Nationaal
>
Hassankhan verdedigt priveleges hoge ambtsdragers
Geplaatst:
29/07/2010
Paramaribo - De regeling
van medische voorziening voor ministers, de president en de
vicepresident is de enige regeling waarmee deze aftredende regering
zich heeft beloond. Dit was noodzakelijk, omdat na een jaar van
aftreden van de president, vicepresident en de ministers er geen
medische voorzieningen waren gegarandeerd voor deze
hoogwaardigheidsbekleders. Dit is wel het geval bij de rechterlijke
macht, evenzo voor directeuren en onderdirecteuren van de
verschillende departementen.
Voor de rest zijn de zaken opgesomd in de media waarmee de regering
zich fors beloond zou hebben, reeds in gebruik. “Het zijn zaken die
een ondersteuning vinden in de wet en voor een deel gebaseerd zijn
op bestendig gebruik.” Minister Maurits Hassankhan van Binnenlandse
Zaken belegde gisteren een persconferentie om de resoluties toe te
lichten namens de regering en in te gaan op de verschenen berichten
in de media, als zou de aftredende regering zich vorstelijk hebben
beloond.
De twee resoluties werden op 29 juni 2010 getekend. Dit maakt het
mogelijk dat het aftredende regeerteam gedurende een periode van zes
maanden van een aantal voorzieningen zal genieten. Volgens minister
Hassankhan is het noodzakelijk dat er een overbruggingsperiode van
zes maanden in acht genomen wordt.
De noodzaak van de resolutie was om de bestaande regelingen
officieel te maken en de onzekerheid die leefde bij de
hoogwaardigheidsbekleders weg te werken. Ook de nieuwe regering zal
hiervan profijt hebben, want alles is nu geordend en er zal bij hen
geen onzekerheid meer hoeven te bestaan.
Enkele van de priveleges naast de medische voorzieningen zijn een
auto met chauffeur en brandstof, beveiliging (zowel object- als
subjectbeveiliging), een vaste telefoonverbinding en een mobiele
telefoon met geheim nummer, faxapparaat, internet inclusief ADSL, 1
of 2 tuinmannen, 1 of 2 schoonmaaksters (voor president en
vicepresident), bijstand van Buza bij buitenlandse reizen, VIP-behandeling
op de Johan Adolf Pengel Luchthaven en een diplomatiek paspoort. Dit
alles op kosten van de Staat.
Santi Sieuw
▲
Boven