Nationaal
>
Indra
Djawalapersad:
‘Waarom zoveel ambtenaren in dienst?’
Geplaatst:
04/02/2008
Paramaribo - Naar
aanleiding van het gunnen van de opschoning van kanalen door het
ministerie van LVV aan aannemers vraagt de gewezen
parlementsvoorzitter Indra Djawalapersad zich af waarom er zoveel
ambtenaren in dienst zijn op de ministeries van Landbouw, Veeteelt
en Visserij, Openbare Werken en Regionale Ontwikkeling. Het
opschonen van kanalen regardeert namelijk deze drie ministeries. Het
gunnen van schoonmaakwerken heeft onlangs als gevolg gehad dat de
aannemer een uiterst gevaarlijk middel, 2-4 D, heeft gebruikt
waardoor vele landbouwers duizenden SRD schade hebben geleden.
Djawalapersad kan zich beslist niet indenken dat in het contract
staat dat de aannemer wel gebruik kan maken van het middel
Glyfosaat. ‘Ik begrijp het niet. Jaren geleden werden de kanalen
schoongemaakt door ambtenaren van het ministerie van LVV, RO en OW.
Alles werd handmatig gedaan om de volksgezondheid niet in gevaar te
brengen.’ De gewezen parlementsvoorzitter blikt terug op de periode
voor de algemene, vrije en geheime verkiezing in mei 2005. In die
periode zijn er duizenden personen in dienst genomen, verspreid over
de drie ministeries. ‘Er zijn zoveel mensen in dienst genomen dat de
wijkkantoren overvol zijn. De personen hebben niet eens ruimte om te
zitten. En andere mensen moeten gewoon thuis blijven omdat er
simpelweg geen werk voor ze is. Ik vind dit een zeer ernstige zaak.
Al die personen die in dienst zijn, worden maandelijks normaal
uitbetaald.’
Volgens Djawalapersad is het gevaar nog lang niet geweken. Ook niet
met de vernietiging van de aangetaste gewassen. ‘Niemand praat over
wat er met dat water van de kreken die zijn bespoten, gebeurt. Het
gaat om stromend water waar personen gebruik van maken. Dit water
wordt door huismoeders in deze droge periode zelfs gebruikt voor de
huishoudelijke werkzaamheden.’ Zij zou het bijzonder op prijs
stellen wanneer het ministerie effectief en daadwerkelijk invulling
geeft aan de voedselveiligheid die hij pretendeert. Het pretenderen
van voedselveiligheid kan beslist niet gepaard gaan met het gunnen
van werken voor het schoonmaken van kanalen. Dat dient handmatig te
geschieden zonder het gebruik van een herbicide. Zij verduidelijkt
dat het ministerie voldoende ambtenaren in dienst heeft om kanalen
handmatig schoon te houden. ‘Wanneer de kanalen weer met een
herbicide worden schoongemaakt, is alle poeha voor niets geweest’,
meent Djawalapersad.
Asha Bhagwat
▲
Boven