Donderdag 19 oktober 2017

Er is in DNA een opmerkelijke wet in behandeling waarnaar de vakbeweging al een hele tijd heeft gevraagd. Het gaat om de wet die het uitzendwezen in Suriname uiteindelijk zal reguleren. Uitzendbureaus opereren al een hele tijd in Suriname, maar er zijn geen regels die aangeven waaraan deze bureaus gebonden zijn. Het is in de samenleving bekend dat een aantal uitzendbureaus een voorsprong had op de overheid, want deze bedrijven hadden voor zichzelf wel een aantal regels vastgesteld. Nu komt er wetgeving en deze bedrijven zullen dan al voldoen aan de wettelijke bepalingen. Uit de uiteenzetting van de betrokken minister blijkt dat er een hele wildgroei in deze sector is ontstaan. Als we dicht bij de 200 uitzendbedrijven geregistreerd hebben op zo een kleine beroepsbevolking, dan lijkt het er bijna op dat uitzendkrachten de norm zijn geworden en dat mensen niet meer echtsreeks in dienst worden genomen. Op een beroepsbevolking 160.000 personen waarvan 40.000 ambtenaren worden afgetrokken, betekent het dat op 120.000 mensen 200 uitzendbureaus staan. Dat betekent dat op 600 potentiele werknemers en 1 uitzendbureau staat. Dat is inderdaad een enorme wildgroei. Wanneer er teveel uitzendbureaus op de arbeidsmarkt zich voordoen, en de uitzendkrachten zijn ook nog goedkoop, dan ontstaat er een soort natuurlijke samenspanning tussen uitzendbureaus die de werklozen inschrijven en de bedrijven die werknemers nodig hebben (bedrijven die goederen produceren of diensten verlenen). Dat betekent dus dat bedrijven die werknemers nodig hebben en deze ook in dienst kunnen nemen, dat niet zullen doen. Ze zullen gebruik maken van het gemak en de goedkope optie en zij mogen ervan uitgaan dat wanneer de overheid de zaak ongereguleerd laat, bedrijven in die omstandigheden mogen opereren. De uitzendkrachten in Suriname zijn niet verenigd, maar het is algemeen bekend dat deze werkers ontevreden zijn. Een bron van ontevredenheid is de knagende onzekerheid van de baan die elk moment kan ophouden. Een andere bron van ontevredenheid is de ongelijke betaling in vergelijking met andere werknemers, terwijl even hard werkt aan het tot stand brengen van hetzelfde product. Het is bekend dat uitzendbedrijven niet blij zijn met een voorgestelde regel die ervoor moet zorgen dat een rechtvaardige betaling aan de uitzendkrachten wordt betaald. Daarmee wordt dus invulling gegeven aan ettelijke discriminatiebepalingen die in de grondwet en internationale afspraken opgenomen zijn. Een andere bron van ontevredenheid is dat er geen duidelijke verantwoordelijkheden voor een werkgever in de wet waren vastgelegd. Daarvoor is een voorstel gedaan. De impact die deze wet met zich zal meebrengen, is dat de scheefgroei en de wanverhouding op de arbeidsmarkt zal herstellen. De werkgevers, dat zijn de bedrijven die banen tot stand brengen, zullen vanwege de nieuwe marktomstandigheden, werknemers rechtsreeks in dienst nemen. Voor korte behoefte aan arbeid zal men stappen naar uitzendbureaus. Niet moet worden vergeten dat private personen en ondernemingen, als ze een rol willen vervullen in het aanpakken van werkloosheid, via arbeidsbemiddeling de vraag en aanbod op de arbeidsmarkt bij elkaar kunnen brengen. Eenmalig kunnen ze dan een fee vragen aan de werkgever die geholpen wordt aan een werknemer. Opvallend is dat al vanaf de jaren ’60, toen de economische recessie gaande was, er overheidskantoren zijn ingesteld om werklozen te helpen aan het vinden van een baan en ook om werkgevers te helpen aan een werknemer. Wanneer er een enorme wildgroei ontstaat aan soortgelijke diensten, maar met een veel groter gevaar van uitbuiting en ongelijke behandeling en discriminatie van de uitzendkracht (werkzoekende), dan ontstaat de vraag wat de rol van deze overheidsdienst is. In principe had de staat met haar bemiddelingsdienst, vanwege een groter financiële slagkracht, grotere marketingcapaciteit en de decennialange ervaring, zwaar moeten concurreren tegen deze tientallen uitzendbureaus die er voornamelijk zijn voor een winst. Waarom heeft de overheidsdienst niet kunnen concurreren en is de markt weggegeven aan private uitzendbureaus? In alle landen, zelfs de meest liberale, is er aan de ‘public employment office’ een bepaalde belangrijke rol gegeven. Dat zagen we toen laatst in Zuid-Europa de economische crisis toesloeg en er ontslagen vielen. Deze dienstverlening is bijna onbekend in Suriname en dat is 1 verklaring van de wildgroei. Wanneer de staat een dienst niet kan leveren, die het wel moet leveren, zullen ondernemers (niet altijd bonafide) in de gat op de markt springen. Waar de overheidsdienst zich zal leiden door belangen van de kwetsbare burger, zal de private onderneming meer de nadruk leggen op winst. In deze winstbejag komt in deze branche vaak voor dat (onbewust) de uitbuiting en sociale onrechtvaardigheid en ongelijkheid intreedt. Met deze wet kan een aanzet worden gegeven om de arbeidsmarkt weer in balans te brengen. Maar ook hier zal naleving een belangrijke rol spelen. Als de overheid over deze en andere wetten steeds in dialoog is met bedrijven en werknemers, zal de naleving minder problematisch zijn.