redenen gestaakt mag worden.
Jan Gajentaan
Secretaris ABOP Sympathisanten Nederland
http://www.abop-suriname.net
De Verrekijker…… Wilfred H. Molly
Verdenkingen! Politiek onstandvastige gedragingen die vooral
gepaard gaan met een mega-inhaalslag van bepaalde
bevolkingsgroepen droegen het hunne bij tot de glans van
Bouterse’s martelaarsaureool en tot zijn plaatselijk sterke
twijfelachtige faam. Zijn geestverwanten van de AC en meer
nog van VA/PL (mi casa es su casa) juichten bij zijn
overwinning en vierden die op verschillende niveaus, waarbij
ook een kort teleurgesteld bezoek aan het NF onderdeel moet
hebben uitgemaakt van de feestviering.
Ter ere van de nieuwe president werd hem van beide zijden
geheel vrijwillig een aantal kandidaat-ministers aangeboden,
dan wel voorgehouden om uit dat aantal zijn keuze te doen
wie van hen hij waardig, intelligent, integer en
representatief genoeg achtte om – na een
antecedentenonderzoek – in zijn kabinet zitting te mogen
nemen. Politieke kleur vormde geen belemmering!
Hetzij uit echt medeleven met de gefêteerde, hetzij omdat de
geestverwanten geen geschikte kandidaat uit hun midden naar
voren konden schuiven, is de belangrijke functie van
vicepresident ook al aan Bouterse’s vrijwillige keuze
overgelaten – weliswaar niet zonder vooraf medeweten van
Romeo Bravo – om te bepalen. De nogal verrassende keuze zou
zogenaamd vanuit de richting het bedrijfsleven (KKF) moeten
zijn gekomen.
Naast het diepste vertrouwen in de politiek onstandvastige
gedragingen van genoemde partijen of combinaties buiten de
MC/NDP zelf, is het inderdaad niet eenvoudig om precies de
maat van Bouterse’s roem na te gaan. Zijn invloed blijkt
echter achteraf beperkter te zijn dan men meende te weten,
omdat de wereld het behaalde presidentsschap laat betijen en
een politiek volgt van de kat uit de boom kijken. Zowel in
Noord- als Zuid-Amerika, in grote delen van Europa als wel
in het Caraïbisch Gebied worden zijn verrichtingen
angstvallig gadegeslagen.
In ons land twijfelt men niet zo zwaar aan zijn oprechtheid
met betrekking tot – zoals men het pleegt te zeggen – zijn
voorgewende liefde voor het volk of de invulling van zijn
levensspreuk: “het redden van het vege lijf”. Met zijn veel
gebruikte – misschien zelfs aangeboren – acteurstalent doet
hij het voorkomen alsof, maar in feite voelt hij, althans
volgens vele politiek andersdenkenden, geen warmte voor hen,
geen plichten of verantwoordelijkheden. Zij, of de mensen
die hij toespreekt, zijn niet zijn broeders, geen voorwerp
van liefde, maar een ter beschikking staand werktuig, dat
hij recentelijk zeer handig en knap voor zijn eigen doel
heeft weten te gebruiken.
Hij heeft met bijzonder veel ijver en vlijt hard gewerkt aan
dit resultaat en zijn onverdroten pogingen om deze
belangrijke in het oog lopende positie te bereiken en met
alles wat in hem zit aan energie die trachten te behouden.
Hij heeft zich blijkbaar voorgenomen om deze vijf jaren zeer
vruchtbaar te doen zijn en binnen deze periode zijn ambities
ten volle te bevredigen. Er zijn voorts aanwijzingen dat hij
het verlangen koestert via amnestie vrij te komen van het
zwaard van Damocles dat nog steeds dreigend boven zijn hoofd
blijft hangen. Het vermoeden bestaat dat hij met deze
positie onmeedogend zijn ellebogen zal gebruiken en met
niemand – vriend of vijand – rekening zal houden. Deze
positie heeft hij dan ook bereikt mede door laksheid van
eerder aan de macht zijnde politiek-andersdenkenden alsook
door dit keer vooral het terzijde schuiven van meer ervaren
en gerespecteerde, meer ontwikkelde en ook nog onbevlekte
partijgenoten.
Het is dezelfde noodlijdende samenleving, die volgens de
huidige voorzitter van het parlement, smachtte naar hulp.
Een volk dat vooruitgang van een land persoonlijk in hun zak
wil merken en niets had aan de stabiliteit. Een realiteit
die voor haar, onze voorzitter, helaas niet merkbaar was. De
extreme armoede die door haar zo fel aangesneden werd, zal
thans rustig moeten wachten op hun beurt. Andere
prioriteiten zoals een waarheidscommissie, welke zich
specifiek gaat bezighouden met de persoonlijke, enge
belangen van hun voormalige voorzitter genieten momenteel
voorrang. Is dat de bedoeling geweest om aan de macht te
komen? Heeft het oudlid, persoonlijke juridisch adviseur en
voormalig auditeur-militair het gelijk aan zijn zijde toen
hij indertijd na hevig protest over het persoonlijk belang,
die de toenmalige voorzitter duidelijk nastreefde, de NDP
vaarwel gezegd en zich opnieuw heeft aangesloten bij zijn
vroegere politieke partij?
De werkbare rust die thans alom verwacht wordt, zou
ongetwijfeld wreed verstoord kunnen worden door een weinig
gunstig bereikbaar resultaat van een waarheidscommissie
waarmede de samenleving bovendien ook nog vertrouwd dient te
worden. Een nieuwigheid die nieuwe spanningen in stede van
de verlangde rust, vrede, ijver en vlijt met zich zou kunnen
meebrengen. Met deze tegenstrijdigheden reeds in het prille
begin van het zo gunstig beloofd beleid zal het volk heus
niet gediend zijn. In de hoop op betere tijden waarin de
noden van het volk die aandacht op de prioriteitenlijst
gegund zou moeten worden, heeft men daarom in grote
meerderheid toegestemd.
Als vandaag de dag de tekenen niet bedriegen en men misbruik
wil maken van de macht om nevendoelen de voorkeur te geven
boven het oplossen van de noden van het volk – ofschoon onze
nieuwe machthebbers geen toverstok hebben – zullen bedoelde
doelen zeker niet in goede aarde vallen bij de samenleving.
Nu is er in lange na geen sprake meer van: ‘terwijl het gras
groeit, sterft het paard’. De noden zijn eensklaps door
overname van de macht minder nijpend geworden. Wat evenwel
niet vergeten moet worden, is het feit dat een
waarheidscommissie, hoe goed ook van opzet en doel moge zijn,
moesje heus niet naar Parijs brengt.
De vorige regering werd steeds verweten aan stabiliteit de
voorkeur te geven. De nieuwe geeft voorkeur aan een
waarheidscommissie. Ieder zijn keus! Bestrijding van extreme
armoede komt ook wel aan de beurt. Immers, Keulen en Aken
zijn toch niet in één dag gebouwd.
Opportunisme viert hoogtij
Het schijnt dat opportunisme tegenwoordig mode is geworden
en ook beloond wordt in onze Republiek Suriname. Vele
politici en vaak ook niet-politici zijn debet hieraan; een
aantal personen waren al opportunistisch bezig tijdens de
verkiezingscampagnes van naar 25 mei 2010 toe. Ik denk
daarbij aan een Richard en Guillermo.
Nu merken we dat die twee slechts de voorbodes waren, want
het is nu werkelijk een trend geworden. Een andere groep van
personen met opportunistische kenmerken is boven water komen
drijven. Kijk maar naar Jennifer, Michael, Hoogi en Albert,
allen zogenaamd stamgasten van het centrum aan de J.A.
Pengelstraat. Niets is minder waar. Opvallend is dat al deze
personen eens grote tegenstanders waren van het huidige
regiem. Zij hebben nu evenwel allen een en hetzelfde
gemeenschappelijk doel namelijk hun posities te versterken
of te continueren door hun principes over boord te gooien.
Bij hun staat opportunisme momenteel op de eerste plaats,
daarna komen de principes er achteraan hollen. En als u hen
eens vraagt waarom ze zo’n gedrag vertonen, krijg je het
bekende antwoord : “Wij dienen het Algemeen belang”. Ik zou
deze mensen adviseren om het woord opportunisme in het
woordenboek op te zoeken, dan kunnen ze waarschijnlijk beter
begrijpen wat de betekenis ervan is. Zij kunnen dan hun
kinderen beter opvoeden.
Heel opvallend is ook wel dat de eerste twee, Richard en
Guillermo, van de aardbodem schijnen te zijn verdwenen.
Onlangs gaven Jennifer, Paul en Willy in afzonderlijke
interviews aan dat de president gelijk had om de ambassadeur
van Nederland niet te verwelkomen tijdens de inauguratie van
zijn presidentschap. Bekend is geworden dat omdat er geen
stoel was gereserveerd voor de Nederlandse ambassadeur, de
diplomaten van de andere landen uit solidariteit massaal
zijn opgestaan; de reactie van de organisatie hierop was
snel en slagvaardig. Bliksemsnel werd een stoel erbij
gehaald. Het ging allemaal zo snel dat het gewone publiek er
nauwelijks wat van gemerkt had. Eensklaps was de show
voorbij.
Dit moet een signaal zijn naar de huidige machthebbers toe.
En wel dat de wereld eerder sympathie heeft voor Nederland
dan voor Suriname. Van de voorzitter van DNA vind ik het op
z’n zachtst uitgedrukt verfoeilijk als ze aangeeft dat ze
niet op de hoogte was van het tafereel dat er geen stoel was
gereserveerd voor de Nederlandse ambassadeur. Dit, terwijl
de hele organisatie in haar handen lag!
Dat Suriname een signaal richting Nederland heeft gestuurd
is voor velen gewoon onbegrijpelijk. Begrijpt onze
regeringsleider het niet dat wij Nederland eerder nodig
hebben dan Nederland ons nodig heeft . Nu merken wij er
niets van omdat alles nog op de oude voet doorgaat. Maar
naar gelangd de tijd vordert, zullen de signalen duidelijker
worden. De tijd zal het ons leren. Hoe je het ook draait of
keert Suriname is in een underdog positie wat betreft
bilaterale relaties met andere landen. Natuurlijk moeten we
ons zakelijk opstellen tegenover alle landen waarmee wij
betrekkingen willen hebben, zonder dat Suriname haar eigen
soevereiniteit, haar eigen identiteit te grabbel gooit. Dit
geldt ook voor onze relaties met Nederland.
Maar respect en eerbied voor elkaar hoort erbij. Let wel,
met zo een grote blunder, als wat zich in de zaal heeft
voorgedaan, zet je niet alleen de regering van Suriname,
maar ons allen ook te schande.
Om toch nog bij het opportunisme te blijven, het volgende :
Jennifer voelt zich vereerd als ze door de president
gevraagd wordt te helpen om het Constitutioneel Hof op te
zetten. Hij weet immers precies wie te benaderen om te
helpen. Uit ervaringen met het geval van “ laat is laat”
weten wij toch wel dat die mevrouw helemaal niet consequent
is met haar beslissingen. Stabiel is zij zeker niet. Zij
deed in het begin heel erg stoer met haar verklaring om de
verkiezingen niet bindend te zullen verklaren in sommige
kiesdistricten. Maar toen puntje bij paaltje kwam, nam ze
zelf de raarste beslissingen onder het mom van het dienen
van het : “Algemeen belang”.
Ook Albert zal met zijn keuze zijn eigen bedoelingen hebben.
Nederland ligt in Europa, en hoort zeker niet bij de
Amerika’s. Maar een ieder wil carrière maken. Ieder
vooruitstrevend mens wil eens gaan voor de hoogste functie
binnen zijn organisatie. Dat is een nobel streven. En
daarvoor heb je zeer zeker ook kruiwagens nodig. Albert weet
waar die momenteel te vinden zijn. Maar mijne mensen let wel.
Het is echt niet zo dat Suriname en Nederland ruzie hebben
met elkaar. Neen, het zijn de machthebbers van Suriname die
moeite hebben met Nederland.
Naipal.I
De goden hebben hun eigen wetten
Onderscheidingen van staatswege zijn slechts bestemd voor
degenen die zich op bijzondere wijze verdienstelijk hebben
gemaakt voor land en volk. Wij zouden de geschiedschrijvers
moeten raadplegen. Wij zouden moeten nagaan in hoeverre er
hier van een unicum sprake is. Want voor zover ons geheugen
ons kan leiden, heeft dit zich niet eerder voorgedaan. Met
ereonderscheidingen gaat een goede overheid zeer kritisch om.
Onder geen beding zal een regeringsleider, die het toekennen
van ereonderscheidingen als prerogatief heeft, toestaan dat
hier ontwaarding optreedt. Immers, ook voor degenen die eens
werden gedecoreerd zal het stellig onplezierig zijn te
moeten ervaren dat ook zij die zulks niet verdienen, een
ereonderscheiding van staatswege krijgen. Hoe nu om te gaan
met een situatie waarbij bewindslieden, aan de vooravond van
hun aftreden, door de president worden onderscheiden, zeer
waarschijnlijk vanwege hun bijzondere prestaties voor de
natie.
Onder omstandigheden die niet aantonen dat allen zich met
achterlating van goede beleidsresultaten huiswaarts hebben
begeven. Uitzondering zij hier gemaakt voor de weinigen van
het afgetreden kabinet die goed werk hebben gedaan. Absurd
is het dat, aleer beleidsevaluaties zijn gemaakt, de
resultaten en effecten van gevoerd beleid zichtbaar gemaakt
en gemeten zijn, aftredende bewindslieden worden bejubeld en
van staatswege een decoratieve beloning krijgen voor hun
optreden. Dat ministers gedecoreerd worden, terwijl
aantoonbaar te maken is dat velen onder hen gefaald hebben,
moeten wij ten stelligste afkeuren. Het onderwijs is nog
steeds kwakkelend, kwaliteitsverbetering van het ambtelijk
apparaat is bij een concept gebleven, terwijl een mislukte
functiewaarderingsoperatie zonder duidelijke filosofie en
doelstellingen de ambtelijke dienst heeft ontregeld en de
staatsuitgaven op onverantwoorde wijze enorm heeft doen
toenemen. De bevolkingsadministratie is niet gemoderniseerd.
Landbouwers en veehouders zijn niet tevreden over de
beleidsresultaten. De recente chaos op het gebied van het
grondbeleid zal lange nawerking hebben.
Vernietiging van het binnenland is ongebreideld voortgezet.
Bescherming van vrouwelijke werknemers laat nog steeds veel
te wensen over, evenals het genderbeleid. De
Arbeidsinspectie heeft nog steeds te weinig bevoegdheden.
Een minimumloon vaststellen is uitgebleven, onze grote
achterstand op het gebied van ICT-toepassing is merkbaar in
verschillende sectoren van onze maatschappij. Welke de
opvallende ontwikkelingen zijn geweest op het gebied van
handelsbevordering en industrieontwikkeling moeten ons nog
duidelijk gemaakt worden. Enorme schade voor de samenleving
als gevolg van mislukte bruggenbouw. De symbolen staan te
water. Mysterieuze verdwijning van drugs binnen het
politieapparaat, diefstal van brandweerattributen, een
stabiele munt waarin geen vertrouwen bestaat, getuige de
prijsaanduidingen voor goederen en diensten en de vlucht in
vreemde valuta. Grootschalig misbruik van dienstvoertuigen
en brandstof.
Corruptie in de verhuur van transportmiddelen aan de
staat. Ministers die zichzelf op schaamteloze wijze
voordragen als toekomstige beleidsadviseur op het
departement welke hen als bewindvoerder is toegewezen.
Moreel verval in onze samenleving met omvangrijke
kindermisbruik als karakteristiek, tezamen met corruptie en
fraude, de meest vernietigende factoren van onze samenleving.
Bewindslieden zijn door het volk aangewezen om te doen
hetgeen zij plichtmatig te doen hebben. Elke bewindvoerder
die zijn of haar taken naar behoren heeft vervuld, heeft
gedaan wat vooraf is opgedragen. Daarvoor een goede beloning,
daarvoor al die privileges. Daarmee houdt het op. Als volk,
als individuele burger, zullen wij meer dan voorheen
kritisch moeten zijn en niet langer genoegen nemen met
spotgoedkope vertoningen die als kostbare verdiensten worden
uitgekraamd. Elk regiem stelt heldendaden in het
vooruitzicht, het ons bekende cyclisch proces. Achteraf
wordt steeds weer een ontredderd volk achtergelaten. Wij
kunnen als burgers van het land de wetten der goden maar
niet begrijpen. Stanley Westerborg, imocons@yahoo.com
Een goed
milieu in relatie tot het vasten
Moslims leven momenteel in de maand Ramadan. In het
dagelijks leven wordt dat aangeduid als te zijn de
vastenmaand. Over het doel van het vasten wordt er heel vaak
gesproken. Maar naast de reguliere zaken zijn er nog zoveel
andere facetten in het leven van de moslim waar je als mens,
als deel van de samenleving ook terdege rekening mee moet
houden. Een zo een facet is het milieu.
Milieu is een deftig, klassiek en mooi woord. Het is goed
dat we altijd met mooie woorden erover blijven praten, mits
we de echte betekenis en inhoud van het woord niet vergeten.
Milieu betekent letterlijk: omgeving. De omgeving is een
groot geheel die wij in verschillende vormen kunnen zien. We
kennen de smalle en de brede omgeving. De smalle omgeving
voor de mens begint bij het huis en het gezin. Als het
breder wordt, dan beslaat het de straat en de omgeving waar
de persoon woont. Nog breder dan dit omvat het de stad en
het land en zo gaan we door tot het de hele aarde omvat. Het
milieu is voor ons van essentieel belang. Het is voor ons
een kwestie van leven en dood, want ons bestaan hangt er
vanaf. Men dient te weten dat wanneer het milieu bedreigd
wordt, ook ons leven wordt bedreigd. Dus ons milieu is ook
ons leven. Als wij dit goed begrijpen, zullen wij zeker ook
beseffen dat wanneer we voor het milieu zorgen en het schoon
en gezond houden, wij in feite voor onszelf zorgen, voor ons
leven en het leven van onze kinderen en dat van de daarop
volgende generaties. Het spreekt voor zichzelf dat we onze
omgeving schoon moeten houden, want wie wil er in een
vervuild huis omringd met onhygiënische troep blijven wonen.
Laat ons even het smalste milieu bekijken. Wij moeten er
steeds voor zorgen dat onze omgeving schoon en gezond is.
Iedereen moet daar aan meewerken. Maar het zorgen voor het
milieu is geen werk voor een individu, of een enkel volk,
nee! Het is een zorg dat door de grote meerderheid van de
mensheid gedragen moet worden. Een apart volk alleen, hoe
groot en sterk het ook mag zijn, kan dit werk niet alleen
aan. Wij, met z'n allen, moeten bewust gemaakt worden en aan
het werk gaan om iedereen te informeren over de ernst van
deze zaak. Zowel het smalle als het brede milieu beïnvloeden
elkaar. Let wel, als het mis gaat met het smalle milieu,
wordt het brede meteen aangetast.
Hoewel het milieu een groot geheel is, kunnen wij het op een
bepaald moment ook opsplitsen. Het milieu om je heen kan de
ene keer materieel zijn, het kan geestelijk of moreel
milieu. materiele milieu vinden we in onze directe omgeving,
het huis waarin we in wonen, de buren die rond om ons wonen,
de parken, de fabrieken en de wateren rond om ons heen.
Hoe sterk is de invloed van deze omgeving op ons? Heel sterk!
Vooral die van het water. Het belang van het water is niet
alleen dat we het drinken. Nee, het gaat veel verder! Wij
zijn zelfs uit water geschapen. Het voedsel dat we verbouwen
groeit niet zonder water, een groot deel van ons dagelijks
voedsel, vis e.d. komt uit water, kortom ons leven hangt
echt van de staat van het water af.
Koran, 21:30 Zien degenen die niet geloven niet dat de
hemelen en de aarde waren afgesloten, dus spleten Wij hen
open. En uit water maakten Wij al het levende. Willen zij
dan niet geloven?
Wel nu, hoe is de huidige toestand van ons water?
Eerlijkheidshalve moeten wij toegeven dat het met ons water
slecht is gesteld. De meeste van onze rivieren, stranden en
waterbronnen zijn in meer of mindere mate vervuild. Wij doen
wel ons best om verbetering hierin te brengen, maar dit is
lang niet voldoende omdat wat de ene soms verbetert door de
andere teniet wordt gedaan. Water is ongetwijfeld het
belangrijkste element in ons milieu en ons leven. Het
beïnvloedt ons voedsel, de toestand van de landschappen en
bijna alles. Het water bereikt ons via een bijzonder
fascinerend Goddelijk systeem. Het ontspringt uit de diepe
grond, heel lekker zuiver en komt naar ons via rivieren,
meren en dergelijke. Als het zo blijft en de mens gebruikt
het op een verstandige wijze dan blijft het goed. Maar
helaas, de mens raakt soms het gezonde verstand tijdelijk
kwijt door de behoefte aan een snelle en extreem hoge winst.
Kijkt u maar eens naar de wereldbekende Niagara watervallen
die aan het begin, uit gewoon zuiver water bestaat. Vijf en
zestig kilometer verder staat al een waarschuwingsbord met
de tekst: pas op, geen drinkwater. Want het water is door
industrieafval vervuild. In de zeeën zien we dat enkele
soorten vissen en andere zeedieren door de vervuiling
bedreigd zijn. Het water komt naar ons ook via een andere
weg, het dampt uit de zeeën en komt naar ons als regen en we
weten allemaal hoe belangrijk regenwater voor ons is.
Wat niet iedereen weet is dat de tropische regenwouden erg
belangrijk zijn voor het regelen van de regen en voor het
produceren van de voor onze ademhaling zeer belangrijke
zuurstof. Ook die wouden zijn tegenwoordig niet veilig. Door
andere belangen voorop te stellen, werken leiders van
bepaalde landen eraan mee dat vele regenwouden worden
uitgeroeid. Wij mogen niet uit het oog verliezen dat de
ozonlaag die ons voor vele gevaarlijke ziekten behoedt, ook
door het aantasten van het milieu wordt bedreigd. Het zijn
allemaal feiten die bij milieu instanties bekend zijn. Maar
soms sta je met je rug tegen de muur. Er zijn wel velen die
bewust werken aan het in stand houden van een goed milieu en
die ook wel goede resultaten boeken. Deze mensen verdienen
veel respect en bewondering. Het is zaak dat anderen hierbij
de nodige ondersteuning verlenen. Machtige politieke leiders
moeten op een bepaald moment hun prioriteiten gaan verleggen.
Men praat veel over de auto's alsof alles wat met vervuiling
te maken heeft alleen daarvan af hangt. Men vergeet dat een
vliegtuig per dag meer vervuilt dan duizend auto's per maand.
Hiermee bedoel ik niet te zeggen dat autofabrikanten
ongestoord hun gang mogen gaan. Echt niet. Er moeten in dit
verband veel meer zuinige en milieuvriendelijke auto's
gemaakt worden. En andere factor die de oorzaak is van
milieuontwrichting is armoede. Door armoede wordt de mens
immers gedwongen om ter wille van brood voor het gezin,
onbewust mee te werken aan aantasting van het milieu.
Bij de onlangs gehouden internationale milieuconferentie is
gebleken dat de rijke landen niet bereid waren om iets te
doen aan het verbeteren van het milieu. Zij eisen dat de
zeer arme landen even veel moeten betalen als de rijke meest
vervuilende landen. In feite zijn de rijke landen moreel
verplicht nu hun bijdrage te leveren zodat ons milieu
leefbaar blijft. Zij hebben immers ter wille van rijkdom hun
eigen milieu vrijwel totaal vernietigd en kaal gekapt.
In de fase waarin wij nu beland zijn moeten wij met ons
allen proberen ons geestelijk milieu te verbeteren. Onze
moraal moet ons ervan weerhouden het milieu te bederven. Het
moet ons aanmoedigen om ons milieuvriendelijk te gedragen
zodat we rekening gaan houden met onze mede mensen, met de
dieren, met de bomen en de rest van de schepping.
Als mens moeten wij met ons allen bewust zijn van het feite
dat een goed milieu van onschatbare betekenis is voor het
hebben van een goede gezondheid. Koste wat het kost, ons
milieu moet van een gewisse ondergang gered worden. De
leiders van ontwikkelde landen moeten hiervoor de koppen bij
elkaar steken. Wat is er gebeurd met ons morele milieu? Hoe
staat het met ons moraal? Wat is de positie van het gezin in
de moderne samenleving? Heeft het nog enige invloed op de
opvoeding van de kinderen? Hoe worden onze kinderen opgevoed?
Wat leren ze van de omgeving, van de tv etc.?
Eerlijk gezegd, het terug keren naar de moraal is voor ons
een absolute noodzaak. Dit betekent tegelijkertijd terug
naar het geloof, naar Gods woord. Wanneer wij in het bestaan
van een God geloven als Schepper der hemelen en aarde, dan
weten we dat we voor een tijd gasten zijn in Zijn, hier op
aarde. Het minste dat een gast voor zijn gastheer moet doen,
is het in ere houden van zijn huis en respect tonen voor de
verleende gastvrijheid.
Moge de Almachtige Allah ons allen helpen gevolg hieraan te
geven.
De Surinaamse Islamitische Vereniging
Op naar een hechte natie
Na de inauguratie van de nieuwe president en de
vicepresident van de Republiek Suriname is er onmiddellijk
en met veel voortvarendheid gewerkt aan het samenstellen van
een nieuwe democratische regering voor de Republiek
Suriname. Het is een regering die voortvloeit uit een
samengaan van verscheidene politieke partijen die bij de
laatst gehouden algemene, vrije en geheime verkiezingen een
aantal DNA-zetels hebben binnengehaald. Die partijen hebben
nu samen iets meer dan een tweederde deel van het aantal
zetels in De Nationale Assemblee. Indien gedurende deze
regeerperiode er sprake mag zijn van eendracht bij de
benodigde samenwerking tussen de desbetreffende partijen zal
dat ongetwijfeld een ideale aangelegenheid zijn voor het
nieuwe team om dit land te regeren. Het algemene belang zal
hierdoor dan op zijn best kunnen worden behartigd. Het
voornemen van de president om een Constitutioneel Hof geheel
volgens de bepalingen van de grondwet in te stellen, mag als
een bijzondere daad worden beschouwd, aangezien zulks is
nagelaten door voorgaande overheden. Wij weten immers dat
het er al was, maar dat dit om redenen die wij niet hebben
kunnen achterhalen, door de vorige regering nimmer in
werking is getreden. De kundige en integere voorzitter van
het Onafhankelijk Kiesbureau is door de president
uitverkoren om het voorbereidend werk in deze te verrichten
en hem kennende weten wij dat zulks op zeer rationele wijze
zal geschieden. Een innige wens van de samenleving is om het
kiesstelsel of kieswet te herzien. Naar het oordeel van een
belangrijk deel van onze staatsrechtsgeleerden en ook
anderen die zich met deze materie bezighouden, is een
herziening van de grondwet van de Republiek Suriname een
dringende noodzaak.
Er zijn immers bij bepaalde artikelen enkele onvolkomenheden
geconstateerd. Het huidige kiesstelsel leent zich niet voor
natievorming. Integendeel werkt het in dit kader bekeken,
averechts. Zulks was duidelijk waarneembaar in de oude
politieke situatie en wel voornamelijk bij de Uitvoerende
Macht. De Surinaamse samenleving bestaat uit verschillende
rassen die werkelijk broederlijk met elkaar leven. Dit is
een uitvloeisel van het maatschappelijk stelsel onder
Nederland in voorgaande eeuwen, waarbij het was toegestaan
om slaven te houden. Bekend is dat uit Afrika personen naar
Suriname werden gehaald die als slaven te werk werden
gesteld. Ook uit India en Indonesië waren er
contractarbeiders naar Suriname gebracht die zware arbeid
moesten verrichten op plantages. De doelstelling van de
toenmalige Nederlanders was echt niet om een natie voor
Suriname te vormen. De slaven en de contracten waren er
enkel en alleen om zware arbeid te verrichten. Uitsluitend
en enkel het belang van de eigenaren stond op de eerste
plaats. Met het voornaamste doel maximale arbeidsprestaties
te kunnen behalen en om de taalbarrière te kunnen
overbruggen of de eigen tradities te behouden, werd er voor
elk ras een eigen leefgemeenschap gecreëerd.
De oude politiek heeft waarschijnlijk ten eigen bate
en behoud, deze etnische verdeeldheid die door het
toenmalige moederland in stand werd gehouden, voortgezet.
Uit de Surinaamse geschiedenis over de politiek en het
leiderschap van het land blijkt dat trouwens heel duidelijk.
Deze etnische verdeeldheid die al enkele decennia aan de
gang is, is een sta in de weg bij de vorming van een hechte
natie en bij een gedegen economische ontwikkeling van ons
geliefd Suriname. Het is een algemeen bekende wetmatigheid
dat slechts in gevallen wanneer er sprake is van een hechte
natie in een land er een hoge ontwikkeling mag worden
verwacht. Zo merken wij bijvoorbeeld dat sommige bevriende
landen de beschikking hebben over slechts een heel mooi
strand voor het toerisme en zij economisch bekeken veel
verder zijn dan Suriname, die vanwege de aanwezigheid van
haar vele natuurlijke hulpbronnen door de wereldorganisaties
als het 17de rijkste land ter wereld wordt gekwalificeerd.
Die landen hebben,zoals men het heel typerend zegt, de
centjes en Suriname de prentjes. Het is ten zeerste aan te
bevelen dat de huidige en de toekomstige politieke leiders
van dit land intensief gaan werken aan de vorming van een
hechte Surinaamse natie. Het is een dringende noodzaak dat
de oude wijze van politiekvoering met een etnische
verdeeldheid onmiddellijk verdwijnt.
Edward Marbach
Rastaminister is internationale doorbraak
Representatief uiterlijk? Uitstraling? Wat moeten wij
daaronder eigenlijk verstaan? Als wij de internationale
politiek goed nagaan, zien we dat topfunctionarissen
rondlopen met in model geknipt haar en ook nog liters
haarverf verbruiken om jonger uit te zien. Ook hun gezichten
zijn altijd zo spiegelglad wat de indruk zou kunnen wekken
dat zij meer tijd doorbrengen in beautysalons dan dat zij
een regeerbeleid uitvoeren.
De geschiedenis leert mij dat al dat gepriegel aan het
uiterlijk om zogenaamd “representatief” te zijn, afkomstig
is van de Westerse landen die een dergelijk gedrag
standaardiseerden. Waarom zouden wij dan alles zo klakkeloos
moeten overnemen? Of is dit een vorm van mental slavery?
Zelfs het dragen van een jas en een das wordt in sommige
ontwikkelingslanden zoals Suriname gezien als het hebben van
een bepaalde status. In de ontwikkelde landen waar het
klimaat kouder is, zien we dat dragen van een dergelijke
“kostuum” niets te maken heeft met status, maar bescherming
tegen de kou. Zelfs de “have nots” lopen er zo bij rond. Ik
vraag me altijd af als onze ministers het niet benauwd
krijgen om in ons heet klimaat met liefst een zwarte jas
rond te lopen.
Het is dus overduidelijk dat het neokolonialisme nog grote
invloed heeft op vooral onze denkwijze. Dhr. Misiedjan zou
als minister met dreadlocks een enorme doorbraak hierin
kunnen zijn. Suriname zou vooral in Caricom-
verband een voorbeeldige rol kunnen innemen om op deze wijze
te laten zien dat wij ons niet laten beïnvloeden door de
Westerse standaarden, maar ook ons zelf kunnen zijn. Immers
zelfs de Jamaicanen zouden anders gaan piepen na hun kritiek
op onze president omdat het Rastafarigeloof in Jamaica is
ontstaan en voor zover ik heb kunnen nagaan er daar nog
nooit een rastaman een dergelijke kans heeft gekregen.
Ik heb liever een rastaman met dreadlocks als minister die
eerlijk en oprecht het werk doet dan een corrupte minister
die zich verbergt achter een gladgeschoren gezicht en zwart
geverfd haar!
Ik zeg daarom: “Don`t let the system fool you or even try to
school you”! (quote: Bob Marley)
Dinesh Rambaran Mishre
NEPOTISME BINNEN DE VHP
In een lokaal dagblad trok een recent artikel mijn aandacht,
geschreven door de voorzitter van de Algemene Vereniging van
Grond- en Woningzoekenden (AVGB), Dinesh Rambaran Mishre.
Hoewel het niet mijn gewoonte is , wil ik hierop als volgt
reageren. Het is - na onderzoek - correct, dat gedurende het
hele bestaan van de VHP een kleine groep Arya Samaadjies
zijn voorgetrokken, en de grootste groep onder de
Hindoestanen namelijk de Sanatenies verhoudingsgewijs,
constant zijn achtergesteld bij het toekennen van
belangrijke sleutelfuncties. In een radio-interview direct
na het overlijden van Lachmon op 19 oktober 2001, is dit
beaamd door de wetenschapper Jules Sedney. Toen ik dit punt
in eerdere artikelen aan de orde stelde, verzocht men mij om
enige consideratie te betrachten in verband met de
verkiezingen. Bovendien was het niet kies, om in het kader
van de scheiding van kerk en staat dit soort zaken te
bespreken. De achterban van de VHP trekt weg, enerzijds
vanwege de traditionele etnische politiekvoering, en
anderzijds omdat de achterban zich niet meer kan
identificeren met de sleutelfiguren, die diverse functies
genereren. Het huidige bestuur van de VHP functioneert
slecht. Bestuursleden klagen ( niet publiekelijk) dat van de
vergaderingen nooit uitgebreide verslagen worden gemaakt, en
dat het een “one man” show is. Het is begrijpelijk dat vele
jongeren helemaal geen aanknopingspunten meer vinden, om
zich aan te sluiten bij zo’n ouderwetse politieke partij.
Telkens weer wordt een band uitgenodigd om het publiek naar
saaie, veelal baithak gana (populaire volksmuziek) te laten
luisteren tijdens serieuze vergaderingen, van steeds weer
dezelfde muziekgroep. Ook de geestelijke leiders die
voorgaan in gebed, doen dit werk al jaren voor de VHP.
Vernieuwings- en veranderingsprocessen komen maar moeizaam
op gang. Het doel van deze partij is om steeds weer
politieke macht te consolideren, met een elitaire groep die
de teugels strak in handen heeft. Daaromheen dansen enkele
slijmerige loyalisten die snel carrière willen maken en de
leiders op een bijna nederige wijze adoreren. Sommigen
richten soms hun eigen websites op om hun sympathie te
betuigen aan de voorzitter. Ambassades werden volgepropt met
zulke loyalisten, soms ook wel bestaande uit mensen met een
juridische achtergrond die al negatief bekend stonden.
Uiteraard zijn deze lieden de voorzitter dan zeer dankbaar.
Dat de NPS een vreselijke nederlaag heeft geleden, kan ook
de heer Sardjoe worden verweten, omdat hij in een vroeg
stadium op zijn eigen wijze kenbaar maakte dat de VHP het
presidentschap ambieerde. Op alle mogelijke manieren, maakte
de heer Sardjoe zich gereed voor deze functie, terwijl bijna
niemand meer in Suriname hem goed genoeg achtte voor deze
post. Bovendien moet het nu voorgoed afgelopen zijn met de
vriendjespolitiek van de Arya Samaadjies, die er werk van
hebben gemaakt, om constant kritiek te leveren op religieuze
fundamenten van de Sanatenies, maar nooit zichzelf de
spiegel voorhouden. Waarom kijkt gij naar de splinter in het
oog van uw broeder en merkt gij de balk niet op in uw eigen
oog? De achterban van de NPS heeft natuurlijk ook al door
dat het geen zuivere koffie meer is bij de VHP. Het is ook
onbegrijpelijk dat de VHP niet deelneemt in deze regering,
en alleen maar ging voor het presidentschap, dat Sardjoe zo
graag wilde. Het bestuur van de VHP is om vele redenen
daarom niet meer representabel voor de achterban, en moet zo
snel mogelijk worden vervangen, voordat het dezelfde
ontwikkelingen doormaakt als wat de NPS nu is overkomen.
Gelukkig is deze teloorgang voorkomen door grote inbreng, en
het voeren van diverse procedures door de
Vernieuwingsbeweging. Daarom moeten de in gang gezette
ontwikkelingen van deze groep voortgaan, ondanks de vele
tegenwerking die zij ondervinden. Zullen deze geschetste
ontwikkelingen binnen de VHP, mede van invloed zijn geweest,
dat de huidige president van de Republiek Suriname, D.D.
Bouterse, zo weinig Hindoestanen heeft opgenomen in zijn
kabinet?
Robby Roeplall
VHP BESTAAT 61 JAAR EN ZAL
BLIJVEN BESTAAN De heer Dinesh
Rambaran Mishre (DRM), heeft in Dagblad Suriname van
woensdag 18 Augustus onder de kop “ VHP-episode voorgoed
voorbij” geschreven dat het einde van deze nationale
politieke partij in zicht zou zijn. Hij heeft de klok horen
luiden en heeft nagepraat. Wij moeten vaststellen dat de
heer DRM zelf misschien nooit VHP’er kan zijn of zijn
geweest, anders schrijft hij dit niet en wel omdat hij zeker
moet weten dat één van zijn voorvaderen de eerste minister
van Justitie en Politie is geweest voorgedragen door de VHP,
en sindsdien is de VHP altijd in de democratisch gekozen
volksvertegenwoordiging met meerdere leden aanwezig geweest
en is steeds gegroeid. Wij hebben reeds gezegd “DRM heeft de
klok horen luiden maar hij weet niet waar de klepel hangt”.
Weet hij dat het de oprichter van de VHP, J. Lachmon, is
geweest die de democratie heeft teruggebracht in de
Republiek Suriname?
Weet hij dat het ook J. Lachmon is geweest die de
partijpolitiek weer gestalte heeft gegeven door van D.D.
Bouterse in de periode 1983-1985 te eisen dat hij pas aan
gesprekken van Nationale Eenheid zou deelnemen nadat de
andere politieke partijen ook zouden worden uitgenodigd om
deel te nemen? Inzake zijn bewering dat altijd iemand uit de
Arya Beweging voorzitter is geweest die leiding heeft
gegeven aan de VHP, moet gesteld worden dat Jagernath
Lachmon nooit heeft gezegd dat hij Ariër is en in tegendeel
bij alle hoogtijdagen waar de VHP als partij godsdienstige
activiteiten heeft ontplooid, J. Lachmon moerti poedja heeft
gedaan met een Sanatan pandit; DRM moet zich beter laten
voorlichten. Zijn verhaal dat personen uit de Arya Dewaker
gemeenschap altijd de hogere bestuursposten hebben bekleed,
is pertinent niet waar; in de meeste gevallen is de
meerderheid van zowel het dagelijks bestuur als het
voltallig bestuur altijd uit de Sanatan groep afkomstig
geweest, dat logenstraft de bewering van DRM.
Het feit dat 6 van de 8 DNA-leden die in 2010 vanuit de VHP
gekozen zijn, behoren tot de groep Sanatan Dharm, geeft aan
dat DRM niet weet waar hij over praat. Weet DRM waarom vele
Hindoestanen op de NDP hebben gestemd, laten wij hem dit
vertellen. De Arische groep binnen de VHP welke in 1996 haar
zin niet heeft gehad bij het bepalen van een kandidaat voor
vicepresident, zijn weg gelopen en hebben samen met anderen
de BVD opgericht en toch is een Sanatan in de daarop
volgende NDP-regering vicepresident geworden en die groep
moest genoegen nemen met één minister uit de Arische
groepering. In 2000 heeft haast die hele groep zich wederom
aangesloten bij de VHP en deze groep heeft heel goed geboerd
in de 2 opeenvolgende VHP -regeerperioden. Uiteraard kan
niet een ieder tevreden gesteld worden en zijn personen uit
de VHP weggegaan, omdat hen beloofd is geworden door
NDP’ers: ”Stem op NDP (Mega), dan wordt een Hindoestaan
president of vicepresident” waardoor jullie zaken beter
geregeld zullen worden. Dat en alleen dat is de reden
geweest waarom Surinamers van Hindoestaanse afkomst op de
NDP hebben gestemd; echter hebben zij achter het net gevist,
laat DRM de samenstelling van de regering goed onder de loep
nemen dan zal hij achter de waarheid komen. Tot slot moet
DRM weten dat in tegenstelling tot zijn bewering dat de VHP
achteruit zou zijn gegaan, de VHP met 12.000 stemmen is
gegroeid en de achteruitgang van het Nieuw Front absoluut
niet aan de VHP te wijten is maar aan anderen, dan nog heeft
de VHP getoond een betrouwbare partner te zijn en is niet
weggelopen voor een bordje linzensoep zoals DRM had gewild.
VHP is een partij welke gestoeld is op principes, wij plegen
geen verraad, wij werken voor het volk, laat DRM maar nagaan
hoeveel de laatste 2 regeringen waarin de VHP heeft
deelgenomen, in gebieden waar voornamelijk Hindoestanen
wonen heeft gepresteerd, dan zal hij zelf tot de conclusie
komen dat hij de klok heeft horen luiden……..
Tot slot moet DRM weten dat het de VHP is geweest die de
werkelijke verbroedering tussen de etnische groepen heeft
ingezet. DRM, dit is de waarheid en niet het kronkelverhaal
van jouw.
Bij overname Bron vermelding verplicht
/ Dagblad Suriname.
Om deze website te bekijken heeft u
Macromedia Flash player
7.0 of hoger nodig.
Indien uw browser geen scripting support, gelieve de
Java
software te downloaden.