Zaterdag 16 maart 2019

Het feit dat verschillende ex-ministers maanden tot zelfs jaren na hun aftreden nog steeds in dienstauto’s rondrijden, is volgens advocaat en gewezen assembleelid Harish Monorath, mede te wijten aan de schuld van de regering, waaronder zittende ministers. Deze ministers van het kabinet hebben altijd de mogelijkheid om dienstvoertuigen van hun voorgangers terug te halen, wanneer deze dringend nodig zijn. Echter, daarvan wordt in de praktijk nauwelijks gebruik gemaakt. “De nieuwe minister kan een dienstvoertuig onmiddellijk intrekken. Het feit dat verschillende ex-ministers maanden tot zelfs jaren na hun aftreden nog steeds in dienstauto’s rondrijden, is niets anders dan een courtesy (gunst, red.) vanuit de regering naar deze groep toe. Dat kan soms ook gebaseerd zijn op willekeur”, benadrukt Monorath tegenover Dagblad Suriname. Dit is volgens hem vaak ook de reden dat politici die minder dan een jaar hebben gediend als minister of onderminister, ook rondrijden in staatsauto’s. Het is volgens hem slechts hoffelijk dat de regering bij de wisseling van de wacht niet direct alle voertuigen intrekt van de ex-ministers.

Gewezen ministers en onderministers die hun ambt gedurende tenminste een jaar hebben vervuld, behouden voor de duur van zes maanden alle voorzieningen die zij hadden als minister. Hieronder vallen ook een auto, brandstof en een persoonlijke chauffeur in dienst van de Staat. Deze regeling kwam van ex-president Ronald Venetiaan. In De Nationale Assemblee worden de afgelopen jaren regelmatig namen van ex-bewindslieden genoemd die misbruik maken van deze regeling en zelfs na de wettelijk toegestane periode nog steeds gretig gebruik maken van staatseigendommen. Het ligt volgens Monorath aan de regering om hieraan een einde te maken.

FR