Zaterdag 20 april 2019

Onlangs is de regering een krediet aangegaan met de Indiase Export-Import Bank. Daarbij is USD 15 miljoen vrijgemaakt voor de aanpak van de ontwateringsproblematiek in de districten Commewijne, Nickerie en Saramacca. Het ligt in de bedoeling om met de USD 15 miljoen 19 pompen aan te schaffen en te installeren. Voor Soedeshchand Jairam, landbouwkundige/macro-econoom tevens adviseur van het hoofdbestuur van VHP, is deze lening niets anders dan water naar zee dragen. In gesprek met Dagblad Suriname licht hij toe dat de ontwateringsproblematiek niet te verhelpen is door slechts waterpompen te plaatsen.

“Op zo een manier creëer je geen ontwikkeling. Integendeel jaag je het land juist verder in de schulden. We hebben dat al gezien bij de pompen, die ook uit India zijn gehaald en al een tijdje op Wageningen zijn opgeslagen. Er is dus geen garantie dat de nieuwe pompen daadwerkelijk ingezet zullen worden voor de landbouwers.” Jairam voert aan dat ontwatering een planmatige aanpak vereist, welke allereerst begint bij het tijdig opschonen van de kanalen. “Wanneer je de ontwatering wil aanpakken, dien je het structureel te doen. Op het moment dat de kanalen dichtgeslibd zijn, kan de toevoer van water naar de sluis niet plaatsvinden. Dan heeft het geen zin om daar waterpompen te plaatsen. Dus het probleem van ontwatering los je niet op met de aanschaf en installatie van een paar pompen.”

Jairam verduidelijkt dat de overheid de totale infrastructuur moet meenemen om de ontwateringsproblematiek tot het verleden te laten behoren. Daarbij doet het geen kwaad om institutionele voorzieningen te scheppen om het onderhoud van de waterschappen te garanderen. “Dat dit tot nu toe niet het geval is, is te wijten aan onbehoorlijk bestuur. Daarom zou het goed zijn om organisaties in het leven te roepen, één ter onderhoud van de kanalen en één ter onderhoud van de pompen”, aldus Jairam.

KSR