Zaterdag 22 september 2018

De Surinaamse overheid is al decennialang een overheid met een begroting die het karakter draagt van een bodemloze put omdat het grootste deel van de begrotings middelen niet efficiënt en niet doelmatig gebruikt worden. Het Surinaams politiek leiderschap is de enige op de wereld die excelleert in het kweken van parasieten in plaats van het stimuleren van productie en ontwikkeling.
Vanwege het gebrek aan een echt serieus ontwikkelingsbeleid heeft de Surinaamse overheid dus in tijden van lage opbrengsten uit de mijnbouwsector altijd een gebrek aan geld. Eigenlijk heeft de Surinaamse overheid, dus de Surinaamse economie, sinds het einde van de Tweede Wereldoorlog haast constant een tekort op de drie belangrijkste balansen namelijk de begroting, de betalingsbalans, en de monetaire balans. Men schijnt maar niet te kunnen begrijpen dat in tijden van een gebrekkige en structurele negatieve economische groei je te maken krijgt met toenemende minder opbrengsten uit de belastingen. Corruptie en verspilling zorgen ervoor dat de Surinaamse overheid het karakter draagt van een neger huishouding.
Nu gaat de minister van financiën extra inkomsten binnenhalen uit met name onroerendgoedbelasting. Van bezuinigen en saneren hebben ministers van de creools nationalistische cultuur nooit gehoord. Immers smijten met geld is hun cultuur. Dus men gaat nu van een kale kikker proberen zoveel mogelijk veren te plukken.
Echter om beleid te kunnen maken op nationaal niveau, dien je te beschikken over een ruim, breed en diep denkkader. Een academische titel of PhD is niet voldoende. Mijn lezer daarvoor “A PhD is not enough” van de schrijver Peter J Feibelman.
In elk geval velen hebben voor deze minister ook het plan opgevat om onroerendgoedbelasting te heffen maar hebben elke poging zien mislukken.
De reden daartoe zijn velerlei. Vaak heeft men veelal geen benul van wat onroerendgoedbelasting eigenlijk inhoudt waarvoor en waarom het geheven wordt en hoe het in de praktijk toegepast wordt. Daarnaast zijn er de etnische perikelen omdat bij vele creolen de opvatting heerst dat de meeste grond in handen is van hindoestanen. Voor wat betreft landbouw cultuurgrond dat is grond dat in cultuur is gebracht gaat dat wel op. Echter wie op een kaart van de dienst der domeinen gekeken heeft die zal bewerken dat de creoolse partijen het meest gesjoemeld hebben met grond. Creools kader koopt geen grond ze krijgen het van hun politieke bonzen. Hindoestanen en Javanen en Chinezen kopen grond. Voor wie worden door de overheid huizen gebouwd in Suriname. Niet voor de Aziaten.
Om terug te komen op het onderwerp onroerendgoedbelasting is in de eerste plaats een bestemmingsheffing en wordt in de praktijk toegepast op lokaal en regionaal niveau, dus niet vanuit de centrale overheid. De opbrengsten van de onroerendgoedbelasting worden veelal gebruikt om de infrastructuur in de betreffende gebieden op peil te houden en zijn derhalve wetmatig daarvoor bestemd. Ze zijn dus niet bestemd voor de algemene pot van de minister van Financiën die daarmee al die gaten die hij gemaakt heeft kan gaan vullen. In de tweede plaats zijn in de meeste landen, ook in het Caraïbisch gebied, gronden van kerken en religieuze organisaties, begraafplaatsen en landbouwgronden uitgezonderd.
Beschaafde landen beschermen hun landbouw daarom heeft U te eten.
Suriname is een echte FOOLS PARADISE. De gemeenten waar rijke mensen wonen zijn daarom in de beschaafde landen voorzien van een zeer goede infrastructuur terwijl de infrastructuur in de arme wijken er heel slecht uit ziet.
Nu begrijpt U waarom.

Richard B. Kalloe