Maandag 24 september 2018

Frontfoto2VHP-parlementariër Krishna Mathoera vindt dat minister Patrick Pengel van Openbare Werken, Transport en Communicatie (OWT&C) gelogen heeft door te stellen dat de 24 dienstvoertuigen die bij OWT&C voor reparatie waren opgestuurd, alleen voor sloop geschikt waren. De bewindsman beweerde dat met kunst en vliegwerk door onderdelen te slopen geprobeerd is enkele auto’s van dezelfde merken weer enigszins in rijdende staat te krijgen. Mathoera heeft maandag één van deze zogenaamde slooppolitievoertuigen, een Nissan Frontier, voor de woning van een politieke functionaris geparkeerd gezien. “Wie liegt nu? De politieauto’s rijden nog steeds, maar nu als privévoertuigen met burgerkentekenplaat. Het gaat om dezelfde gestripte, opvallende politiewagens die zogenaamd kapot waren. Dus de voertuigen waren wel in redelijke staat aan OWT&C afgestaan. Wat deed dit voertuig bij de woning van deze politieke topper? Het is gewoon duidelijk dat de bescherming van burgers ondergeschikt is aan privébelangen van regeringstoppers”, zegt Mathoera aan Dagblad Suriname. De VHP’er zei vorige week donderdag in De Nationale Assemblee (DNA) dat de voertuigen die opgeknapt zijn, naar politieke loyalisten en vrienden van ex-minister Jerry Miranda zijn gegaan. De auto’s zijn hard nodig voor de bestrijding van de criminaliteit en moesten ter beschikking worden gesteld van de politie. Pengel zei ook in het parlement dat een paar van deze dienstwagens ingezet zijn voor leden van het managementteam van Miranda. “Waarom moet het managementteam dan met gestripte voertuigen van de politie rijden, nog erbij met privékentekenplaat? Deze zaak riekt naar corruptie”, aldus de politica.

Minister moet precies aangeven hoeveel auto’s nog rijden
De OWT&C-bewindsman zei dat de toenmalige minister van Justitie en Politie, Jennifer van Dijk-Silos, aan haar collega Siegfried Wolff had gevraagd om volgens de comptabele regels de autowrakken te taxeren en te verkopen. Toen Eugene van der San aantrad op Juspol schreef hij een brief hierover aan minister Miranda. In de bewindsperiode van Ferdinand Welzijn is deze kwestie geëffectueerd. “Als de minister zegt dat die auto’s geveild moesten worden, waarom zijn ze dan niet geveild? Want dan zou je toestemming moeten hebben van het ministerie van Financiën, de voertuigen moeten taxeren, openbare bekendmaking moeten plaatsen en in bijzijn van de notaris moeten veilen. Die procedure is niet doorlopen. Als die auto’s geveild zijn, zou dat geld in de staatskas moeten gaan. Het geeft duidelijk aan dat de minister niet de waarheid vertelt. Dit geeft ook aan, dat terwijl KPS een voertuigenprobleem heeft, prioriteit wordt gegeven aan vrienden en partij-loyalisten van de minister. Als alles transparant was, zou de minister precies kunnen aangeven hoeveel auto’s nog rijden en door wie ze worden gereden. Ik had juist van deze minister verwacht dat hij kordaat en corrigerend zou optreden. Hij moet niet mee zitten liegen en verdedigen”, aldus de VHP’er. Het assembleelid vindt het vooral jammer dat zij gelijk na de verklaring van Pengel geen ruimte van waarnemend DNA-voorzitter Melvin Bouva heeft gehad om verduidelijkende vragen aan de minister te stellen. Zij wacht het dossier van de minister nog steeds af.

FR