Zondag 19 augustus 2018

Staatsolie zoekt op de internationale kapitaalmarkt naar geld om eerdere leningen te herschikken. Het openstaande bedrag aan leningsfaciliteiten is ongeveer USD 600 miljoen. Volgens de politicus John van Coblijn is deze leningenzucht van het staatsbedrijf funest voor de economie, omdat hiermee het risico groter wordt dat Suriname verder richting een schuldencrisis zal afstevenen. “Als Staatsolie elke vorm van inzicht en transparantie bereid is weg te zetten om zodoende de regering te helpen om aan honderden miljoenen te komen, dan moet het oliebedrijf begrijpen dat zij de Staat Suriname op een levensgevaarlijk pad brengt. Het pad waarbij er steeds meer verzwarende financiële verplichtingen op onze nek worden gelegd”, zegt de Unopo-trekker aan Dagblad Suriname. Van Coblijn voert aan dat de lening alleen al een forse jaarlijkse rente beslaat van 7,4%, ongeveer USD 40 tot 50 miljoen. “Dit is naast de 50 miljoen die de staat ook al moet aflossen voor een andere dure lening, dus een gecombineerde som van pakweg USD 100 miljoen. Alles wordt opgebracht uit de olie- en goudsector, waarvan de prijzen nog toevallig aantrekkelijk zijn in het buitenland. Onze totale buitenlandse schuld is al ruim de 3 miljard Amerikaanse dollars gepasseerd, terwijl netto op jaarbasis andere sectoren niet eens 100 miljoen dollar opbrengen. Dat zijn forse aflossingen voor een land dat toch wel honderden miljoenen per jaar nodig heeft om tot ontwikkeling te komen. Het gaat om Argentijnse en Venezolaanse situaties. In feite betekent het dat wij alleen werken om schulden aan buitenlanders te betalen”, stelt Van Coblijn.

Nieuwe lening ook voor overname 4,8% overheidsaandelen in Merian-goudoperaties
De nieuwe lening zal ook worden gebruikt voor overname van de 4,8% overheidsaandelen in de Merian-goudoperaties. De overheid heeft in 2016 deels voldaan aan betalingsverplichtingen vanwege Staatsolies participatie in het Merian-goudproject en heeft hierdoor een financieel belang in het project verkregen. Via herschikking van de lening zal Staatsolie, zoals de bedoeling initieel was, dit belang van de overheid tegen een commercieel vastgesteld bedrag overnemen. De politicus benadrukt dat president Desi Bouterse en zijn trawanten vaker erover hebben gesproken dat 50 tot 100% aandelen in goudondernemingen in Suriname altijd van de Staat zouden moeten zijn. “We kunnen zijn fantastische verhalen van de jaren 2000 tot en met 2006 goed voor de geest halen waar hij de samenleving vertelde dat hij de 5% aandelen die Suriname had in Iamgold een schijn was en hij het beter zou doen. Nu dwingt hij de Staat Suriname om afstand te doen van aandelen die de Staat heeft in goudondernemingen. Hij doet dat niet om bedrijfseconomische beginselen, maar om nood. Dit, omdat hij een puinhoop heeft gemaakt van de economie in het land”, aldus Van Coblijn.

Alles wijst erop dat regering verkiezingen wil gaan kopen
“Alles wijst erop dat de regering de verkiezingen wil gaan kopen met dit geld”, zegt de Unopo-trekker. Hij vindt het jammer dat Staatsolie-directeur Rudolf Elias bewust meewerkt hieraan. “We zien hierbij een spel waarbij de directeur van Staatsolie, Rudolf Elias, niets anders geworden is dan een collaborateur, iemand die meewerkt aan het slechte beleid van de regering. Nu heeft Staatsolie zelf de stap ondernomen om ons mede te helpen ons nog verder in een schuldencrisis te belanden. Wij zullen hiertegen hard moeten optreden”, aldus de politicus.

Groot probleem indien middelen consumptief gebruikt worden
De politicus benadrukt dat het pas een goede zaak zal zijn als het geleend bedrag in de vorm van fondsen aan de regering zal worden gegeven om het bedrag van 300 miljoen Amerikaanse dollar uit de internationale obligatielening af te lossen. “Indien dat niet gebeurd en de middelen consumptief worden gebruikt, hebben wij dan een groot probleem. Dan moeten wij bij een verslechterende situatie de vinger echt wijzen naar de directeur van Staatsolie, die mede helpt om dit soort zaken te bewerkstelligen”, aldus Van Coblijn.

FR