Vrijdag 19 april 2019

Tijdens de algemene politieke beschouwingen in De Nationale Assemblee (DNA) op 17 januari 2019 heeft de NDP-fractieleider, André Misiekaba, duidelijk gemaakt dat hij geen heil ziet in het ratificeren van de Economic Partnership Agreement (EPA) met de Europese Unie (EU). In zijn optiek riekt deze samenwerking niet naar solidariteit en eenheid binnen de 79 ACP-landen. Voor Sham Binda, voorzitter van de Associatie van Kleine en Middelgrote Ondernemingen in Suriname (Akmos), is deze zienswijze een duidelijk signaal dat de huidige regering een anti-Europees beleid hanteert. Ook de Associatie van Surinaamse Fabrikanten (Asfa), de Federatie van Surinaamse Agrariërs (FSA), de Surinaamse Seafood Associatie (SSA), de Vereniging van Exporteurs van Agrarische Producten in Suriname (VEAPS), de rijstsector en de Vereniging Surinaams Bedrijfsleven (VSB) willen dat Suriname deel uitmaakt van het EPA-verdrag.

In tegenstelling tot Misiekaba ziet Binda geen obstakels om tot EPA toe te treden. “Ik vind de onderbouwing van Misiekaba niet sterk. In principe wekt deze houding de indruk dat de overheid anti-Nederland/anti-Europa is”, beklemtoont Binda in gesprek met Dagblad Suriname. Hij stelt dat elke opportunity voor het vergroten en exploreren van de afzetmarkten voor de Surinaamse producten met beide handen aangrepen moet worden. “Ik snap dus niet wat men wil bereiken door afstand te nemen van EPA. EPA is een regeling waarbij je je producten zonder invoerrechten op de Europese markten kan brengen, alleen wil men nu per land aparte deals maken. Is dat verkeerd? Onze landbouwproducten worden voornamelijk naar Nederland geëxporteerd, terwijl het grootste deel van onze vis afgezet wordt in Amerika en China. Hoe kan EPA dan niet heilzaam zijn voor ons land?” Binda wijst erop dat er een mindshift moet komen binnen de huidige regering. De productiesector krijgt namelijk niet de nodige ondersteuning om uit het economisch dal te klauteren.

KSR