Nationaal
>
Krijgsraad verwerpt alle excepties van verdediging
Geplaatst:
05/04/2008
Paramaribo - De
Krijgsraad heeft gisteren de excepties die waren opgeworpen door de
verdediging van de verdachten in het acht decemberstrafproces, zowel
in de eerste als in de tweede kamer, gemotiveerd verworpen. De
aangedragen excepties (verweren) waren ten aanzien van de geldigheid
van de dagvaarding en de ontvankelijkheid van het Openbaar
Ministerie. De Krijgsraad heeft na het tussenvonnis besloten de
zitting uit te stellen tot een nader te bepalen datum.
Mr. Irvin Kanhai, de raadsman van o.a de hoofdverdachte Desi
Bouterse, wierp op een eerdere zitting op dat het Openbaar
Ministerie niet ontvankelijk moest worden verklaard in zijn
vordering. De argumenten van de raadsman waren: dat de beslissing om
te vervolgen niet is genomen door de pg maar door de politiek
verantwoordelijke minister, grote delen van de bevolking geen
voorstander waren van vervolging maar van een waarheidscommissie en
dat het OM geen rekening heeft gehouden met het algemeen belang.
Een derde argument was dat het OM 17 jaar
lang bewust geen enkele daad van vervolging heeft gepleegd welke
geresulteerd heeft dat de redelijke termijn is overschreden. De
vierde stelling: dat er volgens de verdediging personen op basis van
willekeur als verdachten zijn aangewezen. Als vijfde stelling gold
dat de verjaring van het feit niet zou zijn gestuit omdat de
betekening van het gerechtelijk vooronderzoek niet op een volgens de
wet voorgeschreven wijze is geschied.
Verder werd door de verdediging aangedragen dat de uitlokking
verjaard is omdat die zou hebben plaatsgevonden voor het gronddelict
en dus ook zou zijn verjaard voor het gronddelict. Als zevende
verweer werd aangehaald dat het BUPO-verdrag alle personen, ook
militairen die een commune delict zouden hebben gepleegd, het recht
geeft om door een burgerlijke rechter te worden berecht en niet door
een militaire rechter. Het feit dat het in deze wel gebeurd is, zou
volgens de verdediging schending van het gelijkheidsbeginsel zijn.
Het achtste argument luidde dat er geen
sprake zou zijn van een ‘fair trial’ omdat er in de gemeenschap door
bepaalde groepen zou zijn gesproken over ‘decembermoorden’ en dat
dit al een soort bevooroordeling teweeg zou hebben gebracht. Het OM
intertijd zou van de klachtprocedure geen verslag hebben uitgebracht
aan het Hof van Justitie, terwijl dat wel verplicht was gold als
negende exceptie. Ten slotte werd gesteld dat DNA geen politieke
controle heeft uitgeoefend op de vervolging. De Krijgsraad heeft
gisteren heel gemotiveerd aangegeven waarom deze argumenten zijn
verworpen en het verweer ten aanzien van de ontvankelijkheid van het
Openbaar Ministerie is dus niet gegrond geacht.
Ten aanzien van de geldigheid van de dagvaardingen, was door
verschillende raadslieden opgeworpen dat de in de dagvaardingen
opgenomen tenlasteleggingen, niet voldoen aan de eisen die door de
wet worden gesteld. Geargumenteerd is dat de tenlasteleggingen
onvoldoende feitelijk zijn, alsook innerlijk tegenstrijdig. Als
gevolg hiervan is het voor de verdachten niet duidelijk welke
feitelijke handelingen hen ten laste zijn gelegd, waardoor zij zich
dan ook niet adequaat hebben kunnen voorbereiden op hun verdediging.
Ook deze argumenten zijn door de Krijgsraad gemotiveerd verworpen en
het verweer ten aanzien van de nietigheid van de dagvaarding is dus
niet gegrond geacht.
Widjai Ganesh
▲
Boven