Zondag 19 augustus 2018

Het kort geding betreffende de abrupte dienstbeëindiging van onderwijsgevenden, die verbonden zijn aan Stichting Onderwijs der Evangelische Broedergemeente in Suriname (EBGS), zal op donderdag voortgezet worden. Er zal dan een tussenvonnis plaatsvinden. Dit bevestigt de benadeelde onderwijsgevende Ahilia Welles tegenover Dagblad Suriname. Tal van leraren zijn 2 weken voor de aanvang van het schooljaar 2017/2018 met een dienstbeëindiging geconfronteerd. Hiervan hebben 4 leraren via de Bond van Leraren (BvL) en Alliantie van Leerkrachten in Suriname (ALS) een rechtszaak aangespannen tegen EBGS.
In november 2017 kwam aan het licht dat EBGS verzuimd heeft om de juridische regels in acht te nemen bij het brodeloos maken van deze leraren. Om een medewerker te ontslaan, geldt er namelijk een bepaalde procedure voor de werkgever. Zo dient er een vergunning aangevraagd te worden bij de Ontslagcommissie van het ministerie van Arbeid. Nadat zo een vergunning verstrekt is, mag de werkgever overgaan tot de dienstbeëindiging. Achteraf bleek dat EBGS pas op 15 november 2017 een ontslagvergunning heeft aangevraagd, terwijl leraren reeds in september 2017 zijn ontslagen. Het bestuur van BvL/ALS eiste om die reden dat de financiële schade vergoed wordt door EBGS. Deze kwestie zou uiterlijk 15 december 2017 beslecht worden, echter werd het wegens omstandigheden verdaagd naar 15 februari 2018. “Ik heb geloof in de wet en de uitspraken van de rechter. Ik weet dat ik niet verkeerd ben, ook al heeft men geprobeerd om mij belachelijk te maken en onbevoegd te noemen. Ik ben in het bezit van mijn diploma. Daarom geloof ik dat de rechter naar eerlijkheid en rechtvaardigheid een besluit zal nemen”, aldus Welles.

KSR