Paramaribo - De overwinning van Barack Obama bij
de Democratische voorverkiezing in de Amerikaanse staat Iowa
is een overwinning van beredeneerd optimisme. In een week
waarin het Surinaamse politieke debat wordt beheerst door
persoonlijke aanvallen en vormen van moreel verval, dringt
een vergelijking zich op. Democratie kan op meer dan één
manier. De senator uit Illinois, die in 2004 het nationale
toneel opstormde tijdens de Democratische Conventie in
Boston, heeft na tien harde maanden campagne voeren al
ervaring opgedaan met standpunten innemen, kritiek
incasseren en doorbijten waar een Surinaamse politicus
zelden aan toekomt. Daar kan die Surinaamse politicus niets
aan doen, maar hij kan zich wel door laten inspireren.
Alles kan nog anders lopen, maar Obama heeft moeten bewijzen
dat hij meer is dan een spandoek met ‘hoop’ en
‘verandering’. Iowa praktiseert een vorm van stemmen met de
voeten: betrokken burgers komen naar zalen waar zij zich
scharen bij voorstanders van een bepaalde kandidaat. Dan
volgen pogingen om groepjes over te halen naar de eigen
hoek. Als de klok slaat, blijkt wie per district de meeste
burgers heeft overtuigd. De noordoostelijke staat New
Hampshire is als tweede aan de beurt geweest op de
voorverkiezingsagenda en heeft juist mevrouw Hillary Clinton
laten winnen met een verschil van 3 % met Obama. In beide
‘vroege’ staten was de campagneactiviteit intens. Alleen al
in Iowa (ongeveer zo groot als Suriname, maar wel met 6 keer
zoveel inwoners (3 miljoen)) hebben de kandidaten 40 miljoen
dollar aan propaganda uitgegeven.
Per dag werden de laatste maanden duizend tv-spots
uitgezonden. Maar het echte wonder is de betrokkenheid van
zo veel mensen bij de vragen waar het land voor staat. De
politieke discussie in Iowa was serieus, een tikje
argwanend, niet snel tevreden. Omdat Iowa vaak de toon zet,
doorkruisen politici de staat maandenlang. De kiezers
luisteren naar drie, vier, vijf kandidaten, die – letterlijk
– in huiskamers hun verhaal komen vertellen en verdedigen.
Oppervlakkigheid wordt hier afgestraft. Niemand kan
president van de Verenigde Staten worden zonder in die
besneeuwde dorpsbijeenkomsten van Iowa en New Hampshire de
tegenspraak van honderden onderwijzeressen, brandweermannen
en assuradeuren te hebben doorstaan.
Deze vorm van retail politics, in directe omgang met de
kiezers, missen lijsttrekkers in Suriname. Laat staan dat de
volgende kandidaten op lijsten voor DNA avond aan avond aan
de tand zijn gevoeld over van alles. Als ministers,
DNA-leden, districts- en ressortraadsleden, hun stoel
moesten verdienen en verdedigen door zich regelmatig te
verantwoorden jegens burgers met reële vragen, dan zouden
zij nog steeds afwegingen tussen tegenstrijdige belangen
moeten maken en minder snel meedoen met allerlei onzin. Het
zij zo, maar ook binnen de bestaande spelregels in de
nationale en lokale politiek kan democratie meer zijn. Iowa
en Barack Obama gaan ons voor. Een verkiezing trekt vooral
meer, niet minder, ontevredenheid over de beleidsresultaten
omhoog.
Beleid moet worden gemaakt door overtuigingskracht, en daarom
zegt Obama regelmatig dat hij wil vertellen wat de mensen
dienen te horen, niet wat ze willen horen. Hij wil dus de
mensen dienen door minder het eigenbelang van de politieke
klasse te laten groeien. Bijvoorbeeld: ieder DNA- en
districtsraadslid een zaterdags spreekuur in het eigen
district. Vraag een gemiddeld geïnteresseerde Surinaamse
burger om tien DNA- en districtsraadsleden te noemen. Het
zal zelden lukken. De Amerikaanse voorverkiezingen bewijzen
het: ‘it takes two to tango’. Kandidaten moeten stad en land
afsjouwen en zich in ieder schooltje, huiskamer of
restaurant verklaren. Maar je hebt ook burgers nodig, die de
moeite nemen zich op te winden. Of Amerikaanse politici
beter luisteren dan Surinaamse politici, zouden we niet
durven zeggen, maar ze hebben duidelijk veel meer direct
contact met hun kiezers. Mijn argument is dat Suriname zeker
van de Amerikaanse voorverkiezingen kan leren. Maar de
oplossing zal liggen in een combinatie van de huidige
traditie van een sterke grondwet, die we in Suriname nog
niet kennen, met een versterkte populaire instroom van
burgers in de politieke partijen.
Dit is waarschijnlijk de beste manier om apathische en
sceptische representatie in ons land te doorbreken. Alleen
in de Amerikaanse Democratic Party is nu bewezen dat de
mensen de macht hebben door in grote getale op te dagen en
door hun mogelijkheid om elkaar te overtuigen, en niet
zozeer door naar de elites binnen de partijen te luisteren.
De kandidaten die miljoenen krijgen van het bedrijfsleven om
het circus te doen plaatsvinden, kennen een keerzijde. Heeft
er dan uiteindelijk eentje gewonnen, dan krijgen de belangen
van de geldschieters voorrang, niet die van de burgers. Het
zou mooi zijn als de burger in ieder geval nog de
rechtsstaat te hulp konden roepen. In Duitsland bestaat de
mogelijkheid om een wet te laten toetsen aan de grondwet. In
de VS zijn zelfs de hoogste politici strafrechtelijk
verantwoordelijk. In Suriname bestaat niets van dat alles,
zodat het overheidsapparaat verwordt tot geparfumeerde zeep:
het ruikt lekker, maar ontglipt je altijd tussen de vingers
als je er echt greep op wil krijgen.
Banner pagina
Bij overname Bron vermelding verplicht
/ Dagblad Suriname.
Om deze website te bekijken heeft u
Macromedia Flash player
7.0 of hoger nodig.
Indien uw browser geen scripting support, gelieve de
Java
software te downloaden.