Nationaal
>
Suriname moet profiteren van toerismeprogramma
Geplaatst:
08/02/2008
Paramaribo - Minister
Richel Apinsa van Transport, Communicatie en Toerisme heeft op 31
januari in Madrid geparticipeerd in de 2e vergadering van ministers
en of hoge autoriteiten van toerisme van de Acto-landen. Op de
agenda stond onder meer de lancering van het project Destination
Amazonia Year 2009 en de presentatie van de resultaten van een
onderzoek naar de bekendheid met het Amazonegebied onder
touroperators in Europa.
Met deze meeting wil de organisaties op
ministerieel niveau consensus bereiken voor haar activiteiten om
daarna verder te gaan met de uitvoering. Belangrijk in dit kader is
het “Project Destination Amazonia Year 2009”,dat tijdens de eerste
meeting van de toerismeministers in Berlijn is geïntroduceerd met
het doel om het Amazonegebied meer bekendheid te geven als
toerismebestemming ter bevordering van de toeristenstroom..
Er is al gestart met een onderzoek naar de bekendheid van het
Amazonegebied bij Europese tourbedrijven. Voor Suriname is de
uitkomst dat wij nauwelijks bekend zijn als Amazoneland. De lage
score voor Suriname is mede te wijten aan het feit dat het onderzoek
niet in Nederland heeft plaatsgehad, wat ook door de Surinaamse
delegatie is benadrukt. Uit het onderzoek is voorts naar voren
gekomen dat de Europeaan het gebied te ver afgelegen vindt en er
niet voldoende goedkope verbindingen zijn.
Minister Apinsa heeft te kennen gegeven dat het wel nodig is dat de
organisatie ervoor zorgt dat Suriname voldoende belicht wordt om
zodoende geen kansen te missen. Eventuele financiële bijdragen voor
het promoten van het gebied dienen tijdig naar de lidlanden
doorgecommuniceerd te worden.
De eerste activiteit in het kader van het project is het verstrekken
van informatie aan alle ambassades in Brazilië. Voorts wordt er
gewerkt aan een merknaam voor het gebied middels welke de promotie
en verkoop van tours naar het gebied zullen plaatsvinden. Het
voorstel is tevens gedaan om een technische commissie te installeren
die de voortgang van het project moet monitoren aangezien de
ministers niet overal zullen kunnen participeren als eenmaal de
activiteiten zullen toenemen.
▲
Boven