Nationaal
>
Suriname staat machteloos tegen namaakproducten
Geplaatst:
31/01/2008
Paramaribo - Suriname
kent geen wetten om de import van namaakproducten tegen te gaan en
staat derhalve machteloos hiertegen. Behalve wetteloosheid op dit
stuk, beschikt het ministerie van Handel en Industrie (HI) niet over
de nodige knowhow en apparatuur om uit te maken of geïmporteerde
producten origineel of namaak zijn.
Momenteel wordt Suriname door producenten van grote merken gezien
als een doorvoerland van namaakproducten uit vooral China naar het
Caribische gebied en Zuid-Amerika. Grote merken als Dove, Nivea en
Zwitsal stellen door deze situatie veel verlies te lijden, terwijl
Suriname vanwege zijn lakse houding een slecht voorbeeld is voor de
internationale handelsgemeenschap.
Als minister Clifford Marica van HI met deze zaken wordt
geconfronteerd, zegt hij dat in bepaalde gevallen wel wordt
opgetreden.
Wanneer de moedermaatschappij kan bewijzen
het alleenrecht te hebben op een bepaald product en naast het
originele product er nepproducten ten verkoop worden aangeboden, kan
HI wel ingrijpen en deze producten uit de schappen halen. De
bewindsman kon niet aangeven op grond van welke wetsartikelen
geïmporteerde goederen uit de schappen worden gehaald. ‘We
importeren goederen’, legt Marica uit. ‘We importeren geen
nepgoederen of namaakgoederen. Die goederen komen ergens vandaan.
Wat er is, is dat aan bepaalde merken eigendomsrechten verbonden
zijn. Wij zijn met onze wetgeving nog niet zo ver dat wij zouden
kunnen controleren op merken. Waar wij wel voor moeten waken is dat
wij kwaliteitsproducten krijgen en geen inferieure producten.’
Op 10 oktober van het afgelopen jaar attendeerde DBS de HI-minister
op dit probleem. Hij erkende dit probleem en zei dat het ministerie
een conceptwet ‘consumentenbescherming’ voorbereidt. De minister
bekende toen dat HI geen dwangmiddelen heeft om keihard op te treden
tegen handelaren die inferieure en nepproducten bij de vleet
importeren. ‘Maar we hebben de consumentenbeschermingswet in
voorbereiding’, zei hij toen. Eerst zou prioriteit gegeven worden
aan de Mededingingswet boven de Consumentenbeschermingswet. Tot nu
toe hebben geen van deze twee conceptwetten De Nationale Assemblee
bereikt.
Gregory Rijssen
▲
Boven