Zondag 19 augustus 2018

Het Openbaar Ministerie heeft in het naderverhoor van de verdachte Jonathan L. gefocust hoe hij het slachtoffer Clarissa Boldewijn heeft gebracht naar Afobaka en hoe hij haar heeft vermoord en begraven. In deze levensberovingszaak heeft de verdachte verklaard dat hij boos was op Clarissa, omdat zij een hoeveelheid drugs van hem had gehad om het vervolgens aan zijn vader te geven. In ruil daarvoor zou de verdachte geld ontvangen. Op 31 december 2016 gaf hij 450 gram drugs aan het slachtoffer. Op 27 januari belde zij hem op. Clarissa wilde Jonathan ontmoeten. Op een dag was hij bezig op zijn manier drugs te verzenden naar het buitenland. Clarissa was ook daar en zij vond dat Jonathan zich forceerde. Toen kwam zij met haar voorstel dat haar vader op elke 100 gram Euro 2000 kan regelen. Hoe haar vader dit verder deed, wist de verdachte niet. De verdachte beweerde dat hij een relatie had met Clarissa. Maar toen hij erachter kwam dat zij met haar neef ging, verbrak hij de relatie. Op 27 januari, de dag van het gebeurde, kwam Clarissa Jonathan ophalen. Zij hadden zulks met elkaar afgesproken. Clarissa zat achter het stuur en reed van Kwatta naar de Afobakaweg. In de wagen bespraken zij de drugstorie. De verdachte blijft erbij dat hij het slachtoffer niet opzettelijk heeft vermoord. Clarissa probeerde hem af te leiden door seks met hem te bedrijven. De verdachte had geen interesse en stootte haar van zich af. Clarissa werd boos en viel Jonathan aan. Op zijn beurt had Jonathan een wielsock gepakt en daarmee het slachtoffer geslagen. Het slachtoffer zeeg neer en kwam nooit meer bij. Uit angst had hij bijna de hele middag tot in de avond met haar doorgebracht in het bos. Uiteindelijk bracht hij het ontzielde lichaam naar de plaats delict en heeft hij haar daar begraven. Op 19 maart komt het Openbaar Ministerie met het strafvoorstel. De verdachte blijft aangehouden.