Dinsdag 28 maart 2017

Toen ik in januari 1990 werd gebeld met de boodschap dat ik mijn eerste concessiebeschikking voor zandexploitatie aan de Afobakaweg kon ophalen op het Domeinkantoor, had ik niet kunnen vermoeden dat ik in 2017 door deze concessie terecht zou komen in een milieu vol criminelen, speculanten, oplichters, duistere éénmans stichtingen en zelfs lieden van buiten, die condities creëren om in januari 2017 een slachtoffer van moord in mijn concessie te begraven. Het is voor mij als burger zonder enig strafblad een nieuwe ervaring, die helaas mogelijk werd door lieden met een niet te stillen grondhonger, die zonder enig probleem hun ouders zullen vermoorden voor hun percelen, indien de pakkans betrekkelijk klein is. Concessies voor de exploitatie van natuurlijke minerale bouwmaterialen, meestal zand en grind, worden voor een periode van slechts drie jaren door de overheid verstrekt. De reden daartoe is dat de overheid op de hoogte wil blijven van de vaak dagelijks optredende veranderingen in het landschap en het milieu, vanwege de afgravingen. De aanvraag tot verlenging van het mijnbouwrecht moet binnen drie maanden voorafgaand aan het verlopen van het recht ingediend zijn bij het ministerie van Natuurlijke Hulpbronnen, NH. De overheid bindt zich echter niet aan een vaste periode om de verlengingsbeschikking te verstrekken, en trekt vaker een vol jaar of meer er voor uit. Er is daarom in dit verband terecht ook een regeling opgenomen, die de betrokken concessiehouder toestaat om in de periode van behandeling van zijn aanvraag gewoon door te gaan met werken en mijnen in het gebied, totdat eventueel de beslissing genomen wordt, dat zijn concessie wordt verlengd, of dat die wordt ingetrokken. Het is echter deze gedoogperiode van mijnen zonder een formeel vernieuwd mijnbouwrecht, die gebruikt wordt door speculanten en grond- geboefte om hun plannen voor overname van het gebied vorm te geven. Zij dienen juist in deze periode een aanvraag in, betreffende iets anders dan mijnbouw, bijvoorbeeld grondhuur voor landbouw van het zelfde gebied. Dat doen zij bij een ander ministerie, het ministerie van LVV of bij ROGB. Ze weten dat de aanvraag van de mijnbouwconcessiehouder in behandeling is bij NH, maar ze kijken de andere kant op. Om hun zaak te versnellen betalen ze vaker ambtenaren om die zaak sneller af te ronden dan het ministerie van Natuurlijke Hulpbronnen. Door hiaten in de communicatie tussen de betrokken ministeries, kan het gebeuren dat de beschikking van het nieuwe grondhuurrecht bij LVV voor landbouw, zonder overleg eerder afgerond is dan die van de mijnbouwverlenging bij NH. Er worden dan advocaten ingeschakeld om de nieuwe beschikking te verdedigen en de oude concessiehouder te laten afvoeren, of in het veld te intimideren met ingehuurd crimineel ingesteld en bewapend personeel. In juni 2015 stond ik voor het eerst van mijn leven bij de poort van mijn woning oog in oog met een deurwaarder in functie, die per brief van een advocatenkantoor mij sommeerde om binnen 7 dagen mijn mijnbouwconcessie van sinds 1990 te verlaten, ten gunste van de stichting Macro Development van Mohamed Jonas S. die er kasjoe en bananen zou gaan planten. Later bleek dat mijn stukken van de door de minister reeds getekende en aan mij verstrekte concessiebeschikking wel waren ingeschreven bij de GMD, maar niet op het hypotheekkantoor. De stukken waren onderweg intern miraculeus verdwenen. Een in mijn archief opgeslagen schriftelijke opdracht van de directeur van het ministerie van NH om de stukken binnen het hypotheekkantoor op te zoeken en af te handelen, werd niet met een positief resultaat afgerond. Met de tien jaren na mij voor de eerste keer ingediende stukken , dus in het jaar 2000, claimt de stichting waarvan de naam intussen is veranderd van Macro Development naar de hindi naam Chanderkala Radjes, een groot deel van mijn gebied uit 1990. De stichting plant er geen bananen, maar heeft houtexploitanten en houthandelaren gefaciliteerd, die grote vernielingen aanrichten op dat deel van mijn concessie, inclusief de delen die ik al 30 jaren gebruik voor training van studenten van de universiteit in veldgeologie. Meerdere stafmedewerkers van de betrokken ministeries die als student ooit in dit zelfde gebied stages hebben gelopen, hebben in persoonlijke gesprekken met mij, op hun initiatief, hun afkeuring over deze handelwijze uitgesproken. In het kort komt het er op neer dat grondspeculanten gebruik maken van de periode die de overheid nodig heeft om op het ene ministerie een verlenging in orde te maken, op een ander ministerie dezelfde gronden aan te vragen, en om dan onmiddellijk, nog voor de eerste verlenging afgerond is, administratief de tweede af te ronden en beheersdaden te verrichten, waarvan enkele onomkeerbaar zijn. Het lijk van een in januari 2017 vermoorde universiteitsstudente werd op het door de stichting Chanderkala Radjes geclaimde gebied aangetroffen. Ook een gestripte Kubota-tractor en een afgebrande Mark 10 waren er eerder ook. Ik beschik over foto’s van een voor mij geleverde partij bouwhout op de concessie voor de opzet van een werkkeet, en ook de foto’s van die door “anderen” in brand gestoken en totaal verkoolde partij hout, naar nu achteraf gebleken in de heractiveringsperiode van Macro Development in dit gebied. Dit zijn tekens dat Suriname is afgegleden tot het niveau waarin vernieling, diefstal, corruptie, omkoperij en moorden , zaken van het normale leven lijken te gaan worden. Ik hoop dat de lokale banken of andere financieringsinstellingen van de genoemde stichtingen zich realiseren, dat zij een groot risico genomen hebben met het verstrekken van de in officiële overheidsdocumenten vermelde 200.000 euro aan deze groep, die tot nader order gronden van derden bezet houdt bij km 55 van de Afobakaweg. Het gebied dat zij echt aangevraagd hebben bevindt zich n.l. binnen het terrein van het politieopleidingscentrum voor schietoefeningen te Kraka, dus bij km 58, zoals destijds vermeld in mijn deurwaardersexploot. Ze durven daar wel niet naar binnen bij de politie tijdens trainingen met automatische wapens. Als concessiehouder van een gebied bij km 55 heeft het ministerie van NH nooit reden gehad om mij van de plannen van deze stichtingen op de hoogte te stellen, omdat het gebied 3000 meters verder is, dus net iets korter dan 30 voetbalvelden op rij. Een ambtenaar uit de hogere midden ranking ,betrokken bij de behandeling van deze zaak, was van mening dat percelen van nabij km 58 en nabij km 55 zeer dicht bij elkaar waren, en dat de fout van 3 km op de kaart geen ernstige gevolgen mag hebben. Ik hoop dat de financierder of bank wel een verschil ziet. Correction fluid ,om de 58 te veranderen in 55, helpt op deze officiële documenten ook niet meer. Een bedrag van 200.000 euro’s is voldoende om ruime smeergelden uit te betalen, maar het zal ook in het Suriname van nu ,2017, niet ingezet kunnen worden om het rechtssysteem ten gunste van Macro Development te beïnvloeden.

Drs. Eddy Monsels